Mens en maatschappij
algemeen
Inleiding leergebied ‘mens en maatschappij’
Vakdidactiek mens en maatschappij
De inhoud van M&M…
Is juist in woord en beeld Geeft een genuanceerd beeld Legt verbanden
Actueel: geen behandelt meerdere aspecten van het tussen
verouderde maatschappelijk leven oorzaken en
informatie. besteedt vooral aandacht aan het gevolgen en
Correct: juiste gewone en niet aan het uitzonderlijke of behandelt niet
inhouden waarover er kadert het uitzonderlijke in zijn context enkel de
maatschappelijke besteedt aandacht aan positieve en neg symptomen
en/of atieve aspecten van gebeurtenissen tussen hier en
wetenschappelijke heeft aandacht voor gelijkenissen elders
consensus en verschillen tussen vroeger
Objectief: gebaseerd vermijdt stereotyperingen en en nu
op feiten en biedt een vooroordelen …
overzicht op het bekijkt de werkelijkheid vanuit
volledige plaatje verschillende invalshoeken
Betrouwbaar: Geef maakt een onderscheid tussen feit
inhoud die en mening
(hoogstwaarschijnlijk) besteedt niet alleen aandacht
overeenkomt met de aan problemen maar wijst ook op
werkelijkheid door je mogelijke oplossingen
te baseren op heeft aandacht voor de
informatie uit een standplaatsgebondenheid (vanuit mijn
geloofwaardige bron. standplaats terugkijken naar ergens
anders op de wereld)
Inhoud Is juist in woord en beeld
Kritisch kijken naar onderwijsmethodes
1. Vergaar kennis over het onderwerp
- De stappen van het zoekproces
- CRAAP
2. Kritisch onderzoeken van de
methode
- Voldoet ze aan de didactische
aandachtspunten van M&M?
- Moeilijkheden voor leerlingen?
- Is de methode
functioneel/doelgericht voor mijn
les?
3. Selecteer en stuur bij als leerkracht
Betrouwbaarheid beoordelen
Door te kijken naar:
• De identiteit van de maker van de bron
• De tijd en ruimte waarin de maker leeft
• De beschikbare informatie waarover de
maker beschikt
• De bedoeling waarmee de bron gemaakt
is
• Eerdere informatie of bronnen die de
maker gehanteerd heeft.
→ CRAAP als hulpmiddel
1
,Maar niet alles is zwart-wit:
Kadering is belangrijk
Stel zaken in vraag
Historische info blijft langer actueel
Iets kan actueel, maar niet correct zijn
Iets wat NU geldt, was niet noodzakelijk VROEGER ook waar en zal niet
noodzakelijk LATER ook zo zijn
maatschappij
democratie en rechtstaat
1.1Macht
Macht is een moeilijk te omschrijven, maar essentieel onderdeel van politiek. Bij macht
draait het hem om de invloed die je als actor kan uitvoeren op andere actoren. Om samen
te vatten, kan je stellen dat macht de volgende kenmerken heeft:
Intentioneel: doelbewust uitvoeren
Effectief: het leidt tot resultaat
daad en vermogen: Effectieve daad van macht uitgelokt door iemand die macht
en vermogen heeft
asymmetrisch: de machthebbende heeft meer overheersing over machtssubject
dan machtssubject over de machthebbende.
Machtsmiddelen: dwang of geweld, maatschappelijke steun, relaties en netwerken,
deskundigheid
Latente macht: macht hebben zonder deze uit te oefenen
Mensen gaan anticiperen op de reactie van de machthebbende om in te spelen op
de wensen van de machthebbende of om een terechtwijzing van de
machthebbende te vermijden.
Bv. Je bent op tijd bij je stage, ook al wordt dit niet gecontroleerd
1.2Democratie
Democratie is het bestuur van, voor en door het volk
1.3de drie machten
Scheiding der machten geïntroduceerd door De Montesquieu
Scheiding der machten behoort tot de basisbeginselen van een democratie. Bij die
scheiding draait het om het verspreiden van de macht over verschillende instellingen.
