Samenvatting Pathofysiologie II
Hoofdstuk 2: Integument & Huidaandoeningen
Universiteit Gent | Pathofysiologie II
,DEEL 1 — HET INTEGUMENT (LICHAAMSBEDEKKING)
1.1 Inleiding & Anatomie
De huid is een van de grootste organen van het menselijk lichaam:
Kenmerk Waarde
Oppervlakte 1,5 – 2 m²
Gewicht ± 5 kg
Dikte 0,5 mm (oogleden) – 4 mm (voetzolen)
Inhoud per cm² 10 haarzakjes, 2500 gevoelscellen, 3m bloed-/lymfevaten, 12
zenuwvezels
De huid bestaat uit 3 hoofdlagen + adnexen (aanhangsels):
Laag Kenmerken Inhoud
EPIDERMIS Meerlagig verhoornd epitheel Keratinocyten (90%)
(opperhuid) Geen bloedvaten Melanocyten (pigment + UV-
Wel zenuwuiteinden (receptoren) bescherming)
Gescheiden v/d dermis door Langerhans cellen
basaalmembraan (antigeenpresenterende cellen,
90% keratinocyten → produceren immuniteit)
keratine → waterdicht + bescherming Zenuwuiteinden (receptoren)
Sterkst ontwikkeld: handpalm, voetzool
Epidermale plooien (handpalm, voetzool,
vingers) → betere grip + verhoogde
wrijving
DERMIS Stevig bindweefsel Fibroblasten
(lederhuid) Collageen + elastische vezels Macrofagen
→ Stevigheid, uitrekbaarheid, elasticiteit Adipocyten
Bevat bloedvaten, zenuwen, klieren, Bloedvaten (capillairen)
lymfevaten Lymfevaten
Collageenvezels vormen lijnen (Langer- Musculi arrectores pilorum
lijnen) Zenuwen & receptoren
→ Chirurgie: parallel snijden = minder
litteken
Overdreven rek → striae (rood→wit)
HYPODERMIS Losmazig bindweefsel Vet (isolatie + reserve)
(onderhuid) Vetophopingen Grote bloedvaten
Bloedvaten & zenuwen Zenuwen
= subcutane laag
Geneesmiddelen komen hier terecht bij
subcutane/subdermale injecties
1.2 Lagen van de Epidermis (van diep naar oppervlakkig)
De epidermis is opgebouwd uit 5 lagen. Keratinisatie van basale laag tot afschilfering duurt 2–4 weken.
, Laag Eigenschappen
1. Stratum basale Kiemcellen die regelmatig delen → nieuwe cellen naar oppervlak. Bevat
(kiemlaag) melanocyten en Langerhans cellen (antigeenpresenterende cellen, rol bij
immuniteit). UV-licht stimuleert melanocyten → vorming melanine →
melanine via fagocytose opgenomen door keratinocyten →
melaninegranulen vormen een beschermende sluier OVER DE KERN
(richting huidoppervlak) → genetisch materiaal beschermd tegen UV.
Beschadiging kiemlaag = geen nieuwe huid (→ transplantatie nodig)
2. Stratum spinosum Epitheelcellen verbonden via desmosomen (stekelvormige structuren)
(stekelcellige laag)
3. Stratum granulosum Granulen met keratohyaline (hoornstof = voorloper keratine). Kern begint te
(korrellaag) degenereren → cellen sterven af
4. Stratum lucidum Dunne heldere laag van dode cellen. Tussenvorm keratohyaline →
(heldere laag) keratine. Vooral aanwezig op dikke huid (handpalm, voetzool)
5. Stratum corneum Dode cellen volledig gevuld met keratine. Schilfert regelmatig af
(hoornlaag)
EGF – Epidermale Groeifactor
• Hormoon dat epidermale cellen stimuleert bij weefselvorming/-herstel
• Gestimuleerd bij wondgenezing
• Bij huidkanker: oncogenen zorgen voor continue EGF-activatie → ongecontroleerde proliferatie
(huidkanker)
Psoriasis & de epidermis:
Bij psoriasis delen keratinocyten te snel en bewegen ze sneller naar het stratum corneum.
Afschilfering in 7-10 dagen i.p.v. 2-4 weken → abnormaal keratine → zilverkleurige schilfers op
knieën, ellebogen en schedelhuid. Behandeling: (1) onderdrukking van de celdeling, (2) vertraging van
de celgroei, (3) keratinolytica (afbraak van keratinocyten).
1.3 Adnexen van de Huid
1.3.1 Haren (Pili)
Haren zijn verhoorningen van de epidermis die instulpen in de dermis. Genetische en hormonale factoren
bepalen dikte en beharingspatroon.
Structuur Beschrijving Functie
Haarfollikel / haarzakje Instulping epidermis in dermis Houdt haarwortel vast
Haarkolf Onderste verbreed deel van de haarfollikel, Signaal bij beweging (tast),
omgeven door zenuwen en bloedvaten bloed aanvoer
Haarwortel Kiemcellen die haarcellen aanmaken → Vorming van nieuw haar
keratiniseren en sterven af
Musculi arrectores Gladde spieren op de wand van de Haar recht trekken bij
pilorum haarfollikel koude/emotie (kippenvel)
Talgklieren Op wand haarzakje: scheiden talg/sebum Haar soepel houden
(sebumklieren) uit