Hoofdstuk 3: Sociale verschillen
1. Sociale structuur
1.1 Pioniers
Hoe ontstonden de gedragswetenschappen in de 19de eeuw?
- Door grote vooruitgang van de onderzoeksmethoden van de natuurwetenschappen
- Door de kritische openheid die de verlichting met zich mee bracht
Er zijn 3 pioniers van de sociologie. Zij lanceerden de ‘studie van de samenleving’. De
pioniers leefden in een maatschappij die aan het veranderen was door de industrialisatie.
Ze observeerde als eerste de oorzaken en gevolgen van die veranderingen
Via die observaties gingen ze op zoek naar oplossingen en alternatieven
Ze geloofden in de maakbaarheid van de samenleving en sociologie was een bruikbaar
wetenschappelijk instrument om die samenleving te verbeteren
1) Karl Marx
- Duitse filosoof
- Was journalist en schreef over politiek en economie
- Maakte de eerste analyse van de industriële transformatie van Europa
- Er was internationale belangstelling voor zijn unieke interdisciplinaire visie en mening
- Toen hij in Londen woonde werd hij geconfronteerd met armoede en ellende ten
gevolge van de industrialisatie
- Er werd een handjevol ondernemers rijk ten koste van de massa arbeiders die lange
dagen werkten voor een klein loon
- Deze kwestie behandelde Marx in zijn levenswerk ‘Das Kapital’
o Eigenaars van fabrieken noemde hij = kapitalisten
o De arbeiders noemde hij = proletariaat
- Deze twee klassen hadden een tegengesteld doel: Zo veel mogelijk winst maken met
zo weinig mogelijk kosten versus een volwaardig loon en een menswaardig bestaan
- Dit leidt tot een sociaal conflict, dat enkel kan opgelost worden door een revolutie
die het kapitalisme vernietigd
- Nood aan klassenbewustzijn: besef dat sociale verandering mogelijk is door zich met
alle leden van dezelfde klasse te verenigen en protestacties te voeren
- Marxisme = basis voor socialisme en communisme (klasseloze maatschappij)
1
, 2) Emile Durkheim
- Franse socioloog
- Interessante theorieën over de samenleving, sociale cohesie, onderwijs, criminaliteit
en solidariteit
- Hij was de eerste die het begrip sociale feiten lanceerde = de invloed van de
samenleving op het gedrag van de burgers benadrukken
- Volgens hem is de maatschappij een collectiviteit die zichtbaar wordt door het
uniforme sociaal handelen van de mensen
- Die sociale cohesie wordt sterker wanneer mensen dezelfde waarden, normen,
regels,… hanteren
- Het onderwijs heeft een belangrijke socialiserende functie
o Morele discipline stoomt kinderen klaar voor het samenleven
- De industriële revolutie heeft ervoor gezorgd dat de traditionele maatschappij plaats
gemaakt heeft voor een moderne maatschappij
o Traditionele: mechanische solidariteit = mensen sloten zicht automatisch aan
bij groepen en verenigingen vanwege een gedeelde moraliteit
o Moderne: organische solidariteit = niet meer gebaseerd op gelijkheden, maar
op onderliggende verschillen. Mensen gingen samenleven en werken met
andere die ze niet persoonlijk kennen
- Individuen = onderdeel van de arbeidsketen, elkaar hard nodig om in basisbehoeften
te voorzien. Ze gingen groeperen om de sociale orde in de maatschappij te
waarborgen vb. sociale zekerheid
- De evolutie naar organische solidariteit bezorgde Durkheim een dilemma: individu
krijgt meer technologische macht en persoonlijke vrijheid en verliest zo aan
moraliteit
o Zorgt ook voor een groeiende anomie (normloosheid) en dat uit zich in
deviant gedrag zoals criminaliteit
3) Max Weber
- Advocaat en professor in recht en economie
- Multitasker op verschillende domeinen
- Vulde het werk van Marx verder aan
- Hij beschouwde de moderne samenleving als een nieuwe manier van denken
o Zorgde voor de bevrijding van het individue van radicaal relgieus geloof en
maakte van hen rationaal denkende wezens
o Een samenleving = een verzameling van verschillende levensbeschouwingen,
zowel traditioneel als rationeel
- Weber zag kapitalisme als resulaat van rationeel denken: het streven naar winst met
zo weinig mogelijk kosten. Marx was het daar niet mee eens!
- Godsdienst zag Weber als cruciale rol in het ontstaan van het kapitalimse
o Hard werken, sober leven, veel geld verdienen en op nieuw investeren
- Op het vlak van sociale stratificatie verschilden Weber en Marx ook
o sociale stratificatie = het indelen van mensen in groepen
2
1. Sociale structuur
1.1 Pioniers
Hoe ontstonden de gedragswetenschappen in de 19de eeuw?
