Didactiek Frans
Inhoud
Les 1 – de visie op Frans in de basisschool......................................................................................................................1
Les 2 – Aanbrengen van nieuwe woordenschat..............................................................................................................5
Les 3 – Eindtermen, leerplannen en leerdoelen..............................................................................................................8
Les 4 – Grammatica.........................................................................................................................................................9
Les 5 – Taalinitiatie........................................................................................................................................................14
Les 6 – Cultuur...............................................................................................................................................................16
Les 1 – de visie op Frans in de basisschool
Doelgerichte communicatie = herhaalt wat het doel is
Bouwstenen communicatie = herhaal welke bouwstenen nodig zijn
Doelgerichte communicatie
Doel = communicatie
Vb. de weg vragen en uitleggen, iets kopen in de winkel, zichzelf voorstellen
Betekenisvolle situaties = zinvolle, realistische opdrachten, die in het echte leven voorkomen, benadert een
authentieke situatie.
- De weg vragen en uitleggen
- Iets bestellen op restaurant
- Een enquête invullen
Niet betekenisvolle situaties
- Een dialoog tussen marktkramer en klant uitschrijven
In de echte wereld komt dit niet aan bod
- Losse zinnen overschrijven
- Een dialoog uit het hoofd leren en opzeggen
Naar inoefenen kan een invuloefening interessant zijn
Losse zinnen overschrijven kan interessant zijn voor de schrijfwijze van bepaalde woorden
Bouwstenen:
- Eenvoudige boodschappen begrijpen
- Eenvoudige boodschappen overbrengen
Vaardigheden
- Lezen
- Schrijven
- Luisteren
- Mondelinge interactie
- Spreken
Fundament (kennen)
- Grammatica
- Woordenschat
Mondelinge vaardigheden: mondelinge interactie, spreken, luisteren
Ligt het accent!!!!
Schriftelijke vaardigheden: leren en schrijven
Receptieve vaardigheden (taal die je ontvangt) : lezen en luisteren
Productieve vaardigheden (zelf taal gaan produceren ) : schrijven, spreken, mondeling interactie
Oefening 1 : (dialoog)
- Grammatica
, - Lezen
Oefening 2 : ( maison)
- Lezen
Oefening 3 : (lichaamsdelen)
- Mondeling interactie
Oefening 4 : (woordenschatlijst)
- Woordenschat, kennis
- Uitspraak
Spelling hoort bij kennis en niet bij vaardigheden
Talige grondhouding
- Openstaan voor talen en talige diversiteit
- Streven naar correct, verzorgd en gepast taalgebruik
Wanneer wordt aan de talige grondhouding gewerkt?
Elke les integreren, manier waarop je zelf tov de taal staat
Vaardigheden verwerven = proces
- Stapsgewijze aanpak
- Oefeningen/opdrachten aanbieden met stijgende moeilijkheidsgraad
Vb. Orden van makkelijk naar moeilijk :
1. Dialoog uit het hoofd opzeggen
2. Dialoog vertalen of dialoog als invuloefening
3. Dialoog zoals mondeling examen
4. Dialoog zonder voorbereiding en zonder leidraad
Een taxonomie voor het vreemde taalonderwijs:
Receptieve vaardigheden Productieve vaardigheden
Zoeken Reproduceren
Inhoudsvragen oplossen over tekst Kopiëren/uit het hoofd geleerd
Parafraseren, vertalen Produceren: gestuurd
Tekst in eigen woorden navertellen/vertalen Vertaal-/invuloefening
Structureren Produceren: geleid
Verbanden leggen Geleide opdracht met formuleringsvrijheid
Samenvatten Produceren: open
De essentie bepalen en verwoorden Open opdracht
Interpreteren
Tweede, niet aan de oppervlakte liggende betekenis
toekennen
Belang van strategieën
Vaardigheden verwerven = proces
- Stapsgewijze aanpak
- Strategieën leren inzetten
Strategieën = technieken die ervoor zorgen dat de communicatie niet stilvalt wanneer je iets niet helemaal
begrijpt/kan verwoorden
Doen leerlingen niet automatisch
- Moet expliciet aangeleerd worden
- Stapsgewijze aanpak: driefasenmodel
o Sterke sturing
o Gedeelde sturing
o Losse sturing
, Fase 1 - Sterke sturing
Modeling :
- De leerkracht doet denkprocessen hardop voor
- Leerkracht licht werkwijze expliciet toe
Ik bekijk de lay-out en vraag me af waar ik dit soort teksten tegenkom. Ik lees de titel en voorspel waarover
de tekst zou kunnen gaan
Scaffolding
- Leerkracht stelt strategische vragen
- Leerling voert de strategie uit
Lees eens de titel. Wat zie je op de afbeelding? Welke soort tekst is dit volgens jou? Waarover zou de tekst
kunnen gaan?
