VZC Ilse
Casus met symptomen en diagnose
- Hoe kan je de diagnose verklaren adhv de symptomen
- Bloedwaarden kennen bij volwassenen (staan in de casus hieronder)
Hematologische oncologie
Casus: Dries (55 jaar)
- Presentatie
• Klachten van vermoeidheid, bleekheid en frequente neusbloedingen. Krijgt sneller
blauwe plekken dan normaal, kortademigheid bij minimale inspanningen
- Anamnese
• Niet-roker, matig alcoholgebruik, geen verdere aandoeningen
- Lichamelijk onderzoek
• Bleke conjunctivae (aders oog), petechiën op onderbenen (rode puntjes), vergrote
milt (splenomegalie)
- Bloedonderzoek
• Hemoglobine: 8.5 g/dL (normaal: 13.8-17.2 g/dL)
• Witte bloedcellen: 25,000/µL (normaal: 4,000-11,000/µL)
• Bloedplaatjes: 30,000/µL (normaal: 150,000-450,000/µL)
• Perifeer bloeduitstrijkje: aanwezigheid van blasten (onrijpe cellen)
Om ziektebeelden binnen de hematologie te kunnen begrijpen
- Kennis van hematopoëse nodig
- Kennis normale bloedwaarden nodig
• Verpleegkundig redeneren
Extra onderzoek
- Onderdrukking normale hematopoëse
- 86.5% blasten (normaal <20%)
Diagnose => Acute myeloïde leukemie (AML)
1. De hematopoëse
Hematopoëse = aanmaak van bloedcellen in
beenmerg
- Rode bloedcellen, witte bloedcellen,
bloedplaatjes
Verstoring leidt tot
- Anemie (rode bloedcellen)
- Leukopenie (alle witte bloedcellen)
- Trombocytopenie (bloedplaatjes)
,2. Leukemie
= Kwaadaardige aandoening van de witte bloedcellen (AML => snelle toename van blasten)
Diagnose stellen op basis van
- Klinische presentatie, laboratoriumresultaten en beenmergbiopsie
Gevolge van acute leukemie
- Sterke toename van leukemiecellen (blasten)
- Bijna verdwijnen van normale bloedcelvorming
• Rode cellen dalen => bloedarmoede
• Witte cellen dalen => infecties
• Trombocyten dalen => bloedneigingen
2.1. Soorten leukemie
Acuut Chronisch
Lymfatische lijn ALL CLL
Myeloïde lijn AML CML
- ALL => vooral bij kinderen
- AML => bij ouderen boven 60 jaar
Kwaadaardige bloedziekten zijn afgeleiden van normale ontwikkeling
- Stamcel
• AML
▪ Witte bloedcellen
▪ Trombocyten
▪ Rode bloedcellen
• ALL
▪ B-cellen => plasmacellen
▪ T-cellen
2.2. Verschillen tussen acute en chronische leukemie
Acute leukemie
- Onrijpe cellen (blasten)
- Snel progressief
- Klachten
- Intensieve behandeling
- I.p. curatief => stamceltransplantatie
- Alle leeftijden
2.3. Behandeling
Spoedopname wegens levensbedreigende aandoening (AML)
- Kans op bloedingen
- Snelle toename van de leukemische massa
- Kans op extreme anemie, leukopenie (pancytopenie)
• Pancytopenie => leeg beenmerg
Standaard intensieve chemo + HSCT (hematopoëtische stamceltransplantatie)
, - Bij AML ptn jonger dan 60 jaar
• 1-2 inductiekuren (indien geen aantoonbare leukemie meer)
• 1-2 consolidatiekuren
• Stamceltransplantatie
- Voor ouderen => afhankelijk van leeftijd
• <60 jaar
▪ In principe alleen kandidaat voor intensieve chemotherapie
• 60-75 jaar
▪ Intensieve of niet-intensieve behandeling afhankelijk van de conditie van de
patiënt en de ziektekenmerken
• >75 jaar
▪ In principe niet intensieve behandeling tenzij uitzondering ( vb: patiënt met
banale voorgeschiedenis in goede algemene conditie
Behandeling
- Intensieve chemotherapie
- Na chemo => hematopoëtische stamceltransplantatie
• Conditionering voor HSCT (myeloablatieve of niet) => voorbehandeling
• Daarna pas HSCT
2.4. Intensieve chemotherapie
Remissie-inductiefase
- Complete remissie induceren
- Leukemie cellen doden
- Remissie = < 5% blasten in het beenmerg en hersteld bloedbeeld
• Nog niet genezen!
