Samenvatting ICTS aug2025
HOOFDSTUK 1 positionering van ICTS
gegevensverwerking
informatica: de leer van methoden en technieken voor het ontwikkelen,
opzetten en gebruiken van informatiesystemen
beleidsinformatica: de studie van informatica zoals die ingezet en beheerd
moet worden in een bedrijfscontext
informatiesysteem:
1. Geheel van samenwerkende componenten, dat gegevens verwerkt (en
opslaat) tot bruikbare informatie waar we kennis en inzichten uit halen
2. Het is gesystematiseerd en geautomatiseerd
3. Het zorgt voor gegevensuitwisseling en communicatie tussen systemen
4. Het heeft een economische en maatschappelijke rol
5. De gegevens moeten relevant, verifieerbaar en actueel zijn
IT (informatietechnologie): bouwstenen en technologieën voor
informatiesystemen
OT (operationele technologie): technologie ter ondersteuning van
industriële bedrijfsprocessen (bv: softwaresystemen die een productieband
aansturen)
communicatietechnologie: bouwstenen voor informatie-uitwisseling en
samenwerking tussen systemen
cyber fysieke systemen: systemen die sterk ingebed zijn in de fysieke
wereld (bv zelfrijdende wagen)
IoT(Internet-of-Things): slimme, interconnected toestellen
gegevensvsinformatie
gegevens: verzameling van ruwe feiten, georganiseerde codes,
verschillende vormen: numeriek, alfanumeriek, grafisch
informatie: gegevens die concrete betekenis hebben gekregen,
begrijpbaar zijn gemaakt
het gegevensverwerking proces
->gegevens worden verwerkt tot informatie (invoer(input),
verwerking(processing),opslag(storage)
invoerfase (bv scannen van barcode)
verwerkingsfase (bv classificeren van gegevens)
uitvoerfase (omzetten van verwerkte gegevens in leesbare vorm)
opslag (bewaren en beschermen van gegevens)
informatie en communicatiesystemen
hardware: tastbare onderdelen van een computer (CPU,RAM, interne
opslagsystemen
->hardware omvat interne geheugen: tijdelijke opslag van gegevens en
programma’s
,computerprogramma: beschrijving van een voorschrift om de hardware in
een eindig aantal stappen taken te laten uitvoeren
CPU: centrale verwerkingseenheid omvat CU (control unit) en ALU
(arithmtich logic unit)
HOOFDSTUK 2 binaire gegevens
4bits: nibble
8bits: byte
1MB=1024.10^6 bits
voorstelling numerieke gegevens: mr^e
ASCII voorstelling: 8bits (hoofdletters hebben voorrang op kleine letters)
UNICODE voorstelling: 16bits
bewerkingen:
compressieratio= grootte origineel bestand/grootte gecomprimeerd
bestand
HOOFDSTUK 3 html en het world wide web
URL (uniform resource locator): protocol://host/resource
opbouw: soort middel-naam v/d server-bestandsnaam binnen de server
DNS(domeinnaamsysteem): vertaalt domeinnamen naar IP-adressen
->hiërarchische structuur: root, TPL, subdomains, hosts
->gebruikt cache om tijdelijk gegevens op te slaan en herhaalde toegang
te versnellen
->robuust: een robuust netwerk blijft functioneren
->redundant: een redundant systeem heeft meerdere servers die dezelfde
taak uitvoeren
, basiswerking www: web client stuurt HTTP request, server stuurt HTTP
response met HTML document
HTTP (hypertext transfer protocol) request
->GET: je typt een URL in, server stuurt pagina terug
->POST: je vult een formulier in, server verwerkt dit
HTTP (hypertext markup language) response
->HTML document met inhoud
HTML hypertext markup language
->HTML tags: case insensitive
->cascading style sheets: laten je toe om uitzicht van HTML code te
veranderen
->hyperlinks: hoe meer pagina’s naar X verwijzen hoe relevanter X
Dynamische toepassingen op het web (video nog bekijken)
-HTML is statisch mark-up: je hebt technologieën nodig om dynamisch te
maken
1. webbrowser applicaties: uitgevoerd in webbrowser
1.1 client scripts: lokaal in de browser draait er programma-code (bv
JavaScript code die je inbed in HTML) (BIJV like op facebook)
2. Server applicaties: alles wordt aan de server zijde geregeld
2.1 server scripts: (bvPHP die je inbed in HTML maar wel uitgevoerd in
server)
2.2 CGI (common gateway interface): techniek om interactie met
webserver mogelijk te maken
Statische HTML-doc HTML-doc
Vaste tag set Statische layout+dynamische
aspecten
Markup -> layout Machine-mens en mens-machine
interactie
