Written by students who passed Immediately available after payment Read online or as PDF Wrong document? Swap it for free 4.6 TrustPilot
logo-home
Other

oefenvragen burgerlijk procesrecht week 4

Rating
-
Sold
-
Pages
5
Uploaded on
16-02-2026
Written in
2025/2026

Hierbij de vragen van week 4 incl. antwoorden voor het vak burgerlijk procesrecht voor de opleiding HBO Rechten Deeltijd Hanze Hogeschool.

Institution
Course

Content preview

Werkgroep 4 Vragen en opdrachten


Onderwerpen:
 Vonnissen en beschikkingen
 Rechtsmiddelen: verzet, hoger beroep, cassatie
 Kosten civiele procedure
 Particuliere geschillenbeslechting: arbitrage, bindend advies,
mediation


Casus 1
Wilma Schepers, woonachtig in Assen, was tot voor kort in dienst bij de besloten
vennootschap ‘De Unie B.V.’, gevestigd aan de Hertenlaan 10 te Groningen. De
arbeidsovereenkomst is rechtsgeldig geëindigd, maar De Unie heeft de opgebouwde
vakantie-uren en de vakantietoeslag niet aan Wilma uitbetaald, ook niet na daartoe
gesommeerd te zijn. Het gaat om een bedrag van € 1.995,- bruto. Advocaat Harm
Kaspers stelt voor Wilma een dagvaarding op om deze vervolgens te laten te
betekenen door de deurwaarder. Het exploot van de betekening wordt vervolgens
door de advocaat ingediend bij de rechter. De Unie verschijnt echter niet tijdig in het
geding. De rechtbank wijst daarom een verstekvonnis. Dit verstekvonnis wordt aan
de directeur van De Unie betekend. De directeur neemt het betekeningsexploot
persoonlijk in ontvangst.


Vraag 1
Welk (gewoon) rechtsmiddel zou De Unie tegen het vonnis kunnen aanwenden?
Betrek in je antwoord binnen welke termijn en bij welke gerechtelijke instantie dit
moet gebeuren.
Verstekvonnis, dus er moet een verzet worden ingezet. De verstekprocedure ex art.
139 Rv.
Art 143 lid 1 Rv  daaruit blijkt dat de gedaagde die bij verstek is veroordeeld, in
verzet komen. Dus het verzet zou De Unie kunnen aanwenden.
- Art 143 lid 2 Rv  4 weken naar daad van bekendheid.
- Ex art. 147 lid Rv  door het verzet wordt de procedure heropend.


Vervolg casus 1
De Rechtbank Noord-Nederland wijst na enkele maanden vonnis waarin de
vorderingen van Wilma worden afgewezen.

, Vraag 2
Welk rechtsmiddel kan Wilma tegen dit vonnis aanwenden? Betrek in je antwoord
binnen welke termijn en bij welke gerechtelijke instantie dit moet gebeuren.
Hoger beroep ex art. 332 Rv.
Termijn: 339 Rv  binnen drie maanden.
Het gerechtshof ex art. 60 RO is bevoegd.
Casus 2
Wim Holster, wonende aan de Keizersgracht 218 te Amsterdam, is een bekende
crimineel die veel in het nieuws is de laatste tijd. Hij heeft zijn leven gebeterd (zegt
hij) en hij zit nu regelmatig tegen betaling van veel geld bij talkshows zijn boek te
promoten. Het boek wordt uitgegeven door vennootschap “Block” B.V. gevestigd aan
de Hoofdstraat 13 te Laren, waarvan Wim bestuurder is. In dat verhaal komt zijn
zusje, Astaria Holster, tot haar ergernis veel voor. Zij besluit van Wim, met wie zij al
jaren in onmin leeft, een schadevergoeding te vorderen, omdat hij eigenlijk ten koste
van haar hun verhaal verkoopt. Niet geschoten is altijd mis en ik hoef toch niet veel
te betalen voor zo’n procedure, denkt Astaria. Zij vordert op grond van onrechtmatige
daad een bedrag van 120.000 euro.


Vraag 1
De rechtbank buigt zich over de zaak en vindt dat er een zitting gehouden moet
worden. Hoe wordt het vonnis van de rechter genoemd waarin hij enkel een zitting
gelast? Motiveer je antwoord aan de hand van de toepasselijke wet- en regelgeving.
Een tussenvonnis ex art. 232 Rv.
Vervolg casus 2
De rechtbank in deze zaak doet een uitspraak doet op 1 maart 2018. De rechtbank
heeft de vordering van Astaria afgewezen. Zij is het hier niet mee eens, omdat de
rechtbank onder meer heeft overwogen dat er geen sprake is van een inbreuk op
haar persoonlijkheidsrecht en dat er dus van een onrechtmatige daad geen sprake
kan zijn. Astaria heeft naar haar mening weldegelijk voldoende aangetoond dat hier
sprake van is, maar de rechtbank heeft dit dus niet bewezen geacht.


Vraag 2 (9 punten)
Welk rechtsmiddel kan Astaria tegen de uitspraak van de rechtbank aanwenden en
binnen welke termijn en bij welke gerechtelijke instantie dient dit te gebeuren?
Motiveer je antwoord aan de hand van de toepasselijke wet- en regelgeving.
Hoger beroep ex art. 332 lid 1 Rv. Bedrag gaat hier boven de € 1750, dus ze kan in

hoger beroep gaan.

Written for

Institution
Study
Course

Document information

Uploaded on
February 16, 2026
Number of pages
5
Written in
2025/2026
Type
OTHER
Person
Unknown

Subjects

$5.87
Get access to the full document:

Wrong document? Swap it for free Within 14 days of purchase and before downloading, you can choose a different document. You can simply spend the amount again.
Written by students who passed
Immediately available after payment
Read online or as PDF

Get to know the seller
Seller avatar
tooskeremery

Also available in package deal

Get to know the seller

Seller avatar
tooskeremery Hanzehogeschool Groningen
Follow You need to be logged in order to follow users or courses
Sold
4
Member since
9 year
Number of followers
4
Documents
27
Last sold
3 year ago

0.0

0 reviews

5
0
4
0
3
0
2
0
1
0

Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Working on your references?

Create accurate citations in APA, MLA and Harvard with our free citation generator.

Working on your references?

Frequently asked questions