1) Uitgangspunten en basisbegrippen
1.1) Ons gedrag, gevoelens, gedachten … worden bepaald door biologische factoren
→ Probeert menselijk gedrag te begrijpen door psychologische en biologische concepten met elkaar
te verbinden. Daarbij wordt gekeken naar:
• Werking en bouw vd hersenen en het zenuwstelsel,
• Het endocriene stelsel en de hormoonhuishouding,
• De erfelijke bagage (DNA) die gedrag en ontwikkeling stuurt.
➔ De hersenen bestaan uit neuronen, synapsen en neurotransmitters die communiceren, terwijl het
psychische gaat over subjectieve ervaringen zoals pijn, liefde of woede. Biologisch psychologen
gaan ervan uit dat de hersenen deze psychische fenomenen voortbrengen.
1.2) De biologische psychologie ontrafelt ons gedrag, gevoelens en gedachten in hun
versch biologische componenten
→ oorzaak v gedrag begrijpen door het uiteenrafelen tot het meest elementaire niveau. Men zoekt
naar biologische oorzaken zoals een virus, gen, hersenletsel, tekort of teveel aan neurotransmitters,…
= reductionistische benadering → complexe fenomenen herleid tot kleinere biologische eenheden.
1.3) De biologische psychologie gaat NIET langer uit van een dualistisch model
→ Dualistische visie lag aan de basis vd opsplitsing tussen psychologie en geneeskunde. Dit heeft lang
bijgedragen tot meer inzicht in mens en lichaam, maar bleek in praktijk vaak onhandig.
➔ De biologische psychologie kiest NIET voor een holistische visie, maar herleidt de geest tot het
lichamelijke. Volgens deze benadering is er geen onderscheid tussen geest en lichaam en kunnen
mentale fenomenen volledig worden verklaard door de werking vh brein + zenuwstelsel.
1.4) Een biologische benadering gaat uit van een medisch wetenschapsmodel
Diagnose vormt de verbinding tussen klachten en oorzaken. Men werkt analytisch, monocausaal en
lineair. → positivistische methode, obv waarneembare, meetbare en herhaalbare experimenten, vaak
ook met dieren. Biologische processen zijn eenvoudiger + geven inzicht in de menselijke werking.
2) Hedendaagse denkers
De biologische psychologie is sterk gegroeid door technologische ontwikkelingen zoals PET-scans en
fMRI-scans, waarmee hersenprocessen bij levende personen onderzocht kunnen worden. Ook de
genetica ontwikkelde sterk, o.a. door het volledig in kaart brengen vh menselijke genoom in 2003.
Binnen de biologische psychologie ontstonden versch vakgebieden:
• neuropsychologie • sociobiologie
• neuropsychopathologie • gedrags- en populatiegenetica
• psychofarmacologie
Evolutionaire psychologie
De evolutionaire psychologie verklaart gedrag vanuit evolutie en natuurlijke selectie.
, Charles Darwin stelde dat gedrag zich ontwikkelde doordat de best aangepaste individuen meer
kans hadden om te overleven en zich voort te planten.
Psychische functies zoals geheugen, aandacht, taal, empathie, agressie,… worden verklaard vanuit hun
bijdrage aan overleving en voortplanting.
Daniel Dennett stelt dat bewustzijn enkel een lichamelijk en chemisch proces is. De geest wordt
herleid tot biologische processen. Zijn visie zorgt nog steeds voor discussie.
3) Kritische kanttekeningen
Gevaar v biologisch determinisme → idee dat gedrag volledig biologisch vastligt en dat mensen
weinig vrije wil hebben.
Te weinig aandacht voor psychologische en sociale factoren
Overdreven optimisme → sommige biologisch psychologen denken dat gedrag, gevoelens en
gedachten binnenkort volledig verklaard zullen kunnen worden, maar eerdere psychologische
stromingen dachten dit ook zonder uiteindelijk een volledige verklaring te bieden.
Psychofarmaca ≠ wondermiddelen → medicatie werkt niet bij iedereen even goed en lost niet
alle psychische problemen op.
De biologische psychologie verklaart vooral eenvoudige en meetbare processen goed, maar
complex menselijk gedrag blijft moeilijk verklaarbaar.
Biologisch reductionisme → wanneer gedrag volledig biologisch verklaard wordt, dreigt men de
mens te reduceren tot enkel biologische processen.
Probleem v verantwoordelijkheid en vrije wil → als gedrag volledig biologisch bepaald is,
ontstaat de vraag in hoeverre mensen nog verantwoordelijk zijn voor hun (mis)daden.
Invloed van omgeving → biologische aanleg alleen is niet voldoende. Ontwikkeling hangt ook af
v omgevingsfactoren, zoals blijkt uit taalontwikkeling en het vb v wolfskinderen.
4) De kijk van de biologische psychologie op stress
4.1) Wat is stress en waar komt stress vandaan?
Stress = een lichamelijke en emotionele reactie op een veranderde situatie waarbij het lichaam in een
staat v paraatheid wordt gebracht om zich aan te passen of te overleven.
➔ Stress ontstaat wanneer een bestaand evenwicht verstoord wordt en een nieuw evenwicht nog
niet gevonden is. Stress hoeft niet altijd negatief te zijn.
Positieve stress: een beperkte hoeveelheid stress kan nuttig zijn omdat het alertheid verhoogt, helpt
om sneller te reageren en prestaties kan verbeteren.
Negatieve stress (distress) = wanneer stress te sterk of
langdurig wordt. Dit kan prestaties verminderen en zorgen
voor gezondheidsproblemen.
Volgens de wet v Yerkes-Dodson verbeteren prestaties
eerst naarmate stress stijgt, maar vanaf een bepaald punt
zorgt extra stress voor slechter functioneren. Iedereen heeft
dus een optimaal stressniveau. Dit verschilt per persoon en
per taak.