Bronnen en Beginselen
Objectief recht 25-26
HOOFDSTUK 1 - OBJECTIEF EN SUBJECTIEF RECHT
Wat is recht?
Recht is alomtegenwoordig in de samenleving.
De term “recht” wordt in verschillende betekenissen gebruikt:
● als individuele aanspraak (recht hebben om iets te doen, rechten van de mens)
● als geheel van rechtsregels in een samenleving (bijv. het Belgisch recht)
● als deelgebied dat geldt voor een bepaald maatschappelijk domein (bijv.
milieurecht)
● als studiegebied (“rechten” studeren, “master in de rechten”)
⇒ Er bestaat geen unieke en alomvattende definitie van wat recht is.
Recht is relatief in tijd en ruimte:
● Recht wijzigt en evolueert in de tijd, net zoals de samenleving.
● Nieuwe wetten worden aangenomen, bestaande worden gewijzigd.
● De wijze waarop rechters recht spreken kan veranderen.
Recht is een nationaal gegeven.
● Staten oefenen hun soeverein gezag uit via hun eigen recht.
● Nationale rechtsstelsels verschillen, zoals het Belgische en Duitse recht.
Internationale samenwerking leidt tot internationaal recht.
● Op mondiaal niveau (bijv. Verenigde Naties)
● Op regionaal niveau (bijv. Europese Unie)
● Bilateraal of multilateraal tussen Staten
Transnationale ontwikkelingen kunnen leiden tot gedeeltelijke harmonisatie van recht
tussen Staten.
Wat wordt bedoeld met objectief recht en wat met subjectieve rechten?
Objectief recht
● Het geheel van rechtsregels die in de samenleving gelden.
● Het bepaalt welke regels vaststaan en waaraan iedereen zich moet houden.
Subjectieve rechten
● Een aanspraak die een persoon kan laten gelden.
● Subjectieve rechten bestaan enkel wanneer ze steunen op een regel uit het
objectieve recht.
● Voorbeeld: bij aankoop van een goed heeft de koper een subjectief recht op
levering omdat dit in de rechtsregels (artikelen 1603 en 1604 oud BW) is
vastgelegd.
,Wat wordt verstaan onder het objectieve recht? Licht toe aan de hand van
definities, kernkenmerken en benaderingen.
Wat is het objectieve recht?
● Recht dat in een samenleving geldt.
● Het geheel van rechtsregels die op een bepaald moment en plaats van toepassing
zijn.
⇒ Wordt ook het positieve recht genoemd.
● Geen eensluidende definitie van wat objectief recht is.
Voorbeelden van definities
● Henri De Page: geheel van regels die onder sociale dwang het handelen van
mensen in de samenleving bestuurd.
● Dabin: min of meer coherent en afgewerkt geheel van gedragsregels,
uitgevaardigd door openbaar gezag, met publieke dwang en gericht op het
gemeenschappelijk welzijn.
● Andere omschrijvingen benadrukken:
○ ordening van maatschappelijke verhoudingen
○ effectieve afdwinging
○ institutionele voorschriften
○ rechtszekere en rechtvaardige maatschappelijke ordening
⇒ Gelijklopende elementen in definities
● Recht richt zich op normatieve ordening van de
samenleving.
● Recht vormt een geheel van regels en voorschriften.
● Recht wordt uitgevaardigd door maatschappelijk gezag.
● Recht is afdwingbaar.
Abstract karakter
● Toegespitst op rechtsregels.
● Rechtsregels worden uitgevaardigd, toegepast en afgedwongen door bevoegde
overheid.
Benaderingen van het objectieve recht
1. Regelgeoriënteerde benadering (law in books)
● Focus op rechtsregels en hun samenhang.
● Ook genoemd: doctrinaire benadering.
2. Gedragsgeoriënteerde benadering (law in action)
● Recht als geheel van regelmatige gedragingen in de samenleving.
● Kijkt naar feitelijke naleving.
,Gevolgen voor studie van het recht
Rechtsdogmatiek
● Wetenschappelijke studie van het objectieve recht zelf.
Meta-juridische studie
● Recht als maatschappelijk fenomeen.
● Onderzoekt totstandkoming, uitwerking en naleving.
● Gebeurt vanuit verschillende disciplines:
○ antropologie
○ economie
○ filosofie
○ geschiedenis
○ politicologie
○ psychologie
○ sociologie
○ taalkunde
Statisch karakter
● Objectief recht = het bestaande, geldende recht op een bepaald ogenblik.
● “Statisch” betekent niet dat het recht onveranderlijk is.
⇒ Verandering in tijd en ruimte
● Objectief recht evolueert mee met de samenleving.
