Written by students who passed Immediately available after payment Read online or as PDF Wrong document? Swap it for free 4.6 TrustPilot
logo-home
Summary

Economie Samenvatting | Arteveldehogeschool | 2025/26

Rating
-
Sold
-
Pages
115
Uploaded on
10-06-2026
Written in
2025/2026

Deze samenvattingsnotities behandelen de basisbegrippen van Economie uit de cursus Event & Project Management aan Arteveldehogeschool. De stof omvat microeconomische concepten (vraag en aanbod), macroeconomische thema's (inflatie, conjunctuur, wisselkoersen), schaarste, behoeften, en moderne economische benaderingen zoals donuteconomie en postgroei met cases uit Costa Rica, Nieuw-Zeeland en Wales. De notes zijn goed gestructureerd met definities, theorie en praktische toepassingen, perfect voor examenvoorbereiding en als studiehulp voor het begrijpen van kernconcepten.

Show more Read less
Institution
Course

Content preview

Economie
1. Inleiding
Intro
It’s the economy stupid = =
Eigenlijk bedoelen ze de economie
is heel belangrijk we gaan er op
inzetten




Associaties
 Vraag en aanbod (micro)
 Financiën (macro)
 Wisselkoersen (macro)
 Inflatie = de waarde van het geld wordt duurder, prijzen stijgen continu
(opzich is lichte inflatie goed, als de prijzen continu hetzelfde blijven of
deflatie dat is pas een probleem) (macro)
 Indexering hoort bij inflatie = verhoging van lonen (macro)
 Conjunctuur = hoog en laag conjunctuur (macro)
o Hoog = prijzen stijgen, weinig werkloosheid  HET GAAT GOED
o Laag = prijzen dalen, veel werkloosheid  HET GAAT SLECHT MET
ECONOMIE
 De beurs = de aandelen kopen van bedrijven, de waarde daarvan varieert
naarmate hoe goed het bedrijf het doet (macro)
 Cashflow = op bedrijfsniveau (komt niet aan bod die is bedrijfseconomie)



1. Case
Zie pwp dia 4




2. Theorie
Definitie
Wat is economie?

,  Sociale wetenschap
o = studie over mensen, vooral over de keuzes van mensen
 Patronen  voorspellingen
o = Het is een wetenschap dus we gaan proberen structuren/
patronen zien
 Vereenvoudigde voorstelling o.b.v. veronderstellingen
o = Alles blijft hetzelfde behalve één ding, er zijn zoveel variabelen
dan kan je geen conclusies maken. We gaan er vaak van uitgaan dat
de prijs stijgt maar dat al de rest hetzelfde blijft anders kunnen we
geen conclusies trekken. We gaan er vanuit dat iedereen alles weet,
dat je alle prijzen weet van alle producten = perfecte informatie. Op
de beurs is er perfecte informatie, in het echte leven weet je
eigenlijk niet veel.
o = Ceteris-paribus-clausule
o = Perfecte informatie

Schaarste en behoefte
 Behoefte
o = Het aanvoelen van een tekort en het verlangen dit in te vullen
o Het is pas als je een behoefte voelt dat je ook gaat moeten kiezen
o Kan materieel of immaterieel
o Vooral in de marketing spelen ze hier heel erg op in.
o Kan individueel of collectief (hele groep) zijn
o Onbeperkt = we willen veel
o Zeer verscheiden
 Schaarste
o = beperkt aanbod van middelen om onze behoeften te bevredigen
o Er is minder dan dat mensen het willen
o Je moet deze term in de economie ruimer zien  grondstoffen // tijd,
arbeid  materieel en immaterieel dus
o Kan variëren in tijd

Waarde en schaarste gaan hand in hand:
 Goederen zijn vaak duurder naarmate ze schaarser zijn
o Sommige goederen zijn niet schaars/ in overvloed en dus veelal
gratis
o Vb: lucht, water in de bergen
 Maar een goed moet ook gewild zijn om een bepaalde waarde te krijgen
o Kaartspel/ handtas met blote vrouwen  doe eerst altijd
marktonderzoek
Je hebt dus behoefte, schaarste en de wil om te kopen nodig. Je krijgt dus pas
schaarste als er een wil is.

