Psychologie en
rechtspsychologie
Inhoud
Inleiding in de psychologie als wetenschap (1).......................................................................................2
1. Wat is psychologie…?......................................................................................................................2
2. Perspectieven en stromingen.........................................................................................................5
3. Deelgebieden..................................................................................................................................9
Deel 1: onderzoeksmethode.................................................................................................................10
1. Wetenschappelijk onderzoek........................................................................................................10
2. Fenomeen en probleemstelling (als we onderzoek doen nr bepaald psychologisch principe/
fenomeen, dan eerst onderwerp v dat fenomeen in kaart brengen)................................................11
3. Onderzoeksvraag..........................................................................................................................11
4. Soort onderzoek, doelen, hypotheses..........................................................................................11
5. Benadering...................................................................................................................................12
6. Design (diverse soorten psychologisch onderzoek, geënt op de wetenschappelijke methode)...12
7. Dataverzamelingsmethoden (binnen gekozen design, mt we nog data verzamelen)...................14
8. Data-analyse.................................................................................................................................14
9. Rapportage (kennis uitdragen dmv rapport)................................................................................15
10. Sterktes en zwaktes...................................................................................................................15
Deel 2: psyschische stoornissen (gastcollege) (12)...............................................................................15
1. Relevantie.....................................................................................................................................15
2. Concept van een psychische stoornis...........................................................................................16
3. Geschiedenis van psychische stoornissen (=geschiedenis psychopathologie)..............................17
4. Classificatie psychische stoornissen..............................................................................................19
5. diagnostische cyclus......................................................................................................................29
7. forensische zorg in Belgie..............................................................................................................29
8. forensische expertise in belgie : we staan acxhter........................................................................30
Deel 2: thema geheugen (5).................................................................................................................30
1. Geheugen.....................................................................................................................................30
Deel 2: thema leren (4).........................................................................................................................52
1. Inleiding........................................................................................................................................52
Leren: proces waardoor ervaringen een blijvende verandering veroorzaken ih gedrag/ mentale
processen.........................................................................................................................................52
Eenvoudige & complexe vormen van leren:......................................................................................53
Deel 2: sociale psychologie (11) TOT HIER............................................................................................59
1. Reflectie sociale psychologie (vanaf p. 459)..................................................................................59
1
, 2. Sociale psychologie – vanaf hier sv bestuderen p. 70-94..............................................................67
Deel 3: inleiding in de rechtspsychologie – p. 94-101...........................................................................68
1. Inleiding........................................................................................................................................68
2. Geschiedenis van de rechtspsychologie........................................................................................68
3. Recht en psychologie: een paar apart...........................................................................................68
4. Mensvisie......................................................................................................................................69
Deel 3: reflectie & rechtspsychologische thema’s p. 102-112...............................................................70
1. RECHT & PSYCHOLOGIE: REFLECTIE..............................................................................................70
2. RECHTSPSYCHOLOGISCHE THEMA’S.............................................................................................70
Deel 3: getuigen: verklaringen en herkenningen – p112-130...............................................................70
Deel 3: thema verdachtenverhoor – p.130-141....................................................................................70
Deel 3: getuige-deskundige in de zaak Nikky-Verstappen - NIET ID SV.................................................70
Inleiding in de psychologie als wetenschap (1)
