Written by students who passed Immediately available after payment Read online or as PDF Wrong document? Swap it for free 4.6 TrustPilot
logo-home
Summary

Samenvatting Winnaars en Verliezers van Europese Integratie | UGent | 2025/26

Rating
-
Sold
-
Pages
36
Uploaded on
11-06-2026
Written in
2025/2026

Samenvatting lessen en handboek

Institution
Course

Content preview

Academiejaar 2025 -2026
Winnaars en verliezers Europese integratie
Professor Ferdi Deville

Inleiding (Les gemist = info uit handboek, zie extra pagina Studocu)
Europese mythe: vrede en welvaart voor iedereen
- “EU brengt mensen samen en vergemakkelijkt hun leven” (bv: afschaffing
roaming kosten) + Eu brengt vrede, maar EU = ongelijkheden
 Bv op vakantie gaan = enkel als budget toelaat = enkel zij genieten van
afschaffing roaming kosten (de verliezers: de thuisblijvers waar de
telecom bedrijven hun gemiste winsten door de afschaffing
compenseren door nationaal prijzen op te trekken)
 Vaak zelfde groepen als winnaars/verliezers
 Steeds belangengroepen (vanaf begin) die integratieproces willen
beïnvloeden (met succes)
Winnaars en verliezers in een ongelijke strijd
- Politieke strijd
 Onderhandelingsmacht: nodig zijn (bv kapitaal = groei verwezenlijken),
geloofwaardige exit-opties (= hoe mobieler => ↗ macht)
 Draagt bij aan verschuivingen van macht en ongelijkheden
 4 vrijheden: goederen, kapitaal, diensten en arbeid
 Goederen/kapitaal = zeer mobiel en gemakkelijk => voordeel, (bv:
bedrijven/ investeerders  ten nadelen van overheid/vakbonden
want arbeid/diensten = niet/weinig mobiel
Vrijheid versus solidariteit
- Idee: Europese integratie en (nationale) welvaartstaat hand in hand
 EU integratie = efficiënte +en Nationale solidariteit = rechtvaardige
verdeling
 Maar het zijn tegengestelde principes + op verschillende niveaus =
strijd om dominantie
 EU integratie = vrijheden  solidariteit = nood aan begrenzing (=
verplichting, wie bijdraagt heeft rechten)
- Realiteit: Vrijheid versus solidariteit = spanning
Twee periodes
- Fase 1: 1951 -1979
 Europese integratie = economische groei + herverdeling op nationaal
niveau
 Maar beperkte integratie = weinig begrenst nationaal niveau
 Genereuze welvaartstaat = positieve/support kijk Europees project
- Fase 2: 1979 - nu
 Botsing Europese integratie en nationaal welvaartstaat
 Eu juridisch voorrang
 Competitie
 Erosie nationaal (bv Euro en opgelegde regels hierrond) = vooral op
fiscaal/sociaal vlak
 Redenen omslag: einde Bretton Wood, verdrag Maastricht, cassis de
Dijon-arrest (= verdieping Europese economische integratie), Margret
Thatcher = neoliberale hervormingen en globalisering
Asymmetrische integratie
- Asymmetrische integratie = beleidsdomeinen verdeeld op ≠ niveaus
(Eu/Nationaal)
 Bv: monetair niveau = supranationaal en sociaal/fiscaal nationaal
 Gevolgen = functionele (efficiëntie) en distributieve
(winnaars/verliezers) gevolgen

,Verdeeldheid in verscheidenheid
- Lidstaten ≠ via welvaartstaat, politiek economisch systeem
 Sommige profiteren meer dan andere van Europese integratie
- 3 problemen
 Verdeeldheid = suboptimale uitkomsten
 Verschillen = concurrentie fiscaal/sociaal beleid = ongelijkheid
 Verdeeldheid = bemoeilijken Europese uitkomst/oplossingen
- Verdere Europese integratie heeft verscheidenheid enkel versterkt
- Sommige passen beter in het model dan andere

