Written by students who passed Immediately available after payment Read online or as PDF Wrong document? Swap it for free 4.6 TrustPilot
logo-home
Summary

Leerpsychologie - samenvatting

Rating
-
Sold
-
Pages
115
Uploaded on
16-04-2026
Written in
2025/2026

Dit is een VOLLEDIGE samenvatting van het vak Leerpsychologie (H000358A). Het is een samenvatting van de cursus, de powerpoints en de notities die ik in de lessen bij de powerpoint maakte. Het kan zijn dat bij de preview de pagina's een beetje verschoven zijn, maar als je de samenvatting download zou het normaal juist moeten staan. Als er toch problemen zijn mag je mij altijd een mailtje sturen. Succes!!

Show more Read less
Institution
Course

Content preview

LEERPSYCHOLOGIE
HOOFDSTUK 0: WAT IS LEREN EN HOE KAN MEN LEREN BESTUDEREN?

Er bestaan weinig consensus over wat leren is => we kunnen binnen de literatuur meerdere definities onderscheiden

Onze definitie van leren kan je beschouwen als een werkdefinitie, in vergelijking met andere definities van leren heeft onze
definitie 3 belangrijke sterktes:

− 1) Ze is precies: ze geeft duidelijk aan wat wel en niet beschouwd kan worden als leren
− 2) Is breed genoeg: omvat een brede waaier aan vormen van leren
− 3) Is diep genoeg: is in overeenstemming met onderzoek in andere wetenschapsgebieden zoals de biologie, genetica…
Onze definitie is ook in overeenstemming met 2 fundamentele benaderingen binnen de leerpsychologie:

− Functionele benadering: toegespitst op het beschrijven van factoren die leren moduleren (= factoren die bepalen
wanneer leren optreedt) + het formuleren van abstracte tradities binnen de psychologie (vb: radicaal
behaviorisme, gedragsgenetica, …)
− Cognitieve benadering: gericht op het beschrijven van de mentale mechanismes die leren mediëren (= HOE leren
plaatsvindt)

1. WAT IS LEREN?


1.1 LEREN ALS ONTOGENETISCHE ADAPTATIE
Darwin VS. onze visie van leren
− DARWIN’S VISIE VAN LEREN
o Evolutie Darwin: hij focuste op fylogenetische adaptatie = aanpassing (van diersoorten) aan hun
omgeving over verschillende generaties heen
▪ Vb: nek van giraf, migratie van vissen van Afrika naar Zuid-Amerika
− ONZE VISIE VAN LEREN
o Leerpsychologie daarentegen kan je zien als de studie van ontogenetische adaptatie = aanpassing van
individuele organismes aan de omgeving tijdens het leven van dat organisme
De definitie van leren (zoals wij die gebruiken)

− Leren = observeerbare veranderingen in het gedrag van een bepaald organisme tijdens het leven van dat
organisme als gevolg van regelmatigheden in de omgeving.
o De rode kernwoorden vormen de definitie van adaptatie (= verandering tijdens het leven als gevolg van de
omgeving)
− Om te kunnen spreken van leren moet er dus aan 2 voorwaarden voldaan zijn:
o 1. Er is een observeerbare gedragsverandering tijdens het leven van het organisme
o 2. Die gedragsverandering is het gevolg van regelmatigheden in de omgeving
− Leren wordt dus gezien als een effect: een geobserveerde gedragsverandering die wordt toegeschreven aan een
element in de omgeving
− Is ESSENTIEEL binnen de psychologie:
o Net zoals evolutieleer essentieel is voor biologie, is leerpsychologie essentieel voor psychologie.
o Individuen passen zich tijdens hun leven voortdurend aan hun omgeving aan.
o Taak van leerpsychologen: zo goed mogelijk begrijpen hoe ontogenetische adaptatie werkt.

,1.2 MOEILIJKHEDEN BIJ HET TOEPASSEN VAN DE DEFINITIE VAN LEREN
Er kunnen verschillende problemen optreden als men wil bepalen of iets leren is, namelijk:

− 1) De verandering van gedrag kan op eender welk moment optreden tijdens het leven van een organisme
o We zien dus niet noodzakelijk een onmiddellijk effect
 Moeilijk om met zekerheid te besluiten dat leren is opgetreden, want verandering kan op later
moment optreden)

