CONCEPT MAP:
- 1. risico/effect analyse: introductie, oorsprong, subdomeinen + moderne epidemiologie (o.a. meten
blootstellingen, biomonitoring bij mens,…)
- 2. oorzaak: causaliteit
- 3. etiologie
- 4. distributie, patronen van aandoeningen: frequentiematen… (blended + oefeningen)
- 5. screening
- 6. preventie: + op grotere schaal: Public Health, One Health
- 2 belangrijke doelstellingen:
o 1. waarom? hoe?: etiologie van een ziekte (oorzaak)
o 2. hoe? preventie (bv.: vaccinatie)
- epidemiologie = een studie bij het volk
GESCHIEDENIS…
- Hippocrates (460 – 377 VC), Griekenland:
o “Vader van de geneeskunde”
o zocht ook logica achter ziekte, waarbij “invloed van buiten” de mens ziek maakt = individu !
- Edward Jenner: 18e eeuw: = eerste vorm van experimenteel epidemiologische studie = eerste
klinische studie
o zag een verband tussen koepokken op uiers (veroorzaakt ddoor vaccinia) en pokken (variola) bij
de mens
o ontwikkelde een pokken-vaccin o.b.v. koepokken = inoculatie met vaccinia, later werd dit
vaccinatie genoemd
- oorsprong van de leer van de epidemieën: de cholera epidemie
o eerste notities… 1830: ziekte verspreidt zich via de lucht van mens naar mens
o symptomen: nausea, duizelig, overgeven, diarree, spierkramp, dorst → leidt tot cv-collaps en
dood
- William Farr: 1848: “de geografische ligging (lucht of hoogte) is de OORZAAK van de ziekte”
o meer sterfte in huizen in lager gebied
o “black-box” epidemiologie start niet vanuit een biologische verklaring of hypothese, maar
baseert zich enkel op cijfers/data
enkel mathematisch een mogelijke oorzaak (input) plaatst tegenover cijfers omtrent de
ziekte of sterfte (output), zonder de achterliggende mechanismen in rekening te brengen
of grondig te bestuderen
- John Snow: voeding of water als mogelijke oorzaak, gezien symptomen (maag-darm problemen)
o → stelde hypothese op + keek als eerste naar populaties
o vond een associatie tussen de regio waar de ziekte zich voordeed en de bron (en
watermaatschappij) waar zijn patiënten water haalden.
o in 1853: hier was de oorzaak de waterpomp op Broadstreet (door fecale contaminatie)
pomp afsluiten = interventie uitvoeren
o = “vader van de epidemiologie”
o glass box” epidemiologie: houdt rekening met mogelijk biologische mechanisme (hypothese)
en met cijfers
nadenken over de mogelijke processen die achter een ziekte kunnen schuilen
uitgaande van logische verbanden wordt een zo transparant mogelijke theorie uitgewerkt
→ door hypothese te zoeken en na te denken → oplossing
o nieuwe hypothese: HOE cholera overgebracht kan worden?
baseerde zich hiervoor op observaties + logica (kwalitatief onderzoek).
testte deze hypothese uit om de oorzaak te vinden: systematisch data verzamelen +
groepen mensen vergelijken
vond associatie: (gecontamineerd) drinkwater - krijgen van cholera.
interventie om te voorkomen dat er nog meer slachtoffers zouden vallen → preventie!
merk op: dit alles deed hij nog VOOR het begrip bacteriële infectie bestond.
typeert hoe epidemiologische studie aan basis kan liggen van verbetering
volksgezondheid!
,KADER: “FRAMEWORK VAN DE EPIDEMIOLOGIE”
- populatie (mensen): wie?
o en subgroepen
- determinanten (mogelijke oorzaken): waarom? hoe?
o = exposure-oriënted studie: je hebt blootstelling en je wil effect weten
- ziekte, aandoening (gezondheids)-toestand: wat?
o kan ook verkeersongeval zijn
o = outcome-oriënted studie: je weet gevolg (kanker) en je wil de determinanten zoeken
- geografisch (regio) en/of tijd: waar? wanneer?
- etiologie: oorzaak en/of biologisch mechanisme
DEFINITIE POPULATIE
- = groep mensen met gelijke kenmerken, zoals leeftijd, geslacht, afkomst, woonplaats,
- ook kenmerken zoals gebeurtenis in het leven, zelfde ingreep of voorgeschiedenis, zelfde huisarts of
ziekenhuis (hospital based), ...
