Korte Termijn Geheugens
Lange Termijn Geheugens
Zintuigelijke Geheugens? primaire geheugen
Secundaire geheugen
Sensorische geheugens Short term memory
Long term memory
Ultra korte termijn geheugens Werkgeheugen
Permanent geheugen
Onmiddelijke geheugen
het kleurt onze waarneming (eerder
een deel van de waarneming dan van Functie: Welke soorten Lange Termijn Geheugens onderscheiden
het geheugen?) we? (versch geheugensystemen)
- Nieuwe info bewerken en selecteren (in
functie vh LTG) - Expliciet/ declaratief geheugen (makkelijk onder
- KTG roept ook stukjes info op vanuit LTG om woorden brengen)
nieuw binnenkomende info te herkennen en Bewust opgeslagen, makkelijk op te roepen en te
te gebruiken verwoorden: beelden, feiten en gevoelens.
Vb/ hoe je je gisteren voelde onder woorden
Wat is de rol van de Korte Termijn Geheugens ?
brengen
Het lang genoeg onthouden van info, zodat we er iets
mee kunnen doen + het ook snel kunnen vergeten - Impliciet/ niet-declaratief geheugen
(anders massa’s info) Opgeslagen vaardigheden en automatismen, die
we niet bewust beleven, moeilijk uit te drukken in
= een tijdelijke opslag van feiten, ervaringen, woorden.
gebeurtenissen en inhouden Vb/ uitleggen hoe je hebt leren fietsen, kan wel
Noodz bij: zin lezen, gesprek voeren, ‘kladblok’ bij maar daardoor kan je het niet
problemen oplossen, oriënteren in plaats en ruimte, Hier behoren ook conditioneringen en priming
… (makkelijk info verwerken die we eerder gezien
hebben, eerder in de lijst stonden bv) toe.
Welke soorten KorteTermijn Geheugens
onderscheiden we? (deze indeling is relatief: bepaalde zaken eerst in het
expliciet dan in het impliciet, vb autorijden)
- Fonologische lus (klanken)
- Visuospatieel schetspad (kort beelden - Episodisch geheugen/ autobiografisch of
vasthouden) levensloop geheugen
- Centraal uitvoerend systeem (stuurt onze Bepaalde persoonlijke ervaringen vroeger +
aandacht) kortgeleden ervaringen
- Episodische buffer (integreert verschillende De info is verbonden met specifieke tijd en plaats.
delen (F, V, C) van ons KTG en maakt zo de
, Zo makkelijk oproepen.
Vanaf 3 jaar + meestal emotioneel geladen
gebeurtenissen
Opvallend: vooral ervaringen tussen 10 en 30j w
herinnert: reminiscentiebult.
Belangrijk voor onze persoonlijke ID (ik-
gevoel)
Vb/ wat je vorige week deed, waar je je fiets
gelaten hebt, waar je je vriendin hebt leren
kennen,…
Zit bij je expliciet geheugen (je kan erover
vertellen) maar ook bij impliciet want er zijn ook
dingen die je je niet meer kan herinneren maar die
info begrijpelijk)
wel je persoonlijkheid nog bepalen.
Hebben beperkte capaciteiten en werken
- Semantisch geheugen/ weet- en kennisgeheugen
onafhankelijk van elkaar.
Van belang bij het onthouden van kennis over de
wereld.
