Het bestuderen van cellen
Cel =
- Basisbouwsteentje van alle levende organismen: planten en dieren
- Kleinste functionele eenheid van leven
- Product van celdeling
bv. uit een bevruchte eicel ontstaat na miljarden celdelingen een nieuw
organisme
- Homeostase in elke cel
De diversiteit van cellen in het menselijk lichaam
Allemaal hetzelfde
genetisch materiaal
(genotype)
Door proces van differentiatie en
specialisatie worden dan
celtypes gevormd met
fenotype (uitzicht &
kenmerken cel)
Cellen: onderverdelen in 2 groepen: eukaryoten & prokaryoten
Eukaryoten Prokaryoten
Type voorbeeld Humane, menselijke cel Bacterie
Grootte van de cel 10 x groter dan een
prokaryote cel
Kern Kern + kernmembraan Geen kern: naakt DNA,
genetisch materiaal ligt in het
cytoplasma
Organellen Verschillende organellen met Zeer beperkt aantal
specifieke functie organellen
Nood aan O2 O2 absoluut nodig Bepaalde bacteriën hebben O2
absoluut nodig, andere
kunnen leven zonder O2
Celdeling Complex: Heel eenvoudig dmv
Mitose voor gewone insnoering waarbij vanuit 1 cel
lichaamscellen 2 cellen worden gevormd
Meïose voor
, geslachtscellen
Cytologie
= leer vd celstructuur en celfunctie
- Gebruik maken van lichtmicroscopie (LM) en elektronenmicroscopie (EM)
Scanning elektronenmicroscopie (SEM’s)
Levert een 3D beeld op: je ziet werkelijke structuur
Transmissie elektronenmicroscopie (TEM’s)
Levert een 2D beeld op met sterke vergroting, veel details zichtbaar
Overzicht van celanatomie
- Extracellulaire vloeistof
Ook wel interstitiële vloeistof genoemd
- Celmembraan
Grens tss inhoud vd cel en omgeving (binnen en buiten)
- Cytoplasma (intracellulaire vloeistof)
Rond celkern
Bevat cytosol + organellen
Voorbeeld van een eukaryote cel