Psychologie
Hoofdstuk 3: Pavlovs hond en Thorndikes kat
Inleiding
Definitie van leren
-Een (blijvende) verandering in gedrag of mentale processen als gevolg van een
bepaalde ervaring
Reflexen, ‘instincten’
= soortspecifiek en genetisch geprogrammeerd gedrag (niet-flexibel)
Verschillende vormen van leren
- Habituatie: leren om niet meer te reageren op de herhaalde aanbieding van een
stimulus, door sensorische adaptatie
- Mere-exposure effect: aangeleerde voorkeur voor stimuli waaraan we al eerder
zijn blootgesteld
- SR-leren: vormen van leren die kunnen beschreven worden in termen van
Stimuli en Responses, zoals klassieke/ pavloviaanse en operante/ instrumentele
conditionering
- Cognitief en sociaal leren: leren waarbij mentale/ sociale processen moeten
meespelen
Hoe verklaart klassieke conditionering leren?
Een passief proces van SR leren waarbij een in eerste instantie neutrale stimulus het
vermogen verwerft om een aangeboren reflex (= onvoorwaardelijke reactie) op te
roepen door koppeling met een andere stimulus (= onvoorwaardelijke stimulus), die
van nature die reflex uitlokt
Zo wordt die neutrale stimulus een voorwaardelijke stimulus die een voorwaardelijke
reactie uitlokt
Pavlov en zijn hond
Er wordt getest hoeveel speeksel er wordt aangemaakt bij bepaalde stimuli
Klassieke conditionering
De terminologie wijzigt naarmate
de fase van conditionering
Neutrale stimulus: rat I ritselend
struikgewas
Onvoorwaardelijke stimulus: de grootmoeder begint te gillen (lokt angst uit) I hond die
eruit komt
1
,Je hebt de rest van je leven angst voor knaagdieren I je hebt de rest van je leven
angst voor honden
Watson en kleine Albert
Kleine kinderen zijn in het begin nergens bang van
Wanneer ze bij een witte muis 3 keer stalen staven tegen elkaar klopt, is kleine Albert
bang van de witte muis
Enkele kernconcepten
- Uitdoving: basis voor mogelijke behandeling angsten
- Spontaan herstel
- Prikkelgeneralisatie: uitbreiding naar andere (gelijkende) stimuli
- Prikkeldiscriminatie: vernauwing tot specifieke stimuli
- Hogere-ordeconditionering: N wordt CS die met nieuwe N wordt gekoppeld die
weer CS wordt
Hoe verklaart operante conditionering leren?
Een actief proces van SR leren waarbij consequenties (zoals beloningen en straffen)
de kans op herhaling beïnvloeden van het gedrag waarop ze volgen
De kat van Thorndike: puzzle-box
Trial-and-error leren & de wet van effect
Skinner’s radicale behaviorisme
- Skinner geloofde dat de krachtigste invloeden op gedrag de directe
consequenties van dat gedrag zijn
- Operant
o Observeerbaar, vrijwillig ( reflexen) gedrag met als doel invloed uit te
oefenen (= opereren) op de omgeving
Operante ruimte // Skinner-box
Zo kon hij de ratten belonen of straffen zoals hij wou
Operante conditionering
Operant gedrag: 4 consequenties
Hierover komt een vraag op het examen!
2
, Klassieke vs. operante
- Klassieke conditionering betreft het leren van een associatie/ verband tussen
twee stimiule (UCS + N/CS) die vóór de respons verschijnen
- Operante conditionering betreft een bekrachtigende (belonende) of bestraffende
stimulus die na de respons verschijnt
- Kunnen samenwerken…
Nabespreking
APOPO-ratten in actie
- Eerst klassieke, ‘pavloviaanse’ conditionering: ‘klikker’ wordt als neutrale
stimulus gekoppeld met voedsel als onvoorwaardelijke stimulus
- Vervolgens operante conditionering: ratten worden bekrachtigd voor detecteren
van mijngeur (TNT) met klikker, daarna prikkeldiscriminatie etc.
Klassieke & operante kunnen samenwerken
De reactie wordt positief bekrachtigd
Dia 11: Probabalistisch = zeer zelden alles of niets
Belang van Garcia & Koelling (1966)
Dit experiment toonde aan dat conditionering niet met elke arbitrair gekozen
onvoorwaardelijke en voorwaardelijke prikkels een verband kon tot stand brengen.
Een biologische predispositie (zoals het feit dat de ratten bij Garcia en Koelling
makkelijker leerden dat water met een zoete smaak tot misselijkheid leidt dan dat
datzelfde water tot een elektrische schok leidt) komt voort uit genetic preparedness =
een ‘tendens’ die door natuurlijke selectie in onze genen is voorgeprogrammeerd om
zo onze kansen op overleving te verhogen (bv., om rare smaken met misselijkheid te
associëren, en niet met schokken; en schokken met licht en geluid).
In tegenstelling tot wat radicale behavioristen dachten, kan je dus niet van elke
neutrale stimulus een voorwaardelijke stimulus maken.
Examenvraag 3
Positieve straf: als er iets wordt toegevoegd
Negatieve straf: als er iets wordt weggenomen
Voorbeeldexamenvragen kunnen op het echte examen komen (in andere vorm)!
