H1 Inleiding
Mechanisatie: machine de spierarbeid van de mens overneemt
Automatisering: de machine een gedeelte van het denkwerk overneemt
Pneumatische mechanisatie: mechanisatie waar samengeperste lucht wordt gebruikt
Pneumatische automatisering: aantal bewerkingen maken of aantal handelingen nodig voor een
product te maken
Perslucht: lucht met druk erop
H2 Indeling van pneumatische installatie
Vermogensdeel => arbeidselementen
Vb: cilinders, motoren
Besturing => Verwerkingselementen
Vb : Ventielen
Signaalgevers => bedieningselementen
Vb: Drukschakelaar, eindschakelaar
Arbeidselementen
1. Translerend
a) Enkelwerkende cilinders (mono stabiele cilinder )=> 1 zijde van de zuiger perslucht op
gelaten dus maar 1 stang op bevestigd. Deze cilinders hebben toepassing bij
klemcilinders, balgen, energiebesparing
Drukcilinder
Formule : F = p * A – Fv
p = persdruk
A = zuigeropp
Fv = veerkracht
Trekcilinder
Formule: F= p* (A-a) – Fv
a = zuigerstangopp
b) Dubbelwerkende cilinder (BI stabiele cilinder) => 2 stangen, gebruik van uitgaand en
ingaande slag.
Met regelbare buffering
Permanente magneet
, Regelbare buffering en permanente magneet
Doorlopende zuigerstang
Tandemcilinder
Zuiger loze/ lineaire cilinder
c) Benaming van de cilinders:
Voor de positieve uitgaande beweging van cilinder A (A+)
Voor de negatieve ingaande beweging van cilinder A (A-)
2. Roterende
a) Perslucht motor => Zet pneumatische energie om in mechanische energie. Toepassing
bij : boor bij de tandarts, pneumatische hamers, pneumatische schroevendraaier ( M =
F* r == p * A * r ) : KOPPEL
1 Draairichting
2 draairichtingen
b) Draaimodule => Voor bewegingen onder een bepaalde hoek
Verwerking elementen
Symbolische weergave van ventielen
Aantal vierkanten = aantal standen
Aantal aansluitingen in 1 vierkant = aantal aansluitingen
Vb 5/3 => 5 aansluitingen , 3 vierkanten // 3/2 => 3 aansluitingen, 2 vierkanten
Soorten verbindingen: persluchtvoeding, verbruiker, ontluchting
Codering
Perslucht aansluiting P // 1
Verbruikers aansluiting A,B // 2,4
Ontluchting R,S // 3,5
Stuurkant X,Y // 12,14
Toestand van een ventiel
Normaalstand: Schakelpositie , die door de bewegende delen van een ventiel wordt ingenomen,
als dit niet aangesloten of gemonteerd is.
(Alleen bij mono stabiele ventielen)
Ruststand: De schakelpositie, die de ventielen, die in een machine zijn gemonteerd, innemen als
de installatie onder druk staat en alle machineonderdelen zich bevinden in de positie die ze voor
het begin van de cyclus dienen in te nemen.
, Mono stabiel :1 rusttoestand, signaal wegvalt => automatische naar rusttoestand
BI stabiel :2 rusttoestanden afhankelijke van het laatste signaal op 12 of 14, wanneer signaal
wegvalt zal die op de stand blijven staan waar die op eindigt.
Normaal open: perslucht laat door in rusttoestand
Normaal gesloten: laat perslucht niet door in rusttoestand
Bedieningselementen: Ventielen die bestuurd kunnen worden
Basisfuncties
EN: en poort nodig , moet 2 signalen krijgen op de ingangspoorten voordat er perslucht door kan
komen: ( A+ = a * b )