- Door grote vooruitgang van de onderzoeksmethoden van de natuurwetenschappen
- Door de kritische openheid die de verlichting met zich mee bracht
Er zijn 3 pioniers van de sociologie. Zij lanceerden de ‘studie van de samenleving’. De
pioniers leefden in een maatschappij die aan het veranderen was door de industrialisatie.
Ze observeerde als eerste de oorzaken en gevolgen van die veranderingen
Via die observaties gingen ze op zoek naar oplossingen en alternatieven
Ze geloofden in de maakbaarheid van de samenleving en sociologie was een bruikbaar
wetenschappelijk instrument om die samenleving te verbeteren
1) Karl Marx
- Duitse filosoof
- Was journalist en schreef over politiek en economie
- Maakte de eerste analyse van de industriële transformatie van Europa
- Er was internationale belangstelling voor zijn unieke interdisciplinaire visie en mening
- Toen hij in Londen woonde werd hij geconfronteerd met armoede en ellende ten
gevolge van de industrialisatie
- Er werd een handjevol ondernemers rijk ten koste van de massa arbeiders die lange
dagen werkten voor een klein loon
- Deze kwestie behandelde Marx in zijn levenswerk ‘Das Kapital’
o Eigenaars van fabrieken noemde hij = kapitalisten
o De arbeiders noemde hij = proletariaat
- Deze twee klassen hadden een tegengesteld doel: Zo veel mogelijk winst maken met
zo weinig mogelijk kosten versus een volwaardig loon en een menswaardig bestaan
- Dit leidt tot een sociaal conflict, dat enkel kan opgelost worden door een revolutie
die het kapitalisme vernietigd
- Nood aan klassenbewustzijn: besef dat sociale verandering mogelijk is door zich met
alle leden van dezelfde klasse te verenigen en protestacties te voeren
- Marxisme = basis voor socialisme en communisme (klasseloze maatschappij)
1
, 2) Emile Durkheim
- Franse socioloog
- Interessante theorieën over de samenleving, sociale cohesie, onderwijs, criminaliteit
en solidariteit
- Hij was de eerste die het begrip sociale feiten lanceerde = de invloed van de
samenleving op het gedrag van de burgers benadrukken
- Volgens hem is de maatschappij een collectiviteit die zichtbaar wordt door het
uniforme sociaal handelen van de mensen
- Die sociale cohesie wordt sterker wanneer mensen dezelfde waarden, normen,
regels,… hanteren
- Het onderwijs heeft een belangrijke socialiserende functie
o Morele discipline stoomt kinderen klaar voor het samenleven
- De industriële revolutie heeft ervoor gezorgd dat de traditionele maatschappij plaats
gemaakt heeft voor een moderne maatschappij
o Traditionele: mechanische solidariteit = mensen sloten zicht automatisch aan
bij groepen en verenigingen vanwege een gedeelde moraliteit
o Moderne: organische solidariteit = niet meer gebaseerd op gelijkheden, maar
op onderliggende verschillen. Mensen gingen samenleven en werken met
andere die ze niet persoonlijk kennen
- Individuen = onderdeel van de arbeidsketen, elkaar hard nodig om in basisbehoeften
te voorzien. Ze gingen groeperen om de sociale orde in de maatschappij te
waarborgen vb. sociale zekerheid
- De evolutie naar organische solidariteit bezorgde Durkheim een dilemma: individu
krijgt meer technologische macht en persoonlijke vrijheid en verliest zo aan
moraliteit
o Zorgt ook voor een groeiende anomie (normloosheid) en dat uit zich in
deviant gedrag zoals criminaliteit
3) Max Weber
- Advocaat en professor in recht en economie
- Multitasker op verschillende domeinen
- Vulde het werk van Marx verder aan
- Hij beschouwde de moderne samenleving als een nieuwe manier van denken
o Zorgde voor de bevrijding van het individue van radicaal relgieus geloof en
maakte van hen rationaal denkende wezens
o Een samenleving = een verzameling van verschillende levensbeschouwingen,
zowel traditioneel als rationeel
- Weber zag kapitalisme als resulaat van rationeel denken: het streven naar winst met
zo weinig mogelijk kosten. Marx was het daar niet mee eens!
- Godsdienst zag Weber als cruciale rol in het ontstaan van het kapitalimse
o Hard werken, sober leven, veel geld verdienen en op nieuw investeren
- Op het vlak van sociale stratificatie verschilden Weber en Marx ook
o sociale stratificatie = het indelen van mensen in groepen
2