Written by students who passed Immediately available after payment Read online or as PDF Wrong document? Swap it for free 4.6 TrustPilot
logo-home
Other

Oefenbundel Constructies Ruwbouw | HOGENT | 2025/26

Rating
-
Sold
1
Pages
50
Uploaded on
03-06-2026
Written in
2025/2026

Oefenbundel voor examenvoorbereiding van het vak Constructies Ruwbouw in de bachelor Vastgoed aan Hogeschool Gent. Het document behandelt voorbereidende werken, funderingstechnieken, grondsoorten, grondkeringen en planning van bouwterreinen met meerkeuze-vragen en uitgebreide antwoordsleutel. Ideaal voor examenvoorbereiding: je kunt eerst alle vragen blanco beantwoorden en vervolgens je antwoorden controleren aan de hand van de volledige uitleg achteraan. Alle vragen komen vanuit de oefensessies.

Show more Read less
Institution
Course

Content preview

Constructies Ruwbouw
Oefenbundel – examenvoorbereiding
PBA Vastgoed – HOGENT



Werkwijze: probeer eerst alle vragen blanco te beantwoorden. De volledige antwoordsleutel met
uitleg vind je achteraan in dit document.

,Deel 1 – Vragen
Sessie 1 – H1 Voorbereidende werken
Vraag 01
Welk planningsinstrument geeft geen informatie over de mogelijke bestemming van een
bouwterrein?
A. Gewestplannen
B. RUP (ruimtelijk uitvoeringsplan)
C. BPA (bijzonder plan van aanleg)
D. Rooilijnplannen

Vraag 02
Stilaan begint goede funderingsgrond een zeldzaamheid te worden. Maak 1 keuze:
A. De inwendige wrijvingshoek is de helling waarbij een grond afschuift bij een talud of diepe
uitgraving. Hoe grover en hoekiger het grondmengsel, hoe groter deze parameter en hoe
steiler de wand van de uitgraving.
B. Kalkhoudende grond is door zijn hydraulische binding een heel betrouwbare
funderingsgrond.
C. Zandgrond is zeer slecht als funderingsgrond omdat het een zeer trage consolidatie heeft.

Vraag 03
Welke grond is de meest solide om op te bouwen?
A. Leem
B. Klei
C. Zand

Vraag 04
Welke stelling is de juiste?
A. De meeste gronden hebben een homogene samenstelling.
B. Kleigrond is de ideale grondsoort voor drainage.
C. Leemgronden zijn cohesieve of samenhangende gronden.

Vraag 05
Wat is het grootste aandeel bij leemhoudende zandgrond?
A. Zand
B. Grind
C. Leem

Vraag 06
Welke stelling is de juiste?
A. Ondergronden met hoog gehalte aan organische stoffen zijn uitermate geschikt als
funderingsgrond.
B. Ondergronden met hoog gehalte aan kalkhoudende stoffen zijn uitermate geschikt als
funderingsgrond.
C. Organische grond wordt ook wel 'zwarte grond' genoemd.

Vraag 07
Wat is de reden dat een heipaal eenvoudiger in te brengen is in zand dan in kleigronden?
A. Zandgronden hebben een snellere consolidatie.

, B. Kleigronden hebben een snellere consolidatie.
C. Beide gronden consolideren op dezelfde manier, maar de inwendige wrijvingshoek maakt het
verschil.

Vraag 08
Het 'toelaatbare draagvermogen' is …
A. het grensdraagvermogen waarop een veiligheidsfactor 4 à 5 wordt toegepast
B. het grensdraagvermogen waarop een veiligheidsfactor 3 à 4 wordt toegepast
C. het grensdraagvermogen waarop een veiligheidsfactor 2 à 3 wordt toegepast

Vraag 09
Welke stelling is juist?
A. De laag teelaarde die wordt afgegraven is ideale grond om rondom de fundering terug aan te
vullen.
B. Klei- en leemgronden zijn veel minder zettingsgevoelig dan zandgronden.
C. Zandgronden hebben een groter grensdraagvermogen dan klei- of leemgronden.

Vraag 10
Welke stelling is juist?
A. Voor capillaire werking is het een voorwaarde dat er weinig lucht aanwezig is.
B. De grondwatertafel, het freatische vlak, is op zijn hoogste stand in de herfst.
C. Kleilagen laten grondwater eenvoudig door.

