CULTUUR EN DIVERSITEITSSTUDIES
HOOFDSTUK 2: WAT IS CULTUUR
2.1 INLEIDING
- Cultuur = welbepaalde manier van leren, of het resultaat van dat leren.
Cultuur is iets wat ons verbindt als mens
Cultuur is het belangrijkste onderwerp van de antropologie
- Antropologie ontwikkelde zich steeds in een bepaald tijdskader en werd,
daardoor sterk beïnvloed door het heersende in wereld- en mensbeeld
2.2 ANTROPOLOGIE EN CULTUUR
2.2.1 ANTROPOLOGIE ONTSTAAT IN EEN TIJDSKADER
Gevormd in het midden van de 19de eeuw in navolging van de ontwikkeling van
natuurwetenschappen en de sociale wetenschappen
- Wetenschappers wouden de niet- Europese samenleving bestuderen
Zei noemden zichzelf etnologen of volkenkundigen
De studie van deze volkeren kenmerkt zich door de verschillen die men
benoemt
Hoe komt de interesse in de anderen?
- Veranderend wetenschapsveld
- De ontdekkingen van vreemde culturen buiten Europa door Europa
- Kolonialisme
Gevolgen?
- Intensief contact tussen Europa en culturen
Van daaruit bestuderen wetenschapers deze samenleving
o Uit noodzaak om zich ter plekke te handhaven in vreemde
gewoontes en omdat men denkt dat de primitieve volkeren in
korte tijd zullen uitsterven
Hoe?
- Begin: door notities van kolonisatoren en mandatarissen ter plekke
- Later: naar de gebieden zelf gaan voor eigen onderzoek
De antropologie werd al snel het kind van het kolonialisme genoemd
De antropologie begeleide in de begin dagen de kolonisatie in Europa. Omdat de
wetenschappers de mentaliteit deelden met de kolonisatoren en de wetenschappers
geven de kolonisatoren goed studiemateriaal om het inheemse volk op te voeden.
Er werd gezien als een soort ruil hun arbeid/grond/rijkdommen voor Europese beschaving
,2.2.2 WAT?
Antropologie op de dag van vandaag is de studie van de mens. Maar het heeft lang
geduurd tot we zover waren
- Men beperkte zich in realiteit tot de etnografie
Etnografie = het beschrijven van één bepaald volk
Ze verzamelde objecten om in de Europese musea tentoon te stellen
o De mensen werden ook als objecten gezien. Er werden menselijke
resten ten toon gesteld om het verschil te kunnen tonen zonder
enige context
2.2.3 METHODEN
2.2.3.1 VELDWERK
Antropologie is ontstaan uit het verzamelen van materiaal. Feiten en informatie
verzameld door veldwerk te doen.
- Er was in de begin jaren een soort taakverdeling, het feitenmateriaal werd door
anderen geleverd
Dit leverde belangrijk materiaal op dat echter sterk gekleurd was en
oppervlakkig
De wetenschappers bleven achter hun bureaustoel zitten en lieten
anderen dus hun werk doen
Onder invloed van Malinowski werd de antropologie een op veldwerk gebaseerde
wetenschap verricht door geschoolde onderzoekers
2.2.3.2 PARTICIPERENDE OBSERVATIE ALS ACTUELE METHODE:
= verblijft een lange periode in een gemeenschap, dorp, … men leert de taal en
verzamelt materiaal over de manier waarop mensen samenleven
- Ze hadden gerichte technieken om informatie te krijgen
Formele interviews
Archiefonderzoek
Enquêtes
Genealogisch onderzoek
2.2.3.3. TENSLOTTE: EEN ACTUELE WETENSCHAP
In de jaren 50 veranderde de ‘kind van het kolonialisme’ naar antropologie een meer
interpretatieve, humanistische benadering. Antropologie werd dan gebruikt om na te
denken over hedendaags samenleven en indien mogelijk een bijdrage te leveren
aan concrete vraagstukken
2.3 CULTUURDEFENITIES
We kunnen cultuur verdelen in zowel gebiedsindelingen, groepindelingen of als een
conceptuele benadering gebruiken er is dus geen specifieke definitie
2.4 DE VOORLOPERS – CULTUUR OMSCHREVEN VANUIT HET
EVOLUTIONISME
, Bij de vorming van antropologie als wetenschap werd door evolutionisten veel aandacht
besteed aan het begrip cultuur. De definitie van Edward B. Tylor was de belangrijkste
aanzet tot het formuleren van een mogelijke inhoud van cultuur.
