Written by students who passed Immediately available after payment Read online or as PDF Wrong document? Swap it for free 4.6 TrustPilot
logo-home
Document preview thumbnail
Preview 4 out of 115 pages
Summary

OZT4 leerjaar 2 samenvatting| Perioperatieve Verpleegkunde | Fontys

Document preview thumbnail
Preview 4 out of 115 pages

Samenvatting van OZT4 Perioperatieve Verpleegkunde aan Fontys Hogeschool, gericht op operatieve chirurgische procedures. De samenvatting behandelt anatomische positionering (intra-, retro-, extra- en subperitoneaal), mammaoperaties (lumpectomie en mastectomie), mammacarcinoom classificatie (LCIS, DCIS, invasief carcinoom), TNM-staging en behandelmodaliteiten. Daarnaast worden basis chirurgische knooptechnieken (onderhandse, bovenhandse en chirurgische knoop) en gynaecomastie behandeling uitgebreid besproken. Ideaal voor voorbereiding en practicum voorbereiding, met kernconcepten helder uitgelegd en goed gestructureerd.

Content preview

Samenvatting OZT4:



Inhoudsopgave
Inhoudsopgave ........................................................................................................ 1
Algemene uitleg: ...................................................................................................... 2
Mamma:.................................................................................................................. 3
Handhygiëne preoperatief: ..................................................................................... 18
Voortplantingsorganen van een vrouw: .................................................................... 20
Steriel afdekken + Firma Mölnlycke: ........................................................................ 53
Voortplantingsorganen van de man: ........................................................................ 57
Instrumenten: ........................................................................................................ 71
Urinewegen: .......................................................................................................... 88
Hechtmaterialen: ................................................................................................. 111




1

,Algemene uitleg:
• Intraperitoneaal: het orgaan ligt volledig in de buikholte en is bijna helemaal
omgeven door buikvlies (peritoneum). Het hangt vaak aan een mesenterium.
Voorbeelden: maag, lever, milt, dunne darm.
• Retroperitoneaal: het orgaan ligt achter het buikvlies. Alleen de voorkant is bedekt
door peritoneum. Voorbeelden: nieren, pancreas, aorta.
• Extraperitoneaal: het orgaan ligt buiten het buikvlies en heeft geen direct contact
met de buikholte. Dit is een verzamelnaam; retroperitoneaal en sub-
/infraperitoneaal vallen hier vaak onder.
• Subperitoneaal of infraperitoneaal: het orgaan ligt onder het buikvlies, meestal in
het bekken. Alleen de bovenkant is bedekt door peritoneum. Voorbeelden: blaas,
endeldarm, baarmoeder.

Je kunt het zo onthouden:

• intra = ín het buikvlies
• retro = áchter het buikvlies
• sub/infra = ónder het buikvlies
• extra = buiten het buikvlies in het algemeen




2

,Mamma:
Relevantie voor de praktijk:

- Laagcomplexe operatie van mamma.
- Mammapathologie:
• Bijv. Mammacarcinoom (1 op 7 vrouwen in NL) / benigne tumoren mama.



Mammacarcinoom: Een kwaadaardige tumor, zoals ductaal carcinoom, lobulair carcinoom.

Benigne tumoren mamma: Dit zijn niet-kankerachtige afwijkingen, zoals fibroadenoom,
cyste, papilloom.

Type Betekenis Voorbeeld
Benigne Goedaardig Fibroadenoom
Maligne Kwaadaardig Mammacarcinoom


Borstsparend (MST) = lumpectomie

MST = Mammabewarende/ borstsparende therapie.

Bij een borstsparende operatie wordt alleen de tumor met een klein randje gezond weefsel
verwijderd. De rest van de borst blijft behouden. Vaak volgt daarna nog bestraling.



Mastectomie = ablatio (okselklierresectie)

Bij een mastectomie wordt de gele brost verwijderd, inclusief het borstklierweefsel. Dit
gebeurt wanneer een borstsparende operatie niet mogelijk of niet voldoende is.




3

, Pathologie – mammacarcinoom:

Benigne vesus maligne tumoren: Benigne tumoren zijn goedaardig en verspreiden zich niet
terwijl maligne tumoren kwaadaardig zijn en kunnen uitzaaien. De specifieke vormen:

- Lobulair carcinoom in Situ (LCIS): Afwijkende cellen in de melkkliertjes; dit wordt
vaak gezien als een risicofactor voor het later ontwikkelen van borstkanker.
- Ductaal carcinoom in situ (DCIS): Kankercellen die zich nog binnen de melkgangen
bevinden en niet in het omringende weefsel zijn gegroeid.
- Invasief carcinoom: Kanker die wel is doorgegroeid in het omliggende weefsel en
zich verder kan verspreiden.



Ductaal carcinoom komt vaker voor.




Diagnostiek:

Om borstkanker vast te stellen worden verschillende onderzoeken gebruikt:

- Medische beeldvorming, zoals mammografie (röntgenfoto van de borst), echografie
en soms MRI
- Biopsie/punctie: er wordt weefsel of cellen uit de tumor gehaald om onder de
microscoop te onderzoeken.




4

Document information

Study
Uploaded on
May 4, 2026
Number of pages
115
Written in
2025/2026
Type
Summary
$5.95

Wrong document? Swap it for free Within 14 days of purchase and before downloading, you can choose a different document. You can simply spend the amount again.
Written by students who passed
Immediately available after payment
Read online or as PDF

Sold
3
Followers
0
Items
9
Last sold
1 month ago


Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Working on your references?

Create accurate citations in APA, MLA and Harvard with our free citation generator.

Working on your references?

Frequently asked questions