H1- WAT IS EEN PRODUCT?
- Een product heeft ≠ betekenissen, die afh zijn van type persoon/ hun job
o vb voor ingenieurs/ technische mensen is het een fysiek voorwerp of combinatie van
chemische & technische eigenschappen
o Voor marketeer:
kijken met marktgerichte visie
combinatie v tastbare & niet-tastbare eigenschappen waarmee een artikel/ dienst
voorziet in de wensen & behoeften vd klant
alles wat op de markt kan gebracht of aangeboden w, waarmee in een specifieke
behoefte kan w voorzien
vb: je verkoopt geen boor, maar de gaten in de muur
“In de fabriek maken we cosmetica, in de winkel verkopen we hoop” -Charles Revson
technisch: kleur, formule
Je denkt dat je er mooier uit ziet als je dit cosmeticaproduct gebruikt
Vb: 2 blikjes cola, zelfde grootte, wat maakt ze toch verschillend -> Koud versus warm blikje Cola
Vb: 2 honing -> Honing in een potje versus in een knijpfles-> je koopt gemak
Naughtea-> die gezonde thee wilde verkopen
Slecht idee, want er zijn super veel winkels die dit doen
o Als de klant geen verschil ziet, koopt hij het goedkoopste
Een auto kan 2 ≠ producten zijn
Technieker: iets dat rijdt op 2 wielen, dikte van metaal carrosserie
Marketeer: vrijheid, reizen, van punt A naar punt B brengen, comfort, status, interieur
BUNDLE OF BENEFITS
Product is een bundel van dingen die het doet voor de klant
Vbn: Mercedes, cola, honing, boormachine…
PRODUCTNIVEAUS
Examenvraagvbn
o Beschrijf me een product adhd kernproduct
o 5 aspecten van het tastbaar product
o Probleem in deze afbeelding? Merknaam en merkbeleving onderscheiden, hoe doe je
dit
o Zelf voorbeeldje geven en toepassen bij product (alle 3 niveaus kennen)
Er zijn 3 niveaus
Pagina 1 van 43
, A. Kernproduct
a. Niet-tastbare voordelen (wat doet het voor de klant), moeilijker te imiteren
i. Wat koop je als je een IPhone koopt-> connecteren, merk, innovatie, creativiteit…
ii. Cola: je koopt geluk
iii. Red bull: individuele zelfontplooiing
B. Tastbaar product
a. Kwaliteit
b. Merknaam
c. Speciale eigenschappen of functies
d. Verpakking
e. Vormgeving (kleur, formaat…)
C. Uitgebreid product
a. Service
b. Garantie
c. Kredietverlening
d. Merkbeleving (imago)
e. Installatie
f. Thuisbezorging
Deze 3 niveaus overlappen elkaar zoals merkbeleving, merknaam en kernproduct, gelijk zijn->
probleem van dit model
IMPLICATIES VOOR DE MARKETING (NIET GRONDIG GEZIEN) LEZEN EN ZO LEER JE PUNTJE 1
& 2
Productattributen
H2: PRODUCTINDELINGEN
Pagina 2 van 43
,INDELING OP BASIS VAN DUURZAAMHEID
1e indeling van producten gebaseerd op hun duurzaamheid of (on)tastbaarheid.
3 categorieën: duurzame goederen, verbruiksgoederen & diensten.
Duurzame producten/ ‘durables’/gebruiksgoederen : producten die over een langere
periode of keer op keer w gebruikt & meestal jaren meegaan. (vbn: koelkasten, auto’s en
meubelen) marge hier relatief hoog. Consumenten nemen de tijd om nodige info te
verzamelen & beschikbare alternatieven te vergelijken.
o Vbn: Wasmachine, fiets, uurwerk, bed, fake kerstboom, zonnepanelen, gietijzeren
pan, oplaadbare batterijen
Niet-duurzame producten/ verbruiksgoederen: producten die een (relatief) korte
levensduur hebben & normaal snel geconsumeerd & 1/ enkele malen gebruikt w. gaan niet
langer mee dan ong 3 jaar (vb schoenen & kledij) of w vrij snel geconsumeerd/ opgebruikt
(zoals bier & zeep). Laatste geval spreken we van FMCG’s/ frequent gekochte
consumptiegoederen. Hun winstmarges zijn laag. deze goederen w intensief gedistribueerd
& er w veel mee geadverteerd om merkbekendheid & merkvoorkeur te creëren.
o Oorstaafjes, wc-papier, bestek uit karton, wegwerpbatterij
o 2 subgroepen bij niet-duurzame producten: FMCG & kledij/anderen
o Diensten zijn niet-tastbare en vrij snel vergankelijke activiteiten/ handelingen, zoals
onderhoud & de reparatie van apparaten of het inwinnen van advies bij een
verzekeringsmakelaar. Diensten kunnen ook bepaalde ideeën of activiteiten zijn die
emotionele, intelectuele of spirituele voldoening geven, zoals vrijwilligerswerk of een
avond bob zijn. Verder in deze cursus verdiepen we ons in de kenmerken van
diensten & de dienstenmarketing.