1. Wat is psychologie…?
Combinatie van ‘Psyche’ (ziel/ geest) & ‘Logos’ (rede)
->is verenging van wat ‘psychologie’ eig inhoudt: is meer dan enkel bestuderen vd geest
->studie van mentale processen (intern) & veruitwendiging hiervan (extern)
Denk aan experiment ‘suikerkick’ (verjaardagsfeestje, kinderen veel suiker): men ziet vaak
enkel wat ze verwachten, dus waarnemingen worden beïnvloed – experiment opbouwen dat
ook rekening zal houden met de verwachtingen
->bij experiment ‘suikerkick’: toepassen vd wetenschappelijke methode om geest & gedrag te
onderzoeken
Omschrijving psychologie
= wetenschap die aard & mogelijke oorzaken bestudeert van gevoelens, opvattingen, wensen
(tot hier intern) & gedragingen (externe, handelingen) van mensen
→psychologie omschrijft breed domein: dus veel specialisaties (deelgebieden: klemtoon op
bepaald soort gedrag/ aspect vh gedrag)
Komt vd grieken: psyche (geest) – grieken geloofde dat de geest op zichzelf & apart vh fysieke
lichaam bestond + logie (gebied van studie) => dus psychologie = ‘studie vd geest’
->nu hanteren psychologen bredere definitie
->psychologie is een breed veld, met vele specialisaties, maar in wezen is het de wetenschap
van gedrag & geestelijke processen
Dus psychologie nt enkel bezig met geestelijke processen, OOK met gedragingen :
psychologie beslaat interne geestelijke processen (indirect, bv. voelen, denken) +
externe waarneembare gedragingen (bv praten, glimlachen)
Psychologie is wetenschap: is gebaseerd op objectieve, verifieerbare gebeurtenissen
Psychologie ≠ psychiatrie
->klinisch psychologen: zij die mensen met psychische problemen diagnosticeren & die
mentale problemen behandelen – vanuit gedragskundige benadering (bestuderen gedrag om
zo te proberen wijzigen)
2
, <-> psychiaters (men denken vaak dat hetzelfde is: probleem dus erheen en die gt je
helpen): gaat diagnosticeren of er psychische stoornis aanwezig & die behandelen –
MAAR verschil: psychiater gaat vanuit zijn medische achtergrond ook medicatie
kunnen schrijven
= medische benadering (<->gedragskundige vr psycholoog)
Lang verleden, korte geschiedenis
Lang verleden: huis-, tuin- en keukenpsychologie, pseudopsychologie
->pseudopsychologie is zo oud als de mens zelf = intuïtieve kennis (we weten wat
‘normaal’ is & wat erbuiten valt) – zoeken nr verklaringen zit id mens zelf ingebakken
Korte geschiedenis: psychologie als wetenschap (1879)
->dus pseudopsychologie bestaat al zo lang als mens <-> psychologie als wetenschap
nog maar kort (vr objectieve & verifieerbare kennis over gedrag v mensen)
->intuïtieve kennis (pseudopsychologie) bleek nt altijd correct te zijn: dus psychologie
als wetenschap gekomen
Hoe bepalen of inzicht intuïtieve kennis (pseudopsychologie) OF wetenschappelijke
kennis is? : dmv kritisch denken
= vragen stellen over dat inzicht betreffende menselijk gedrag – adhv antwoorden op
die vragen kan je zien of intuïtief of wetenschappelijk onderbouwd is - 6 vragen:
1. Wat is bron vd informatie (wie komt ermee)?
= 1e wat je mt afvragen is of degene die de bewering doet, feitelijke kennis heeft
over het gevangeniswezen, of op zen minst advies heeft gevraagd aan iemand
met de vereiste expertise – afvragen of de bron iets te winnen heeft bij de
bewering (bv. medische doorbraak, financieel gewin bij nieuw middel?)
Bv. komt uit een studie – is die onafhankelijk? (bv. nood om na te gaan wnr
verdachte liegt mbt aanwezigheid bij bepaalde feiten: zijn instrumenten ontw
om te bepalen of iemand liegt/ niet – bij 1 vd instrumenten is men na het
onderzoek zijn eigen instrument gaan beoordelen -> dan weer nagaan of die
onderzoeker onafhankelijk was)
2. Is die informatie/ bewering een extreme uitspraak, of redelijk plausibel (gezien
de kennis die we reeds hebben): bv. ‘als iets te mooi blijkt om waar te zijn, is het
vaak zo’ (bv. stellen dat je wondermiddel hebt om iemand te verbieden te liegen:
in relatie tot bestaande wetenschappelijke kennis is dit zeer onwaarschijnlijk)
->niet te kritisch zijn, selectief: wnr kritisch zijn, bv. bij bewering over ‘doorbraak’,
of ‘revolutionair’, ‘beweringen in strijd met bestaande kennis’
3. Welk bewijs is er geleverd om die stelling te ondersteunen?
anektotisch bewijs (bv. enkelingen bevestigen ja ja klopt, heb wondermiddel
gezien)
= getuigenissen die ervaring van iemand/ enkelingen schetsen, maar ten
onrechte als wetenschappelijk bewijs gezien worden
->lijkt geloofwaardig, mr is slechts ervaring van enkele mensen – te riskant
om aan te nemen dat wat vr enkele mensen geldt, voor iedereen moet
gelden – wetenschappelijk bewijsmateriaal nodig (wetenschap. Onderzoek)
onderzoek waarbij men neutraal en systematisch opzoek ging naar data om
tot inzichten te komen
4. Bias/ vertekeningen?
= is de conclusie beïnvloedt door bias?