Machine-mens interactie
HOOFDSTUK 1 positionering van ICTS
gegevensverwerking
informatica: de leer van methoden en technieken voor het ontwikkelen,
opzetten en gebruiken van informatiesystemen
beleidsinformatica: de studie van informatica zoals die ingezet en beheerd
moet worden in een bedrijfscontext
informatiesysteem:
1. Geheel van samenwerkende componenten, dat gegevens verwerkt (en
opslaat) tot bruikbare informatie waar we kennis en inzichten uit halen
2. Het is gesystematiseerd en geautomatiseerd
3. Het zorgt voor gegevensuitwisseling en communicatie tussen systemen
4. Het heeft een economische en maatschappelijke rol
5. De gegevens moeten relevant, verifieerbaar en actueel zijn
IT (informatietechnologie): bouwstenen en technologieën voor
informatiesystemen
OT (operationele technologie): technologie ter ondersteuning van
industriële bedrijfsprocessen (bv: softwaresystemen die een productieband
aansturen)
communicatietechnologie: bouwstenen voor informatie-uitwisseling en
samenwerking tussen systemen
cyber fysieke systemen: systemen die sterk ingebed zijn in de fysieke
wereld (bv zelfrijdende wagen)
IoT(Internet-of-Things): slimme, interconnected toestellen
gegevensvsinformatie
gegevens: verzameling van ruwe feiten, georganiseerde codes,
verschillende vormen: numeriek, alfanumeriek, grafisch
informatie: gegevens die concrete betekenis hebben gekregen,
begrijpbaar zijn gemaakt
het gegevensverwerking proces
->gegevens worden verwerkt tot informatie (invoer(input),
verwerking(processing),opslag(storage)
invoerfase (bv scannen van barcode)
verwerkingsfase (bv classificeren van gegevens)
uitvoerfase (omzetten van verwerkte gegevens in leesbare vorm)
opslag (bewaren en beschermen van gegevens)
informatie en communicatiesystemen
hardware: tastbare onderdelen van een computer (CPU,RAM, interne
opslagsystemen
->hardware omvat interne geheugen: tijdelijke opslag van gegevens en
programma’s
,computerprogramma: beschrijving van een voorschrift om de hardware in
een eindig aantal stappen taken te laten uitvoeren
CPU: centrale verwerkingseenheid omvat CU (control unit) en ALU
(arithmtich logic unit)
HOOFDSTUK 2 binaire gegevens
4bits: nibble
8bits: byte
1MB=1024.10^6 bits
voorstelling numerieke gegevens: mr^e
ASCII voorstelling: 8bits (hoofdletters hebben voorrang op kleine letters)
UNICODE voorstelling: 16bits
bewerkingen:
compressieratio= grootte origineel bestand/grootte gecomprimeerd
bestand
HOOFDSTUK 3 html en het world wide web
URL (uniform resource locator): protocol://host/resource
opbouw: soort middel-naam v/d server-bestandsnaam binnen de server
DNS(domeinnaamsysteem): vertaalt domeinnamen naar IP-adressen
->hiërarchische structuur: root, TPL, subdomains, hosts
->gebruikt cache om tijdelijk gegevens op te slaan en herhaalde toegang
te versnellen
->robuust: een robuust netwerk blijft functioneren
->redundant: een redundant systeem heeft meerdere servers die dezelfde
taak uitvoeren
, basiswerking www: web client stuurt HTTP request, server stuurt HTTP
response met HTML document
HTTP (hypertext transfer protocol) request
->GET: je typt een URL in, server stuurt pagina terug
->POST: je vult een formulier in, server verwerkt dit
HTTP (hypertext markup language) response
->HTML document met inhoud
HTML hypertext markup language
->HTML tags: case insensitive
->cascading style sheets: laten je toe om uitzicht van HTML code te
veranderen
->hyperlinks: hoe meer pagina’s naar X verwijzen hoe relevanter X
Dynamische toepassingen op het web (video nog bekijken)
-HTML is statisch mark-up: je hebt technologieën nodig om dynamisch te
maken
1. webbrowser applicaties: uitgevoerd in webbrowser
1.1 client scripts: lokaal in de browser draait er programma-code (bv
JavaScript code die je inbed in HTML) (BIJV like op facebook)
2. Server applicaties: alles wordt aan de server zijde geregeld
2.1 server scripts: (bvPHP die je inbed in HTML maar wel uitgevoerd in
server)
2.2 CGI (common gateway interface): techniek om interactie met
webserver mogelijk te maken
Statische HTML-doc HTML-doc
Vaste tag set Statische layout+dynamische
aspecten
Markup -> layout Machine-mens en mens-machine
interactie
Machine-mens interactie