(Diensten kan een subgroep zijn van niet- duurzame producten, want je kan het niet
besparen, OP = OP)
INDELING OP BASIS VAN AFNEMER (B2B OF B2C)
Onderverdeling in 2 grote klassen op basis van soort klant die er gebruik van maakt
INDUSTRIËLE PRODUCTEN/ ZAKELIJKE PRODUCTEN
= producten die w gekocht voor verdere verwerking/ gebruik in een instelling/ bedrijf (industriële
materialen zoals
machines, grondstoffen of halffabricaten, die geheel of gedeeltelijk opgaan in het nieuwe product).
onderscheid tss consumentengoederen & een industrieel product is gebaseerd op het doel waarvoor
het product w gekocht.
wnr met andere woorden een wagen w gekocht door een gezin voor eigen gebruik is het een
consumentenproduct, wnr een bedrijf een wagen aanschaft voor een vertegenwoordiger, is het een
industrieel prodcut
4 subgroepen:
- machines: koffiemachine op kantoor, heftruck in magazijn
- grondstoffen: hout, katoen, tarwe
- halffabricaten: stalen platen die later worden gesneden tot auto onderdelen, textielrollen die nog
moeten genaaid w tot kleding
- ondersteunende producten en diensten: beveiligingsdiensten, onderhoud machines,
softwarelicenties
Pagina 3 van 43
, CONSUMENTENPRODUCTEN/ CONSUMPTIEGOEDEREN
= w gekocht door finale afnemers (individuele klanten en hun gezinnen) voor persoonlijk gebruik/
verbruik.
Deze producten w verder ingedeeld op basis van
koopgewoonten vd consument in convenience
goods (=gemaksgoederen), shopping goods
(winkel- of keuzegoederen), speciality goods
(speciale goederen) & unsought goods (niet-
gezochte of niet-gewilde goederen).
de indeling van Copeland.
verschil ligt in de manier waarop klanten ze kopen
& dus de marketing die ervoor w bedreven.
Convience goods
= consumentengoederen of -diensten waarvoor de consument zeer weinig koopinspanning wilt
verrichten. vaak gaat het om frequent & routinematig aangekochte goederen. onmiddellijk & zonder
veel vergelijking/ koopinspanning gekocht. koper besteedt weinig tijd ah vgln van hun prijs & kwaliteit
omdat meeste merken niet veel van elkaar verschillen. consument heeft voorkeur voor een bepaald
merk, maar accepteert ook een substituut. Als fabrikant moet je veel reclame maken om consumenten
aan je merk te helpen herinneren & zo je marktaandeel te beschermen. Vbn: zeep,wasmiddelen,
frisdranken. vb convenience service: knipbeurt bij kapper.
Convenience products zijn verder te verdelen in dagelijkse gebruiksartikelen of frequent gekochte
producten /FMCG’s (vb fruit), spontaan gekochte impuls- producten (zonder zorgvuldig
beslissingsproces, vb pakje snoep bij de kassa) & noodproducten/ emergency products. De laatste soort
producten koopt een consument als de behoefte daaraan urgent is, vb paraplu bij dreigend onweer,
ook als hij er thuis 2 heeft. Gemaksproducten w niet aangepast aan de voorkeur van een klant, gezien
de lage winstmarges. Als consument niet tevreden is over het ene merk, zal hij de volgende x een
ander merk proberen.
- veel reclame maken (PULL)
- weinig reclame maken, dan is je enigste aandachtspunt op veel verschillende plaatsen liggen (PUSH)
- intensieve distributie
- geen personalisering
- grote volumes
Shopping goods
= producten waarvoor consument bereid is moeite te doen voordat hij tot aankoop overgaat. w minder
vaak gekocht & de consument steekt (veel) tijd in het selectie- en koopproces & vergelijkt de ≠ merken
zorgvuldig op geschiktheid, kwaliteit, prijs & stijl. consument besteden veel tijd aan het verzamelen &
vergelijken van info. vbn zijn meubels, kleding, tweedehandsauto’s & grote huishoudelijke apparaten,
gsm, koffieapparaat
Vb van shopping service: een nieuw af te sluiten autoverzekering. Aanbieders van shopping goods
distribueren hun producten doorgaans in minder vestigingen, maar bieden uitgebreidere
verkoopondersteuning om de klanten te helpen bij het vergelijken vh aanbod. Shopping products
kunnen homogeen/ heterogeen zijn.
- wnr een consument aanneemt dat bvb alle witte badkamertegels met een afmeting van 5 cm x
10 cm min of meer hetzelfde zijn, beschouwt hij deze als homogene producten. In deze situatie
is de koper op zoek naar de laagste prijs.
- Ziet koper ≠= heterogene producten. In dit geval heeft K wss een merkvoorkeur, maar indien
nodig blij zijn met een ander merk. prijs-kwaliteitsverhouding beïnvloedt welk merk iemand
aankoopt bij heterogene shopping producten zoals keukenapparatuur, computers of lederen
zetels.
als prijzen vgl moeilijk is, dan geeft vormgeving (design)/stijl de doorslag. Fabrikanten van shopping
goods moeten ervoor zorgen dat hun producten in voldoende winkels (en dus niet enkel online)
beschikbaar zijn, zodat de consument ze in een van de zaken die hij bezoekt, aantreft. Daarnaast moet
de detaillist bereid zijn om het product aan te passen aan de wensen vd klant, zoals een
Pagina 4 van 43