Emotionele basis : baseren op gevoelens bij zoeken naar antwoorden, gaat
ons leiden
Confirmation bias (bevestigingsbias): we hebben al een bepaald idee & gaan
opzoek naar informatie dat 1e idee bevestigd – als we info bekomen die
3
, basisidee tegenspreekt hebben we neiging om te herinterpreteren/ negeren
(om zo bij idee te blijven)
Expectancy bias: ook weer interpreteren naar eigen inzichten/ verwachtingen
5. Is die kennis/ stelling er alleen gekomen door gebruik te maken van gezond
verstand? Worden veevl voorkomende denkfouten vermeden?
->gezond verstand is goed, maar leidt niet tot wetenschappelijke inzichtingen:
hier hebben we systematisch onderzoek nodig – leidt enkel tot intuïtieve kennis
->meest voorkomende denkfout: aanname dat ‘gezond verstand’ substituut is
voor wetenschappelijk bewijs
->nog veel voorkomende is de ‘correlatie-causaliteit-denkfout’
6. Is de input/invalshoek die gegeven werd om tot stelling/ kennis te komen,
voldoende ruim?
->hebben we misschien nog andere wetenschappen/ disciplines nodig?
->door die 6 vragen kunnen we weten of intuïtieve of wetenschappelijke kennis is? (bv
anekdotisch bewijs, geen maatregelen tegen bias, enkel gezond verstand… = intuïtieve kennis)
“Eerste indruk”
Bv. nieuwe mensen ontmoeten, meteen 1e indruk over aantrekkelijkheid persoon : binnen 0.2
sec. & 1e indruk algemeen: binnen 30 sec.
->klopt die 1e indruk? Wrm doen we dat?
->we hebben maar weinig nodig om 1e indruk te maken: dr verbale uitingen & hoe iemand
eruit ziet
Verschillende manieren om psychologie te bedrijven: experimentele, doceren, toegepaste
= psychologie is meer dan je denkt, is breder terrein dan men aanneemt (nt alle psychologen
werken als therapeut, ook id sport, gevangenis, kerk…)
->ruwweg vallen psychologen uiteen in 3 soorten (verschillende groepen, mr wel overlap
want psychologen gaan verschillende functies uitoefenen) :
1. Experimenteel psychologen/ onderzoekspsychologen
= doet onderzoek naar elementaire psychologische processen (<-> toegepast
psycholoog)
->kleinste groep, mr voeren meeste onderzoek uit: creëert nieuwe psychologische
kennis
2. Docent psychologie
= primaire taak is onderwijs geven binnen grote diversiteit aan opleidingen (bv.
