d. Osteologie inleiding, het skelet
& zijn benamingen
Het skelet
Beenderen:
- harde, geelachtig-glanzende, elastische en levende organen
- staan voortdurend in wisselwerking met de rest vh lichaam
- rijk bevloeid, gemineraliseerd en constant veranderd steunweefsel
- stapelplaatsen voor calcium + fosfor ( zijn afh vd behoefte vanuit
die reserve die in het lichaam gemobiliseerd worden)
- vormen van bloed cellen = andere fysiologische functie
levende beenderen ≠ geconserveerde beenderen (in uitzicht heel
verschillend!)
Beenderen = mechanische bestanddelen : (3 functies)
- bieden steun aan zachte weefsels + vormen harde spil lichaam
behoud vorm (tegen zwaartekracht)
- beschermend omhulsel rond weke organen
- aanhechting aan gestreepte spieren werken als
hefboomarmen mobiliteit w mogelijk
Algemene vorm:
- korte beenderen (ossa brevia):
o bijna even groot in 3 richtingen (bv handwortelbeenderen)
o bevatten substantia spongiosa + omgeven door dunne laag
substantia compacta
- platte beenderen (ossa plana):
o bv schedel, schouderblad
o buitenste en binnenste harde laag substantia compacta
= tabula externa en tabula interna
deze lagen: substantia spngiosa = de diploë
- lange beenderen (ossa longa):
o holle beenschacht (diaphyse) w daarom pijpbeenderen
genoemd
o holtes bevatten spongieus beenweefsel
o buitenlaag bestaat uit compact been
& zijn benamingen
Het skelet
Beenderen:
- harde, geelachtig-glanzende, elastische en levende organen
- staan voortdurend in wisselwerking met de rest vh lichaam
- rijk bevloeid, gemineraliseerd en constant veranderd steunweefsel
- stapelplaatsen voor calcium + fosfor ( zijn afh vd behoefte vanuit
die reserve die in het lichaam gemobiliseerd worden)
- vormen van bloed cellen = andere fysiologische functie
levende beenderen ≠ geconserveerde beenderen (in uitzicht heel
verschillend!)
Beenderen = mechanische bestanddelen : (3 functies)
- bieden steun aan zachte weefsels + vormen harde spil lichaam
behoud vorm (tegen zwaartekracht)
- beschermend omhulsel rond weke organen
- aanhechting aan gestreepte spieren werken als
hefboomarmen mobiliteit w mogelijk
Algemene vorm:
- korte beenderen (ossa brevia):
o bijna even groot in 3 richtingen (bv handwortelbeenderen)
o bevatten substantia spongiosa + omgeven door dunne laag
substantia compacta
- platte beenderen (ossa plana):
o bv schedel, schouderblad
o buitenste en binnenste harde laag substantia compacta
= tabula externa en tabula interna
deze lagen: substantia spngiosa = de diploë
- lange beenderen (ossa longa):
o holle beenschacht (diaphyse) w daarom pijpbeenderen
genoemd
o holtes bevatten spongieus beenweefsel
o buitenlaag bestaat uit compact been