Deel 1: geschiedenis

Naoorlogse economische geschiedenis
Begin: WOII: Europa in puin
Twee doelstellingen voor Europese landen= wederopbouw (kort termijn) en vrede
op Europees continent (lang termijn)
- Vrede op het Europese continent?
 Uitdaging: wegnemen van voedingsbodems: conflict kolen staal (FR/DL)
+ extremistische ideologieën
 Oplossingen? Verzekeren sociale zekerheid en welvaart door
interventionistisch beleid (naar idee New deal VS)
 Resultaat: 2 politieke uitvindingen (= critical junctiure): economische
integratie op Europees niveau en Keynesiaanse welvaartsstaat op
nationaal niveau
 Economisch integratie (via instellingen) = vrijheid
 Keynesiaanse welvaartsstaat = solidariteit en gelijkheid
Evolutie economische integratie en keynesiaanse welvaart
- Fase 1: trentes glorieuses: gekenmerkt door de heilige drievuldigheid in
economie:
 Hoge groei.
 Verklaringen: Fordiaanse groei, Marshall plan, interventionisme,
schaalvergroting door interne markt en douane uni, meer
arbeidskrachten, …
 Groei in een land = kapitaal * arbeid * totale factor productiviteit
(Y= A*K*TFP)
 Lage inflatie
 Verklaringen: sociaal contract overheid, vakbond (geen hogere lonen
eisen) en werkgevers (omzet herinvesteren in bedrijf)
 Lage werkloosheid
 Verklaring: macro-economische doelstelling van deze periode =
werkloosheid laag houden
- Fase 2: crisis 1970 -1980 = trage groei, hoge inflatie en hoge
werkloosheid
 Verklaringen einde fase 1 en crisis: Oliecrisis (Jom kipoer oorlog en
Irak/Iran oorlog = aanbodshock = stijgende prijzen = stijgende inflatie)
en val Breton Wood (ontkoppeling goud/dollar = bemoeilijking sociaal
contract)
 Reactie crisis = Neoliberalisme
- Fase 3: secundaire stagnatie (trage afnemende groei) = Neoliberalisme =
einde kenyaanse systeem en tragere groei
 Verklaringen lagere productiviteit (t.a.v. VS): minder kapitaalmarkten,
strengere arbeidswetgeving,
 Neoliberalisme = deregularisering, privatisering en liberalisering

,  Resultaat voor West-Europa: lage inflatie (nieuw macro-economische
doelstelling), matige intensieve groei, middle technology trap , stijging
werkloosheid, hogere sociale ongelijkheid en daling sociale uitgaven
 Intensieve groei: meer nieuwe producten VS Extensieve groei: meer
van zelfde product
Politiek economie van Europese politieke integratie
Ontstaan, uitbreiding en verdieping/verbreding Europese integratie: ontstaan
vaak over vrede theorie nationale belangen. Maar in dit vak word de
economische kant belicht
- Economische belangen
 Jean monet (FR): plan monet: bescherming en bevorderen Franse
economie - FR planeconomie - nood aan steenkool
 1ste idee: morgenthau-plan: zwak klein DL – steenkool gebieden
gedeeld (rurh gebied naar FR) = toegang tot staal en zwak DL
 Wijziging US beleid door koude oorlog: idee sterk Duitsland
 Nieuw plan: oprichting EGKS (Europese Gemeenschap voor Kolen en
Staal)
 EGKS voordelen
 FR: toegang kolen en staal + controle DL
 BE: was wereldleider kool => veel concurrentie = nood aan
subsidies + sociaal pakt (hoge lonen) = nog meer overheidsgels
naar toe => herstructureringen nodig (bv sluiting) => EGKS neem
subsidiering over
- Start 6 landen?
 Startende landen reeds elkaars belangrijkste handelspartners
 Economisch voordeel integratie? Schaalvoordelen, efficiëntie en
sterkere concurrentie = zorgde voor domino effect (uitbreiding: eerst
VK, Denemarken en Ierland, dan nog meer)
 Verdere verdieping? Meer macht voor exporteerders (worden sterker) =
nood aan verdere expansie (= reden van verdieping en uitbreiding)
(Wet newton: nabijheid en grote)
 Tijdlijn integratie
 1) beperkte douane uni: 6 leden, beperkte afspraken economisch
beleid (geen handelstarieven), permissieve consensus (burgers ok,
want het treft hun niet want ↗ groei, ↘ werkloosheid, hoge lonen en
goede welvaartstaat)
 2) vrij verkeer van goederen en kapitaal = eigen economisch beleid
aan banden = tijd van neoliberalisme. Zorgt voor meer negatieve
gevoelens t.a.v. Europees project
 3) Gemeenschappelijke munt
Europese integratie = herverdelingseffecten (winnaars en verliezers)
- Voorbeeld herverdelingseffect en bevoegdheidsverdeling:
nationaliteitsaanvragen (nationale bevoegdheid) = EU burgerschap geeft
specifieke rechten (of voordelen)
 EU burgerschap = diplomatieke bescherming, politieke rechten (=
stemrecht op EU niveau) en vrij verkeer.
 Landen verkopen nationaliteit en dus EU rechten (het gouden passpoort
probleem) in ruil voor investeringen (RBI/CBI programma’s)
 Vooral kleinere landen (kleinere begrotingen, dus extra inkomst) en
zuidelijke landen (vooral na shock eurocrisis degene die extra
inkomsten nodig hadden)
 Probleem: fraude, witwas, ongewilde gasten
 Conclusie: negatieve externaliteiten: baten voor het land (geld in ruil
voor nationaliteit) maar kosten gedeeld onder alle lidstaten. +

, voordelen wegen niet op tegen nadelen = EU wil hier strengere regels
rond.

