Hoofdstuk 1 Veneuze trombose en embolie
1. Veneuze trombose
Veneuze trombose = het opstoppen van een vene door een bloedklonter. Deze
kan voorkomen in de oppervlakkige venen of in de dieper gelegen venen. Bij
oppervlakkige venen spreken we van een aderontsteking of flebitis. Bij de dieper
gelegen venen over diepe veneuze trombose.
Oorzaken veneuze trombose:
1) Vertraagde bloedflow
- Bedlegerigheid
- Veneuze insufficiëntie
- Zwangerschap
2) Verhoogde stolbaarheid
- Erfelijke afwijkingen
- Inname v/d pil
- Diabetes
- Obesitas
- Leeftijd
3) Vaatwand beschadiging
- Onvoldoende fixatie v/d katheter
- Irritatie door de infuusvloeistof
Symptomen thv de oppervlakkige venen (flebitis):
- Lokale roodheid
- Ader voelt warm aan
- Harde, pijnlijke ader
- Zwelling
Symptomen thv de diepe venen (DVT):
- Pijn i/h aangetaste lidmaat
- Oedeemvorming
- Glanzende huid (door oedeem)
- Temperatuurverschil tussen beide benen
- Rode of blauwe verkleuring
- Koorts, snelle pols, malaise
- Positief teken van Homan : voet naar rug toeduwen voelt pijnlijk
Diagnose diep veneuze trombose:
- Anamnese
- Klinisch onderzoek
- Labo: D-dimeren
- Duplexonderzoek
D-dimeren = afbraakproducten die bij een trombosevorming en trombose-
afbraak worden gevormd.
, Duplexonderzoek = wanneer men zowel met een echo de bloedvaten zichtbaar
gaat maken, als met een doppler naar de bloedstroom gaat luisteren.
Doel behandeling van een diep veneuze trombose:
- Uitbreiding trombose voorkomen
- Voorkomen van een longembolie
- Ontwikkeling post-trombotisch syndroom voorkomen
Post-trombotisch syndroom = wanneer een beentrombose niet tijdig behandeld
wordt. Hierdoor groeit de klonter vast aan de vaatwand, waardoor de
klepwerking belemmerd wordt en de bevloeiing van het lidmaat niet meer
optimaal is. Deze situatie creëert dan een chronische aderaandoening.
Symptomen post-trombotisch syndroom:
- Oedeem
- Jeuk
- Steeds terugkerende ontstekingen
- Neiging tot herhaalde trombose
Gevolg post-trombotisch syndroom: ulcus cruris.
Behandeling van flebitis:
- Geneest meestal spontaan na enkele weken
- Pijnstilling
- Lokale kompressen (koude of warme)
- Ontstekingsremmende gel
Behandeling van een diep veneuze trombose:
- Anti-coagulantia
- Compressietherapie (bij oedeem)
- Operatieve verwijdering/overbrugging v/h aangetaste bloedvat
Bedrust is niet aangeraden!
Preventie trombose:
- Medicatie
- Risicofactoren opsporen
- Passieve en actieve mobilisatie
- Hoogstand v/d benen
- Compressiekousen
2. Longembolie
Longembolie of pulmonaire embolie = wanneer een stolsel uit het been losschiet
en richting de longslagader gaat. Als dit dan ter hoogte van de longen komt vast
1. Veneuze trombose
Veneuze trombose = het opstoppen van een vene door een bloedklonter. Deze
kan voorkomen in de oppervlakkige venen of in de dieper gelegen venen. Bij
oppervlakkige venen spreken we van een aderontsteking of flebitis. Bij de dieper
gelegen venen over diepe veneuze trombose.
Oorzaken veneuze trombose:
1) Vertraagde bloedflow
- Bedlegerigheid
- Veneuze insufficiëntie
- Zwangerschap
2) Verhoogde stolbaarheid
- Erfelijke afwijkingen
- Inname v/d pil
- Diabetes
- Obesitas
- Leeftijd
3) Vaatwand beschadiging
- Onvoldoende fixatie v/d katheter
- Irritatie door de infuusvloeistof
Symptomen thv de oppervlakkige venen (flebitis):
- Lokale roodheid
- Ader voelt warm aan
- Harde, pijnlijke ader
- Zwelling
Symptomen thv de diepe venen (DVT):
- Pijn i/h aangetaste lidmaat
- Oedeemvorming
- Glanzende huid (door oedeem)
- Temperatuurverschil tussen beide benen
- Rode of blauwe verkleuring
- Koorts, snelle pols, malaise
- Positief teken van Homan : voet naar rug toeduwen voelt pijnlijk
Diagnose diep veneuze trombose:
- Anamnese
- Klinisch onderzoek
- Labo: D-dimeren
- Duplexonderzoek
D-dimeren = afbraakproducten die bij een trombosevorming en trombose-
afbraak worden gevormd.
, Duplexonderzoek = wanneer men zowel met een echo de bloedvaten zichtbaar
gaat maken, als met een doppler naar de bloedstroom gaat luisteren.
Doel behandeling van een diep veneuze trombose:
- Uitbreiding trombose voorkomen
- Voorkomen van een longembolie
- Ontwikkeling post-trombotisch syndroom voorkomen
Post-trombotisch syndroom = wanneer een beentrombose niet tijdig behandeld
wordt. Hierdoor groeit de klonter vast aan de vaatwand, waardoor de
klepwerking belemmerd wordt en de bevloeiing van het lidmaat niet meer
optimaal is. Deze situatie creëert dan een chronische aderaandoening.
Symptomen post-trombotisch syndroom:
- Oedeem
- Jeuk
- Steeds terugkerende ontstekingen
- Neiging tot herhaalde trombose
Gevolg post-trombotisch syndroom: ulcus cruris.
Behandeling van flebitis:
- Geneest meestal spontaan na enkele weken
- Pijnstilling
- Lokale kompressen (koude of warme)
- Ontstekingsremmende gel
Behandeling van een diep veneuze trombose:
- Anti-coagulantia
- Compressietherapie (bij oedeem)
- Operatieve verwijdering/overbrugging v/h aangetaste bloedvat
Bedrust is niet aangeraden!
Preventie trombose:
- Medicatie
- Risicofactoren opsporen
- Passieve en actieve mobilisatie
- Hoogstand v/d benen
- Compressiekousen
2. Longembolie
Longembolie of pulmonaire embolie = wanneer een stolsel uit het been losschiet
en richting de longslagader gaat. Als dit dan ter hoogte van de longen komt vast