EXAMENFOCUS
Handels en Financiële Verrichtingen
UGent Handelswetenschappen · 2017–2026
Examenperiode 2017–2026
✓ 140 geverifieerde MC-vragen (14 examens × 10)
✓ 70 open vragen met volledige modelantwoorden
✓ Theoretisch overzicht + formuleblad per topic
✓ Trendanalyse & studieprioriteitsmatrix
Gebaseerd op officiële examens 2017–2026 + antwoordsleutels
1. STUDIEPRIORITEITEN
⭐ Studietips op basis van alle 14 examens
"Duration-vraag staat op ELK examen. Ken de formule ΔV/V = -D × Δr/(1+r) perfect."
"Gordon-Shapiro meerfasenmodel en orderboekanalyse komen in >80% van de examens voor."
"Bij open vragen: schrijf de formule EERST, dan invullen. Partijele punten worden gegeven."
"Opties: let altijd op de valuta-notatie ($/€ ≠ €/$)."
Studieprioriteitsmatrix
Topic Frequentie Type Prioriteit
Duration & immunisatie 14/14 (100%) Open vraag 🔴 MUST KNOW
Obligatiekoers / rendement 14/14 (100%) MC 🔴 MUST KNOW
Primaire/secundaire markt 13/14 (93%) MC 🔴 MUST KNOW
Orderboekanalyse 11/14 (79%) Open vraag 🔴 MUST KNOW
Gordon-Shapiro / aandelen 10/14 (71%) Open / MC 🟠 WAARSCHIJNLIJK
Opties (call/put) 10/14 (71%) Open / MC 🟠 WAARSCHIJNLIJK
p. | Examenfocus HAFI
,EXAMENFOCUS HAFI | Handels en Financiële Verrichtingen
Kapitaalverhoging / VR 9/14 (64%) Open / MC 🟠 WAARSCHIJNLIJK
Termijncontracten 8/14 (57%) Open / MC 🟠 WAARSCHIJNLIJK
Marktmaker uitspraken 8/14 (57%) MC / Open 🔵 MC QUICK-WIN
Handelsfinanciering 8/14 (57%) MC / Open 🔵 MC QUICK-WIN
Effectisering / ABS 4/14 (29%) MC 🟢 TIP
Koersindex vs. returnindex 5/14 (36%) MC 🟢 TIP
2. THEORETISCH OVERZICHT
2.1 Financiële Markten
Primaire vs. secundaire markt
Primaire markt: nieuwe effecten worden uitgegeven — emittent ontvangt geld.
Voorbeelden: beursintroductie (IPO), nieuwe staatsobligatie-uitgifte.
Secundaire markt: bestaande effecten worden verhandeld tussen beleggers.
Emittent ontvangt GEEN geld meer. Voorbeelden: Euronext, secundaire obligatiemarkt.
Geldmarkt vs. kapitaalmarkt
Geldmarkt: looptijd < 1 jaar (schatkistcertificaten, commercial paper, deposito's).
Kapitaalmarkt: looptijd > 1 jaar (obligaties, aandelen, langetermijnleningen).
Let op: de RESTERENDE looptijd bepaalt de marktclassificatie na uitgifte.
Een 5-jarige obligatie met nog 6 maanden looptijd = GELDMARKT.
Valkuil: transactie classificeren
Een transactie is tegelijk secundair (verkoper ≠ emittent) én geldmarkt (resterende looptijd < 1j).
Lees de vraag: gaat het om de ORIGINELE looptijd (= kapitaalmarkt bij uitgifte) of de RESTERENDE?
2.2 Obligaties
Formules: obligatiewaardering
Koers = C/(1+r) + C/(1+r)² + ... + (C+NW)/(1+r)^n
C = coupon = NW × nominale rente; r = actuarieel rendement; NW = nominale waarde
Lopend rendement = (nominale rente / koers) × 100%
Actuarieel rendement r: los op uit koersformule (contante waarde = marktprijs).
