1. Inleiding
Verwachtingen:
Verschil tussen gelijkheid en gelijkwaardigheid?
- Gelijkheid = verschillende rollen, verwachtingen, bv: leerkracht – leerling
- Gelijkwaardigheid = we zijn evenveel waard, de ene is niet meer waard
Dan de ander. Bv: je bent student, maar je kan ook mijn collega worden
In orthopedagogiek heb je een growth mindset nodig:
Waarom dit basisvak als orthopedagogiek?
De ‘why’ binnen de orthopedagogiek
The golden circle (Simon Sinek)
Je moet goed weten waarom je iets doet = WHY?
Doel van de lessen:
De ‘Why’ of de visie van Ortho leren kennen (o.a. de paradigma’s en
kopstukken)
De ‘How’ of de mogelijke begeleidershouding van een Ortho (o.a.
mensbeelden) verduidelijken krijgen
En zo wordt de ‘What’ geleidelijk aan duidelijk....
Hoofdstuk 1: orthopedagogie en maatschappij
2. Maatschappij, mensbeelden en zorg
2.1 De vreemde andere
Hoe komt het dat wij op een bepaalde manier naar mensen kijken?
- Eigen ervaringen
- Maatschappelijke factoren (die evolueren doorheen de geschiedenis)
a. Politiek
b. Sociaal
c. Cultuur
d. Economie
e. Wetenschap
- Overgeleverde tijdsgebonden waarden
a. Bv. Medelijden hebben met zwakkeren
b. Benaming zegt veel over kijk op zwakkeren (bv. onvolwaardige, wildemannen,
achterlijken, sukkelaars, minder-validen, andersvaliden, …)
2.2 Maatschappij en beeldvorming
Doorheen de geschiedenis zijn er altijd zwakkeren in de samenleving geweest
NOOIT warm onthaald
,Eigen aan zwakkeren = Handicap, huidskleur, maatschappelijke status, leeftijd, …
Niet eigen = De manier hoe wij reageren, welke plek die ze in onze samenleving krijgen
2.3 Mensbeeld en zorg
Mensbeeld = Een bepaalde algemeen aanvaarde manier van kijken naar mensen
- Wordt beïnvloed door maatschappelijke factoren
- Bepaalt de invulling en organisatie van de zorg
- Bepaalt ons handelen bv. ten opzichte van bepaalde groepen in de samenleving
De vier mensbeelden
Onvolwaardig (Mensbeeld 1)
= Kwetsbaren in de samenleving zijn onvolwaardigen, bezetenen, die niet alleen
thuishoren in onze dagelijkse samenleving, maar ze zelfs kunnen besmetten of
bedreigen.
Ongelukkig (Mensbeeld 2)
= Kwetsbare mensen worden gezien als sukkelaars waarmee men medelijden moet
hebben.
Gevolg: mensen hielpen armen uit goedheid, maar behandelden hen soms alsof ze
minderwaardig waren.
Defect (Mensbeeld 3)
= Kwetsbare mensen worden gezien als patiënten met een probleem of tekort.
Gevolg: medische zorg, revalidatie, instituten
Gelijkwaardig (Mensbeeld 4)
= Kwetsbaren in de samenleving zijn mensen die gelijkwaardig met hun
medeburgers, op een rechtmatige manier kunnen deelnemen aan het dagelijkse
maatschappelijke leven, met behoud van hun identiteit. De nadruk ligt op
emancipatie en sociale inclusie. (Niet hetzelfde als gelijk)
Gevolg: inclusie, emancipatie, ondersteuning.
Maatschappelijke factoren zijn terug te brengen op maatschappelijke revoluties
1. Economische factoren (bv. opkomst industriële revolutie)
2. Sociale factoren (bv. opkomst burgerij want nieuwe sociale klasse)
3. Culturele factoren (bv. opkomst en groei van Katholieke kerk)
4. Wetenschappelijke ontwikkelingen (bv. uitvinding IQ-test)
5. Politieke evoluties (bv. verrechtsing binnen het politieke landschap)
,3. Verleden = Heden
- Prehistorie: tijd van nomaden en jagers (... tot -3500 v Chr.)
- Oudheid: tijd van de Grieken, Romeinen en goden (-3500 v; Chr. tot 500 na Christus)
- Middeleeuwen: tijd van monniken, ridders en gilden (500 tot 1500)
- Nieuwe tijd: tijd van reformatie, ontdekkingsreizen en uitvindingen (1500 tot 1780)
- Verlichting: tijd van rationalisme, positivisme en sensualisme (1780-1850)
- Tijd van militaire conflicten en vernietiging (1850-1945)
- Tijd van rehabilitatie, welvaart en verzorgingsstaat (1945- ...)
3.1 De prehistorie: Tijd van nomaden en jagers (…- 3500 v.C.)
3.1.1 (Over)leven in de prehistorie
- Nomadisch bestaan Hongersnood, koud en wilde dieren
- Natuurlijke selectie (Survival of the fittest)
- Zwakkeren en zieken warden achtergelaten of gedood
- Overleven enkel bij gratie van de sterksten
Ontstaan nederzettingen Zelf voedsel produceren
Nieuwe beroepen en gezinsfuncties
- Stamhoofd beslist over leven en dood
- Medicijnman ‘geneest’
3.1.2 Afwezige zorg in de prehistorie
- Weinig tot geen zorg aanwezig
, - Magisch/mystiek denkkader
a. Het onverklaarbare proberen te begrijpen
b. Rotsschilderingen als bezweringsrituelen
- Trepanatie of schedelboring
a. Oudste chirurgische ingreep
b. Reden is deels onbekend
1. Ritueel voor geestenuitdrijving?
2. Initiatierites
3. Hoofdpijn aanpakken?
3.1.3 Van de prehistorie naar vandaag
Natuurlijke selectie is nog aanwezig in gebieden van oorlog en armoede
- Ongunstige en hachelijke levenssituaties
Armoede in België
- Levensduur daalt als armoedegraad stijgt
Vluchtelingenproblematiek
3.2 De Oudheid: Tijd van de Grieken, Romeinen en Goden (3500 v.C. – 500 n.C.)
3.2.1 Leven en eliminatie in de oudheid
Natuurlijke selectie (kindersterfte, hongersnood, ziekte, oorlogen, …)
Nieuw Maatschappelijke selectie (5 motieven)
Demografische motieven
- Opkomst stadstaten (Sparta, Athene, Rome, …)
- Slechte landbouwgronden, primitieve landbouwtechnieken, …
- Vernietiging oogsten door oorlogen, …
- Voedselschaarste tot gevolg
- Selectie Noodzaak
a. Verplichte geboortebeperking
b. Doden of te vondeling leggen van ongewenste pasgeborenen (Taygetusgebergte)
c. Veroordeelden worden verbannen naar kolonies
Economische motieven
- Erfrecht
a. Rijke families willen hun familie-erfgoed behouden
b. Dochter is financieel niet aantrekkelijk
c. Eén wettelijke zoon is ideaal
d. Elimineren van minderwaardige of overtollige kinderen is toegestaan