Machtsmisbruik vermijden
1.4verkiezingen
Verkiezingen zijn de
vertaling van een
democratisch
gedachtengoed naar
de realiteit. Ze zijn dan
ook de kern van het
democratisch bestel.
2
, Inspraak van burger en wil van volk wordt duidelijk gemaakt aan de
beleidvoerders
Uitverkorene kiezen die het volk vertegenwoordigt in een parlement
Hoe meer verkozenen binnen een partij, hoe meer inkomsten voor die partij
1.4.1 evolutie in verkiezingen in België
Voor 1918: meer financiële middelen = meer stemmen
1918: algemeen stemrecht: elke mannelijke Belg mag stemmen
1948: stemrecht voor vrouwen
Nu: elke Belgische burger die beschikt over zijn/haar rechten en ouder is dan 18
moet gaan stemmen
Opkomstplicht! = plicht om aan te melden bij kiesbureau, stemmen is niet
verplicht
Sinds juli 2021 opkomstplicht vervallen bij lokale verkiezingen
1.4.2 het Belgische kiesstelsel
In België kennen we een stelsel gebaseerd op evenredigheid. Dat betekent dat een partij
het aantal zetels krijgt in verhouding met het aantal stemmen die de partij behaalde.
Er is wel een drempel ingebouwd. Je moet als partij meer dan 5% van de stemmen halen
om te mogen zetelen in het parlement. Die drempel wordt de kiesdrempel genoemd.
We kennen in België een aantal niveaus waarvoor we naar de stembus trekken:
gemeentelijk en het provinciaal niveau
regionale niveau: 6 kieskringen die overeenkomen met Vlaamse provincies en
het grondgebied van het Brussels gewest
federale niveau: Voor de federale kamer van Volksvertegenwoordigers zijn er elf
kieskringen. Ook hier komen die overeen met de 10 Belgische provincies en de
oppervlakte van Brussels Hoofdstedelijk Gewest.
Europese niveau: we stemmen ook voor het Europees parlement en daar is het
Belgisch grondgebied opgedeeld in drie kieskringen (Vlaams, Franstalig en
Duitstalig).
1.4.3 de verkiezingen in praktijk
Voor de verkiezingen
1. Politieke partijen stellen hun programma voor: hun actiepunten en standpunten
2. Lijsten met kandidaten
o Plaats op de lijst: hoe hoger, hoe groter de kans om verkozen te worden
3. Verkiezingscampagne
De dag van de verkiezingen
1. Geldig stemmen Kan ook via volmacht te verlenen aan andere kiezer als je
belemmerd bent om zelf te gaan
2. Ongeldig stemmen Op meerdere partijen, tekeningen gemaakt, …
3. Blanco stemmen Niets invullen op de stembrief
Na de verkiezingen
Stemmen tellen en zetels verdelen volgens systeem D’Hont
Winnaars nemen initiatief om tot overeenkomsten te komen met andere partijen
Doel = overeenkomst sluiten en meerderheid van de stemmen vertegenwoordigen
Leidende coalitie
Lokale verkiezingen vanaf 2021 een nieuwe regeling
= persoon met het meeste stemmen van de grootste fractie van de coalitie automatisch
de burgemeester wordt. Daarnaast zal het belang van de lijststem verminderen en zijn
het aantal voorkeursstemmen bepalend
Mensen- en kinderrechten
3
, Mensenrechten zijn die rechten die voor elk mens van fundamenteel belang zijn om een
waardig (veilig en vrij) leven uit te bouwen.
2.1 mensenrechten
2.1.1 van gewoonterecht naar codificatie van het recht
In elke gemeenschap = afspraken, regelementen, wetten die de rechten en
plichten van elk lid omschrijven. Ze vormen de voorwaarde voor een aangenaam
samenleven en doeltreffend samenwerken.