bacheloropleidingen, of univ…) + doen aan wetenschappelijk onderzoek + soms
mensen behandelen
3. Toegepast psychologen
= gaan de door de experimenteel psychologen (1) vergaarde kennis gebruiken om
problemen van mensen op te lossen (dmv training & ontwerpen gereedschappen of
psychologische behandelingen)
->werken op meest uiteenlopende plekken (bv. bedrijf, school, kliniek…)
->populairste specialisaties: arbeids- en organisatiepsychologen (A&O-psychologen)
Impact van de psychologie op dagelijkse leven: inzichten komen uit deelvlakken psychologie
Supermarkt (op welke hoogte/ gang producten liggen, ad kassa, kortingborden)
Datingbureaus (bv. reward theorie of attraction: wnr mensen gelijkaardig zijn vinden
ze elkaar aantrekkelijker – vragenlijsten om te zien of mensen matchen)
Onderwijs (bv. beeldmateriaal stimuleert leerproces)
…
Bekende voorbeelden uit dagelijks leven:
4
rechtspsychologie
Inhoud
Inleiding in de psychologie als wetenschap (1).......................................................................................2
1. Wat is psychologie…?......................................................................................................................2
2. Perspectieven en stromingen.........................................................................................................5
3. Deelgebieden..................................................................................................................................9
Deel 1: onderzoeksmethode.................................................................................................................10
1. Wetenschappelijk onderzoek........................................................................................................10
2. Fenomeen en probleemstelling (als we onderzoek doen nr bepaald psychologisch principe/
fenomeen, dan eerst onderwerp v dat fenomeen in kaart brengen)................................................11
3. Onderzoeksvraag..........................................................................................................................11
4. Soort onderzoek, doelen, hypotheses..........................................................................................11
5. Benadering...................................................................................................................................12
6. Design (diverse soorten psychologisch onderzoek, geënt op de wetenschappelijke methode)...12
7. Dataverzamelingsmethoden (binnen gekozen design, mt we nog data verzamelen)...................14
8. Data-analyse.................................................................................................................................14
9. Rapportage (kennis uitdragen dmv rapport)................................................................................15
10. Sterktes en zwaktes...................................................................................................................15
Deel 2: psyschische stoornissen (gastcollege) (12)...............................................................................15
1. Relevantie.....................................................................................................................................15
2. Concept van een psychische stoornis...........................................................................................16
3. Geschiedenis van psychische stoornissen (=geschiedenis psychopathologie)..............................17
4. Classificatie psychische stoornissen..............................................................................................19
5. diagnostische cyclus......................................................................................................................29
7. forensische zorg in Belgie..............................................................................................................29
8. forensische expertise in belgie : we staan acxhter........................................................................30
Deel 2: thema geheugen (5).................................................................................................................30
1. Geheugen.....................................................................................................................................30
Deel 2: thema leren (4).........................................................................................................................52
1. Inleiding........................................................................................................................................52
Leren: proces waardoor ervaringen een blijvende verandering veroorzaken ih gedrag/ mentale
processen.........................................................................................................................................52
Eenvoudige & complexe vormen van leren:......................................................................................53
Deel 2: sociale psychologie (11) TOT HIER............................................................................................59
1. Reflectie sociale psychologie (vanaf p. 459)..................................................................................59
1
, 2. Sociale psychologie – vanaf hier sv bestuderen p. 70-94..............................................................67
Deel 3: inleiding in de rechtspsychologie – p. 94-101...........................................................................68
1. Inleiding........................................................................................................................................68
2. Geschiedenis van de rechtspsychologie........................................................................................68
3. Recht en psychologie: een paar apart...........................................................................................68
4. Mensvisie......................................................................................................................................69
Deel 3: reflectie & rechtspsychologische thema’s p. 102-112...............................................................70
1. RECHT & PSYCHOLOGIE: REFLECTIE..............................................................................................70
2. RECHTSPSYCHOLOGISCHE THEMA’S.............................................................................................70
Deel 3: getuigen: verklaringen en herkenningen – p112-130...............................................................70
Deel 3: thema verdachtenverhoor – p.130-141....................................................................................70
Deel 3: getuige-deskundige in de zaak Nikky-Verstappen - NIET ID SV.................................................70
Inleiding in de psychologie als wetenschap (1)
