= biologische moleculen die oplosbaar zijn in apolaire solventen
↳ eerder hydrofoob
↳ meestal afgeleid → vetzuren
↳ vetten = groot deel vh lichaam
Functie:
1) energiebron/reserve
↳ vetten = goed oxideerbaar DUS goede E-bron
↳ vetzuren → lange koolstof waterstof-ketens ⇒ veel gereduceerd
↳ TAGs = triacylglycerolen = opslagvorm → vet ⇒ bevatten veel vetzuurstaarten
DUS leveren ↑ E → oxidatie
↳ vetweefsel (TAGs) = efficiënter DAN glycogeen qua energieopslag
↳ VEEL TAGs & weinig glycogeen
↳ TAGs ↓ H2O nodig VOOR opslag itt glycogeen (1g glycogeen ~ 2-3g H2O)
2) structurele functie → cel & weefsels
3) signaalmoleculen BV PiP2, fosfoinositiden & steroïden
↳ eicosanoïden = lipiden-achtige moleculen → 20 C-atomen
↳ meestal afgeleid → arachidonzuur
↳ signaal moleculen ⇒ inflammatie
BV prostaglandines (veroorzaken koorts, pijn → plaats → ontsteking, …)
BV thromboxanen → trombocyten (bloedstolling)
BV leukotriënen → (veroorzaken symptomen → asthma)
4) fysische barrière
↳ vet = thermisch isolerend, schokdemper
↳ plasmamembraan
Chemische structuur en eigenschappen van vetzuren & acylglycerolen
- acylgroepen = vetzuur(groepen) PAS OP ‘acetyl’ = azijnzuurgroep
Verzadigde vetzuren hun triviale namen (te kennen)
→ azijnzuur/ acetaat (C2)
→ propionzuur/ propionaat (C3)
→ boterzuur/ butyraat (C4)
→ myristinezuur/ myristaat (C14)
→ palmitinezuur/ palmitaat (C16)
→ stearinezuur/ stearaat (C18)
→ arachidezuur/ arachidaat (C20)
Onverzadigde vetzuren hun triviale namen (te kennen) & nomenclatuur
→ linoleenzuur (C18) [18:3(9,12,15)]
→ arachidonzuur (C20) [20:4(5,8,11,14)]
⇒ ALTIJD cis-vorm DUS HOE meer dubbele bindingen, HOE ronder de structuur
Nomenclatuur?
1) 18 C-atomen, 3 onverzadigde bindingen, (...) C-atomen/plaats → dubbele binding
- begint tellen → carboxyl uiteinde (-COO-)
2) begint tellen → methylgroep uiteinde TOT 1ste dubbele binding
1
, BV α-linoleenzuur = ω-3 vetzuur = gunstig ⇒ hart & vaatziekten voorkomen
BV linolzuur = ω-6 vetzuur ≠ gunstig; eerder inflammatie
Triacylglycerolen
= triglyceriden
↳ R = vetzuur gekoppeld
ALS ester
↳ 1 glycerol + 3 vetzuurstaarten (verzadigd & onverzadigd)
vetweefsel
2 soorten vetweefsel:
- Visceraal = echt in → buik, rond organen
- Subcutaan = onderhuids
2 soorten vetcellen:
- witte vetcellen/weefsel
- visceraal/abdominaal vetweefsel ⇒ risico kanker, hart & vaatziekten
- subcutaan vetweefsel = beschermend?
- bruine vetcellen
- warmte productie (histologie) → bevat thermogenines = eiwitten ⇒
lichaamsT reguleren DOOR H-gradiënt → lekken ipv ATP-synthase
Oorsprong van vetzuren in ons lichaam
- opname uit voeding (TAGs) → via darm → lymfe → bloedbaan → weefsels
- W gedistribueerd → bepaalde vorm
- chylomicronen = lipoproteïne ⇒bevatten VEEL TAGs
- TAGs = opgenomen → voeding; exogene lipiden
- vervoeren exogene lipiden
- vetzuren uit voeding W omgezet ⇒ TAGs voor opslag, verlengd, verkort, fosfolipiden,
… + eigen vetzuursamenstelling = bepaald DOOR voeding
- OOK neosynthese mogelijk = zelf aanmaken → vetzuren uit acetyl-CoA
We kunnen van suikers naar vetzuren
- glucose → pyruvaat → acetyl-CoA → vetzuur
Is die omzetting reversibel?
- vetzuurafbraak → acetyl-CoA → pyruvaat → gluconeogenese?
- acetyl-CoA KAN NIET → pyruvaat
- pyruvaat dehydrogenase werkt NIET in 2 richtingen
- ΔG°’ is te negatief (ALS dichter bij 0, miss WEL)
Vetzuursynthese
Acetyl-CoA
= startpunt MAAR bevindt zich → mitochondriën ipv cytoplasma
↳ vetzuursynthese = cytoplasma/cytosol
2