Examenvraag 5
Zoiets komt sowieso op het examen
3
Hoofdstuk 3: Pavlovs hond en Thorndikes kat
Inleiding
Definitie van leren
-Een (blijvende) verandering in gedrag of mentale processen als gevolg van een
bepaalde ervaring
Reflexen, ‘instincten’
= soortspecifiek en genetisch geprogrammeerd gedrag (niet-flexibel)
Verschillende vormen van leren
- Habituatie: leren om niet meer te reageren op de herhaalde aanbieding van een
stimulus, door sensorische adaptatie
- Mere-exposure effect: aangeleerde voorkeur voor stimuli waaraan we al eerder
zijn blootgesteld
- SR-leren: vormen van leren die kunnen beschreven worden in termen van
Stimuli en Responses, zoals klassieke/ pavloviaanse en operante/ instrumentele
conditionering
- Cognitief en sociaal leren: leren waarbij mentale/ sociale processen moeten
meespelen
Hoe verklaart klassieke conditionering leren?
Een passief proces van SR leren waarbij een in eerste instantie neutrale stimulus het
vermogen verwerft om een aangeboren reflex (= onvoorwaardelijke reactie) op te
roepen door koppeling met een andere stimulus (= onvoorwaardelijke stimulus), die
van nature die reflex uitlokt
Zo wordt die neutrale stimulus een voorwaardelijke stimulus die een voorwaardelijke
reactie uitlokt
Pavlov en zijn hond
Er wordt getest hoeveel speeksel er wordt aangemaakt bij bepaalde stimuli
Klassieke conditionering
De terminologie wijzigt naarmate
de fase van conditionering
Neutrale stimulus: rat I ritselend
struikgewas
Onvoorwaardelijke stimulus: de grootmoeder begint te gillen (lokt angst uit) I hond die
eruit komt
1
,Je hebt de rest van je leven angst voor knaagdieren I je hebt de rest van je leven
angst voor honden
Watson en kleine Albert
Kleine kinderen zijn in het begin nergens bang van
Wanneer ze bij een witte muis 3 keer stalen staven tegen elkaar klopt, is kleine Albert
bang van de witte muis
Enkele kernconcepten
- Uitdoving: basis voor mogelijke behandeling angsten
- Spontaan herstel
- Prikkelgeneralisatie: uitbreiding naar andere (gelijkende) stimuli
- Prikkeldiscriminatie: vernauwing tot specifieke stimuli
- Hogere-ordeconditionering: N wordt CS die met nieuwe N wordt gekoppeld die
weer CS wordt
Hoe verklaart operante conditionering leren?
Een actief proces van SR leren waarbij consequenties (zoals beloningen en straffen)
de kans op herhaling beïnvloeden van het gedrag waarop ze volgen
De kat van Thorndike: puzzle-box
Trial-and-error leren & de wet van effect
Skinner’s radicale behaviorisme
- Skinner geloofde dat de krachtigste invloeden op gedrag de directe
consequenties van dat gedrag zijn
- Operant
o Observeerbaar, vrijwillig ( reflexen) gedrag met als doel invloed uit te
oefenen (= opereren) op de omgeving
Operante ruimte // Skinner-box
Zo kon hij de ratten belonen of straffen zoals hij wou
Operante conditionering
Operant gedrag: 4 consequenties
Hierover komt een vraag op het examen!
2
, Klassieke vs. operante
- Klassieke conditionering betreft het leren van een associatie/ verband tussen
twee stimiule (UCS + N/CS) die vóór de respons verschijnen
- Operante conditionering betreft een bekrachtigende (belonende) of bestraffende
stimulus die na de respons verschijnt
- Kunnen samenwerken…
Nabespreking
APOPO-ratten in actie
- Eerst klassieke, ‘pavloviaanse’ conditionering: ‘klikker’ wordt als neutrale
stimulus gekoppeld met voedsel als onvoorwaardelijke stimulus
- Vervolgens operante conditionering: ratten worden bekrachtigd voor detecteren
van mijngeur (TNT) met klikker, daarna prikkeldiscriminatie etc.
Klassieke & operante kunnen samenwerken
De reactie wordt positief bekrachtigd
Dia 11: Probabalistisch = zeer zelden alles of niets
Belang van Garcia & Koelling (1966)
Dit experiment toonde aan dat conditionering niet met elke arbitrair gekozen
onvoorwaardelijke en voorwaardelijke prikkels een verband kon tot stand brengen.
Een biologische predispositie (zoals het feit dat de ratten bij Garcia en Koelling
makkelijker leerden dat water met een zoete smaak tot misselijkheid leidt dan dat
datzelfde water tot een elektrische schok leidt) komt voort uit genetic preparedness =
een ‘tendens’ die door natuurlijke selectie in onze genen is voorgeprogrammeerd om
zo onze kansen op overleving te verhogen (bv., om rare smaken met misselijkheid te
associëren, en niet met schokken; en schokken met licht en geluid).
In tegenstelling tot wat radicale behavioristen dachten, kan je dus niet van elke
neutrale stimulus een voorwaardelijke stimulus maken.
Examenvraag 3
Positieve straf: als er iets wordt toegevoegd
Negatieve straf: als er iets wordt weggenomen
Voorbeeldexamenvragen kunnen op het echte examen komen (in andere vorm)!
Examenvraag 5
Zoiets komt sowieso op het examen
3