Fase 2 – gedeelde sturing
Leerling past de strategie bewust toe
Vaak met ondersteuning (stappenplan, handelingswijze)
Rolwisselend onderwijs
- Per 2 oefenen
- Ene leerling = ‘leerkracht’ (met stappenplan), andere leerling voert uit
- Bij grote verschillen: sterke leerling (=hogere leerstatus) bij zwakkere leerling
Fase 3 – losse sturing
Leerling past strategie zelfstandig toe
Leerkracht observeert en geeft aanwijzingen of koppelt klassikaal terug
Doeltaal = voertaal
Voordelen
- Onbewust nieuwe woorden/zinconstructies leren
- Leerlingen leren nieuwe strategieën
o Vertalen = wennen
- Oefenen op luistervaardigheid en mondeling interactie
- Nadenken in taal. Vermijd taalreflex
Moeilijkheden?
- Vanachter zitten en misschien niet goed horen
- Leerkracht durft niet te spreken, eigen taalvaardigheid
- Leerlingen haken af
Aandachtspunten
- Doorzetten!! Eerste maanden = het moeilijkst
- Stapsgewijs werken. Klasintructies = absoluut minimum
- Uitleg grammatica + begripsvragen bij lees-/luistertekst: Nederlands.
Instructietaal
Stapsgewijs opbouwen
- Eerst de meest frequente instructies, geleidelijk aan uitbreiden
- Eerst met hulpmiddelen, daarna zonder
Ondersteuningsmogelijkheden
- Visueel
- Expressie
- Uitleggen in het Nederlands
- Herhaling van aangeleerde basisuitdrukkingen buiten de les frans
- Spelvormen
Voelt Frans voor jou nog wat aan als Chinees?
- Stapsgewijs opbouwen
- Basisinstructies = absoluut minimum
- Hulpmiddelen toledo
Inhoud
Les 1 – de visie op Frans in de basisschool......................................................................................................................1
Les 2 – Aanbrengen van nieuwe woordenschat..............................................................................................................5
Les 3 – Eindtermen, leerplannen en leerdoelen..............................................................................................................8
Les 4 – Grammatica.........................................................................................................................................................9
Les 5 – Taalinitiatie........................................................................................................................................................14
Les 6 – Cultuur...............................................................................................................................................................16
Les 1 – de visie op Frans in de basisschool
Doelgerichte communicatie = herhaalt wat het doel is
Bouwstenen communicatie = herhaal welke bouwstenen nodig zijn
Doelgerichte communicatie
Doel = communicatie
Vb. de weg vragen en uitleggen, iets kopen in de winkel, zichzelf voorstellen
Betekenisvolle situaties = zinvolle, realistische opdrachten, die in het echte leven voorkomen, benadert een
authentieke situatie.
- De weg vragen en uitleggen
- Iets bestellen op restaurant
- Een enquête invullen
Niet betekenisvolle situaties
- Een dialoog tussen marktkramer en klant uitschrijven
In de echte wereld komt dit niet aan bod
- Losse zinnen overschrijven
- Een dialoog uit het hoofd leren en opzeggen
Naar inoefenen kan een invuloefening interessant zijn
Losse zinnen overschrijven kan interessant zijn voor de schrijfwijze van bepaalde woorden
Bouwstenen:
- Eenvoudige boodschappen begrijpen
- Eenvoudige boodschappen overbrengen
Vaardigheden
- Lezen
- Schrijven
- Luisteren
- Mondelinge interactie
- Spreken
Fundament (kennen)
- Grammatica
- Woordenschat
Mondelinge vaardigheden: mondelinge interactie, spreken, luisteren
Ligt het accent!!!!
