• Wrong document? Swap it for free
  • Written by students who passed
  • Immediately available after payment
  • Read online or as PDF
Sell
Where do you study
Your language
Document preview thumbnail
Preview 4 out of 48 pages
Summary

samenvatting sportpedagogiek

Document preview thumbnail
Preview 4 out of 48 pages

samenvatting sportpedagogiek lo&bw derde jaar

Content preview

SPORTPEDAGOGIEK
DEEL 1 ER IS NIETS PRAKTISCHER DAN EEN GOED THEORETISCH FUNDAMENT

HOOFDSTUK 1 VAN MOETIVATIE NAAR ZIN OM TE SPORTEN
Motivatie
ð Maakt sport mooi
ð Maakt sport mogelijk
ð Niet enkel aanwezig in topsport: recreatieve sport/beweging, LO, eetgewoontes, kine-
oefeningen, medicatie-inname

Motiverend coachen
ð Wat: inhoudelijke kennis en expertise
ð Hoe: motivationele inzichten en motivationele vaardigheden
ð Kennis en oefeningen op een motiverende manier delen en introduceren
ð Volgehouden sportparticipatie, plezier en prestaties

Motivatie < movere = bewegen
ð Welke factoren zetten sporters aan om actie te ondernemen in functie van sportbeoefening?
ð Drijfveren/beweegredenen om activiteit te beginnen, ons ervoor in te zetten en te volharden
ð De vraag naar drijfveren, redenen of motieven onderliggend aan gedrag
ð Motivatie kan variëren in intensiteit/hoeveelheid + verschillende kwaliteit
ð Centrale vraag: aard van drijfveren impact op
- Plezierbeleving van sporters
- Welbevinden van sporters
- Ervaren spanning en faalangst in wedstrijdsituaties
- Doorzettingsvermogen en drop-out
- Zelfwaarde en zelfvertrouwen van sporters
- De prestaties van sporters

Vroeger enkel onderscheid tussen intrinsieke en extrinsieke motivatie (elkaars tegenpolen)
ð Onderscheid beginnen verfijnen + geen tegenovergestelden
ð Willen = autonome motivatie, gecontroleerde motivatie = moeten
ð Zelfdeterminatietheorie is geen fasemodel
ð Negatieve correlatie: externe regulatie hoger -> identificatie en introjectie lager

Amotivatie Extrinsieke motivatie Intrinsieke motivatie
Gebrek aan geloof Straf Schuld Persoonlijk Passie
Gebrek aan Beloning Schaamte relevant Plezier
vertrouwen Verplichting Zelfwaarde Betekenisvol Interesse
Onverschilligheid (trots) Zinvol
Amotivatie Externe regulatie Introjectie Identificatie Intrinsieke motivatie

Hogere autonome motivatie -> positieve correlatie (0.47) met vitaliteit
Gecontroleerde motivatie -> positieve correlatie met depressieve symptomen (0.25) en negatieve
correlatie met vitaliteit (-0.18)

1

,HOOFDSTUK 2 LOONT HET OM TE INVESTEREN IN DE MOTIVATIE VAN SPORTERS?

