Pagina 1 van 56
,Criminologie
Deel I. Wat is criminologie?
Hoofdstuk 1. Definitie van criminologie
Definitie
Een éénduidige definitie van criminologie bestaat niet
Criminologie wordt aanzien als “de wetenschap van de misdrijven en van de criminaliteit”
Wat bestudeert de criminologie?
Sedert begin van de 20e eeuw
Criminologie steeds meer aan belang gewonnen
Naar het eind van de 20e eeuw
Politieke partijen hebben het veiligheidsthema een stuk hoger op de politieke agenda geplaatst
Aandachtsverschuiving van theoretische naar toegepaste criminologie
De aandacht van de criminoloog van de misdaad en de misdadiger verder uitgebreid naar wangedrag of
sociaal aangepast gedrag
Term overlast kwam steeds meer aan bod – slachtoffer van crimineel gedrag kwam meer centraal staan
In de laatste decennia
Meer aandacht voor de criminaliteitsprocessen
Hoe komen bepaalde processen tot stand
Welke feiten leiden tot strafwetten;
Welke doen er verdwijnen
Recent
Toename van interesse voor élk afwijkend gedrag, ook als deze niet strafbaar is
Wat is het maatschappelijk belang van criminologie?
Het veiligheidsthema heeft in elke politieke partij een prominente plaats ingenomen
Met als gevolg; dat veiligheid en bij uitbreiding criminologie als wetenschap steeds meer aan te treffen is in het
dagelijks maatschappelijk leven
(On)veiligheid of afwijkend gedrag is inherent verbonden met ons maatschappelijk leven
o Kritieke criminologie
= Waarom gaat iets in/uit het strafwetboek?
o Decriminaliseringsprocessen
Feiten die enkele decennia nog in het strafwetboek stonden, zijn ondertussen geschrapt omdat
burgers de tijd rijp achter om (straf)wetten aan te passen
Voorbeelden:
Overspel, homofelie, landlopers
o Criminalisatieprocessen
Voorbeelden:
Cyberaanvallen, intrafamiliaal geweld
Pagina 2 van 56
,Criminologie is een eclectische wetenschap
Eclectisch = over verschillende wetenschappen breed
Criminologie bestaat niet op zichzelf als wetenschap maar is een multi- en interdisciplinaire wetenschap
Visies uit verschillende wetenschappen met betrekking tot criminaliteit samengebracht en wetenschappers zullen
uit verschillende disciplines hetzelfde fenomeen onderzoeken
Voornaamste wetenschappen:
Recht – kan de criminologie ondersteunen
Psychologie
Biologie – chemie
Wiskunde
Geneeskunde
Pagina 3 van 56
,Hoofdstuk 2. Historisch overzicht
De oude tijden
Criminaliteit is van alle tijden
Oude Griekenland wordt beschouwd als bakermat, maar in de oud Egyptische geschiedenis zijn ook al sporen van
teksten van misdrijven die staan beschreven in de hiërogliefen
Bij de Griekse en Romeinse wijsgeren vinden we tal van uitgangspunten over de oorsprong van criminaliteit!
Plato – ca. 427-347 voor Christus
Stelt dat armoede misdaad met zich meebrengt
De vrees voor een straf is sterk bepalend of een individu al dan niet een misdrijf zal plegen
Hij had al teksten geschreven over criminologie
Spartaanse opvoeding (heel streng) om ervoor te zorgen dat niemand opgevoed werd met een notie van
criminaliteit, maar hebzucht is er altijd geweest, waardoor misdrijven en misdaden er altijd zijn geweest
Aristoteles – 384-322 voor Christus
Leerling van Plato
Leermeester van A. De Grootte
Stelde dat niet enkel de belangen van de staat, maar ook van het individu van belang zijn bij de beoordeling van
een crimineel feit
Uitgangspunt: individu heeft zijn contract met de staat gebroken en het nadeel moet hersteld worden
Oog om oog, tand om tand principe
Salische wetten, 6e eeuw na christus, was een strafwetboek: “als je dit doet, dan krijg je dat als straf”.