Eerst aanvankelijk mondeling (gewoonterecht), uiteindelijk neergeschreven of
gecodificeerd
2.1.2 de opkomst van de mensenrechten
Hoe mondialer de wereld en hoe meer maatschappelijke problemen, hoe meer er
gestreefd werd naar een universele aanpak over de manier van mensen
behandelen
1948: Universele Verklaring voor de Rechten van de Mens (UVRM) door de
algemene vergadering van de VN aangenomen + basis voor het Europees Verdrag
voor de Rechten van de Mens. Europees verdrag is rechtsgeldig via de Europese
rechtbank
2.1.3 drie groepen mensenrechten
De burgerlijke en politieke rechten
recht op fysieke integriteit, recht op vrijheid en veiligheid, recht op een eerlijk
proces en het hebben van rechten als verdachte, je hebt een aantal individuele
rechten en een aantal politieke rechten.
staan in een internationaal verdrag
De economische, sociale en culturele rechten
het principe van geleidelijke realisatie, arbeidsrechten, recht op sociale zekerheid,
recht op een familie leven, recht op een behoorlijke levensstandaard, het recht op
gezondheid, het recht op onderwijs en ten slotte het recht op deelname aan
cultureel leven
geleidelijke realisatie = niet verplicht om tegen een bepaalde datum dit recht te
verzekeren
staan in een internationaal verdrag
De solidariteitsrechten
ontstaan na de dekolonisatiebeweging
recht op vrede, recht op een gezond milieu en recht op zelfbestuur
2.2 kinderrechten
2.2.1 kinderrechtenverdrag
1924 Verklaring Genève goedgekeurd
1948 Verklaring van de Rechten van de mens
o Kinderen = objecten
o Zwak normatief karakter
o Geen harde juridische garanties
o Morele code, intentieverklaring
20 november 1989 kinderrechtenverdrag unaniem aangenomen door de
Algemene vergadering VN
o Ondertekening en ratificatie van het verdrag door verschillende lidstaten
van UNO
o = morele verbintenis om verdrag te ratificeren + geen maatregelen meer
tegen verdrag
4
algemeen
Inleiding leergebied ‘mens en maatschappij’
Vakdidactiek mens en maatschappij
De inhoud van M&M…
Is juist in woord en beeld Geeft een genuanceerd beeld Legt verbanden
Actueel: geen behandelt meerdere aspecten van het tussen
verouderde maatschappelijk leven oorzaken en
informatie. besteedt vooral aandacht aan het gevolgen en
Correct: juiste gewone en niet aan het uitzonderlijke of behandelt niet
inhouden waarover er kadert het uitzonderlijke in zijn context enkel de
maatschappelijke besteedt aandacht aan positieve en neg symptomen
en/of atieve aspecten van gebeurtenissen tussen hier en
wetenschappelijke heeft aandacht voor gelijkenissen elders
consensus en verschillen tussen vroeger
Objectief: gebaseerd vermijdt stereotyperingen en en nu
op feiten en biedt een vooroordelen …
overzicht op het bekijkt de werkelijkheid vanuit
volledige plaatje verschillende invalshoeken
Betrouwbaar: Geef maakt een onderscheid tussen feit
inhoud die en mening
(hoogstwaarschijnlijk) besteedt niet alleen aandacht
overeenkomt met de aan problemen maar wijst ook op
werkelijkheid door je mogelijke oplossingen
te baseren op heeft aandacht voor de
informatie uit een standplaatsgebondenheid (vanuit mijn
geloofwaardige bron. standplaats terugkijken naar ergens
anders op de wereld)
Inhoud Is juist in woord en beeld
Kritisch kijken naar onderwijsmethodes
1. Vergaar kennis over het onderwerp
- De stappen van het zoekproces
- CRAAP
2. Kritisch onderzoeken van de
methode
- Voldoet ze aan de didactische
aandachtspunten van M&M?
- Moeilijkheden voor leerlingen?
- Is de methode
functioneel/doelgericht voor mijn
les?
