(Deel 1)
0. Inleiding
Inleidingsverhaal:
- Hoe de wereld nt verging
o Sekte geleid dr Dorothy Martin
o Buitenaards volk ‘the Gaurdians’
o 21 dec 1954
o Einde wereld
o Ruimteschip
o Voorspelling kwam nt uit => maar:
Bleven geloven => nog sterker
Nieuwe boodschap => sekteleden zo goed & gehoorzaam => gespaard waren
Gevolg => Boodschap verspreiden
Attitude ≠ mening
- Perfect mogelijk gn mening hebben
o Te weinig geconfronteerd w met materie
- Beide begrippen veel gemeen
- Meningen:
o Persoonlijke uitspraken, ideeën, hypothesen
o Vaak evaluatief karakter hebben => nt altijd
- Attitudes:
o Evaluatieve aspect altijd
o Mnr waarop je over iets/iemand/groep/gedachtengoed/idee staat
o Houdt oordeel in
1. Inleiding
1.1 Wat zijn attitudes?
Definitie:
Door ervaring gevormde, duurzame & georganiseerde wijze waarop iemand gericht is op ene bepaald
object
Uitleg definitie:
- Object:
o Ruim geïnterpreteerd w
o Levenloze & levende objecten
o Subjectief:
Mening hebben over jezelf
- Door ervaring gevormd:
o Attitudes zijn aangeleerd
Door bepaald object geconfronteerd => oordeel over gevormd
o Overgeërfd vn anderen
Politieke standpunt => stuk gevolg vn opvoeding & standpunten omgeving
o Kanttekening:
Sommige toch aangeboren => gn gevolg vn leerprocessen/ervaringen
Bv => afkeer vn pijn is aangeboren
1
, - Duurzaam:
o Attitudes moeilijk veranderen
o Sterke overeenkomst => impliciete persoonlijkheidstheorieën vn H6:
Tegenstrijdige info negeren/omvormen => in cognitief schema passen
o Nuancering:
Attitudes kunnen wijzigen
Na voldoende aanwijzingen => (voor)oordeel ter discussie stellen
- Georganiseerd:
o Attitudes op een mnr netwerk vormen
Liefst => attitudes samenhangend geheel vormen => oordelen elkaar nt
tegenspreken
o Moeilijkheid bij wijziging vn 1 attitude
Andere oordelen plots moeten wijzigen
o Soms onszelf in nesten werken met tegenstrijdige attitudes
NIMBY-instelling/NIVEA
Not in my back yard/niet invullen vr een ander
Geneigd eigen veronderstellingen op te dringen/projecteren
1.2 De tripartite van attitudes
- 3 domeinen waarop attitudes zich manifesteren:
o Cognitieve component
Attitudes => gedachten tot gevolg + gevolg vn gedachten
Vele gevallen gedachten zijn
o Affectieve component
Attitudes => brengen emoties mee + gevolg zijn vn emoties
Reclamebureaus mee inspelen
o Conatieve component
Attitudes => zetten aan tot handelen => sturen je gedrag
Attitudes ≠ objectief waarneembaar => betreft zogenaamde
hypothetische constructen
Wel rechtstreeks te achterhalen => verraden zich via gedrag
- Nt in zelfde mate telkens aanwezig => wel in elk geval invloed hebben op attitudes
2. Ontstaan & vervorming vn attitudes
- Attitudes => meestal door ervaring gevormd
o Objectief & ontegensprekelijk aan tonen => aangeboren
Nature-nurture debat
- Persoonlijkheid ≠ of-ofverhaal:
o Wie je bent:
Gevolg vn genetische bepaling
Ervaringen doorheen leven
- Persoonlijkheid => bepalen we & wat jij aangenaam vindt + waar negatief tegenover staat
- Veel manieren waarop attitude kunnen ontstaan:
2.1 Cognitieve invloeden
a) Rationele invloeden
Middel-doeltheorie
- Rationele afweging
o Verhindert mijn doel => negatieve attitude ontw
o Helpt mijn doel => positieve attitude ontw
- Rationeel ≠ bewust
2
, o Onrechtstreeks werken
Cognitieve attitudebepaling
- Ajzen & Fishbein
- Bepalen vn attitude => rekening houden met alle mogelijke gedragsuitkomsten die verbonden
zijn
o Elk vn mogelijke gedragsuitkomsten => waarschijnlijkheid dat ze zal voorkomen &
waardeoordeel over hebben
- Resulterende attitude = functie vn product vn beide aspecten vn gedragsuitkomst
- Rekening houden met:
o Mogelijke gevolgen v/h gedrag => i
o Waarschijnlijkheid v/h gevolg => W
o Evaluatie v/h gevolg i => e
- Elk gevolg de waarschijnlijkheden met evaluaties vermenigvuldigen en deze optellen =>
positieve/negatieve attitude uitkomen
o Positieve => meer kans omgezet
w in gedrag
o Negatieve => nt leiden tot dit
gedrag
- Vb: meedoen met staking:
- Kritiek:
o Theorie = intuïtief acceptabel =>
schuilen problemen achter:
Moeilijk voorspellen hoeveel vn gedragsgevolgen in rekening w gebracht => lijst
oneindig
Moeilijk bepalen welke waarschijnlijkheden mensen hierbij inschatten
Verschillend vn persoon tot persoon
o Praktijk moeilijk bruikbaar
Reactantie
- Ingeperkte vrijheid/manipulatie
o Weerstand & negatieve attitude => opstandig gedrag
Romeo & julia-effect
Onderzoek: ouders negatief reageren op relatie/partner kind => kind meer
in armen partner drijft
- In reclame:
o “Niet voor watjes, alleen voor echt durvers.”
o “Ons product X geeft je geen warme gevoelens i.t.t. product Y. Het doet
gewoon wat het moet doen.”
- Politieke boodschappen:
o ‘Je mag tegenwoordig niks meer vn de overheid’
o Gebruik term sheeple => gehoorzame burgers aanspreken bedoeling wijzen op
reactantie maar zelf ook poging tot manipulatie & beïnvloeding
Samentrekking vn people + gewillige & volgzame sheep
Toekomstgericht
- Cognitieve invloeden nt alleen in relatie met gebeurtenissen verleden
- Positieve attitude => producten die succes/gewenst resultaat geven
- Negatieve attitude => producten verwacht nt aan wensen zullen voldoen
b) Irrationele invloeden
- Ingebakken in collectief geheugen/onbewuste
3