SOFTE INDICATOREN
ð Burn-out
- Prestatiedruk kan motiverend effect hebben (fysieke en mentale grenzen verleggen)
o Resultaten uitblijven -> minder plezier beleven
- Gecontroleerde motivatie -> meer signalen van uitputting (vermoeidheid en burn-out)
o Ongeacht het niveau van sporters hang gecontroleerde motivatie negatief samen
met de energiepijl
- Autonome motivatie -> sportbeoefening is vitaliserend
o Tegenslagen en negatieve ervaringen zijn eerder kansen om bij te leren
- Onderzoek op hoger niveau: volwassen zwemmers in US voor langere periode opgevolgd
o Bijhouden intensiteit trainingen en wekelijkse gemoedstoestand
o Motivatie om te zwemmen 3-wekelijks meten
o Gevoelens van burn-out op einde van seizoen
o Motivatie omzetten naar motivatie-index = self-determination index (SDI)
o Daling van SDI doorheen seizoen
o Positief gemoed daalt, negatief gemoed blijft constant
o Sportdevaluatie: sport minder belangrijk, waarde ervan naar beneden halen
ð Samenwerking en fair play
- Jongeren moreel vormen via sport: leren grenzen respecteren, met elkaar samenwerken,
constructief met een tegenstander omgaan
o Zich moreel gedraag door zich behulpzaam op te stellen of zich onthouden van
agressief gedrag
o Als coach direct en indirect invloed uitoefenen op behulpzame en constructieve
gedrag van spelers (rolmodel -> gedrag imiteren)
- Gedrag van sporters hangt ook samen met reden waarom ze sport beoefenen + ervaren
druk hangt samen met wijze waarop ze hun spel spelen
o Autonome motivatie om te sporten vormt een buffer tegen agressief spel en blijkt
zelfs sportief gedrag te voorspellen
o Objectiverende houding = tegenstander als obstakel dat ze uit de weg moeten
ruimen (moreel ontkoppelingsmechanisme: rechtvaardiging agressief spel)
- Gecontroleerde motivatie hangt samen met hoger gebruik van legale en illegale prestatie
bevorderende middelen
- Grafieken PowerPoint
o Autonome motivatie positieve correlatie met sportiviteit en fair play
o Autonomie motivatie negatieve correlatie met antisociale houding (valsspelen,
psychologische oorlogsvoering)
o Gecontroleerde motivatie negatieve correlatie met sportiviteit en fair play
o Gecontroleerde motivatie positieve correlatie met antisociale houding
(valsspelen en psychologische oorlogsvoering)
o Gecontroleerde motivatie positieve correlatie met dopinggebruik
o Competitieve prestatie-oriëntatie, gecontroleerde motivatie en uitdaging ->
objectiverende houding -> onsportief gedrag -> aantal schorsingsdagen
o Competitief zijn is niet gelijk aan gecontroleerd gemotiveerd zijn



2

,HARDE INDICATOREN
ð Omgaan met tegenslag en moeilijkheiden (mentale veerkracht)
- Autonome motivatie -> leveren van een grotere inspanning (opdracht als uitdaging zien)
+ meer focus op de taak zelf
- Gecontroleerde motivatie -> taak als bedreiging zien
- Zin leidt tot een grotere maar minder belastende inspanning en stimuleert sporters om
de activiteit langer vol te houden
- PowerPoint grafieken
o Autonome motivatie -> taakgerichte coping tijdens wedstrijden
o Gecontroleerde motivatie -> vermijdingsgerichte coping tijdens wedstrijden
o Impact op al dan niet behalen van het doel
ð Volharding binnen een training
- Autonome motivatie -> moeilijk = uitdagend -> taakfocus -> volharding
- Gecontroleerde motivatie -> moeilijk = bedreigend -> negatieve gedachten en vermijden
-> minder volharding
ð Volharding op lange termijn
- Positief: geboeidheid, interesse, plezier, persoonlijke relevantie, zinvol
+ schaamte, schuld en zelfwaardering
- Negatief: straf, beloning, verplichting, ontmoediging, faalangst
ð Uitval en duurzaam sporten
- Redenen stoppen: gebrek aan plezier, grotere interesse in andere activiteiten, sociale
motieven, tijdgebrek, combinatie met school/werk, te grote prestatiedruk
- Kans dat sporters afhaken en sportclub verlaten hangt samen met mate waarin ze
gecontroleerde motivatie of zin vertonen om sport te beoefenen
o Zowel op korte als op langere termijn
- Druk zet aan tot actie (op korte termijn), maar houdbaarheidsdatum van gecontroleerde
motivatie is op lange termijn beperkt
o Externe druk hangt samen met grotere kans op uitval
- Langetermijnvoordelen van het plezier in sporten
ð Vooruitgang boeken en excelleren
- Meer autonome motivatie biedt ook prestatievoordelen
- Doelen opstellen: technisch, tactisch, mentaal of fysiek
- Hoe meer autonome motivatie voor het doel bij het begin van het seizoen, hoe meer
energie geïnvesteerd werd in doelen halverwege het seizoen, wat bijdroeg aan het
realiseren van doelen
- 2 prestatiedimensies: interindividueel prestatieniveau en intra-individuele vooruitgang
- Redenen samenhang autonome motivatie en prestatievoordelen
o Zin overheersen -> beter concentreren
o Stressor -> taakgericht blijven en meer positieve zelfspraak (ipv verkrampen
onder druk en negatieve zelfspraak + faalangst en choking)