● Wijzigingen door:
○ nieuwe maatschappelijke noden
○ aanpassingen door de wetgever
○ evoluties in rechtspraak (interpretatie en toepassing door rechters)
● Gevolg: delen van het recht die je tijdens je opleiding leert, kunnen bij afstuderen
al gewijzigd zijn.
● Daarom is levenslang leren noodzakelijk voor juristen.
, Wat houdt materieel recht en formeel recht in?
Materieel recht
● Deel van het objectieve recht dat de inhoud van rechtsregels vastlegt.
● Bepaalt o.a.:
○ rechten en plichten van personen
○ voorwaarden om bepaalde handelingen rechtsgeldig te stellen
○ verboden gedragingen
○ gevolgen van handelingen of gebeurtenissen
Formeel recht
● Bepaalt de procedures om het materiële recht af te dwingen en te handhaven.
● Omvat o.a.:
○ regels van het privaatrechtelijk procesrecht (geschillen tussen private
personen)
○ regels van het strafprocesrecht (bestraffing van strafrechtelijke inbreuken)
○ regels van het bestuurlijke procesrecht (geschillenbeslechting met
overheden)
Wat houdt subjectieve rechten in?
● Subjectieve rechten zijn aanspraken of bevoegdheden die een persoon kan
uitoefenen.
○ Ze worden door het objectieve recht erkend of toegekend !!
● Ze dienen om de menselijke behoeften en doelstellingen van een individu te
bevredigen.
● Tegenover een subjectief recht staat vaak een juridische verplichting van een
derde, waarvan de naleving voor de rechter kan worden afgedwongen.
● Een subjectief recht bestaat alleen wanneer het steunt op een regel uit het
objectieve recht.
● Voorbeeld: het eigendomsrecht in artikel 3.50 BW bepaalt de aanspraken van de
eigenaar, zoals gebruik, genot en beschikking, behoudens wettelijke beperkingen.
● In de meeste gevallen bepaalt de wetgever het bestaan en de draagwijdte van
een subjectief recht.
● Wanneer een subjectief recht wordt erkend in de Grondwet of een internationaal
mensenrechtenverdrag, spreekt men van een grondrecht of fundamenteel recht.
● Naast subjectieve rechten erkent het recht ook belangen waarvoor geen juridisch
afdwingbaar subjectief recht bestaat, maar die toch bescherming kunnen krijgen,
zoals tussenkomst van de jeugdrechter of schadevergoeding bij onrechtmatige
aantasting.
Objectief recht 25-26
HOOFDSTUK 1 - OBJECTIEF EN SUBJECTIEF RECHT
Wat is recht?
Recht is alomtegenwoordig in de samenleving.
De term “recht” wordt in verschillende betekenissen gebruikt:
● als individuele aanspraak (recht hebben om iets te doen, rechten van de mens)
● als geheel van rechtsregels in een samenleving (bijv. het Belgisch recht)
● als deelgebied dat geldt voor een bepaald maatschappelijk domein (bijv.
milieurecht)
● als studiegebied (“rechten” studeren, “master in de rechten”)
⇒ Er bestaat geen unieke en alomvattende definitie van wat recht is.
Recht is relatief in tijd en ruimte:
● Recht wijzigt en evolueert in de tijd, net zoals de samenleving.
● Nieuwe wetten worden aangenomen, bestaande worden gewijzigd.
● De wijze waarop rechters recht spreken kan veranderen.
Recht is een nationaal gegeven.
● Staten oefenen hun soeverein gezag uit via hun eigen recht.
● Nationale rechtsstelsels verschillen, zoals het Belgische en Duitse recht.
Internationale samenwerking leidt tot internationaal recht.
● Op mondiaal niveau (bijv. Verenigde Naties)
● Op regionaal niveau (bijv. Europese Unie)
● Bilateraal of multilateraal tussen Staten
Transnationale ontwikkelingen kunnen leiden tot gedeeltelijke harmonisatie van recht
tussen Staten.
Wat wordt bedoeld met objectief recht en wat met subjectieve rechten?
Objectief recht
● Het geheel van rechtsregels die in de samenleving gelden.
● Het bepaalt welke regels vaststaan en waaraan iedereen zich moet houden.
Subjectieve rechten
● Een aanspraak die een persoon kan laten gelden.
● Subjectieve rechten bestaan enkel wanneer ze steunen op een regel uit het
objectieve recht.
● Voorbeeld: bij aankoop van een goed heeft de koper een subjectief recht op
levering omdat dit in de rechtsregels (artikelen 1603 en 1604 oud BW) is
vastgelegd.
,Wat wordt verstaan onder het objectieve recht? Licht toe aan de hand van
definities, kernkenmerken en benaderingen.
Wat is het objectieve recht?
● Recht dat in een samenleving geldt.