Vraag 11
Om het grensdraagvermogen van de ondergrond te bepalen op basis van de mechanische
karakteristieken is volgend grondonderzoek voor de bouw van een eengezinswoning
vereist:
A. Een diepsondering op 3 punten van 10 kN
B. Het graven van een put tot op niveau van de grondwaterstand
C. Een dynamische sondering door middel van slagen

Vraag 12
Welke stelling is juist?
A. De rooilijn is de overgang tussen openbaar en privaat domein.
B. In de bouwvrije zijdelingse zone mag gebouwd worden als je een regularisatie indient.
C. De inplanting van het gebouw mag bepaald worden bij opstart van de werken.

Vraag 13
Welke stelling is NIET correct?
A. De nulpas van een gebouw is het niveau van de dorpel ten opzichte van een referentiepunt
in de buurt.
B. Om een gebouw uit te zetten wordt gebruik gemaakt van piketten en dwarsplanken.
C. Het uitzetten van het gebouw dient gecontroleerd te worden door de veiligheidscoördinator.

Vraag 14
Welke stelling is de juiste?
A. Een fundering wordt steeds horizontaal uitgevoerd.
B. Om afschuiving te voorkomen wordt de fundering met de helling mee gegoten.
C. De vorstdiepte in onze streken bedraagt 40 cm.

Vraag 15

, Grondkeringen bestaan in verschillende soorten en toepassingen. (Beeld: prefab keermuur,
L- en T-vorm)




A. Dit is een secanspalenwand in gewapend prefabbeton voor grondkeringen met beperkte
hoogte waarbij de waterdichting belangrijk is.
B. Dit is een Berlinerwand in gewapend prefabbeton voor grondkeringen met beperkte hoogte.
C. Dit is een keermuur in gewapend prefabbeton voor grondkeringen met beperkte hoogte.
D. Dit is een keermuur in gewapend prefabbeton voor grondkeringen met beperkte hoogte
waarbij, door de gladheid van de wand, de waterdichtheid zeer goed is.

Vraag 16
Funderingstechniek is een complexe aangelegenheid. Deze uitspraak is correct:
A. Het grensdraagvermogen van een bepaalde grond is gelijk aan het toelaatbaar
draagvermogen van die grond, gedeeld door een veiligheidsfactor.
B. Funderingen kunnen de zettingen van een gebouw nooit tot nul herleiden.
C. Funderingen dienen steeds de zettingen van een gebouw tot nul te herleiden.

Vraag 17
U ziet een foto van een grondkering (stalen profielen met houten/staalplaten ertussen).Maak
1 keuze:




A. Dit is een secanspalenwand voor de realisatie van een gesloten bouwput.
B. Dit is een grondschoring bestaande uit stalen damwandplanken. Waterdichting is verzekerd.
C. Dit is een Berlinerwand bestaande uit gerecupereerde stalen profielen en staalplaten.
Dergelijke grondkering wordt gebruikt indien de waterkering van de grondschoring niet
belangrijk is.

Vraag 18
In een stedelijke omgeving wordt tussen 2 gebouwen een kelder gerealiseerd, met
graafwerken onder het grondwaterpeil. Welke technieken moeten worden toegepast?
A. De grondwatertafel wordt verlaagd met een gesloten bronbemaling.
B. De aanpalende gebouwen worden gelift tijdens de werken.
C. Het terrein wordt afgegraven waarna een Berlinerwand wordt gerealiseerd.

Written for

Institution
Study
Course

Document information

Uploaded on
June 3, 2026
Number of pages
50
Written in
2025/2026
Type
OTHER
Person
Unknown

Subjects

$5.88
Get access to the full document:

Wrong document? Swap it for free Within 14 days of purchase and before downloading, you can choose a different document. You can simply spend the amount again.
Written by students who passed
Immediately available after payment
Read online or as PDF

Get to know the seller
Seller avatar
HOGENTSTUDENT26

Get to know the seller

Seller avatar
HOGENTSTUDENT26 Hogeschool Gent
Follow You need to be logged in order to follow users or courses
Sold
1
Member since
1 month
Number of followers
0
Documents
2
Last sold
1 month ago

0.0

0 reviews

5
0
4
0
3
0
2
0
1
0

Recently viewed by you

Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Working on your references?

Create accurate citations in APA, MLA and Harvard with our free citation generator.

Working on your references?

Frequently asked questions