H1 Coronair lijden
Klinische manifestaties, diagnose en behandelingen van coronair vaatlijden
Interventionele en chirurgische behandeling
Chirurgische behandeling: CABG
• Bij meerdere letsels, complexere letsels op bifurcaties, diffuus zieke bloedvaten —> CABG (coronary artery bypass grafting)
• Vernauwde kransslagader wordt overbrugd (vernauwd deel niet aanraken)
—> Vaak zal natieve coronair geleidelijk aan dichtslibben thv vernauwing door preferentiële flow doorheen bypass
• 60-70% van pten met CABG hebben CCS (chronisch coronair syndroom)
—> Ook pten met acuut coronair syndroom (instabiele angor, nSTEMI en STEMI)
Veneuze overbrugging
• V saphena magna uit been —> zijdelings op aorta ascendens (inflow) en op kransslagader
distaal van stenose (outflow)
—> Correct oriënteren (kleppen in juiste richting)
• Met 1 stuk vene kunnen meerdere kransslagaders w verbonden (jump-greffe)
• 1 nadeel: niet gewend aan arteriele drukken —> hypertrofie intima —> vernauwingen in vene
—> 10-15j werkings duur (niet voor jonge pten)
Arteriele overbrugging
• Meestal a mammaria (a thoracica interna) die retrosternaal L en R loopt (beide kunnen gebruikt w)
—> Takt af van a subclavia, bijna nooit atheromatotisch aangetast
• Kan gesteeld en vrij gebruikt worden
—> Gesteeld: arterie blijft proximaal verbonden aan originele slagader (a subclavia)
—> Vrij: volledig losgemaakt, proximaal op aorta of andere arterie gezet
• Met 1 ader kunnen soms meerdere kransslagaders w overbrugd (als lengte het toelaat)
• Andere bruikbare aders: a gastro-epiploica, a radialis (altijd vrij)
• Gemiddeld aantal bypasses bij CABG is 3
• Arteriele blijven levenslang open
—> Ouderen krijgen vaak 1 mammaria + veneuze bypasses en jongeren zoveel mogelijk arteriele
• Klassieke CABG operatie: aanschakeling hart-longmachine (ECC) en stilleggen hart voor overbruggingen
—> Ook technieken om het op een kloppend hart te doen: mbv stabilisatoren (stabiliseren beperkte zone van hart)
—> Meerderheid door sternotomie (bij 1-2 overbruggingen soms minimaal invasieve ingreep (MidCAB))
Chirurgische behandeling van post-infarctverwikkelingen
Linker ventrikel aneurysma
= uitstulping van LV door necrose spierweefsel
• Vaak aanleiding tot trombose in uitstulping, embolisatie van klonters naar
systeemcirculatie, hartdecompensatie en ritmestoornissen
—> Soms ook ruptuur ventrikelwand
• Heelkunde: resectie ventrikelaneurysma en sluiten van ventrikelspier
Post-infarct VSD (ventrikel septum defect)
• Door necrose en inscheuren van septum —> snelle evolutie naar
decompensatie door massieve L>R shunt —> shock met longoedeem
• Onmiddellijk opereren: sluiting VSD met synthetische patch