1. Wat is psychologie…?
Combinatie van ‘Psyche’ (ziel/ geest) & ‘Logos’ (rede)
->is verenging van wat ‘psychologie’ eig inhoudt: is meer dan enkel bestuderen vd geest
->studie van mentale processen (intern) & veruitwendiging hiervan (extern)
Denk aan experiment ‘suikerkick’ (verjaardagsfeestje, kinderen veel suiker): men ziet vaak
enkel wat ze verwachten, dus waarnemingen worden beïnvloed – experiment opbouwen dat
ook rekening zal houden met de verwachtingen
->bij experiment ‘suikerkick’: toepassen vd wetenschappelijke methode om geest & gedrag te
onderzoeken
Omschrijving psychologie
= wetenschap die aard & mogelijke oorzaken bestudeert van gevoelens, opvattingen, wensen
(tot hier intern) & gedragingen (externe, handelingen) van mensen
→psychologie omschrijft breed domein: dus veel specialisaties (deelgebieden: klemtoon op
bepaald soort gedrag/ aspect vh gedrag)
Komt vd grieken: psyche (geest) – grieken geloofde dat de geest op zichzelf & apart vh fysieke
lichaam bestond + logie (gebied van studie) => dus psychologie = ‘studie vd geest’
->nu hanteren psychologen bredere definitie
->psychologie is een breed veld, met vele specialisaties, maar in wezen is het de wetenschap
van gedrag & geestelijke processen
Dus psychologie nt enkel bezig met geestelijke processen, OOK met gedragingen :
psychologie beslaat interne geestelijke processen (indirect, bv. voelen, denken) +
externe waarneembare gedragingen (bv praten, glimlachen)
Psychologie is wetenschap: is gebaseerd op objectieve, verifieerbare gebeurtenissen
Psychologie ≠ psychiatrie
->klinisch psychologen: zij die mensen met psychische problemen diagnosticeren & die
mentale problemen behandelen – vanuit gedragskundige benadering (bestuderen gedrag om
zo te proberen wijzigen)
2
, <-> psychiaters (men denken vaak dat hetzelfde is: probleem dus erheen en die gt je
helpen): gaat diagnosticeren of er psychische stoornis aanwezig & die behandelen –
MAAR verschil: psychiater gaat vanuit zijn medische achtergrond ook medicatie
kunnen schrijven
= medische benadering (<->gedragskundige vr psycholoog)
Lang verleden, korte geschiedenis
Lang verleden: huis-, tuin- en keukenpsychologie, pseudopsychologie
->pseudopsychologie is zo oud als de mens zelf = intuïtieve kennis (we weten wat
‘normaal’ is & wat erbuiten valt) – zoeken nr verklaringen zit id mens zelf ingebakken
Korte geschiedenis: psychologie als wetenschap (1879)
->dus pseudopsychologie bestaat al zo lang als mens <-> psychologie als wetenschap
nog maar kort (vr objectieve & verifieerbare kennis over gedrag v mensen)
->intuïtieve kennis (pseudopsychologie) bleek nt altijd correct te zijn: dus psychologie
als wetenschap gekomen
Hoe bepalen of inzicht intuïtieve kennis (pseudopsychologie) OF wetenschappelijke
kennis is? : dmv kritisch denken
= vragen stellen over dat inzicht betreffende menselijk gedrag – adhv antwoorden op
die vragen kan je zien of intuïtief of wetenschappelijk onderbouwd is - 6 vragen:
1. Wat is bron vd informatie (wie komt ermee)?
= 1e wat je mt afvragen is of degene die de bewering doet, feitelijke kennis heeft
over het gevangeniswezen, of op zen minst advies heeft gevraagd aan iemand
met de vereiste expertise – afvragen of de bron iets te winnen heeft bij de
bewering (bv. medische doorbraak, financieel gewin bij nieuw middel?)
Bv. komt uit een studie – is die onafhankelijk? (bv. nood om na te gaan wnr
verdachte liegt mbt aanwezigheid bij bepaalde feiten: zijn instrumenten ontw
om te bepalen of iemand liegt/ niet – bij 1 vd instrumenten is men na het
onderzoek zijn eigen instrument gaan beoordelen -> dan weer nagaan of die
onderzoeker onafhankelijk was)
2. Is die informatie/ bewering een extreme uitspraak, of redelijk plausibel (gezien
de kennis die we reeds hebben): bv. ‘als iets te mooi blijkt om waar te zijn, is het
vaak zo’ (bv. stellen dat je wondermiddel hebt om iemand te verbieden te liegen:
in relatie tot bestaande wetenschappelijke kennis is dit zeer onwaarschijnlijk)
->niet te kritisch zijn, selectief: wnr kritisch zijn, bv. bij bewering over ‘doorbraak’,
of ‘revolutionair’, ‘beweringen in strijd met bestaande kennis’
3. Welk bewijs is er geleverd om die stelling te ondersteunen?
anektotisch bewijs (bv. enkelingen bevestigen ja ja klopt, heb wondermiddel
gezien)
= getuigenissen die ervaring van iemand/ enkelingen schetsen, maar ten
onrechte als wetenschappelijk bewijs gezien worden
->lijkt geloofwaardig, mr is slechts ervaring van enkele mensen – te riskant
om aan te nemen dat wat vr enkele mensen geldt, voor iedereen moet
gelden – wetenschappelijk bewijsmateriaal nodig (wetenschap. Onderzoek)
onderzoek waarbij men neutraal en systematisch opzoek ging naar data om
tot inzichten te komen
4. Bias/ vertekeningen?
= is de conclusie beïnvloedt door bias?