● Het geheel van rechtsregels die op een bepaald moment en plaats van toepassing
zijn.
⇒ Wordt ook het positieve recht genoemd.
● Geen eensluidende definitie van wat objectief recht is.
Voorbeelden van definities
● Henri De Page: geheel van regels die onder sociale dwang het handelen van
mensen in de samenleving bestuurd.
● Dabin: min of meer coherent en afgewerkt geheel van gedragsregels,
uitgevaardigd door openbaar gezag, met publieke dwang en gericht op het
gemeenschappelijk welzijn.
● Andere omschrijvingen benadrukken:
○ ordening van maatschappelijke verhoudingen
○ effectieve afdwinging
○ institutionele voorschriften
○ rechtszekere en rechtvaardige maatschappelijke ordening
⇒ Gelijklopende elementen in definities
● Recht richt zich op normatieve ordening van de
samenleving.
● Recht vormt een geheel van regels en voorschriften.
● Recht wordt uitgevaardigd door maatschappelijk gezag.
● Recht is afdwingbaar.
Abstract karakter
● Toegespitst op rechtsregels.
● Rechtsregels worden uitgevaardigd, toegepast en afgedwongen door bevoegde
overheid.
Benaderingen van het objectieve recht
1. Regelgeoriënteerde benadering (law in books)
● Focus op rechtsregels en hun samenhang.
● Ook genoemd: doctrinaire benadering.
2. Gedragsgeoriënteerde benadering (law in action)
● Recht als geheel van regelmatige gedragingen in de samenleving.
● Kijkt naar feitelijke naleving.
,Gevolgen voor studie van het recht
Rechtsdogmatiek
● Wetenschappelijke studie van het objectieve recht zelf.
Meta-juridische studie
● Recht als maatschappelijk fenomeen.
● Onderzoekt totstandkoming, uitwerking en naleving.
● Gebeurt vanuit verschillende disciplines:
○ antropologie
○ economie
○ filosofie
○ geschiedenis
○ politicologie
○ psychologie
○ sociologie
○ taalkunde
Statisch karakter
● Objectief recht = het bestaande, geldende recht op een bepaald ogenblik.
● “Statisch” betekent niet dat het recht onveranderlijk is.
⇒ Verandering in tijd en ruimte
● Objectief recht evolueert mee met de samenleving.
● Wijzigingen door:
○ nieuwe maatschappelijke noden
○ aanpassingen door de wetgever
○ evoluties in rechtspraak (interpretatie en toepassing door rechters)
● Gevolg: delen van het recht die je tijdens je opleiding leert, kunnen bij afstuderen
al gewijzigd zijn.
● Daarom is levenslang leren noodzakelijk voor juristen.
, Wat houdt materieel recht en formeel recht in?
Materieel recht
● Deel van het objectieve recht dat de inhoud van rechtsregels vastlegt.
● Bepaalt o.a.:
○ rechten en plichten van personen
○ voorwaarden om bepaalde handelingen rechtsgeldig te stellen
○ verboden gedragingen
○ gevolgen van handelingen of gebeurtenissen
Formeel recht
● Bepaalt de procedures om het materiële recht af te dwingen en te handhaven.
● Omvat o.a.:
○ regels van het privaatrechtelijk procesrecht (geschillen tussen private
personen)
○ regels van het strafprocesrecht (bestraffing van strafrechtelijke inbreuken)
○ regels van het bestuurlijke procesrecht (geschillenbeslechting met
overheden)
Wat houdt subjectieve rechten in?
● Subjectieve rechten zijn aanspraken of bevoegdheden die een persoon kan
uitoefenen.
○ Ze worden door het objectieve recht erkend of toegekend !!
● Ze dienen om de menselijke behoeften en doelstellingen van een individu te
bevredigen.
● Tegenover een subjectief recht staat vaak een juridische verplichting van een
derde, waarvan de naleving voor de rechter kan worden afgedwongen.
● Een subjectief recht bestaat alleen wanneer het steunt op een regel uit het
objectieve recht.
● Voorbeeld: het eigendomsrecht in artikel 3.50 BW bepaalt de aanspraken van de
eigenaar, zoals gebruik, genot en beschikking, behoudens wettelijke beperkingen.
● In de meeste gevallen bepaalt de wetgever het bestaan en de draagwijdte van
een subjectief recht.
● Wanneer een subjectief recht wordt erkend in de Grondwet of een internationaal
mensenrechtenverdrag, spreekt men van een grondrecht of fundamenteel recht.
● Naast subjectieve rechten erkent het recht ook belangen waarvoor geen juridisch
afdwingbaar subjectief recht bestaat, maar die toch bescherming kunnen krijgen,
zoals tussenkomst van de jeugdrechter of schadevergoeding bij onrechtmatige
aantasting.