2.4.1 WAAR STAAT HET EVOLUTIONISME VOOR?
= bepaald de tijdsgeest, en zo het mens- en wereldbeeld, daarom wordt ingegaan op
deze belangrijke antropologische stroming
- De ontwikkeling van het denken over cultuur gebeurt in tijdskader van de 19 de
eeuw. Met haar achtergrond van:
Kolonisering
Industriële ontwikkeling
Ontwikkeling van de wetenschap in teken van de positivistische traditie
Een gebrek aan degelijk veldwerk met feiten, in combinatie met het eurocentrisme van
de verlichting leidt grotendeels tot deze centrale opvatting
- Alle volkeren hebben cultuur, alle volkeren behoren tot eenzelfde soort, maar
sommige volkeren ontwikkelen zich op een ander tempo dan andere en daardoor
is er verschil tussen mensen
Daardoor is er een lijn te trekken van de stadia die alle culturen
doorlopen van hun ontwikkeling van een lage naar een hoge mate van
beschaving
o Hoge samenleving = moderne geïndustrialiseerde samenleving
en hoogontwikkelde cultuur
o Simpele samenelving = primitief
2.4.2 CULTUURDEFINITEI VAN TYLOR
Tylor zijn definitie
- Cultuur of beschaving, opgevat in haar brede etnografische betekenis, is dat
complex geheel bestaat uit kennis, overtuigingen, kunst, moraal, recht, gebruiken
en alle andere vermogens en gewoonten die de mens heeft verworven als lid van
de samenleving
Belangrijke elementen in deze definitie
- Cultuur is aangeleerd
- Cultuur is een complex geheel
- De mens kan alleen cultuur verwerven in de context van een samenleving
- Cultuur is een breed begrip
Tekortkomingen van de definitie
- Hij zag cultuur vooral als een resultaat van wat mensen doen
- Hij maakte een kwalitatieve vergelijking waarbij een bepaalde cultuur laag of hoog
kon zijn
- Zijn perceptie verwijst weinig naar de constante verandering, geschiedenis en
complexiteit van cultuur
- Het lijkt alsof cultuur een perfect wetenschappelijk fenomeen is
HOOFDSTUK 2: WAT IS CULTUUR
2.1 INLEIDING
- Cultuur = welbepaalde manier van leren, of het resultaat van dat leren.
Cultuur is iets wat ons verbindt als mens
Cultuur is het belangrijkste onderwerp van de antropologie
- Antropologie ontwikkelde zich steeds in een bepaald tijdskader en werd,
daardoor sterk beïnvloed door het heersende in wereld- en mensbeeld
2.2 ANTROPOLOGIE EN CULTUUR
2.2.1 ANTROPOLOGIE ONTSTAAT IN EEN TIJDSKADER
Gevormd in het midden van de 19de eeuw in navolging van de ontwikkeling van
natuurwetenschappen en de sociale wetenschappen
- Wetenschappers wouden de niet- Europese samenleving bestuderen
Zei noemden zichzelf etnologen of volkenkundigen
De studie van deze volkeren kenmerkt zich door de verschillen die men
benoemt
Hoe komt de interesse in de anderen?
- Veranderend wetenschapsveld
- De ontdekkingen van vreemde culturen buiten Europa door Europa
- Kolonialisme
Gevolgen?
- Intensief contact tussen Europa en culturen
Van daaruit bestuderen wetenschapers deze samenleving
o Uit noodzaak om zich ter plekke te handhaven in vreemde
gewoontes en omdat men denkt dat de primitieve volkeren in
korte tijd zullen uitsterven
Hoe?
- Begin: door notities van kolonisatoren en mandatarissen ter plekke
- Later: naar de gebieden zelf gaan voor eigen onderzoek
De antropologie werd al snel het kind van het kolonialisme genoemd
De antropologie begeleide in de begin dagen de kolonisatie in Europa. Omdat de
wetenschappers de mentaliteit deelden met de kolonisatoren en de wetenschappers
geven de kolonisatoren goed studiemateriaal om het inheemse volk op te voeden.
Er werd gezien als een soort ruil hun arbeid/grond/rijkdommen voor Europese beschaving
,2.2.2 WAT?