- populatie wordt duidelijk gedefinieerd
DEFINITIE VAN EEN DETERMINANT = BLOOTSTELLING = VARIABELE = EXPOSURE
- = alle mogelijke factoren die de frequentie van de ziekte kunnen beinvloeden = blootstelling (exposure)
of variabele in
o sport, beweging, stress, obesitas, voeding, alcohol, roken, drugs, …, “externe” omgeving (indoor,
outdoor), prenatale blootstellingen (in utero) + preconceptie
o voorbestemd (predispositie) – genetisch
- = factoren die de cijfers omtrent de outcome/ziekte kunnen beïnvloeden
o er kan een associatie/correlatie gemeten worden met een ziekte, maar: we zoeken naar de
mogelijke oorzaak… die de ziekte VOORAF gaat (= vanuit het standpunt van de epidemioloog)
- incidentie = aantal nieuwe gevallen (per jaar)
- prevalentie = aantal mensen die het hebben op dit moment
VOORBEELD COLONKANKER:
- in kaart brengen (“descriptieve epidemiologie”)
- + inzicht (“analytische epidemiologie”) = waarom?
o oplossing?
o minder kankers? hoe?
o preventie! (is niet hetzelfde als screening)
HOE WORDT DE GEZONDHEID VAN ONZE POPULATIE BEPAALD?
- 40% socio-economische factoren: educatie, jobstatus, familiesupport,
inkomen
- 10% fysieke omgeving
- 30% gedrag: roken, dieet, exercises, alcoholgebruik, seksuele activiteit
- 20% gezondheidszorg: toegang en kwaliteit van zorg
- aanpak in het beleid: screening op jongere leeftijd?
o wat is het (eerste) effect op de incidentie (aantallen nieuwe gevallen) NA het invoeren van
screening?
o screening ≠ preventie!
preventie = zorgen dat mensen niet ziek worden (geen kanker krijgen)
verbeteren van gezondheid bevolking (Public Health, Health Policy)
screening = je gaat op zoek naar mensen die het hebben, maar nog niet weten
opsporen wie (voorlopers) de ziekte heeft
- effect van screening op incidentie = even hogere incidentie door screening; daarna een dal
,VERKEER, PREVENTIE EN GEZONDHEIDSBELEID
- “outcome: ernst van trauma na een ongeluk” regelgeving: dragen van de autogordel
- conclusie omtrent (ernst van de) ongelukken en volksgezondheid en beleid
o oorzaak van “ziekte” of “toestand”: (verkeers) ongeval → afwezigheid op het werk, handicap,
sterfte, …
- DOEL: minder (ernstige) ongevallen, door preventie: bescherming, wetgeving (helm, gordel), educatie,…
- effecten rookverbod in de horeca (2014 in B, 2008 in Nl.) op gezondheid en rookprevalentie:
o afname luchtwegklachten onder rokende en niet-rokende horecamedewerkers na invoering
rookvrije horeca
occupational (beroepsggebonden) epidemiologie + respiratoire epidemiologie
o verband tussen het invoeren van een algeheel rookverbod (publieke plaatsen, werkplek en
werkplek incl. horeca) en een daling in ziekenhuisopnames in verband met acute hartinfarcten en
andere hart- en vaatziekten.
volksgezondheid + cv-epidemiologie
o algehele rookverboden (publieke plaatsen, werkplek en werkplek incl. horeca) → geassocieerd
met minder vroeggeboorten en minder astma bij kinderen.
volksgezondheid + neonatale epidemioloige + respiratoire epidemiologie
= outcome-oriented epidemiologie
o conclusie:
oorzaak van “ziekte”: (passief) roken
→ chronische aandoeningen, geboorte- complicaties
DOEL: preventie volksgezondheid en economisch belang“
VOORBEELD 3: “CORONA PANDEMIE” -> epidemiologie van de infectieziekten
- oorzaak / determinant : virus
- ziekte: COVID-19
- populatie: wereld (pandemie), gevoelige subpopulaties?
- preventie: vaccinatie, afstand houden, educatie van de bevolking… (screening -> dan isolatie, … )
- DOEL: minder ziekte (preventie: lock-down, hygiene, mondmasker,…)
PREVENTIE = vaak moeilijker dan genezen
OEFENINGEN MODULE 1
- welke actie past het minst binnen het vakgebied van de epidemiologie?
o studie van de gezondheidstoestand van alle Vlamingen.
o d.m.v. kennisverwerving in de huisartsenpraktijk in meerdere EU-landen bij individuen heeft men
kennis opgedaan omtrent de risicofactoren van obesitas.
o a.d.h.v. medische klachten, kennis en klinische ervaring stelt een arts de diagnose van zijn patiënt,
alsook een behandelingsplan.
o het implementeren van wetenschappelijke methodes, zoals het analyseren van beschrijvende en/of
analytische data van een grote bevolkingsgroep in Afrika. De resultaten hiervan worden vertaald naar
een kleinere bevolkingsgroep (bv. een lokale stam), zodat men de gezondheidstoestand van deze
kleine groep kan voorspellen a.d.h.v. een aantal metingen. Men implementeert tegelijk gepaste
interventies of maatregelen (ter preventie van een mogelijke ziekte).
