Deel 3: insolventierecht
ofwel faillissement ofwel reorganisatie
je kan niet failliet verklaard worden als je geen onderneming bent - begrip
onderneming is heel ruim → eerst was het i.p.v. een onderneming hebben, een
handelaar zijn dan kon je failliet verklaard worden
hoofdstuk 1
1.1 begrip (artikel I.1, 1° WER)
faillissement enkel mogelijk voor
elke natuurlijke persoon die zelfstandig een beroepsactiviteit uitoefent
(inclusief vrije beroepen en bestuurders van vennootschappen), elke
rechtspersoon (met inbegrip van vzw's)
Ondernemingen
faillissement
collectief belang op het volledig vermogen van de schuldenaar
ten voordele van de gezamenlijke SE
met oog op terugbetaling schulden
op voet van gelijkheid tussen SE
NP/RP die failliet is verklaard = gefailleerd
faillissement doet samenloop (concursus) ontstaan:
beginsel gelijkheid schuldeiser (ofwel paritas creditorum) staat voorop
elke chirografaire schuldeiser (SE) krijgt hetzelfde
uitzondering voor voorrecht/hypotheek
geen individuele uitvoering meer mogelijk
1.2 voorwaarden
de ondernemingsrechtbank kan een faillissement enkel uitspreken wanneer
twee cumulatieve voorwaarden vervuld zijn. (artikel XX.99 WER)
Deel 3: insolventierecht 1
, staking van betaling
op duurzame wijze gestopt zijn met betalen
heeft betrekking op belangrijkste schulden
bank, leveranciers, fiscus, persoon, gebouw (huisbaas) → 5
belangrijkste
indien de problemen tijdelijk zijn, kan de onderneming eerder een
gerechtelijke reorganisatie (WCO) aanvragen.
geschokt krediet
het vertrouwen van schuldeisers en banken is weggevallen →
weigering tot verlenen krediet
KI (bank), leveranciers,…
weigering krediet
contante betaling
geen nieuwe leningen
geen zelf verstrekt krediet
de combinatie van niet kunnen betalen + geen krediet meer krijgen =
faillissementstoestand.
1.3 procedure in ondernemingsrechtbank
op aangifte (art. XX.102 WER)
de onderneming moet binnen een maand na de staking van betaling
aangifte doen.
dit gebeurt digitaal via het Centraal Register Solvabiliteit (RegSol).
→ wettelijke verplichting.
op dagvaarding (art. XX.104 WER)
als er geen spontane betaling gebeurt
een of meerdere schuldeisers kunnen faillissement vorderen.
zij moeten aantonen:
een onbetwiste, opeisbare schuld
dat de schuldenaar zich in faillissementstoestand bevindt.
Deel 3: insolventierecht 2
ofwel faillissement ofwel reorganisatie
je kan niet failliet verklaard worden als je geen onderneming bent - begrip
onderneming is heel ruim → eerst was het i.p.v. een onderneming hebben, een
handelaar zijn dan kon je failliet verklaard worden
hoofdstuk 1
1.1 begrip (artikel I.1, 1° WER)
faillissement enkel mogelijk voor
elke natuurlijke persoon die zelfstandig een beroepsactiviteit uitoefent
(inclusief vrije beroepen en bestuurders van vennootschappen), elke
rechtspersoon (met inbegrip van vzw's)
Ondernemingen
faillissement
collectief belang op het volledig vermogen van de schuldenaar
ten voordele van de gezamenlijke SE
met oog op terugbetaling schulden
op voet van gelijkheid tussen SE
NP/RP die failliet is verklaard = gefailleerd
faillissement doet samenloop (concursus) ontstaan:
beginsel gelijkheid schuldeiser (ofwel paritas creditorum) staat voorop
elke chirografaire schuldeiser (SE) krijgt hetzelfde
uitzondering voor voorrecht/hypotheek
geen individuele uitvoering meer mogelijk
1.2 voorwaarden
de ondernemingsrechtbank kan een faillissement enkel uitspreken wanneer
twee cumulatieve voorwaarden vervuld zijn. (artikel XX.99 WER)
Deel 3: insolventierecht 1
, staking van betaling
op duurzame wijze gestopt zijn met betalen
heeft betrekking op belangrijkste schulden
bank, leveranciers, fiscus, persoon, gebouw (huisbaas) → 5
belangrijkste
indien de problemen tijdelijk zijn, kan de onderneming eerder een
gerechtelijke reorganisatie (WCO) aanvragen.
geschokt krediet
het vertrouwen van schuldeisers en banken is weggevallen →
weigering tot verlenen krediet
KI (bank), leveranciers,…
weigering krediet
contante betaling
geen nieuwe leningen
geen zelf verstrekt krediet
de combinatie van niet kunnen betalen + geen krediet meer krijgen =
faillissementstoestand.
1.3 procedure in ondernemingsrechtbank
op aangifte (art. XX.102 WER)
de onderneming moet binnen een maand na de staking van betaling
aangifte doen.
dit gebeurt digitaal via het Centraal Register Solvabiliteit (RegSol).
→ wettelijke verplichting.
op dagvaarding (art. XX.104 WER)
als er geen spontane betaling gebeurt
een of meerdere schuldeisers kunnen faillissement vorderen.
zij moeten aantonen:
een onbetwiste, opeisbare schuld
dat de schuldenaar zich in faillissementstoestand bevindt.
Deel 3: insolventierecht 2