Antropologie op de dag van vandaag is de studie van de mens. Maar het heeft lang
geduurd tot we zover waren
- Men beperkte zich in realiteit tot de etnografie
Etnografie = het beschrijven van één bepaald volk
Ze verzamelde objecten om in de Europese musea tentoon te stellen
o De mensen werden ook als objecten gezien. Er werden menselijke
resten ten toon gesteld om het verschil te kunnen tonen zonder
enige context
2.2.3 METHODEN
2.2.3.1 VELDWERK
Antropologie is ontstaan uit het verzamelen van materiaal. Feiten en informatie
verzameld door veldwerk te doen.
- Er was in de begin jaren een soort taakverdeling, het feitenmateriaal werd door
anderen geleverd
Dit leverde belangrijk materiaal op dat echter sterk gekleurd was en
oppervlakkig
De wetenschappers bleven achter hun bureaustoel zitten en lieten
anderen dus hun werk doen
Onder invloed van Malinowski werd de antropologie een op veldwerk gebaseerde
wetenschap verricht door geschoolde onderzoekers
2.2.3.2 PARTICIPERENDE OBSERVATIE ALS ACTUELE METHODE:
= verblijft een lange periode in een gemeenschap, dorp, … men leert de taal en
verzamelt materiaal over de manier waarop mensen samenleven
- Ze hadden gerichte technieken om informatie te krijgen
Formele interviews
Archiefonderzoek
Enquêtes
Genealogisch onderzoek
2.2.3.3. TENSLOTTE: EEN ACTUELE WETENSCHAP
In de jaren 50 veranderde de ‘kind van het kolonialisme’ naar antropologie een meer
interpretatieve, humanistische benadering. Antropologie werd dan gebruikt om na te
denken over hedendaags samenleven en indien mogelijk een bijdrage te leveren
aan concrete vraagstukken
2.3 CULTUURDEFENITIES
We kunnen cultuur verdelen in zowel gebiedsindelingen, groepindelingen of als een
conceptuele benadering gebruiken er is dus geen specifieke definitie
2.4 DE VOORLOPERS – CULTUUR OMSCHREVEN VANUIT HET
EVOLUTIONISME
, Bij de vorming van antropologie als wetenschap werd door evolutionisten veel aandacht
besteed aan het begrip cultuur. De definitie van Edward B. Tylor was de belangrijkste
aanzet tot het formuleren van een mogelijke inhoud van cultuur.
2.4.1 WAAR STAAT HET EVOLUTIONISME VOOR?
= bepaald de tijdsgeest, en zo het mens- en wereldbeeld, daarom wordt ingegaan op
deze belangrijke antropologische stroming
- De ontwikkeling van het denken over cultuur gebeurt in tijdskader van de 19 de
eeuw. Met haar achtergrond van:
Kolonisering
Industriële ontwikkeling
Ontwikkeling van de wetenschap in teken van de positivistische traditie
Een gebrek aan degelijk veldwerk met feiten, in combinatie met het eurocentrisme van
de verlichting leidt grotendeels tot deze centrale opvatting
- Alle volkeren hebben cultuur, alle volkeren behoren tot eenzelfde soort, maar
sommige volkeren ontwikkelen zich op een ander tempo dan andere en daardoor
is er verschil tussen mensen
Daardoor is er een lijn te trekken van de stadia die alle culturen
doorlopen van hun ontwikkeling van een lage naar een hoge mate van
beschaving
o Hoge samenleving = moderne geïndustrialiseerde samenleving
en hoogontwikkelde cultuur
o Simpele samenelving = primitief
2.4.2 CULTUURDEFINITEI VAN TYLOR
Tylor zijn definitie
- Cultuur of beschaving, opgevat in haar brede etnografische betekenis, is dat
complex geheel bestaat uit kennis, overtuigingen, kunst, moraal, recht, gebruiken
en alle andere vermogens en gewoonten die de mens heeft verworven als lid van
de samenleving
Belangrijke elementen in deze definitie
- Cultuur is aangeleerd
- Cultuur is een complex geheel
- De mens kan alleen cultuur verwerven in de context van een samenleving
- Cultuur is een breed begrip
Tekortkomingen van de definitie
- Hij zag cultuur vooral als een resultaat van wat mensen doen
- Hij maakte een kwalitatieve vergelijking waarbij een bepaalde cultuur laag of hoog
kon zijn
- Zijn perceptie verwijst weinig naar de constante verandering, geschiedenis en
complexiteit van cultuur
- Het lijkt alsof cultuur een perfect wetenschappelijk fenomeen is