Written by students who passed Immediately available after payment Read online or as PDF Wrong document? Swap it for free 4.6 TrustPilot
logo-home
Summary

Samenvatting Genenoverzicht Histopathologie | Neoplasie | UGent | 2025/26

Rating
-
Sold
-
Pages
9
Uploaded on
01-06-2026
Written in
2025/2026

Dit genenoverzicht bundelt alle genen behandeld in de Histopathologie-cursus over neoplasie aan de Universiteit Gent, gegroepeerd per functionele klasse (proto-oncogenen en tumorsuppressorgenen). Ideaal voor examenstudie omdat het de essentiële informatie uit de cursus compact weergeeft en genen logisch organiseert, wat tijd bespaart bij voorbereiding.

Show more Read less
Institution
Course

Content preview

Genen in de Histopathologie
Neoplasie — overzicht van alle vermelde genen
Samenvatting Histopathologie · Universiteit Gent

Dit overzicht bundelt alle genen die in de samenvatting Histopathologie — Neoplasie worden vermeld,
gegroepeerd per functionele klasse, met telkens de informatie die in de cursus over elk gen wordt
gegeven. Gennamen worden bij de mens cursief geschreven (in hoofdletters); het overeenkomstige eiwit
wordt niet-cursief geschreven.


1. (Proto-)oncogenen
Oncogenen ontstaan door mutatie van proto-oncogenen, stimuleren de celgroei en coderen voor
oncoproteïnen die constitutief actief of overgeëxpresseerd zijn. Voor activatie volstaat een mutatie in één
allel. Mechanismen: substituties/indels, amplificaties en herschikkingen (inversies/translocaties →
fusiegen).

EGFR
Naam Epidermal growth factor receptor.

Type Groeifactorreceptor — receptor-tyrosinekinase (oncogen).

Activatie Constitutief actief door substituties (puntmutaties) en indels.

Tumor Longadenocarcinomen.

Therapie EGFR-inhibitoren: gefitinib en erlotinib (small molecules). Bij anti-EGFR-therapie vaak
zeer goede respons maar geen definitieve genezing; secundaire resistentie door selectie
van resistente subclonen (bijkomende mutaties in EGFR zelf, of in MET, HER2).


HER2
Type Groeifactorreceptor — receptor-tyrosinekinase (oncogen).

Activatie Geactiveerd door amplificatie.

Tumor Borstcarcinomen en maagadenocarcinomen.

Detectie Immuunhistochemie (kleuring voor HER2) en FISH (HER2-amplificatie).

Therapie HER2-inhibitor: trastuzumab (antilichaam).


ALK
Type Receptor-tyrosinekinase (oncogen).

Activatie Geactiveerd door een herschikking (inversie) → fusie tussen het ALK-gen en het
EML4-gen. Het EML4-ALK-fusiegen codeert voor het EML4-ALK-fusie-eiwit.

Tumor Longadenocarcinoma.

Therapie ALK-inhibitor: crizotinib.


EML4
Rol Fusiepartner van ALK. Inversie vormt het EML4-ALK-fusiegen → EML4-ALK-fusie-eiwit
bij longadenocarcinoma.




Genenoverzicht · Histopathologie – Neoplasie · pagina 1

, RAS (HRAS, KRAS, NRAS)
Type Cytoplasmatische component van de signaaltransductiecascade
(receptor-tyrosinekinase-pathway); cytoplasmatisch oncoproteïne.

Frequentie De meest gemuteerde proto-oncogenen — in 15–20% van de tumoren.

Activatie Geactiveerd door substituties.

Therapie Geen rechtstreekse inhibitor voor RAS; potentieel: MEK-inhibitoren.

Overig KRAS = Kirsten rat sarcoma. KRAS-mutatie is een stap in de multistep-carcinogenese
van colonadenocarcinoma. Gemuteerd RAS is een tumorantigeen (neo-antigeen)
herkend door cytotoxische T-lymfocyten.


BRAF
Type Cytoplasmatisch oncoproteïne in de receptor-tyrosinekinase-pathway.

Frequentie Gemuteerd in ~50% van de melanomen.

Activatie Geactiveerd door substituties.

Therapie Specifieke inhibitor: vemurafenib.

Overig Mutaties in de receptor-tyrosinekinase-pathway (NRAS/BRAF) komen ook voor in de
melanocytaire nevus; bijkomende mutaties onderscheiden nevus van melanoma.


ABL
Type Non-receptor-tyrosinekinase (cytoplasmatisch oncoproteïne).

Activatie Activatie van ABL door fusie met BCR → BCR-ABL-fusiegen.

Tumor Chronische myeloïde leukemie (CML).

Locatie ABL-gen op chromosoom 9.


BCR
Rol Fusiepartner van ABL. Fusie van BCR (chr. 22) met ABL (chr. 9) vormt het
BCR-ABL-fusiegen.

Locatie BCR-gen op chromosoom 22.


BCR-ABL-fusiegen
Ontstaan Door de translocatie t(9;22) — vormt het Philadelphia-chromosoom (eerst beschreven
translocatie in een tumor, 1960).

Tumor Chronische myeloïde leukemie (CML). De vorming is de initiërende mutatie bij CML en
is definiërend (diagnostisch) voor CML.

Therapie Small molecule: imatinib (Glivec). Geen definitieve genezing — de prolifererende
component wordt onderdrukt maar de stamcellen met het fusiegen overleven; therapie is
daarom levenslang nodig. Mediane overleving sterk verbeterd (1960: 3 jaar).




Genenoverzicht · Histopathologie – Neoplasie · pagina 2

Written for

Institution
Study
Course

Document information

Uploaded on
June 1, 2026
Number of pages
9
Written in
2025/2026
Type
SUMMARY

Subjects

$4.11
Get access to the full document:

Wrong document? Swap it for free Within 14 days of purchase and before downloading, you can choose a different document. You can simply spend the amount again.
Written by students who passed
Immediately available after payment
Read online or as PDF

Get to know the seller
Seller avatar
robbeheynderickx

Also available in package deal

Get to know the seller

Seller avatar
robbeheynderickx Universiteit Gent
Follow You need to be logged in order to follow users or courses
Sold
-
Member since
1 month
Number of followers
0
Documents
14
Last sold
-

0.0

0 reviews

5
0
4
0
3
0
2
0
1
0

Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Working on your references?

Create accurate citations in APA, MLA and Harvard with our free citation generator.

Working on your references?

Frequently asked questions