3. Selecteer en stuur bij als leerkracht
Betrouwbaarheid beoordelen
Door te kijken naar:
• De identiteit van de maker van de bron
• De tijd en ruimte waarin de maker leeft
• De beschikbare informatie waarover de
maker beschikt
• De bedoeling waarmee de bron gemaakt
is
• Eerdere informatie of bronnen die de
maker gehanteerd heeft.
→ CRAAP als hulpmiddel
1
,Maar niet alles is zwart-wit:
Kadering is belangrijk
Stel zaken in vraag
Historische info blijft langer actueel
Iets kan actueel, maar niet correct zijn
Iets wat NU geldt, was niet noodzakelijk VROEGER ook waar en zal niet
noodzakelijk LATER ook zo zijn
maatschappij
democratie en rechtstaat
1.1Macht
Macht is een moeilijk te omschrijven, maar essentieel onderdeel van politiek. Bij macht
draait het hem om de invloed die je als actor kan uitvoeren op andere actoren. Om samen
te vatten, kan je stellen dat macht de volgende kenmerken heeft:
Intentioneel: doelbewust uitvoeren
Effectief: het leidt tot resultaat
daad en vermogen: Effectieve daad van macht uitgelokt door iemand die macht
en vermogen heeft
asymmetrisch: de machthebbende heeft meer overheersing over machtssubject
dan machtssubject over de machthebbende.
Machtsmiddelen: dwang of geweld, maatschappelijke steun, relaties en netwerken,
deskundigheid
Latente macht: macht hebben zonder deze uit te oefenen
Mensen gaan anticiperen op de reactie van de machthebbende om in te spelen op
de wensen van de machthebbende of om een terechtwijzing van de
machthebbende te vermijden.
Bv. Je bent op tijd bij je stage, ook al wordt dit niet gecontroleerd
1.2Democratie
Democratie is het bestuur van, voor en door het volk
1.3de drie machten
Scheiding der machten geïntroduceerd door De Montesquieu
Scheiding der machten behoort tot de basisbeginselen van een democratie. Bij die
scheiding draait het om het verspreiden van de macht over verschillende instellingen.
Machtsmisbruik vermijden
1.4verkiezingen
Verkiezingen zijn de
vertaling van een
democratisch
gedachtengoed naar
de realiteit. Ze zijn dan
ook de kern van het
democratisch bestel.
2
, Inspraak van burger en wil van volk wordt duidelijk gemaakt aan de
beleidvoerders
Uitverkorene kiezen die het volk vertegenwoordigt in een parlement
Hoe meer verkozenen binnen een partij, hoe meer inkomsten voor die partij
1.4.1 evolutie in verkiezingen in België
Voor 1918: meer financiële middelen = meer stemmen
1918: algemeen stemrecht: elke mannelijke Belg mag stemmen
1948: stemrecht voor vrouwen
Nu: elke Belgische burger die beschikt over zijn/haar rechten en ouder is dan 18
moet gaan stemmen
Opkomstplicht! = plicht om aan te melden bij kiesbureau, stemmen is niet
verplicht
Sinds juli 2021 opkomstplicht vervallen bij lokale verkiezingen
1.4.2 het Belgische kiesstelsel
In België kennen we een stelsel gebaseerd op evenredigheid. Dat betekent dat een partij
het aantal zetels krijgt in verhouding met het aantal stemmen die de partij behaalde.
Er is wel een drempel ingebouwd. Je moet als partij meer dan 5% van de stemmen halen
om te mogen zetelen in het parlement. Die drempel wordt de kiesdrempel genoemd.
We kennen in België een aantal niveaus waarvoor we naar de stembus trekken:
gemeentelijk en het provinciaal niveau
regionale niveau: 6 kieskringen die overeenkomen met Vlaamse provincies en
het grondgebied van het Brussels gewest
federale niveau: Voor de federale kamer van Volksvertegenwoordigers zijn er elf
kieskringen. Ook hier komen die overeen met de 10 Belgische provincies en de
oppervlakte van Brussels Hoofdstedelijk Gewest.