− 2) Er kan onenigheid bestaan over wat verstaan wordt onder ‘gedrag’ en dus wat telt als een verandering in gedrag
o Skinner helpt hierbij:
▪ Overt gedrag (zichtbaar); gedrag dat door anderen kan worden geobserveerd (vb lopen, praten…)
▪ Covert gedrag (onzichtbaar); gedrag dat alleen door de persoon zelf wordt ervaren (vb gedachten…)
o De principes voor de leerpsychologie gelden voor beide vormen. Het is nuttig om ook interne processen als
‘gedrag’ te zien

− 3) Het toepassen van de definitie van leren vereist een causale attributie
o Causale relaties kunnen niet rechtstreeks geobserveerd worden
▪ => je moet ze afleiden obv logische argumenten en empirische evidentie (= infereren)
▪ => het toepassen van de definitie impliceert dus het maken van assumpties over de oorzaken
o Er is geen observatie, maar hypothese over oorzaken van gedrag
o VOORBEELD 1: grijpreflex bij pasgeboren baby (stimuleren leidt tot gedrag en dan niet meer).
▪ Er zijn 2 mogelijke verklaringen:
• Hypothese 1: herhaaldelijk ervaren van stimulatie handpalm, vermindert de reactie op
stimulatie => verandering is een vorm van leren, want het is een effect van een
regelmatigheid in de omgeving
• Hypothese 2: vermindering omwille van spontane maturatie hersenen => verandering wordt
toegeschreven aan genetische veranderingen ipv aan de omgeving => verandering is hier
geen vorm van leren
 !!!!!! Observatie van gedragsverandering ≠ automatisch leren !!!!!!!
o VOORBEELD 2: “Verkeersdode”
▪ Begrip verwijst naar oorzaak van overlijden.
▪ Niet de situatie op zich is doorslaggevend, maar de inschatting van de directe oorzaak.
▪ Soms is oorzaak duidelijk, soms is onderzoek nodig.
 Zelfde bij leren: het gaat niet om de gedragsverandering op zich, maar om de toegeschreven oorzaak

Het toepassen van de definitie van leren impliceert het maken van assumpties over oorzaken
➔ Je moet een inschatting maken van de directe oorzaak vb. verkeerdode (doordenker 1 & 2)

,2. WELKE TYPES VAN LEREN KUNNEN WE ONDERSCHEIDEN?

Leren = impact van regelmatigheden in de omgeving op gedrag
Verschillende types leren = verschillende types regelmatigheden.

Overzicht types van leren:

− 1. Effecten van niet-contingente prikkelaanbieding
− 2. Klassieke conditionering
− 3. Operante conditionering
− 4. Complex leren
o Gemodereerd leren
o Effecten van meta-regelmatigheden


2.1 TYPES REGELMATIGHEDEN/PATRONEN IN DE OMGEVING

Het doel van de leerpsychologie is het begrijpen van de invloed van regelmatigheden in de omgeving op gedrag
Regelmatigheden in de omgeving = patronen in het voorkomen van gebeurtenissen in de omgeving. Patronen van
regelmatigheden kunnen heel simpel of complex zijn, maar omvatten steeds meer dan 1 gebeurtenis op 1 moment.
 Kan betrekking hebben op prikkels (stimuli) als gedragingen

Er bestaan verschillende soorten van patronen:
− Patroon over de tijd heen = 1 gebeurtenis die plaatsvindt op meer dan een 1 plaats en moment in de tijd
− Patroon over gebeurtenissen heen = verschillende gebeurtenissen die samen voorkomen op 1 plaats en moment
in de tijd
− Patroon over zowel de tijd als over gebeurtenissen heen = verschillende gebeurtenissen die samen voorkomen op
meerdere momenten in de tijd
We kunnen dus spreken van een patroon indien:
− Er 1 gebeurtenis bij betrokken is die plaatstvindt op meer dan 1 plaats/moment in de tijd
− Verschillende gebeurtenissen samen voorkomen op 1 plaats/moment in de tijd
− Verschillende gebeurtenissen samen voorkomen op meerdere plaatsen/momenten in de tijd

Er zijn 3 soorten regelmatigheden:
− 1) Regelmatigheden in het voorkomen van 1 bepaalde prikkel
o Onafhankelijk van andere gebeurtenissen
o Vb: hoeveel voedsel, hoe vaak komt het voor…
− 2) Regelmatigheden in het samen voorkomen van 2 prikkels
o Er is een verband (= contingenties) tussen de aanwezigheid van de ene prikkel en van de andere prikkel
o 1 gebeurtenis is genoeg om te spreken over regelmatigheid (= !!!! Is meer dan 1 prikkel op 1 moment !!!)
o Vb: vind je bepaald voedsel meer op bepaalde plaatsen
− 3) regelmatigheden in het samen voorkomen van een prikkel en een gedrag
o Er is geen verband tussen de aanwezigheid van een prikkel en het stellen van een bepaald gedrag
o Vb. krijg je bepaald voedsel als je aan de boom schudt
o Regelmatigheid in het voorkomen van 1 gedrag of 2 gedragingen (het louter oefenen van gedrag kan ook
invloed hebben op het gedrag
 Zijn gelinkt aan de 3 types van leren (zie verder)