• Zonder verdere behandeling volgt onvermijdelijk recidief
- Inductiekuur bestaat uit Cytrabine en anthracycline
- Deze cyclus van 4 weken (1 week chemo + 3 weken herstel) gaat gepaard met verschillende
bijwerkingen zoals nausea, braken, langdurige pancytopenie, koorts, muscositis (zie
supportieve therapie)
- Risico op tumorlysissyndroom
• In begin van de behandeling door te snelle tumorafbraak
▪ Elektrolyten zoals kalium, fosfor en urinezuur komen te veel vrij in bloed
▪ Urinezuur => nierinsufficiëntie
▪ Kalium => hartfalen
• Oncologisch NOODGEVAL!
▪ Extra hydratatie zodat urinezuur wordt uitgeplast ipv neerslaat op nieren
▪ pH urine controleren (>7)
o Boven 7 => arts verwittigen
o Allopurinol (Zyloric) => verminderde vorming urinezuur
o Rasburicase (fasturtec) => urinezuur uit bloed verwijderen
- Gevaar voor leukemische meningitis
• De chemotherapie kan het zenuwstelsel niet goed bereiken. (bloed-hersen barrière)
=> AML verspreidt zich heel soms naar de hersenen.
▪ => chemo via lumbale punctie voor het CZS!
Casus met symptomen en diagnose
- Hoe kan je de diagnose verklaren adhv de symptomen
- Bloedwaarden kennen bij volwassenen (staan in de casus hieronder)
Hematologische oncologie
Casus: Dries (55 jaar)
- Presentatie
• Klachten van vermoeidheid, bleekheid en frequente neusbloedingen. Krijgt sneller
blauwe plekken dan normaal, kortademigheid bij minimale inspanningen
- Anamnese
• Niet-roker, matig alcoholgebruik, geen verdere aandoeningen
- Lichamelijk onderzoek
• Bleke conjunctivae (aders oog), petechiën op onderbenen (rode puntjes), vergrote
milt (splenomegalie)
- Bloedonderzoek
• Hemoglobine: 8.5 g/dL (normaal: 13.8-17.2 g/dL)
• Witte bloedcellen: 25,000/µL (normaal: 4,000-11,000/µL)
• Bloedplaatjes: 30,000/µL (normaal: 150,000-450,000/µL)
• Perifeer bloeduitstrijkje: aanwezigheid van blasten (onrijpe cellen)
Om ziektebeelden binnen de hematologie te kunnen begrijpen
- Kennis van hematopoëse nodig
- Kennis normale bloedwaarden nodig
• Verpleegkundig redeneren
Extra onderzoek
- Onderdrukking normale hematopoëse
- 86.5% blasten (normaal <20%)
Diagnose => Acute myeloïde leukemie (AML)
1. De hematopoëse
Hematopoëse = aanmaak van bloedcellen in
beenmerg
- Rode bloedcellen, witte bloedcellen,
bloedplaatjes
Verstoring leidt tot
- Anemie (rode bloedcellen)
- Leukopenie (alle witte bloedcellen)
- Trombocytopenie (bloedplaatjes)
,2. Leukemie
= Kwaadaardige aandoening van de witte bloedcellen (AML => snelle toename van blasten)
Diagnose stellen op basis van
- Klinische presentatie, laboratoriumresultaten en beenmergbiopsie
Gevolge van acute leukemie
- Sterke toename van leukemiecellen (blasten)
- Bijna verdwijnen van normale bloedcelvorming
• Rode cellen dalen => bloedarmoede
• Witte cellen dalen => infecties