Europese niveau: we stemmen ook voor het Europees parlement en daar is het
Belgisch grondgebied opgedeeld in drie kieskringen (Vlaams, Franstalig en
Duitstalig).
1.4.3 de verkiezingen in praktijk
Voor de verkiezingen
1. Politieke partijen stellen hun programma voor: hun actiepunten en standpunten
2. Lijsten met kandidaten
o Plaats op de lijst: hoe hoger, hoe groter de kans om verkozen te worden
3. Verkiezingscampagne
De dag van de verkiezingen
1. Geldig stemmen Kan ook via volmacht te verlenen aan andere kiezer als je
belemmerd bent om zelf te gaan
2. Ongeldig stemmen Op meerdere partijen, tekeningen gemaakt, …
3. Blanco stemmen Niets invullen op de stembrief
Na de verkiezingen
Stemmen tellen en zetels verdelen volgens systeem D’Hont
Winnaars nemen initiatief om tot overeenkomsten te komen met andere partijen
Doel = overeenkomst sluiten en meerderheid van de stemmen vertegenwoordigen
Leidende coalitie
Lokale verkiezingen vanaf 2021 een nieuwe regeling
= persoon met het meeste stemmen van de grootste fractie van de coalitie automatisch
de burgemeester wordt. Daarnaast zal het belang van de lijststem verminderen en zijn
het aantal voorkeursstemmen bepalend
Mensen- en kinderrechten
3
, Mensenrechten zijn die rechten die voor elk mens van fundamenteel belang zijn om een
waardig (veilig en vrij) leven uit te bouwen.
2.1 mensenrechten
2.1.1 van gewoonterecht naar codificatie van het recht
In elke gemeenschap = afspraken, regelementen, wetten die de rechten en
plichten van elk lid omschrijven. Ze vormen de voorwaarde voor een aangenaam
samenleven en doeltreffend samenwerken.
Eerst aanvankelijk mondeling (gewoonterecht), uiteindelijk neergeschreven of
gecodificeerd
2.1.2 de opkomst van de mensenrechten
Hoe mondialer de wereld en hoe meer maatschappelijke problemen, hoe meer er
gestreefd werd naar een universele aanpak over de manier van mensen
behandelen
1948: Universele Verklaring voor de Rechten van de Mens (UVRM) door de
algemene vergadering van de VN aangenomen + basis voor het Europees Verdrag
voor de Rechten van de Mens. Europees verdrag is rechtsgeldig via de Europese
rechtbank
2.1.3 drie groepen mensenrechten
De burgerlijke en politieke rechten
recht op fysieke integriteit, recht op vrijheid en veiligheid, recht op een eerlijk
proces en het hebben van rechten als verdachte, je hebt een aantal individuele
rechten en een aantal politieke rechten.
staan in een internationaal verdrag
De economische, sociale en culturele rechten
het principe van geleidelijke realisatie, arbeidsrechten, recht op sociale zekerheid,
recht op een familie leven, recht op een behoorlijke levensstandaard, het recht op
gezondheid, het recht op onderwijs en ten slotte het recht op deelname aan
cultureel leven
geleidelijke realisatie = niet verplicht om tegen een bepaalde datum dit recht te
verzekeren
staan in een internationaal verdrag
De solidariteitsrechten
ontstaan na de dekolonisatiebeweging
recht op vrede, recht op een gezond milieu en recht op zelfbestuur
2.2 kinderrechten
2.2.1 kinderrechtenverdrag
1924 Verklaring Genève goedgekeurd
1948 Verklaring van de Rechten van de mens
o Kinderen = objecten
o Zwak normatief karakter
o Geen harde juridische garanties
o Morele code, intentieverklaring
20 november 1989 kinderrechtenverdrag unaniem aangenomen door de
Algemene vergadering VN
o Ondertekening en ratificatie van het verdrag door verschillende lidstaten
van UNO
o = morele verbintenis om verdrag te ratificeren + geen maatregelen meer
tegen verdrag
4