1. Foto’s lezen: semiotiek/ opdracht familiearchief
Waarom is foto’s lezen zo moeilijk?
Foto lijkt realistisch, maar:
- Toont slechts een fragment
- Context ontbreekt
- Iedereen interpreteert anders.
Foto’s leiden/lijden eigen leven.
Familiefoto’s lijken inwisselbaar, emotioneel uniek -> niet inwisselbaar.
“Wie kan schrijven kan ook lezen. Maar wie kiekjes kan nemen kan niet meteen ook foto’s ontcijferen” Vilém
Flusser, 1983
Je hebt kapstokken nodig om te lezen/schrijven.
Kapstokken om foto’s te ontcijferen.
Iedereen interpreteert anders -> eigen rugzak.
Denotatie en connotatie:
è Om beelden zakelijk te bespreken.
o Door emoties, vergeet je naar details te kijken.
o Emoties on hold zetten!
Denotatie Connotatie
= Objectieve beschrijving: = Subjectieve betekenis
- Zwart-wit - Gevoelens
- Aantal personen - Symboliek
- Kleding - Interpretatie
- Compositie - Culturele betekenis
- Afmetingen
à Betekenis geven aan elementen van de foto
!!eerst objectief kijken, daarna interpreteren!!
Paradox van de fotografie
= interne tegenstelling.
- Technische proces =objectief (licht valt zo en niet anders)
- Toch: objectieve wordt gedesobjectiveerd door:
o Subjectiviteit maker
o Subjectiviteit lezer
o Context waarin beeld te zien is.
§ Verandert betekenis
- Foto = fragment -> altijd uit de context gehaald.
Tegelijk ook subjectief:
- Fotograaf kiest:
o Kader
o Moment
, Paradox van de fotografie:
= interne tegenstelling
Rode pijl = een gebeurtenis is een verloop in de tijd.
Pijl = de gebeurtenis
Dat éné moment stopt beweging, buiten de foto loopt het door.
Elke foto verondersteld: er iets is vooraf gegaan en gebeurt iets erna (verleden en toekomst)
Onderbreking: wordt voorgesteld als doorsnede
Diameter cirkel: van persoon tot persoon.
- H.a.v. info die we weten over de foto.
- Hoe meer context iemand kent -> hoe gorter de diameter rond de foto.
- Bv: trouwfoto ouders -> zie je met een grote cirkel.
- Je hebt meer verhaal & context.
- Randinfo & rugzak van je leven bepalen diameter.
è Iedereen leest foto’s anders!
Impliceert: er zijn nog andere dingen gebeurd.
è Kan niet anders!
(Cut) = de tijd is niet duidelijk in 2 gehakt.
- Meerdere & andere betekenissen mogelijk
- Foto = ambigu
Door ambiguïteit = lezen van foto’s moeilijk.
Beseffen: context WAS anders, oorspronkelijke context = verleden tijd.
‘Wat was de oorspronkelijke context?’
- Creëert nieuwe betekenissen.
“Beelden zijn geen ‘denotatieve’ (eenduidige) complexen van symbolen, maar ‘connotatieve’ (meerduidige)
complexen van symbolen: ze bieden ruimte voor interpretaties” Vilém Flusser, 1983
Complexen = het is niet een op een duidelijk.
Symbool = van belang!
- Bv: verkeersborden
Vanaf je een foto maakt, gefotografeerde -> symbool.
Alles op een foto wordt een symbool.
- Symbolen ≠ eenduidig.
- Bv: pintje in je hand op festival = symbool
Een foto exact interpreteren kan nooit volledig!!!!
Een foto is een afbeelding van iets.
Connotaties -> zijn eindeloos.
- Afbeelding -> teken -> symboolwaarde
- Elk teken beschrijven/benoemen
‘Tussen de lijnen lezen’ -> wat staat er op een foto esn wat niet.
- Foto = selectie: bewuste keuze wat in beeld en wat niet.
- Geen info is ook info: (bv: geen vakantiefoto’s)