Wie iemand vermoordde, zou schadevergoeding moeten betalen, wie deze niet betaalde, ging verbannen
worden/als slaaf tewerkgesteld worden bij de familie van het slachtoffer
Romeins recht
Het zwaartepunt van het Romeins recht ligt ontegensprekelijk op het burgerlijk recht
Dit lezen we al in de twaalftalenwet, waarin een aantal (summiere) verwijzingen staan naar criminele feiten
Middeleeuwen
Wetten waren meestal ongeschreven en niet gecodificeerd
Men baseerde zich vooral op gewoonterecht en dit binnen een vrij strikt geografisch gegeven
Weinig teksten m.b.t. de criminologie – er zijn gewoon weinig teksten (geen boekdrukkunst + alles werd besteed
aan kerk en kerkelijke rechtspraak)
Monniken (de enigen die konden schrijven) werden ingezet om kerkelijke teksten te schrijven
Straffen in de middeleeuwen
o Radbraken
o Verhanging
o Hand afhakken
o Maar vooral GEEN gevangenisstraffen
Pagina 4 van 56
,Salische wet – 6e eeuw
Een van de eerste wetboeken sinds de romeinen
In de meeste zaken was het uitgangspunt van de straffen => een geldboete
Thomas van Aquino – ca. 1225-1247
Bestudeerde de normen en waarden die een goed mens er moest op nahouden
Het was een zonde om deze normen en waarden niet na te leven
Om zonde weg te werken moest de overtreder schuld bekennen, vergiffenis vragen én boete doen
Hij zag een verband tussen armoede en het plegen van misdrijven – armoede grote invloed op criminaliteit
Thomas More – 1478-1535
Voorloper van de kritische criminologie
Stelde de vraag of een opgelegde straf door de overheid wel te rechtvaardigen is – want de overheid is de
veroorzaker van de criminaliteit door het onderdrukken en besteden van zijn burgers
Schreef een boek Utopia in 1516
Een denkbeeldig land waar er geen misdrijven bestaan en hij beschrijft hoe je hiertoe komt
Beschrijft dus hoe de samenleving er zou moeten uitzien
Maar zijn het eigenlijk wel misdrijven?
Iemand die een brood steelt omdat hij anders zou sterven van de honger
Moeten ze geholpen worden of gestraft worden?
Open gelaten voor discussie in de les
Inquisitie
Kerkelijke rechtbanken
Hadden als doel ketters op te sporen, te vervolgen en te straffen
Rechtbanken werkten volgens inquisitoir recht en hun bevoegdheden waren soms erg ruim!
Accusatoir systeem = openbaar en tegensprekelijk, gebaseerd op wetten
Inquisitoir systeem = geheim en schriftelijk, gebaseerd op rechtspraak
Pagina 5 van 56
, De klassieke school
Opkomst van de klassieke school in de criminologie is te situeren vanaf 1650
De “rede” is de maatstaf: alles draait rond de vrije wil en de rationaliteit die elke mens bezit
Montesquieu – 1689-1755
Hij zette zich af tegen het Ancien Régime:
o Scheiding der machten – heel belangrijk!!