Schriftelijke vaardigheden: leren en schrijven
Receptieve vaardigheden (taal die je ontvangt) : lezen en luisteren
Productieve vaardigheden (zelf taal gaan produceren ) : schrijven, spreken, mondeling interactie
Oefening 1 : (dialoog)
- Grammatica
, - Lezen
Oefening 2 : ( maison)
- Lezen
Oefening 3 : (lichaamsdelen)
- Mondeling interactie
Oefening 4 : (woordenschatlijst)
- Woordenschat, kennis
- Uitspraak
Spelling hoort bij kennis en niet bij vaardigheden
Talige grondhouding
- Openstaan voor talen en talige diversiteit
- Streven naar correct, verzorgd en gepast taalgebruik
Wanneer wordt aan de talige grondhouding gewerkt?
Elke les integreren, manier waarop je zelf tov de taal staat
Vaardigheden verwerven = proces
- Stapsgewijze aanpak
- Oefeningen/opdrachten aanbieden met stijgende moeilijkheidsgraad
Vb. Orden van makkelijk naar moeilijk :
1. Dialoog uit het hoofd opzeggen
2. Dialoog vertalen of dialoog als invuloefening
3. Dialoog zoals mondeling examen
4. Dialoog zonder voorbereiding en zonder leidraad
Een taxonomie voor het vreemde taalonderwijs:
Receptieve vaardigheden Productieve vaardigheden
Zoeken Reproduceren
Inhoudsvragen oplossen over tekst Kopiëren/uit het hoofd geleerd
Parafraseren, vertalen Produceren: gestuurd
Tekst in eigen woorden navertellen/vertalen Vertaal-/invuloefening
Structureren Produceren: geleid
Verbanden leggen Geleide opdracht met formuleringsvrijheid
Samenvatten Produceren: open
De essentie bepalen en verwoorden Open opdracht
Interpreteren
Tweede, niet aan de oppervlakte liggende betekenis
toekennen
Belang van strategieën
Vaardigheden verwerven = proces
- Stapsgewijze aanpak
- Strategieën leren inzetten
Strategieën = technieken die ervoor zorgen dat de communicatie niet stilvalt wanneer je iets niet helemaal
begrijpt/kan verwoorden
Doen leerlingen niet automatisch
- Moet expliciet aangeleerd worden
- Stapsgewijze aanpak: driefasenmodel
o Sterke sturing
o Gedeelde sturing
o Losse sturing
, Fase 1 - Sterke sturing
Modeling :
- De leerkracht doet denkprocessen hardop voor
- Leerkracht licht werkwijze expliciet toe
Ik bekijk de lay-out en vraag me af waar ik dit soort teksten tegenkom. Ik lees de titel en voorspel waarover
de tekst zou kunnen gaan
Scaffolding
- Leerkracht stelt strategische vragen
- Leerling voert de strategie uit
Lees eens de titel. Wat zie je op de afbeelding? Welke soort tekst is dit volgens jou? Waarover zou de tekst
kunnen gaan?
Fase 2 – gedeelde sturing
Leerling past de strategie bewust toe
Vaak met ondersteuning (stappenplan, handelingswijze)
Rolwisselend onderwijs
- Per 2 oefenen
- Ene leerling = ‘leerkracht’ (met stappenplan), andere leerling voert uit
- Bij grote verschillen: sterke leerling (=hogere leerstatus) bij zwakkere leerling
Fase 3 – losse sturing
Leerling past strategie zelfstandig toe
Leerkracht observeert en geeft aanwijzingen of koppelt klassikaal terug
Doeltaal = voertaal
Voordelen
- Onbewust nieuwe woorden/zinconstructies leren
- Leerlingen leren nieuwe strategieën
o Vertalen = wennen
- Oefenen op luistervaardigheid en mondeling interactie
- Nadenken in taal. Vermijd taalreflex
Moeilijkheden?
- Vanachter zitten en misschien niet goed horen
- Leerkracht durft niet te spreken, eigen taalvaardigheid
- Leerlingen haken af
Aandachtspunten
- Doorzetten!! Eerste maanden = het moeilijkst
- Stapsgewijs werken. Klasintructies = absoluut minimum
- Uitleg grammatica + begripsvragen bij lees-/luistertekst: Nederlands.
Instructietaal
Stapsgewijs opbouwen
- Eerst de meest frequente instructies, geleidelijk aan uitbreiden
- Eerst met hulpmiddelen, daarna zonder
Ondersteuningsmogelijkheden
- Visueel
- Expressie
- Uitleggen in het Nederlands
- Herhaling van aangeleerde basisuitdrukkingen buiten de les frans
- Spelvormen
Voelt Frans voor jou nog wat aan als Chinees?
- Stapsgewijs opbouwen
- Basisinstructies = absoluut minimum
- Hulpmiddelen toledo