Hoofdstuk 1: krachtig taalonderwijs
1. Inleiding
• Ontwikkeling van taal stimuleren
• Zeven principes van krachtig taalonderwijs (vloeien uit elkaar voort)
• Krachtig taalonderwijs...
o Stimuleert een positieve talige grondhouding
o Is contextrijk
o Is functioneel
o Is interactief
o Geeft ondersteuning
o Heeft aandacht voor impliciet en expliciet leren
o Biedt kansen tot reflectie
Principe 1: krachtig taalonderwijs stimuleert een positieve talige grondhouding
1.1. Een veilige oefencontext bieden
• Veilig oefenmilieu: durven experimenteren met taal
• Positieve omgeving: fouten maken is oké
• Zorgt voor motivatie
1.2. Het repertoire van leerlingen omarmen
• Taal leren als individueel proces, elke leerling ander leertempo
• Verschillende sterktes en zwaktes: aanvoelen welke methode het beste werkt
• Buitenlandse kinderen: interesse tonen voor hun thuistaal, anders geen veilig oefenmilieu voor
Nederlands, gevoel dat ze niet welkom zijn
1.3. Hoge verwachtingen koesteren
• Zelfvertrouwen geven, tonen dat je gelooft in hun taalleervermogen
• Zorgen voor uitdaging, aanmoedigen nieuwe kennis en vaardigheden
• Tonen dat je in hun taalleervermogen gelooft = veilige omgeving
,Principe 2: krachtig taalonderwijs is contextrijk
• Taal nieuwe betekenis geven adhv rijke contexten
o Ondersteunende contexten = visueel materiaal, ... maken definities duidelijker
o Betekenisvolle contexten = inspelen op interesses en voorkennis, aansluiting met hun
leefwereld = zorgt voor herkenbaarheid en intrinsieke motivatie
• Kennisnetwerk uitbreiden door verbanden te leggen met eerdere kennis / ervaringen
Principe 3: krachtig taalonderwijs is functioneel
• Taal functioneel gebruiken om een doel te bereiken: boodschap overbrengen, ...
• Taal als middel om betekenisvolle taken op te lossen bv. Stappenplan lezen
• Functioneel doel stemmen kan motivatie verhogen
Principe 4: krachtig taalonderwijs is (inter)actief
• Kansen krijgen om taal actief te gebruiken + mondeling en schriftelijk taalaanbod
4.1. Leraar-leerling interactie
• Kwalitatieve interactie met lln cruciaal = voldoende feedback en persoonlijk taalaanbod
• Taalstimulerend reageren = juiste ondersteuning voor leerlingen
• Opinievragen en open vragen stimuleren het denken = verrijken het taalleerproces
4.2. Leerling-leraar interactie
• Zo veel mogelijk functioneel gesproken taal
• Door lln in groepjes te laten werken = leren van elkaar, feedback van elkaar
Principe 5: krachtig taalonderwijs geeft ondersteuning
5.1. Feedback als belangrijk ondersteuningsmiddel
• De leerling kan zijn/haar taalhypothese bijsturen
• Best wanneer de lln taal gebruikt = tijdens lees-, schrijf-, spreekproces
• Hoe gerichter, hoe beter = leerlingen uitdagen en op maat ondersteunen
• Ondersteuning kan individueel en klassikaal
, 5.2. Kwaliteitsvolle feedback
• Scaffolding = de juiste hoeveelheid ondersteuning bieden
• Modeling = jouw modelgedrag tonen en inzetten om doel te bereiken bv. Zelf expressief voorlezen,
daarna leren de lln zelf hoe het moet
• Kwaliteitsvolle feedback bestaat uit:
o Feedback = beschrijving van huidige stand van zaken
o Feed-up = beschrijving van gewenste leeruitkomst
o Feedforward = beschrijving van nodige stappen om leeruitkomst te bereiken
o Differentiërende keuzes maken
Principe 6: krachtig taalonderwijs heeft aandacht voor impliciet en expliciet leren
• Impliciet leren = we pikken onbewust nieuwe taal bv. Tijdens een opdracht
• Expliciet leren = bewust stilstaan bij vormelijke en theoretische aspecten van taal, het doelbewust
inzoomen op een bepaald taalaspect bv. Schooltaalwoorden
• Nood aan expliciete ondersteuning voor ontwikkeling van taalcompetentie
• Focus on form = lln laten stilstaan bij taalelementen die ze gebruiken (vormgerichte instructie) bv. Een
kind heeft moeilijkheden bij het begrijpen van een tekst: “heb je al eens goed naar de tekeningen
gekeken? Heb je de moeilijke zin al eens opnieuw gelezen?”
• Kan intentioneel of incidenteel aan bod komen
o Incidenteel = komt per toeval aan bod bv. Wanneer een lln een vraag stelt
o Intentioneel = doelbewust inzoomen op een bepaald taalaspect
• Belang van strategiën = leerkracht als rolmodel
Principe 7: krachtig taalonderwijs biedt kansen tot reflectie
7.1. Tijd en ruimte om te reflecteren
7.2. Reflectie op initiatief van de leraar
• Voor de opdracht: lesdoelen duidelijk maken, zo kan de lln gericht werken naar het doel en tijdens het
proces zichzelf bijsturen
• Na de opdracht: leerproces en eindresultaat reflecteren bv. Wat hebben we geleerd
7.3. Reflectie door medeleerlingen
• Elkaar feedback geven: meerwaarde voor beide partijen
• Leerkans voor beide partijen (zij die feedback geven + zij die feedback krijgen)