o Gewaarborgde vrijheid in de grondwet
o Strenge en wrede straffen zijn in strijd met het vrijheidsprincipe – willekeur van gevangenschap
o Straffen moeten in verhouding zijn met gepleegd misdrijf (= proportionaliteitsprincipe)
o Ancien Régime = scheiding kerk en staat
De kerk hield de mensen dom
De staat hield de mensen arm
Rousseau – 1712-1778
Eigendom is de oorzaak van rivaliteit evenals de tegenstelling tussen rijkdom en armoede
Iedereen wordt geboren als een goed mens, het is de omgeving die hen corrumpeert
o Relatieve deprivatie
Als iedereen identiek hetzelfde zou hebben als eigendom, zou niemand jaloers moeten zijn op een
ander, waardoor men geen zaken zal stellen t.o.v. anderen om je eigen eigendom groter te maken
Gekend voor zijn sociaal-contract theorie
Gezag is pas wettig, als het ook zo erkend (gesteund) wordt door het volk
= volkssoevereiniteit
Beccaria – 1738-1794
Wordt algemeen beschouwd als de grondlegger van de Klassieke school binnen de criminologie
Een corrupte rechter, hij werd hierdoor ook heel rijk maar op een bepaald moment komt de koning Cambyses te
oor en hij stapt naar de rechter en vraagt “wat zou er gebeuren moest een rechter corrupt zijn, welke straf zou hij
krijgen?” en dan zei de rechter “hij zou levend gevild worden” en dan zei de koning dat hij dus zijn eigen straf had
uitgesproken!! Vel wordt over de stoel gelegd en de zoon wordt aangeduid als nieuwe rechter en moet recht
spreken op het vel van zijn eigen vader.
Eerste stappen in de wereld van de criminologie
Zijn uitganspunten houden tot op vandaag nog steeds stand: ZEER BELANGRIJK!!
1. Legaliteitsbeginsel
Individu mag niet gehinderd worden door het recht
Iemand mag niet belemmerd worden in zijn vrijheden
Rechten van de beschuldigde moeten worden beschermd – oprichting van de advocaten
2. Proportionaliteitsbeginsel
Opgelegde straf moet net volstaan zodat deze dergelijke handelingen niet meer opnieuw stelt
3. Subsidiariteitsbeginsel
De optimale straf = de minimale straf die toch effect sorteert
Altijd het lichtste strafmiddel gebruiken!
4. Gelijkheidsbeginsel
5. Publiciteitsbeginsel
6. Personaliteitsbeginsel
Als iemand een misdrijf pleegt, moet enkel DIE persoon gestraft worden en niet zijn omgeving
Bentham – 1748-1832
Pagina 6 van 56
,Criminologie
Deel I. Wat is criminologie?
Hoofdstuk 1. Definitie van criminologie
Definitie
Een éénduidige definitie van criminologie bestaat niet
Criminologie wordt aanzien als “de wetenschap van de misdrijven en van de criminaliteit”
Wat bestudeert de criminologie?
Sedert begin van de 20e eeuw
Criminologie steeds meer aan belang gewonnen
Naar het eind van de 20e eeuw
Politieke partijen hebben het veiligheidsthema een stuk hoger op de politieke agenda geplaatst
Aandachtsverschuiving van theoretische naar toegepaste criminologie
De aandacht van de criminoloog van de misdaad en de misdadiger verder uitgebreid naar wangedrag of
sociaal aangepast gedrag
Term overlast kwam steeds meer aan bod – slachtoffer van crimineel gedrag kwam meer centraal staan
In de laatste decennia
Meer aandacht voor de criminaliteitsprocessen
Hoe komen bepaalde processen tot stand
Welke feiten leiden tot strafwetten;
Welke doen er verdwijnen
Recent
Toename van interesse voor élk afwijkend gedrag, ook als deze niet strafbaar is
Wat is het maatschappelijk belang van criminologie?
Het veiligheidsthema heeft in elke politieke partij een prominente plaats ingenomen
Met als gevolg; dat veiligheid en bij uitbreiding criminologie als wetenschap steeds meer aan te treffen is in het
dagelijks maatschappelijk leven
(On)veiligheid of afwijkend gedrag is inherent verbonden met ons maatschappelijk leven
o Kritieke criminologie
= Waarom gaat iets in/uit het strafwetboek?