Verlopen rente = NW × nominale rente × (verlopen dagen / 360)
Koper betaalt: koerswaarde + verlopen rente
p. | Examenfocus HAFI
,EXAMENFOCUS HAFI | Handels en Financiële Verrichtingen
Nul-coupon: Koers = NW / (1+r)^n → r = (NW/koers)^(1/n) − 1
Risicopremie = actuarieel rendement bedrijfsobligatie − actuarieel rendement overheidsobligatie
Valkuil: lopend vs. actuarieel rendement
Koers > 100% → lopend rendement > actuarieel rendement
Koers < 100% → lopend rendement < actuarieel rendement
Koers = 100% → lopend = actuarieel
Nulcouponobligatie: actuarieel rendement wél bepaalbaar, lopend rendement = 0.
2.3 Aandelen & Gordon-Shapiro
Gordon-Shapiro model (constante groei)
P₀ = D₁ / (r − g) [voorwaarde: r > g, eeuwigdurende constante groei]
r = D₁/P₀ + g [vereist rendement = dividendrendement + groei]
Meerfasenmodel (variabele groei):
Stap 1: Bereken dividenden jaar per jaar in de snelle-groeifase.
Stap 2: P_T = D_{T+1} / (r − g) op het moment dat groei constant wordt.
Stap 3: P₀ = Σ D_t/(1+r)^t + P_T/(1+r)^T
Kapitaalverhoging — voorkeurrecht
P_na = (O × K + N × U) / (O + N)
VR = K − P_na = (K − U) × N / (O + N)
K = koers vóór KV; U = uitgifteprijs; O = oude aandelen; N = nieuwe aandelen
Uitoefenen VR ≡ VR verkopen — financieel gelijkwaardig voor de belegger.
2.4 Duration & Rentegevoeligheid
Formules: duration & immunisatie
Duration = Σ [t × CW(CF_t)] / V (gewogen gemiddelde looptijd kasstromen)
Rentegevoeligheid: ΔV/V ≈ −D × Δr / (1+r)
Absolute wijziging: ΔV = V × (−D) × Δr / (1+r)
Portefeuille-duration: D = Σ (V_i / V_tot) × D_i
p. | Examenfocus HAFI
, EXAMENFOCUS HAFI | Handels en Financiële Verrichtingen
Nulcoupon: D = looptijd n | Variabele coupon: D ≈ 0 (reset bij coupon)
Factoren die duration verhogen: lagere coupon, langere looptijd, lager rendement.
Factoren die duration verlagen: hogere coupon, kortere looptijd, hoger rendement.
Examenvraag — typisch format duration
Bank: post A (€5000, D=8j) + post B (€3000, D=5j) + post C (€2000, D=?j).
Rente stijgt van 5% naar 6%. Daling beperken tot 4%.
Stap 1: −0,04 = −D × 0,01/1,05 → D_port = 4,2 jaar
Stap 2: 4,2 = (5/10)×8 + (3/10)×5 + (2/10)×D_C
4,2 = 4 + 1,5 + 0,2×D_C → D_C = (4,2 − 5,5) / 0,2 → aanpassen als negatief
2.5 Opties
Call- en putoptie — kernbegrippen
Call-optie: RECHT om onderliggende waarde te KOPEN aan uitoefenprijs.
Koper oefent uit als marktkoers > uitoefenprijs (in-the-money).
Put-optie: RECHT om onderliggende waarde te VERKOPEN aan uitoefenprijs.
Koper oefent uit als marktkoers < uitoefenprijs (in-the-money).
Maximaal verlies koper = betaalde premie (optie niet uitoefenen).
Schrijver: ontvangt premie maar heeft onbeperkte verplichting.
Valutarisico:
Importeur (koopt vreemde valuta) → call-optie op vreemde valuta
Exporteur (verkoopt vreemde valuta) → put-optie op vreemde valuta
Valkuil: valuta-notaties
1,15 $/€ = 1 euro koop je voor 1,15 dollar = 1 dollar kost 1/1,15 = 0,87 euro.
Zet alles om naar dezelfde notatie vóór je uitoefenprijs vs. marktkoers vergelijkt!
2.6 Termijncontracten
Termijncontracten (forward/future)
Verplichting om te kopen/verkopen aan een vaste termijnprijs op een toekomstig tijdstip.
Winst koper = (spotprijs op vervaldag − termijnprijs) × bedrag
Verlies koper = (termijnprijs − spotprijs op vervaldag) × bedrag
p. | Examenfocus HAFI