15: DUIZELIGHEID
INLEIDING
ANATOMIE EN FYSIOLOGIE VAN HET VESTIBULAIRE ORGAAN
- In binnenoor (rotsbeen) => gehoor en evenwichtsorgaan bevat
- 2 systemen (anatomisch en functioneel)
o Statolietorganen
Utriculus
Sacculus
Haarcellen = zintuigcellen
geconcentreerd in macula sacculi en utriculi
hierop calciumcarbonaatsteentjes = statoconia
Detectie lineaire versnellingen
wet van traagheid → statoconia blijven achter tov haarcellen
in macula tijdens lineaire bewegingen van het AP
=> afbuiging → haarcel genereert actiepotentiaal
o 3 Halfcirkelvormige kanalen = semicirculaire ducts
Bestaan uit
Benig buitenste deel (perilymfe)
Vliezig binnenste deel (endolymfe)
≈ cochlea
Anterior, posterior, lateraal
Haarcellen in verwijding van de kanalen
Liggen op crista ampullaris
Steken uit in cupula (gellatineuze massa)
Detectie rotatoire versnellingen
Wet van traagheid → vloeistof blijft achter in het kanaal
tijdens draaibeweging → relatieve vloeistofstroolstroom →
cupula beweegt → haarcellen buigen af → AP
- Elektrisch signaal < HC doorgegeven via n. vestibulocochlearis (VIII)
- Functies
o Beeldstabilisatie =>
vestibuloocoulaire reflex
= beweging regegistreerd door
evenwichtsorgaan
gecompenseerd door even
snelle tegengestelde oogvolg
bewegingen
o Balans → behouden door integratie
van info evenwichtsorgaan, visus,
proprioceptie
1
,BELANGRIJKSTE OORZAKEN VAN DUIZELIGHEID
VESTIBULAIRE OORZAKEN
SYMPTOMEN
- Vertigo = draaisensatie
- Vaak op de voorgrond
TYPES
- Aanvalsgewijze duizeligheid
- Acute duizeligheid
- Chronische duizeligheid
Bij duizeligheid: altijd acute oorzaak uitsluiten van centrale origo!!
AANVALSGEWIJZE DUIZELIGHEID (RECIDIVEREND)
- Meestal door BPPD = benigne paroxymale positieduizeligheid
o Draaiduizeligheid aanvallen karakteristiek bij bepaalde hoofdbewegingen
(boven kijdken, omdraaien in bed)
o Duur van hooguit een minuut
o D/ anamnese + maneuvre van Dix-hallpike
- Ziekte van menière
o Karakteristiek trias van klachten
Aanvallen van draaiduizeligheid
Oorsuizen
Gehoorsverlies
o Ook vegetatieve verschijnselen: middelijkheid en braken
o Ook otologische klachten voor, tijdens of na vertigo-aanvallen zoals
Gehoorsverlies → flutueerd, verslechtert in de loop van de tijd bij
meer vertigo-aanvallen (ook bij evenwichtsorgaan)
Oorsuizen
Drukgevoel
o Duur van enkele uren
o D/ anamnese
o Aanvallen
Tussen aanvallen: weken-maanden,
Aanvallen minder heftig op den duur, ziekte blust uit, maar grote
gevolgen:
Fors perceptief verlies
Uitgeschakeld evenwichtszintuig
o Normaal eenzijdig, maar kan uitbreiden naar andere oor
o Vaak gevoel van druk in het oor, duizeligheid, perceptief gehoorverlies
enkele jaren geïsoleerd voor klassieke beeld
ACUTE DUIZELIGHEID
- Neuritis vestibularis
o Acuut optredende draaiduizeligheid
2
, Soms gepaard met misseijkheid en braken
Pt kunnen niet lopen, vaak in bed liggen
o Duur van enkele dagen, dan verbetering
o D/ anamnese + spontane nystagmus naar niet-aangedane zijde
- Infarct (cerebellair) (centrale OZ)/ CVA (centrale OZ)
o Acuut optredende draaiduizeligheid + vaak andere neurologische uitval
(gezichtsverlamming of krachtverlies van extremiteiten)
o Duur van dagen tot weken
o Anamnese + neurologisch onderzoek
