WOORDENSCHAT
INLEIDING
Hoe leert een peuter praten?
Door woorden ze zeggen & plakken op voorwerpen die ze zien peuter herhaalt dit
Je moet ook vaak herhalen (> 10 keer) en dan zal de peuter dit doelgericht gaan uiten
Woordenschat:
= belangrijke bouwsteen
= deel van het fundament
Hoe wordt woordenschat verworven in de moedertaal? Welke fases doorloopt een peuter?
Alles uit de directe leefwereld krijgt een naam (labelen)
Zeer veel herhaling herkennen zelf gebruiken (klanken losse woorden zinnen)
Woorden leren:
Om er iets mee te doen
Niet later, maar nu (in de klas)
Binnen een betekenisvolle context
Thema’s: uit dagelijkse leven van kinderen
Herhalen, oefenen:
Van receptief naar productief
Van kennisgericht naar communicatiegericht
DOELEN
Woordenschat = bouwsteen binnen vaardigheden
Receptieve beheersing <-> productieve beheersing
Receptieve
o Begrijpen en herkennen = passieve kennis
o Vb. lees en luister oefeningen
Productieve = actieve kennis
o Herkennen en begrijpen + zelf uit geheugen kunnen ophalen
o Vb. spreken/mondelinge interacties en schrijven
Decoene L. Didactiek Frans Pagina 1 van 33
,Belangrijk inzicht bij keuze (authentiek) tekstmateriaal!
Doelen:
Vastgelegd in de minimumdoelen door de leerplancommissies
o Gemeenschappelijke basiswoordenlijst
Identiek voor de drie onderwijsnetten
700tal woorden
Gegroepeerd rond woordvelden uit eindtermen
Einde zesde leerjaar: minimum deze woorden te kennen
Voordeel?
In principe zou elke leerling uit het 6e leerjaar deze woorden kunnen
actief gebruiken (doelen worden niet altijd behaald door iedereen, dus
niet iedereen kan dit)
STRATEGIEËN
Strategieën die wij gebruiken om te studeren:
Herhalen (gemiddeld 7x)
Schrijven (niet typen want dan voel je wanneer je
accenten moet plaatsen)
Ezelsbruggetjes
Afdekken
STRATEGIEËN BIJ WOORDENSCHATVERWERVING
Basisprincipes breinvriendelijke activiteiten:
Herhalen, herhalen, herhalen!
Strategie:
Woorden meerdere keren herhalen
Steeds langer wordend tijdsinterval
vergeetcurve van Ebbinghaus
Voortbouwen op voorkennis:
o Voorkennis opfrissen
o Verbanden leggen (overgang KTG LTG)
Strategie:
Link leggen met transparante woorden (woorden uit het Nederlands)
Woorden groeperen
o Op woordsoort (vaste kleur in woordenschatlijst)
o Semantisch (mindmaps)
Variatie
o Variatie aan werkvormen
o Zintuiglijk rijk
Strategie:
Vaste kleur per woordsoort/geslacht
Luidop uitspreken (ook verschillende tools online)
Decoene L. Didactiek Frans Pagina 2 van 33
, Kopiërend schrijven
Oefeningen maken
Woordenlijsten, -boeken, hulpkaarten
Leerwijzer
o Concrete studeertips
Vb. hoe studeer ik woordenschat
Positieve emotionele betrokkenheid
o Leerlingen uitdagen, maar fouten maken mag/moet
o Kinderen een vertrouwde omgeving geven, ze moeten zich veilig voelen
o Anderen mogen niet beginnen lachen
DIDACTISCHE PRINCIPES
Aanbreng nieuwe woordenschat: 4 vaste stappen:
1. Voorbewerken
o 3 elementen:
Voorkennis opfrissen
Motiveren
Context (mondeling of schriftelijk)
o Je moet leerlingen gaan prikkelen
o = inleiding
o Gunstige beginsituatie
Activeren van voorkennis
Zorgen voor aandacht en betrokkenheid
Organiseren van een context
Wat is een context?
o = een tekst waarin alle nieuwe woorden aan bod komen
o Kan een lees- of luistertekst zijn
o Meestal biedt de methode een context aan
Blijf wel kritisch + creatief!
o Durf los te komen van de handleiding
Creëer zelf een context
Werk met de concrete klascontext
Breng concreet materiaal mee
Wat moet je doen in een specifieke context:
Bij voorkeur eerst als luisterfragment aanbieden
Niet meteen door de leerlingen laten voorlezen (kennen de uitspraak nog niet)
o Minstens 1x horen op voorhand voor ze zelf het kunnen uitspreken
o Als je de hele tijd moet rondgaan om fouten te verbeteren zelfvertrouwen naar
beneden
Stel korte inhoudsvragen
o 1e keer lezen/luisteren: globale richtvraag = globaal luisteren
o 2e keer lezen/luisteren: specifiekere vragen = selectief luisteren
Na de aanbreng van de woordenschat:
o Wel: liedje samen zingen / dialoog in groepjes hardop voorlezen /…
o Niet: zin voor zin vertalen!
Je vertaalt niets, ze hebben het gezien in de woordenlijst
Decoene L. Didactiek Frans Pagina 3 van 33
, Vragen over de inhoud van de tekst: wanneer kan dit in het Frans, wanneer niet?
Zoveel mogelijk in het Frans, maar bij nieuwe woordenschat is dit soms moeilijk
Bij klankherkenning: Nederlands
Als je kan parafraseren (met gekende woordenschat): Frans
2. Semantiseren
Semantiseren
o = betekenis verduidelijken binnen een context, met aandacht voor uitspraak en
schriftbeeld
3 componenten bij aanbreng van elk nieuw woord:
o Betekenis:
Gebaren, afbeeldingen
Voorbeeldzinnen
Transparante woorden
Afgeleide woorden
Synoniem
Uitbeelden:
Letterlijk uitbeelden, voorwerp aanwijzen, afbeelding, film, tekenen op
bord,…
Uitleggen:
Woord gebruik in zin/context
Voorbeeld geven
Definitie geven
(vertalen)
Afgeleid woord, transparant woord
Synoniem, tegengestelde
Uitbreiden:
Woord koppelen aan betekenis van andere woorden
netwerk opbouwen van woorden die samen gebruikt kunnen worden
Gebruik zo veel mogelijk de klascontext en de eigen leefwereld van de kinderen
om de betekenis duidelijk te maken
Ook de context uit stap 1 kan je gebruiken om de betekenis van de nieuwe
woorden te verduidelijken!
Herhaal de zin(nen) uit de context waarin het nieuwe woord voorkomt.
Daag je leerlingen uit om op basis van deze context de betekenis te
achterhalen
Ook visuele ondersteuning bij deze context kan de betekenis van de
nieuwe woorden verduidelijken
Denk goed na over de context (= basis om betekenis nieuwe woorden te
achterhalen):
Zorg voor voldoende visuele ondersteuning (wees kritisch)
Werk bij voorkeur met een luisterfragment
o Mondelinge vaardigheden primeren
o Confronteer je leerlingen eerst met de uitspraak, dan de
schrijfwijze
De leerlingen achterhalen zelf de betekenis. Waarom is dit belangrijk? Waarom
geven we niet zomaar de vertaling?
Leerlingen leren luisterstrategieën inzetten
Decoene L. Didactiek Frans Pagina 4 van 33