, 1. Mensen in groep
Het verhaal van Homo sapiens = in essentie een verhaal over het leven in groep
Rond verbondenheid en samenwerking
Onze niche is sociaal: we beschikken over een diepgeworteld gevoel van inclusie om dat
samenleven te bewaren
Vanaf onze geboorte maken we deel uit van een familie en gemeenschap, en het
leerproces dat zich vanaf dat moment voltrekt, speelt zich af binnen die sociale
context
Gedrag van Homo sapiens wil begrijpen = moet daarom vooral de sociaal
geconstrueerde wereld en de onderlinge beïnvloeding tussen mensen doorgronden.
Beginnen met
= ontleden van die individuele variatie en schrijven die toe aan persoonlijke disposities, de
omgeving en vooral de interactie tussen beide
Sociale cognitie
= het proces waarbij mensen sociale informatie interpreteren en een sociale identiteit
creëren
Beïnvloedt hoe ze gaan denken over zichzelf en anderen, inclusief de biases en
vooroordelen die daaruit voortkomen
Wanneer sociale identiteit sterk is + groep hecht = groepsgedrag vaak de overhand. De groep
wordt dan een superorganisme dat zichzelf verdedigt en in ééndracht handelt
Daarna:
Sociale beïnvloeding
= hoe mensen hun gedrag aanpassen in aanwezigheid van anderen en volgens de normen
van de groep
Tot slot:
Grootste troeven van de Homo sapiens : onze uitzonderlijke capaciteit tot samenwerking
, 1.1. Persoon-situatie debat
Kurt Lewin – formule B= f(P, E)
- Gedrag = B, functie van zowel
P = persoon
E = omgeving
= interactie P*E
= holistische visie = duidelijke breuk met het strikte stimulus-respons-denken van de
behavioristen, die gedrag vrijwel uitsluitend verklaarden vanuit externe prikkels
Benadruk: intern-gestuurde factoren (bv: motivatie en cognitie)
Onderbouwde de stelling met empirische observaties waarbij hij vooral de dynamiek
tussen persoonlijke kenmerken en de psychologische situatie centraal stelde
Life space (-Kurt Lewin)
= bepaalt wat iemand doet, gegevne zijn of haar dispositie
Lewin’s formule
=praktische uitwerking van het nature-nurture idee
= genetische aanleg (nature) komt pas tot uiting in wisselwerking met de situatie(nurture)
Toch : kloof bestaan tussen enerzijds het situationeel denken, geïnspireerd door het
behaviorism en de persoonlijheidstheorieën, die gedrag toeschreven aan stabiele disposities
van mensen
human relations-beweging van Taylor en Mayo
Ook al gezorgd voor betere werkcondities, toch niet altijd succesvol. Men ging ervan
uit dat er één op één relatie was tussen situatie en productieviteit op het werk
Stanford Prison Experiment – Zimbardo
= proefpersonene willekeurig de rol van bewaker of gedetineerde kregen en dan samen
werden opgesloten in een fictieve gevangenis op de universiteit van Stanford
De veronderstelling was dat rollen en context op zich ‘gewone’ mensen snel tiranniek
of submissief zouden maken
Zimbardo = claimde dat dit het geval vwas, bleek achteraf dat de bewakers actief
gestuurd werden om zich als beulen te gedragen
Mislukte poging om situationele dominantie te bewijzen
Aan de ander kant = persoonlijkheidsonderzoek dat tracht vanuit een psychometrische
invalshoek de verzameling eigenschappen te achterhalen
die de consistentie van een individuele persoon typeert
Persoonlijkheid wordt daarmee beschreven adhv 6
brede trekken:
Deze trekken stabiel = blijkt uit de vevindingen dat 40-60%
van de variantie in persoonlijkheidseigenschappen =
toegeschreven aan genetische gelijkenissen
, Persoon-situatie-debat – Walter Mischel
= persoonlijkheidstrekken minder goed zijn in het voorspellen van specifieke gedragingen
correlaties van een eigenschap gemeten in één situaite en enkele maanden later
opnieuw in een andere situatie liggen slechts rond 0,3
niet zo verwonderend: we weten immers dat een emotioneel evenwichtige
persoon die gemiddeld genomen een zeer standvastig leven leidt nog steeds
helemaal van streek kan geraken wanneer een situatie verandert
correlatiecoëfficiënt tussen situatie en gedrag, maar ook correlaties tussen
persoonlijkheid gemeten met enerzijds vragenlijsten en anderzijds gedragsmatige
testen zijn lager dan verwacht
1.1.1. “Situational strenght”
Situational strenght – Mishel
= onderscheid te maken tussen “sterke” en “zwakke” situaties
Alledaagse, weinig gestructureerde situaties met weinig of geen regels hebben
persoonseigenschappen een grote invloed
Extraverte persoon zich, zoals verwacht, sociaal en uitbundig gedragen
sterke situatie = met duidelijke regels + de invloed van persoonlijkheid kleiner en
domineert de context
de extraverte eigenschappen van voorgenoemde persoon worden gedempt