De interne markt
Ontwikkelen interne markt = raison d’etre EU = opgezet in drie delen: douane
uni, gezamenlijk handelsbeleid en vrij verkeer van goederen, kapitaal, diensten
en arbeid
- Douane uni: eerste realisatie – 12 jaren plan vanaf verdrag Rome.
 Schaalvergroting = Europese kampioenen = nood aan expansie over
grenzen = ontgroeien nationaal economisch beleid
 Jaren 70 crisis: eursclerose: stilstand economie + integratie
 3 mogelijke oplossingen: 1) sociaal Europa = keynisiaanisme op EU
niveau, 2) euromercantilisme = sterk industrieel beleid (afschermen
tot sterk genoeg om te concurreren) 3) neoliberaal Europa = geen
overheid op de markt en controle door Europees niveau
 European round table of industrialist (ERT): mee in debat =>
resultaat: liberalisering, deregularisering en privatisering =
resulteerde ook deels in witboek/ plan 92 = hernieuwing Europese
integratie: harmonisering producten en wederzijdse erkenning
 Jaren 90 realisatie interne markt goederen gerealiseerd
- Kapitaal
 Eerste realisaties in witboek opgenomen
 Verdagen Maastricht: einde kapitaalcontroles
 = ongelijkheid arbeid en kapitaal + onderhandelingsmacht bedrijven
stijgt ten nadelen van vakbonden en overheden (= regulatorische
competitie: strijden om bedrijven aan te trekken).
- Vrij verkeer van diensten: tot op heden niet volledig gerealiseerd en
gefragmenteerd + geen rpijsconfugiratie tussen diensten
 Pogingen: Bolkstein: dienstrichtlijn (of Bolkstein richtlijn): oorsprongland
beginsel
 veel kritiek: angst concurentie, sociale dumping, zichtbaarheid
verschillen sociale regels, …
 Resultaat: uitgeholde versie: gastlandprincipe + meer
uitzonderingen publieke diensten.
 Heden: work in progress: stap voor stap sector voor sector (bv Letta
rapporten)
- Vrij verkeer van arbeid: verder uitgewerkt, maar in praktijk niet helemaal
vrij.
 Moeilijkheden? Taalbarrières, moeilijkheden meenemen sociale rechten,

 Voor en nadelen aan interstatelijk werken?
 +) werkzoekende inzetten waar nodig (= efficiëntie en groei),
innovatie (ideeën circuleren = efficiëntie), verkleinen
inkomensongelijkheid, shock absorber
 -) braindrain = taxdrain en negatieve impact groei

Competitiebeleid: belangrijkste (sterkste bevoegdheden over) en een van de
oudste beleidsdomeinen (idem handel/landbouw en interne markt)
- Ontstaan: overgenomen USA (= tegen monopolies en machtsconcentratie)
 FR/DL beide fan = reden FR: kolen/staal, reden DL: ordoliberalisme
 Ordoliberalisme = (tussen keynesiaans/en neoliberaal systeem)
kapitalistische vrije markt maar geordend door regels + ook
politiekers moeten gecontroleerd worden (mogen niet té veel macht

Connected book

Written for

Institution
Study
Course

Document information

Summarized whole book?
No
Which chapters are summarized?
Enkel hoofdstukken aangegeven in les.
Uploaded on
June 11, 2026
Number of pages
36
Written in
2025/2026
Type
SUMMARY

Subjects

$13.12
Get access to the full document:

Wrong document? Swap it for free Within 14 days of purchase and before downloading, you can choose a different document. You can simply spend the amount again.
Written by students who passed
Immediately available after payment
Read online or as PDF

Get to know the seller
Seller avatar
evavandenberghe1

Get to know the seller

Seller avatar
evavandenberghe1 Universiteit Gent
Follow You need to be logged in order to follow users or courses
Sold
3
Member since
4 weeks
Number of followers
0
Documents
5
Last sold
2 weeks ago

0.0

0 reviews

5
0
4
0
3
0
2
0
1
0

Recently viewed by you

Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Working on your references?

Create accurate citations in APA, MLA and Harvard with our free citation generator.

Working on your references?

Frequently asked questions