,Keuzeprobleem in de economie
 Keuzeprobleem
o Welke middelen gaan we aanwenden om in welke behoeften te
voorzien?
o Wil ik het nu of later  Wanneer?

A. Producent: beperkte beschikbaarheid van productiefactoren




= alles wat de producent nodig heeft om zijn product te produceren
3 productiefactoren deze moeten vergoed worden:
 Arbeid  loon
 Kapitaal  interest (geld ter beschikking stellen bv lening geven aan
een bedrijf, dan krijg je rendement/ huur bij bv een machine die je
verhuurt)
 Natuur  pacht (bv grond)

B. Consument: beperkt budget
C. Ook andere spelers in de maatschappij worden
geconfronteerd met keuzeproblemen zoals bijvoorbeeld de
overheid.

à Opportuniteitskost




 De kost die je hebt omdat je iets anders misloopt  je geeft je geld aan
brood en niet aan drank
o Onze opportuniteitskost  we studeren een jaar dus mislopen een
jaar loon
o Mevrouw werkt nu hier haar opportuniteitskost is dat ze niet meer
bij kbc kan werken
o Je betaald voor de studies van je kinderen dus kan je niet investeren
op de beurs
o Je gaat naar event en niet naar je grootouders (gaat dus over
emoties)
 Niet alleen de kost maar ook de tijd

, Gevolgen van keuzes op de economie
We bestuderen niet de individuele keuzes van producenten en consumenten,
maar wel de gevolgen van deze keuzes op de economie
 Op 2 niveaus: micro-economie en macro-economie
 3 typeproblemen :
o Allocatieprobleem: Welke economische middelen aanwenden om
welke behoeften te bevredigen? (vooral micro) (toewijzen,
aanwenden)
o Verdelingsprobleem (of distributieprobleem): Hoe worden de
voordelen van de geproduceerde goederen en diensten verdeeld
over de bevolking? (vooral micro)
o Stabilisatieprobleem: Hoe kunnen we de beschikbare middelen
optimaal inzetten om collectief (gezamenlijk/ van meer mensen)
zoveel mogelijk voordeel te behalen?
Mirco economie
 Bekijken van keuzes van individuele consumenten en producenten
binnen één markt (voorbeeld : artisanale perenlimonade)
 Voornamelijk gericht op allocatie- en distributieprobleem


Macro economie
 Bekijken van keuzes die de economie in het geheel beïnvloeden
 Kijken naar een ganse economie (België, Europa, globaal) en naar alle
goederen en diensten die binnen een economie worden geproduceerd
 Vooral focus op stabilisatieprobleem



Marktmechanismen en -sturing
 marktevenwicht :
vraag (consument) & aanbod (producent) komen elkaar tegemoet

 marktprijs :
de prijs waartegen net evenveel consumenten bereid zijn het product te
kopen als dat er producenten zijn die bereid zijn het product te maken

 In de vrije markt (= zonder inmenging van de overheid) zou er in principe
altijd een evenwichtsprijs (= marktprijs) moeten worden gevonden, dat
evenwicht ligt soms niet waar jij het wilt, niemand die zegt hoe hoog of
laag je je prijs mag zetten
o De vrije markt houdt echter geen rekening met een aantal factoren:

Written for

Institution
Study
Course

Document information

Uploaded on
June 10, 2026
Number of pages
115
Written in
2025/2026
Type
SUMMARY

Subjects

$9.85
Get access to the full document:

Wrong document? Swap it for free Within 14 days of purchase and before downloading, you can choose a different document. You can simply spend the amount again.
Written by students who passed
Immediately available after payment
Read online or as PDF

Get to know the seller
Seller avatar
imanipardo

Get to know the seller

Seller avatar
imanipardo Arteveldehogeschool
Follow You need to be logged in order to follow users or courses
Sold
1
Member since
3 weeks
Number of followers
0
Documents
9
Last sold
2 weeks ago

0.0

0 reviews

5
0
4
0
3
0
2
0
1
0

Recently viewed by you

Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Working on your references?

Create accurate citations in APA, MLA and Harvard with our free citation generator.

Working on your references?

Frequently asked questions