- welke uitspraak omtrent de definitie van het vakgebied Epidemiologie is het meest correct en
compleet?
o epidemiologie is de leer van infectieziektes.
o epidemiologie vormt een onderdeel van de biostatistiek.
o epidemiologie is de studie van endemische ziekten en de geografische verspreiding ervan.
o epidemiologie is een studie waarbij omgevingsfactoren onderzocht worden op hun mogelijke impact
op de gezondheid of een gezondheidstoestand in een populatie, binnen een bepaalde regio of
meerdere regio’s.
- een van de basisveronderstellingen in de epidemiologie is dat:
o ziekte en/of gezondheid niet random verdeeld zijn in een populatie.
o ziekte en/of gezondheid zijn steeds random verdeeld in een grote (algemene) populatie.
o ziekte en/of gezondheid zijn zelden random verdeeld binnen een subpopulatie.
o ziekte en/of gezondheid random verdeeld zijn in een subpopulatie.
, - welke uitspraak hieronder is juist? in het kader van de historische oorsprong van de moderne
epidemiologie uit de 19e eeuw:
o tijdens de cholera uitbraak in Engeland voerden zowel John Snow als William Farr als eersten een
observationele studie en een experimentele studie uit op de Londense bevolking.
o tijdens de cholera uitbraak in Engeland voerde John Snow als eerste een observationele studie uit op
de Londense bevolking.
o tijdens de cholera uitbraak in Engeland voerde John Snow als eerste een observationele studie en een
experimentele studie uit op de Londense bevolking.
o tijdens de cholera uitbraak in Engeland voerde William Farr als eerste een experimentele studie uit op
de Londense bevolking.
- welke uitspraak hieronder is fout?
o John Snow dacht dat voeding of water de mogelijke oorzaak was van de cholera-epidemie in de jaren
1830. Zijn hypothese heeft geleid tot de basis van de leer van dit vak, epidemiologie.
o Toen Edward Jenner in de 18e eeuw meerdere kinderen inoculeerde met "koepokken" (of vaccinia) en
het effect ervan verder opvolgde was hij in principe een eerste vorm van experimenteel
epidemiologische studie aan het uitvoeren.
o een epidemiologische studie design kan groeien uit het vermoeden dat een specifieke blootstelling
aan de oorzaak ligt van een ziekte.
o een epidemiologische studie die wereldwijd een corona-virus variant bestudeert -en de verspreiding
ervan in bevolkingsgroepen- behoort tot de "outcome-oriented" epidemiologie.
- wat wordt bedoeld met een "black box" theorie in de epidemiologie?
o een epidemiologische vraagstelling waarbij men een hypothese vooropstelt omtrent de etiologie van
een ziekte en deze a.d.h.v. en aantal studies kan bewijzen.
o de etiologie van de ziekte.
o een epidemiologische vraagstelling waarbij men geen idee heeft omtrent de mogelijke mechanismen
die de ziekte kunnen verklaren.
o data analyseren na de persoonsgegevens te coderen, zodat men de personen niet meer kan
identificeren.
- een voorbeeld van een determinant in de epidemiologie is:
o het aantal zieke personen in een land.
o de plaats waar de ziekte zich verspreidt.
o een cultureel gegeven omtrent de vrijwilligers in een studie.
o het tijdstip of de periode waarbinnen een epidemiologische studie loopt.
- bij het zoeken naar een mogelijke oorzaak van longkanker, refereert men met het begrip
"determinant" niet naar:
o wie, wanneer en hoeveel.
o waarom.
o rookgedrag.
o passief roken.
- welke stelling is juist?
o in de epidemiologie is het niet de bedoeling om de etiologie van de ziekte te bestuderen, gezien het
hoofddoel preventie is.
o de studie van alle (vaak nog ongekende) medische gevolgen van een nieuwe blootstelling, zoals het
corona-virus (SARS-CoV-2), behoort tot de "outcome-oriented" epidemiologie.
o sommige determinanten kunnen beschouwd worden als een "blootstelling" of als een "outcome",
afhankelijk van de wetenschappelijke vraagstelling
o een epidemiologische studie is nooit gebaseerd op een gebeurtenis uit het verleden.
- rookgedrag kan beschouwd worden als een "blootstelling" en als een "outcome", afhankelijk van
de wetenschappelijke vraagstelling.
o juist
o fout
- recente data van UZ Leuven tonen aan dat sinds de introductie van meer geavanceerde
borstkankerscreening d.m.v. mammografie in 2001 de gemiddelde diameter bij een eerste
diagnose van borstkanker gedaald is van 3 cm naar 2 cm. Uit meerdere Europese
epidemiologische studies weet men dat de overlevingskans significant groter is naarmate de
diameter kleiner is bij een eerste diagnose. Rekening houdend met bovenstaande gegevens, duid
aan welke stelling juist is.