- Hoe denken we over anderen, hoe nemen we anderen waar, hoe zien
we anderen
- Attributie: toeschrijven, welke oorzaken schrijven we toe aan gedrag
van een ander?
- Welke verklaringen kunnen we geven voor dat gedrag?
FNG SYNDROME (FUCKING NEW GUY SYNDROME)
- Verklaringen, experimenten, theorieën, … gelinkt aan bepaalde MS
situaties, die ongeveer mee samenhingen, of dat uitlokten
- Begin van theorievorming in jaren 70
- In USA in Vietnamoorlog, legerleiding handen in het haar: aan alles
gedacht (logistiek, planning, materiaal, wapens, …) hele organisatie en
heel systematisch om die oorlog te gaan voeren. MAAR: niet
nagedacht over bepaalde groepsdynamische aspecten, dingen die
onder soldaten gebeurden, in kleine groepen, … gevolgen die men niet
had voorzien
Bv. 1 van die zaken die men merkte: FNG syndroom (fucking new guy) – weinig
wetenschappelijke klank – het gevoel dat mensen hebben in goed draaiend team
wanneer daar plots iemand bijkomt. Onwennigheid van beide kanten (nieuwe
persoon: hoe gaan ze mij zien, ga ik opgenomen, aanvaard worden, in groep,
kan ik mezelf zijn, …) (ook omgekeerd: wie al functioneert op bepaalde manier in
groep, vragen stellen, wie is die new guy) zeker in groepen waar elkaar
begrijpen en elkaars gedrag kennen, basis is voor overleven. Dan zorgt die vraag
van ‘kan ik de ander kennen’ voor heel veel stress. Is die wel te vertrouwen, gaat
die mij redden, genoeg kennis/competenties, of is dat een risico als ik een missie
moet voltooien met die persoon? Spanning in die situaties was al zodanig groot
dat dat bijna lokale pathologie opleverde: dus heel vaak moesten mensen
herplaatst worden, andere taken krijgen, … dus nu meer ganse units gaan
herplaatsen zodat samenwerking gegarandeerd blijft. Toen vooral individuen
herplaatsen en dan ging de integratie moeilijk, de new guy ‘kan wel eens de
reden zijn dat we iets zouden tegenkomen’.
- Creëerde pesterijen, intimidaties, … wantrouwen, … daardoor uit
oorlog halen, omdat ze psychisch leed hadden en niet in staat waren
te functioneren in leger
Begrippen
- Sociale perceptie: hoe we naar anderen kijken, hen waarnemen
- Sociale cognitie: hoe we over anderen denken
- Attributiefenomeen: selectief beeld opbouwen, hetgeen we zien gaan
interpreteren
Link met waarneming (algemene psychologie, verderzetting hiervan)
- Selectie – te veel om waar te nemen, dus specifiëren/selecteren zaken
- Structurering
- Interpretatie – gedrag snel als persoonlijkheid interpreteren (we weten
niet meer)
Bv. Moe zijn op moment, ah die persoon is lui: je weet niet meer over die
persoon
, Bv. Verkopers: super vriendelijk = ‘ah vriendelijke mens’ nee, wil gewoon uw
geld verdienen
Iedere waarneming is subjectief
Algemene psychologie: we bouwen allemaal ons eigen wereldbeeld
(optimisme, pessimisme) ook hoe we naar anderen kijken. Voor sommige
mensen ben jij de meest vriendelijke persoon & voor anderen meest hatelijke
ooit. Feit dat niemand van ons met iedereen overeenkomt toont aan dat de
manier waarop karaktertrekken waargenomen worden en we ze interpreteren
verschillen voor iedereen. Sympathie is een perceptie die voor iedereen anders
kan zijn.
SELECTIE IN DE SOCIALE WAARNEMING
‘Sympathy is in the eye of the beholder”
- We kunnen niet alles zien wat er is
Waarneming is maar selectief!
We kunnen niet subjectief waarnemen of iemand sympathiek is of
niet
Vanuit welke eigenschap, persoonlijkheidskenmerken, … heb je die
interpretatie?
Bv. Corona: telkens zelfde persoon die passeerde voorbij huis en zwaaide,
jaren aan een stuk. Plots valt het op dat die persoon niet meer passeerde na
jaren en familieleden en vrienden hadden krantenartikel doorgestuurd ’is dat
bij jullie gebeurd’
Man was dader van gezinsdrama, die ’vriendelijke’ man je ziet dus niet
alles dat er is!
- We zien vaak slechts fracties van gedragingen (zowel positief als
negatief)
“Jumping to conclusions” hoe minder informatie over iemand =
grotere neiging
Zien maar een klein onderdeel van de werkelijkheid hoe iemand
effectief is
Denk aan gestaltpsychologie: denken graag in gehelen, vullen
totaalbeeld aan
- Gaan zien wat we willen zien, stemming beïnvloed hoe we zaken gaan
zien
Als je bepaalde stemming/mood hebt, ga je ook enkel die dingen
zien in wereld
- We selecteren zelf actief wat we willen zien en wat niet
Perseverance effect (‘hardnekkigheidseffect’) (zie verder)
Self fulfilling prophecy (hangt samen met Pygmalion)
o Verwachting = werkelijkheid, hoe we mensen zien zorgt dat dat
waar wordt
Bv. Denken van WN’s -> lui, niet in geloven = gaan zich niet meer inzetten
en lui worden
- We lokken het gedrag uit dat we verwachten te zien
Pygmalion effect (als je denkt van LLN oké ze zijn slim, gaat dat zich
omzetten)
Degene die je niet leuk vindt… vindt jou meestal ook niet leuk