Brede betekenis van een regelmatigheid

− 2 stimuli op éénzelfde moment => invloed op later gedrag
o Vb. eenmalig samen aanbieden van toon en pijnlijke shock => angstreactie bij de toon
− 1 stimuli op 2 momenten => invloed op later gedrag
o Vb. reactie op luide knal is de eerste keer sterker dan de 2 e keer (= habituatie)
− Priming => verandering in gedrag is te wijten aan een enkelvoudige stimulus en geen regelmatigheid
o !!!! GEEN VORM VAN LEREN

,2.2 DE 3 TYPES VAN LEREN + COMPLEX LEREN
Elk type van regelmatigheid kan een effect hebben op gedrag en kan dus aan de basis liggen van leren. We kunnen daarom
een onderscheid maken tussen verschillende types van leren op basis van het type van regelmatigheid dat
verantwoordelijk is voor de verandering in gedrag.

Traditioneel zijn er 3 types/effecten van leren:

− 1) Effecten van niet-contingente prikkelaanbieding
o Er treedt verandering op in gedrag als gevolg van een regelmatigheid in het voorkomen van 1 prikkel
o Niet-contingent = de prikkel aanbiedingen hebben effect ongeacht de verbanden met andere gebeurtenissen
o Vb: herhaalde knal => steeds minder heftige reactie (=habituatie)
− 2) Klassieke conditionering (= Pavloviaanse conditionering)
o Er treedt verandering op in gedrag als gevolg van een regelmatigheid in het samen voorkomen van 2 of
meerdere prikkels
o Vb: verband bel-voedsel => salivatie bel

!! Sommige onderzoekers gebruiken klassieke conditionering alleen als 1 van de 2 prikkels
biologische relevantie heeft!! ➔ Geen inhoudelijke reden om dit te beperken tot dat soort prikkels


− 3) Operante conditionering (= instrumentele conditionering)
o Er treedt verandering op in gedrag als gevolg van een regelmatigheid in het samen voorkomen van een
gedrag en een prikkel
o Operatie → regelmatigheden tussen prikkels en een klasse van gedragingen die allen dezelfde operatie
inhouden (vb: drukken op knop, ongeacht of het met linker- of rechtervinger is)
o Vb: lichtje: duwen-voedsel => vaker duwen
o Instrumentele conditionering = de operatie is een instrument voor het verkrijgen ve bepaald resultaat ~ Skinner

MAAR natuurlijk bestaan er ook veel complexere vormen van leren!

− Complex leren = gedragsverandering door meerdere regelmatigheden tegelijk (ipv gewoon toon => schok)
o Er zijn 2 soorten van complex leren (onderscheid wordt gemaakt obv standaard- en meta-regelmatigheden):
▪ 1) Gemodereerd/gemedieerd leren
• = meerdere gewone, standaardregelmatigheden beïnvloeden samen je gedrag
o Je leert niet uit 1 verband, maar uit een ketting van verbanden
o 1 stimulus krijgt betekenis via andere stimulus (je brein koppelt verbanden aan elkaar)
• Voorbeeld: sensory pre-conditioning → 2 standaard-regelmatigheden die elk 2 prikkels
omvatten (= denk aan vb computerscherm dat flikkert en luide knal die je erna hoort)
o Fase 1: oplichten USB-stick – flikkeren scherm (licht-toon)
o Fase 2: flikkeren scherm – luide knal (toon-schok)
o Test: oplichten USB-stick => ontlokt angst, ookal gebeurt er nog geen knal
▪ 2) Effecten van meta-regelmatigheden
• Gebaseerd op meta-regelmatigheden = meerdere regelmatigheden treden gelijktijdig op
o Je leert niet enkel losse verbanden, maar ook de relatie tussen verbanden
o Je leert een “regel over regels”
• Voorbeeld: relational matching to sample →
o Je ziet een paar zoals 3-3 (identiek)
▪ Dan moet je kiezen welk ander paar dezelfde relatie heeft
• 3-3 (identiek) => juist of 6-7 (verschillend) => fout
o Of indien het sample paar 5-8 is, => is het juiste 6-7 om te kiezen
 Je leert dus niet enkel cijfers zelf, maar ook of de relatie gelijk of verschillend is
 Het is dus niet ‘wat’ de stimulus is, dat belangrijk is, maar ‘hoe ze zich tov elkaar verhouden’
 Meta-regelmatigheden = gebeurtenis die aangeeft wat het resultaat zal zijn van gedrag