VERSCHILLENDE MOTIVATIONELE PROFIELEN
ð Elke sporter vertoont een mix aan verschillende motieven = motivatieprofiel
ð Optimale motivatieprofiel: combinatie van hoge mate van autonome motivatie met en lage
mate van gecontroleerde motivatie

3

, - Leveren van meeste inspanningen, ervaren minst symptomen van burn-out, herstellen
best van stress, op positieve manier met tegenslagen omgaan, best presteren
ð Sporters met hoge mate van autonome en gecontroleerde motivatie -> kunnen soortgelijke
prestaties behalen maar kampen meer met gevoelens van emotionele en fysieke uitputting
- Meest sportdevaluatie, veel ervaren stress en negatief omgaan met tegenslag
ð Lage hoeveelheid: weinig autonome motivatie, weinig autonome motivatie
ð Gecontroleerde motivatie en amotivatie -> verhoogde mate van ontmoediging en
onverschilligheid (angstig en onzeker)
- Meest ongunstige vorm van motivatieprofiel

Niet hoeveelheid motivatie (kwantiteit), maar type motivatie is belangrijk (kwaliteit)


HOOFDSTUK 3: VITAMINES VOOR DE GROEI VAN SPORTERS

3 PSYCHOLOGISCHE BASISBEHOEFTEN
ð Staan centraal in de zelf-determinatie theorie
ð Als aan deze basisbehoeften voldaan is, zijn sporters meer autonoom gemotiveerd
- Nood aan deze behoeften om ons mentaal te kunnen ontwikkelen en groeien
- Meer aan deze behoeftes is voldaan, beter persoonlijk en sociaal functioneren
1. Autonomie
- Sporters kunnen zichzelf zijn
- Sporters liggen aan de basis van hun eigen gedrag
- Ze zijn initiator van hun eigen acties, zelf initiatief nemen, zelf keuzes maken
2. Competentie
- Sporters ervaren controle over de inzet
- Ze voelen zich in staat doelen te bereiken
- Ze hebben vertrouwen in hun eigen vaardigheden
3. Relationele verbondenheid (vooral belangrijk bij kinderen)
- Sporters voelen zich geliefd in de club
- Ze hebben goede, warme relaties met anderen
- Ze horen erbij
ð Kenmerken psychologische basisbehoeften
- Psychologisch van aard (maar wel noodzakelijk)
- Aangeboren
- Universeel (onafhankelijk van context, leeftijd, geslacht, sport, afkomst…)
- Fundamenteel


AUTONOMIE
= het ervaren van psychologische vrijheid en keuze in ons denken, voelen en handelen
ð Het inbouwen van keuze (teamgenoten, volgorde…) -> vergroten van autonomie en plezier
ð Het gevoel hebben dat voorstellingen, meningen en gevoelens er mogen zijn
ð Inbreuk op de behoefte aan autonomie -> oproepen van weerstand (discussie)




4

Document information

Study
Uploaded on
December 7, 2025
Number of pages
48
Written in
2024/2025
Type
Summary
$6.67

Wrong document? Swap it for free Within 14 days of purchase and before downloading, you can choose a different document. You can simply spend the amount again.
Written by students who passed
Immediately available after payment
Read online or as PDF

Seller avatar
Reputation scores are based on the amount of documents a seller has sold for a fee and the reviews they have received for those documents. There are three levels: Bronze, Silver and Gold. The better the reputation, the more your can rely on the quality of the sellers work.
Sold
14
Followers
0
Items
19
Last sold
1 week ago



Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Working on your references?

Create accurate citations in APA, MLA and Harvard with our free citation generator.

Working on your references?

Frequently asked questions