o Decriminaliseringsprocessen
Feiten die enkele decennia nog in het strafwetboek stonden, zijn ondertussen geschrapt omdat
burgers de tijd rijp achter om (straf)wetten aan te passen
Voorbeelden:
Overspel, homofelie, landlopers
o Criminalisatieprocessen
Voorbeelden:
Cyberaanvallen, intrafamiliaal geweld
Pagina 2 van 56
,Criminologie is een eclectische wetenschap
Eclectisch = over verschillende wetenschappen breed
Criminologie bestaat niet op zichzelf als wetenschap maar is een multi- en interdisciplinaire wetenschap
Visies uit verschillende wetenschappen met betrekking tot criminaliteit samengebracht en wetenschappers zullen
uit verschillende disciplines hetzelfde fenomeen onderzoeken
Voornaamste wetenschappen:
Recht – kan de criminologie ondersteunen
Psychologie
Biologie – chemie
Wiskunde
Geneeskunde
Pagina 3 van 56
,Hoofdstuk 2. Historisch overzicht
De oude tijden
Criminaliteit is van alle tijden
Oude Griekenland wordt beschouwd als bakermat, maar in de oud Egyptische geschiedenis zijn ook al sporen van
teksten van misdrijven die staan beschreven in de hiërogliefen
Bij de Griekse en Romeinse wijsgeren vinden we tal van uitgangspunten over de oorsprong van criminaliteit!
Plato – ca. 427-347 voor Christus
Stelt dat armoede misdaad met zich meebrengt
De vrees voor een straf is sterk bepalend of een individu al dan niet een misdrijf zal plegen
Hij had al teksten geschreven over criminologie
Spartaanse opvoeding (heel streng) om ervoor te zorgen dat niemand opgevoed werd met een notie van
criminaliteit, maar hebzucht is er altijd geweest, waardoor misdrijven en misdaden er altijd zijn geweest
Aristoteles – 384-322 voor Christus
Leerling van Plato
Leermeester van A. De Grootte
Stelde dat niet enkel de belangen van de staat, maar ook van het individu van belang zijn bij de beoordeling van
een crimineel feit
Uitgangspunt: individu heeft zijn contract met de staat gebroken en het nadeel moet hersteld worden
Oog om oog, tand om tand principe
Salische wetten, 6e eeuw na christus, was een strafwetboek: “als je dit doet, dan krijg je dat als straf”.
Wie iemand vermoordde, zou schadevergoeding moeten betalen, wie deze niet betaalde, ging verbannen
worden/als slaaf tewerkgesteld worden bij de familie van het slachtoffer
Romeins recht
Het zwaartepunt van het Romeins recht ligt ontegensprekelijk op het burgerlijk recht
Dit lezen we al in de twaalftalenwet, waarin een aantal (summiere) verwijzingen staan naar criminele feiten
Middeleeuwen
Wetten waren meestal ongeschreven en niet gecodificeerd
Men baseerde zich vooral op gewoonterecht en dit binnen een vrij strikt geografisch gegeven
Weinig teksten m.b.t. de criminologie – er zijn gewoon weinig teksten (geen boekdrukkunst + alles werd besteed
aan kerk en kerkelijke rechtspraak)
Monniken (de enigen die konden schrijven) werden ingezet om kerkelijke teksten te schrijven
Straffen in de middeleeuwen
o Radbraken
o Verhanging
o Hand afhakken
o Maar vooral GEEN gevangenisstraffen
Pagina 4 van 56
,Salische wet – 6e eeuw
Een van de eerste wetboeken sinds de romeinen
In de meeste zaken was het uitgangspunt van de straffen => een geldboete
Thomas van Aquino – ca. 1225-1247
Bestudeerde de normen en waarden die een goed mens er moest op nahouden
Het was een zonde om deze normen en waarden niet na te leven
Om zonde weg te werken moest de overtreder schuld bekennen, vergiffenis vragen én boete doen
Hij zag een verband tussen armoede en het plegen van misdrijven – armoede grote invloed op criminaliteit
Thomas More – 1478-1535
Voorloper van de kritische criminologie
Stelde de vraag of een opgelegde straf door de overheid wel te rechtvaardigen is – want de overheid is de
veroorzaker van de criminaliteit door het onderdrukken en besteden van zijn burgers
Schreef een boek Utopia in 1516
Een denkbeeldig land waar er geen misdrijven bestaan en hij beschrijft hoe je hiertoe komt
Beschrijft dus hoe de samenleving er zou moeten uitzien
Maar zijn het eigenlijk wel misdrijven?