CHRONISCHE DUIZELIGHEID
- Vestibulaire hypofynctie (uni- of bilateraal) (uitgevallen evenwichtsorgaan)
o Chronisch, vertigo, maar vaak staat wankelheid meer op voorgrond als S/
o Continue duur
o D/ anamnese + evt aanvullende evenwichtsonderzoek
NIET VESTIBULAIRE OORZAKEN
- Hyperventilatiesyndroom
o Last van licht gevoel in hoofd
o Gevoel van flauwvallen
- Medicatie
o Bloeddrukverlagend/ pijnstillend
o Zeker bij oudere pt, ongewenste nevenwerking
- Orthostatische hypotensie
o = bloeddrukverlaging kort na opstaan vanuit zit/liggende houding
o S/: licht gevoel hoofd, duizeligheid, neiging tot flauwvallen
o Vaker bij ouderen
LICHAMELIJK ONDEROZEK BIJ PT MET DUIZELIGHEID
- Essentieel voor D/
- Klinisch onderscheid tussen:
o Centraal vs perifeer
o Links vs rechts
o Dysfunctie – hyperfunctie – hypofunctie
VESTIBULAIR OZ → VESTIBULO-OCULAIRE REFLEX (VOR)
- Reflex dat voor beeldstabilisatie zorgt door corrigeren van oogpositie bij
hoofdbewegingen
- => goed oogvolgbewegingen in kaart brengen
o => interpretatie van vestibulair OZ beïnvloeden
o => neurologische/oogheelkundige OZ blootleggen
ALGEMENE TEST VAN VESTIBULO-OCULAIRE REFLEX
- Pt naar wijsvinger laten kijken op afstand van 50 cm
- Laat pt langzaam de horizontale en verticale beweging van vinger volgen
3
, - Normaal: ogen volgen vloeiend samen, geen
dubbelbeelden
- Ook letten op spontane nystagmmus
NYSTAGMUS
- = ogen bewegen onvrijwillig en ritmisch heen en
weer, op en neer of ronddraaiend
- Vestibulaire component = langzame beweging van de ogen afwisselend
gevolgd door correctie component = snelle slag tegenoverde richting
- Nystagmus genoemd naar richting van de snelle slag
- Hoe?
o Pt rechtuit kijken (met stilstaand hoofd) gevolgd door naar rechts en links
draaien
o Normaal: ogen in uiterste standen enkele nystagmusslagen geven =
instelnystagmus (naar kant waar je kijkt)
o Abnormaal: blijvende nystagmus
Als evenwichtsorgaan uitgeschakeld/ verminderde functie? →
nystagmus meestal naar contralaterale kant
L evenwichtsorgaan uitgeschakeld (bv labyrintitis) => spontane
langzame oogbeweging naar links (vestibulaire component) ,
gevolgd door snelle slag naar rechts (correctiecomponent)
- Onderscheid
o Eerstegraads nystagmus = lichte vorm
Enkel nystagmusslagen bij kijken in de richting van nystagmus
o Tweedegraadsnystagmus
Nystagmus ook als ogen mediaan staan
o Derdegraadsnystagmus
Nystagmus ook als ogen contralaterale kant kijken
- Horizotale, verticale (up/downbeat) en torsie (rotatoire) component mogelijk
- Uitschakeling/functievermindering labyrinth => nystagmus meestal naar
contralaterale kant
o Opm: als ziekteproces tot rust => tijdelijke nystagmus naar zieke kant
mogelijk
HEAD-IMPULS TEST
- = meest directe test van VOR
- gebruikt voor screenenop verminderde functie van evenwichtsorgaan
- hoe: testen linkerevenwichtsorgaan functie
o neus = functatiepunt
o hoofd langzaam naar rechts draaien 15°
o hoofd onverwacht naar links draaien 30°
o gestoorde: VOR onvoldoende → ogen bewegen mee met hoofdbeweging +
ogen terugspringen naar fixatiepunt
- hoe: testen van rechterevenwichtsorgaan functie
o neus = functatiepunt
o hoofd langzaam naar links draaien 15°
o hoofd onverwacht naar rechts draaien 30°
4