, OEFENVRAGEN
Oefenvraag 1: Als je zegt dat leren heeft plaatsgevonden, dan beweer je dat:

− A. er veranderingen zijn opgetreden in de hersenen
− B. een regelmatigheid in de omgeving een invloed heeft op gedrag
− C. er informatie wordt opgeslagen in het semantisch geheugen
− D. er beloningen worden aangeboden
 Juist antwoord: B

Oefenvraag 2

− Situatie:
o Fase 1: Toon → voedsel
o Fase 2: Hendel duwen → voedsel
o Testfase: Toon wordt aangeboden → rat duwt op de hendel
o De toon beïnvloedt dus het hendelduwen
− Keuzes:
o A. Klassieke conditionering
o B. Complex leren
o C. Operante conditionering
o D. Effect van niet-contingente prikkelaanbieding
 Juist antwoord: B – Complex leren
o Hier werken 2 regelmatigheden samen:
▪ 1. Toon – voedsel (klassiek)
▪ 2. Hendelduwen – voedsel (operant)
o In de testfase beïnvloedt de toon het operante gedrag (hendelduwen)
o Het gedrag wordt dus bepaald door het samenspel van meerdere regelmatigheden
 Dit is een voorbeeld van gemodereerd leren = een vorm van complex leren


2.3 MOEILIJKHEDEN BIJ BEPALEN VAN TYPE VAN LEREN
Het is niet altijd gemakkelijk om te bepalen welk type regelmatigheid verantwoordelijk is voor een verandering in gedrag
(en dus welk type van leren is opgetreden). In het dagelijkse leven zijn verschillende regelmatigheden vaak gelijktijdig
aanwezig => het is niet duidelijk welke regelmatigheden verantwoordelijk is voor welk gedrag

Tijdens het voorbeeld met het flikkerend computerscherm, veronderstelden we dat de geobserveerde verandering in
gedrag te wijten is aan het verband tussen het flikkeren van het scherm en het horen van een knal.

 Er is echter een alternatieve verklaring mogelijk.
o Het negatiever worden van de reactie kan ook samengaat met het herhaaldelijk ervaren van het flikkeren
van het scherm. Dit kan leiden tot een toename in de irritatie die de prikkel ontlokt. De geobserveerde
verandering in gedrag kan dus een voorbeeld zijn van het 1e type van leren en het 2e type.
− Vb. sensory pre-conditioning: geobserveerde verandering van gedrag is te wijten aan
o Verband tussen flikkeren van het scherm en het horen van een luide knal
o Herhaaldelijk ervaren van het flikkeren van het scherm
o !!! herhaaldelijke aanvaarding van luide knal ➜ andere prikkel lokken ook meer – reactie uit!
= ‘pseudoconditionering’
▪ => Pseudoconditionering: ontstaat wanneer het herhaaldelijke ervaren van een prikkel ervoor
zorgt dat andere prikkels een meer negatieve reactie uitlokken (ongeacht of de andere prikkels
systematisch samengingen met de luide knal)

Connected book

Written for

Institution
Study
Course

Document information

Summarized whole book?
Yes
Uploaded on
April 16, 2026
File latest updated on
May 21, 2026
Number of pages
115
Written in
2025/2026
Type
SUMMARY

Subjects

$16.21
Get access to the full document:

Wrong document? Swap it for free Within 14 days of purchase and before downloading, you can choose a different document. You can simply spend the amount again.
Written by students who passed
Immediately available after payment
Read online or as PDF

Get to know the seller

Seller avatar
Reputation scores are based on the amount of documents a seller has sold for a fee and the reviews they have received for those documents. There are three levels: Bronze, Silver and Gold. The better the reputation, the more your can rely on the quality of the sellers work.
mariecriminologie Universiteit Gent
Follow You need to be logged in order to follow users or courses
Sold
44
Member since
1 year
Number of followers
2
Documents
22
Last sold
2 weeks ago

4.4

7 reviews

5
3
4
4
3
0
2
0
1
0

Recently viewed by you

Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Working on your references?

Create accurate citations in APA, MLA and Harvard with our free citation generator.

Working on your references?

Frequently asked questions