SE2
Luna Corbeel
29-5-2026
,Inhoud
Hoofdstuk 0 Bodembewerking...............................................................................................................2
Hoofdstuk 2 bodemvorming- en samenstelling......................................................................................9
Platentektoniek:.................................................................................................................................9
Bodemmineralogie:..........................................................................................................................10
petrologie-gesteenteleer:.................................................................................................................12
Verwering:........................................................................................................................................14
Bodemprofiel:...................................................................................................................................16
Bodemsamenstelling:.......................................................................................................................22
1
, Hoofdstuk 0 Bodembewerking
= Het bewerken van de grond om de teelt te ondersteunen. Hieronder verstaan we meestal het
prepareren van het zaaibed of pootbed van een akker om cultuurgewassen te verbouwen.
Doelen ervan:
- Creatie van een optimaal zaai-, poot- of plantbed.
- Onderwerken van gewasresten, groenbemesters of organische mest
- Beheersing van onkruid en bodem gebonden ziekten
- Opheffen van storende lagen (bv ploegzool) en verbeteren van waterhuishouding
Creatie van zaai-, poot- of plantbed: meestal in meerdere stappen. Omstandigheden creëren waarin
zaden/plant-goed/planten goed gedijen:
- Goed doorwortelbaar profiel
- Geen verdichtingen
- Geen storende lagen
Onderwerken van gewasresten, groebemesters of organische mest:
- Organisch materiaal inwerken is noodzakelijk voor vertering (+ areobe afbraak door
beluchting)
- In functie van zaaibed
- Wetgevend kader (emissie-arm toedienen van mest)
Beheersing van onkruid en bodemgebonden ziekten:
Ploegen (onkruid begraven), schoffelen, eggen en het creëren van een vals zaaibed zijn technieken
om onkruid kiemkracht te ontnemen en uit te putten. Overleven van ziekten/plagen op gewasresten
voorkomen door onderwerken of inwerken.
Opheffen van storende lagen (bv ploegzool) en verbeteren van waterhuishouding:
ploegzool/storende laag doorbreken via diepgronden.
Factoren van invloed op keuze voor grondbewerkingstechniek:
- Bodemtype
- Bodemkwaliteit
- Gewas
- Klimatologische omstandigheden
- Milieu
- Regelgeving
- Mechanisatie en economische aspecten
Bodemtype: Bepaalt voor een groot deel wat mogelijk is op een landbouwperceel, zandgronden
behoeven een andere voorbereiding dan kleibodems. Door de textuur van zandgronden houden
deze bodems weinig water vast. Hierdoor zijn deze bodems over het algemeen sneller bewerkbaar
na natte omstandigheden, maar kan waterschaarste ook snel voor stress zorgen voor het gewas.
Kleibodems daarentegen zijn geneigd om water vast te houden. Dit heeft ook invloed op de
bewerkbaarheid van de bodem: het bewerken van een bodem na natte omstandigheden leidt al snel
tot bodemverdichting. Bovendien is de juiste afwatering van kleibodems belangrijk, zodat de
plasvorming in regenachtige periodes voorkomen kan worden.
2