• Trombocyten dalen => bloedneigingen
2.1. Soorten leukemie
Acuut Chronisch
Lymfatische lijn ALL CLL
Myeloïde lijn AML CML
- ALL => vooral bij kinderen
- AML => bij ouderen boven 60 jaar
Kwaadaardige bloedziekten zijn afgeleiden van normale ontwikkeling
- Stamcel
• AML
▪ Witte bloedcellen
▪ Trombocyten
▪ Rode bloedcellen
• ALL
▪ B-cellen => plasmacellen
▪ T-cellen
2.2. Verschillen tussen acute en chronische leukemie
Acute leukemie
- Onrijpe cellen (blasten)
- Snel progressief
- Klachten
- Intensieve behandeling
- I.p. curatief => stamceltransplantatie
- Alle leeftijden
2.3. Behandeling
Spoedopname wegens levensbedreigende aandoening (AML)
- Kans op bloedingen
- Snelle toename van de leukemische massa
- Kans op extreme anemie, leukopenie (pancytopenie)
• Pancytopenie => leeg beenmerg
Standaard intensieve chemo + HSCT (hematopoëtische stamceltransplantatie)
, - Bij AML ptn jonger dan 60 jaar
• 1-2 inductiekuren (indien geen aantoonbare leukemie meer)
• 1-2 consolidatiekuren
• Stamceltransplantatie
- Voor ouderen => afhankelijk van leeftijd
• <60 jaar
▪ In principe alleen kandidaat voor intensieve chemotherapie
• 60-75 jaar
▪ Intensieve of niet-intensieve behandeling afhankelijk van de conditie van de
patiënt en de ziektekenmerken
• >75 jaar
▪ In principe niet intensieve behandeling tenzij uitzondering ( vb: patiënt met
banale voorgeschiedenis in goede algemene conditie
Behandeling
- Intensieve chemotherapie
- Na chemo => hematopoëtische stamceltransplantatie
• Conditionering voor HSCT (myeloablatieve of niet) => voorbehandeling
• Daarna pas HSCT
2.4. Intensieve chemotherapie
Remissie-inductiefase
- Complete remissie induceren
- Leukemie cellen doden
- Remissie = < 5% blasten in het beenmerg en hersteld bloedbeeld
• Nog niet genezen!
• Zonder verdere behandeling volgt onvermijdelijk recidief
- Inductiekuur bestaat uit Cytrabine en anthracycline
- Deze cyclus van 4 weken (1 week chemo + 3 weken herstel) gaat gepaard met verschillende
bijwerkingen zoals nausea, braken, langdurige pancytopenie, koorts, muscositis (zie
supportieve therapie)
- Risico op tumorlysissyndroom
• In begin van de behandeling door te snelle tumorafbraak
▪ Elektrolyten zoals kalium, fosfor en urinezuur komen te veel vrij in bloed
▪ Urinezuur => nierinsufficiëntie
▪ Kalium => hartfalen
• Oncologisch NOODGEVAL!
▪ Extra hydratatie zodat urinezuur wordt uitgeplast ipv neerslaat op nieren
▪ pH urine controleren (>7)
o Boven 7 => arts verwittigen
o Allopurinol (Zyloric) => verminderde vorming urinezuur
o Rasburicase (fasturtec) => urinezuur uit bloed verwijderen
- Gevaar voor leukemische meningitis
• De chemotherapie kan het zenuwstelsel niet goed bereiken. (bloed-hersen barrière)
=> AML verspreidt zich heel soms naar de hersenen.
▪ => chemo via lumbale punctie voor het CZS!