= grote algemeenheidswaarde want ≠ gekoppeld
aan tijd of plaats -> geabstraheerde kennis
Vb/ je weet dat je moet stoppen voor een rood
licht, je weet wat een wortel is,…
->deel v expliciet geheugen
- Procedureel geheugen / vaardigheidsgeheugen
Helpt handelingen uitvoeren (moeilijk om te leren,
maar eens geleerd = automatisch)
Vb/ zwemmen, spreken,…(vaak dingen die je met
veel moeite leert, maar eens je het kan, kan je het
voor altijd) (ook moeilijk uit te drukken in
woorden wat je exact leerde)
Input
Van waar komt de informatie in de Van waar komt de informatie in de Korte Termijn KTG -> LTG
Lange Termijn Geheugens
Zintuigelijke Geheugens? primaire geheugen
Secundaire geheugen
Sensorische geheugens Short term memory
Long term memory
Ultra korte termijn geheugens Werkgeheugen
Permanent geheugen
Onmiddelijke geheugen
het kleurt onze waarneming (eerder
een deel van de waarneming dan van Functie: Welke soorten Lange Termijn Geheugens onderscheiden
het geheugen?) we? (versch geheugensystemen)
- Nieuwe info bewerken en selecteren (in
functie vh LTG) - Expliciet/ declaratief geheugen (makkelijk onder
- KTG roept ook stukjes info op vanuit LTG om woorden brengen)
nieuw binnenkomende info te herkennen en Bewust opgeslagen, makkelijk op te roepen en te
te gebruiken verwoorden: beelden, feiten en gevoelens.
Vb/ hoe je je gisteren voelde onder woorden
Wat is de rol van de Korte Termijn Geheugens ?
brengen
Het lang genoeg onthouden van info, zodat we er iets
mee kunnen doen + het ook snel kunnen vergeten - Impliciet/ niet-declaratief geheugen
(anders massa’s info) Opgeslagen vaardigheden en automatismen, die
we niet bewust beleven, moeilijk uit te drukken in
= een tijdelijke opslag van feiten, ervaringen, woorden.
gebeurtenissen en inhouden Vb/ uitleggen hoe je hebt leren fietsen, kan wel
Noodz bij: zin lezen, gesprek voeren, ‘kladblok’ bij maar daardoor kan je het niet
problemen oplossen, oriënteren in plaats en ruimte, Hier behoren ook conditioneringen en priming
… (makkelijk info verwerken die we eerder gezien
hebben, eerder in de lijst stonden bv) toe.
Welke soorten KorteTermijn Geheugens
onderscheiden we? (deze indeling is relatief: bepaalde zaken eerst in het
expliciet dan in het impliciet, vb autorijden)
- Fonologische lus (klanken)
- Visuospatieel schetspad (kort beelden - Episodisch geheugen/ autobiografisch of
vasthouden) levensloop geheugen
- Centraal uitvoerend systeem (stuurt onze Bepaalde persoonlijke ervaringen vroeger +
aandacht) kortgeleden ervaringen
- Episodische buffer (integreert verschillende De info is verbonden met specifieke tijd en plaats.
delen (F, V, C) van ons KTG en maakt zo de
, Zo makkelijk oproepen.
Vanaf 3 jaar + meestal emotioneel geladen
gebeurtenissen
Opvallend: vooral ervaringen tussen 10 en 30j w
herinnert: reminiscentiebult.
Belangrijk voor onze persoonlijke ID (ik-
gevoel)
Vb/ wat je vorige week deed, waar je je fiets
gelaten hebt, waar je je vriendin hebt leren
kennen,…
Zit bij je expliciet geheugen (je kan erover
vertellen) maar ook bij impliciet want er zijn ook
dingen die je je niet meer kan herinneren maar die
info begrijpelijk)
wel je persoonlijkheid nog bepalen.
Hebben beperkte capaciteiten en werken
- Semantisch geheugen/ weet- en kennisgeheugen
onafhankelijk van elkaar.
Van belang bij het onthouden van kennis over de
wereld.
= grote algemeenheidswaarde want ≠ gekoppeld
aan tijd of plaats -> geabstraheerde kennis
Vb/ je weet dat je moet stoppen voor een rood
licht, je weet wat een wortel is,…
->deel v expliciet geheugen
- Procedureel geheugen / vaardigheidsgeheugen
Helpt handelingen uitvoeren (moeilijk om te leren,
maar eens geleerd = automatisch)
Vb/ zwemmen, spreken,…(vaak dingen die je met
veel moeite leert, maar eens je het kan, kan je het
voor altijd) (ook moeilijk uit te drukken in
woorden wat je exact leerde)
Input
Van waar komt de informatie in de Van waar komt de informatie in de Korte Termijn KTG -> LTG