Emotionele basis : baseren op gevoelens bij zoeken naar antwoorden, gaat
ons leiden
Confirmation bias (bevestigingsbias): we hebben al een bepaald idee & gaan
opzoek naar informatie dat 1e idee bevestigd – als we info bekomen die
3
, basisidee tegenspreekt hebben we neiging om te herinterpreteren/ negeren
(om zo bij idee te blijven)
Expectancy bias: ook weer interpreteren naar eigen inzichten/ verwachtingen
5. Is die kennis/ stelling er alleen gekomen door gebruik te maken van gezond
verstand? Worden veevl voorkomende denkfouten vermeden?
->gezond verstand is goed, maar leidt niet tot wetenschappelijke inzichtingen:
hier hebben we systematisch onderzoek nodig – leidt enkel tot intuïtieve kennis
->meest voorkomende denkfout: aanname dat ‘gezond verstand’ substituut is
voor wetenschappelijk bewijs
->nog veel voorkomende is de ‘correlatie-causaliteit-denkfout’
6. Is de input/invalshoek die gegeven werd om tot stelling/ kennis te komen,
voldoende ruim?
->hebben we misschien nog andere wetenschappen/ disciplines nodig?
->door die 6 vragen kunnen we weten of intuïtieve of wetenschappelijke kennis is? (bv
anekdotisch bewijs, geen maatregelen tegen bias, enkel gezond verstand… = intuïtieve kennis)
“Eerste indruk”
Bv. nieuwe mensen ontmoeten, meteen 1e indruk over aantrekkelijkheid persoon : binnen 0.2
sec. & 1e indruk algemeen: binnen 30 sec.
->klopt die 1e indruk? Wrm doen we dat?
->we hebben maar weinig nodig om 1e indruk te maken: dr verbale uitingen & hoe iemand
eruit ziet
Verschillende manieren om psychologie te bedrijven: experimentele, doceren, toegepaste
= psychologie is meer dan je denkt, is breder terrein dan men aanneemt (nt alle psychologen
werken als therapeut, ook id sport, gevangenis, kerk…)
->ruwweg vallen psychologen uiteen in 3 soorten (verschillende groepen, mr wel overlap
want psychologen gaan verschillende functies uitoefenen) :
1. Experimenteel psychologen/ onderzoekspsychologen
= doet onderzoek naar elementaire psychologische processen (<-> toegepast
psycholoog)
->kleinste groep, mr voeren meeste onderzoek uit: creëert nieuwe psychologische
kennis
2. Docent psychologie
= primaire taak is onderwijs geven binnen grote diversiteit aan opleidingen (bv.
bacheloropleidingen, of univ…) + doen aan wetenschappelijk onderzoek + soms
mensen behandelen
3. Toegepast psychologen
= gaan de door de experimenteel psychologen (1) vergaarde kennis gebruiken om
problemen van mensen op te lossen (dmv training & ontwerpen gereedschappen of
psychologische behandelingen)
->werken op meest uiteenlopende plekken (bv. bedrijf, school, kliniek…)
->populairste specialisaties: arbeids- en organisatiepsychologen (A&O-psychologen)
Impact van de psychologie op dagelijkse leven: inzichten komen uit deelvlakken psychologie
Supermarkt (op welke hoogte/ gang producten liggen, ad kassa, kortingborden)
Datingbureaus (bv. reward theorie of attraction: wnr mensen gelijkaardig zijn vinden
ze elkaar aantrekkelijker – vragenlijsten om te zien of mensen matchen)
Onderwijs (bv. beeldmateriaal stimuleert leerproces)
…
Bekende voorbeelden uit dagelijks leven:
4