Iemand die een brood steelt omdat hij anders zou sterven van de honger
Moeten ze geholpen worden of gestraft worden?
Open gelaten voor discussie in de les
Inquisitie
Kerkelijke rechtbanken
Hadden als doel ketters op te sporen, te vervolgen en te straffen
Rechtbanken werkten volgens inquisitoir recht en hun bevoegdheden waren soms erg ruim!
Accusatoir systeem = openbaar en tegensprekelijk, gebaseerd op wetten
Inquisitoir systeem = geheim en schriftelijk, gebaseerd op rechtspraak
Pagina 5 van 56
, De klassieke school
Opkomst van de klassieke school in de criminologie is te situeren vanaf 1650
De “rede” is de maatstaf: alles draait rond de vrije wil en de rationaliteit die elke mens bezit
Montesquieu – 1689-1755
Hij zette zich af tegen het Ancien Régime:
o Scheiding der machten – heel belangrijk!!
o Gewaarborgde vrijheid in de grondwet
o Strenge en wrede straffen zijn in strijd met het vrijheidsprincipe – willekeur van gevangenschap
o Straffen moeten in verhouding zijn met gepleegd misdrijf (= proportionaliteitsprincipe)
o Ancien Régime = scheiding kerk en staat
De kerk hield de mensen dom
De staat hield de mensen arm
Rousseau – 1712-1778
Eigendom is de oorzaak van rivaliteit evenals de tegenstelling tussen rijkdom en armoede
Iedereen wordt geboren als een goed mens, het is de omgeving die hen corrumpeert
o Relatieve deprivatie
Als iedereen identiek hetzelfde zou hebben als eigendom, zou niemand jaloers moeten zijn op een
ander, waardoor men geen zaken zal stellen t.o.v. anderen om je eigen eigendom groter te maken
Gekend voor zijn sociaal-contract theorie
Gezag is pas wettig, als het ook zo erkend (gesteund) wordt door het volk
= volkssoevereiniteit
Beccaria – 1738-1794
Wordt algemeen beschouwd als de grondlegger van de Klassieke school binnen de criminologie
Een corrupte rechter, hij werd hierdoor ook heel rijk maar op een bepaald moment komt de koning Cambyses te
oor en hij stapt naar de rechter en vraagt “wat zou er gebeuren moest een rechter corrupt zijn, welke straf zou hij
krijgen?” en dan zei de rechter “hij zou levend gevild worden” en dan zei de koning dat hij dus zijn eigen straf had
uitgesproken!! Vel wordt over de stoel gelegd en de zoon wordt aangeduid als nieuwe rechter en moet recht
spreken op het vel van zijn eigen vader.
Eerste stappen in de wereld van de criminologie
Zijn uitganspunten houden tot op vandaag nog steeds stand: ZEER BELANGRIJK!!
1. Legaliteitsbeginsel
Individu mag niet gehinderd worden door het recht
Iemand mag niet belemmerd worden in zijn vrijheden
Rechten van de beschuldigde moeten worden beschermd – oprichting van de advocaten
2. Proportionaliteitsbeginsel
Opgelegde straf moet net volstaan zodat deze dergelijke handelingen niet meer opnieuw stelt
3. Subsidiariteitsbeginsel
De optimale straf = de minimale straf die toch effect sorteert
Altijd het lichtste strafmiddel gebruiken!
4. Gelijkheidsbeginsel
5. Publiciteitsbeginsel
6. Personaliteitsbeginsel
Als iemand een misdrijf pleegt, moet enkel DIE persoon gestraft worden en niet zijn omgeving
Bentham – 1748-1832
Pagina 6 van 56