Les1 : werken aan verandering
Agogie = doen veranderen van mensen
Agogie betekent het doen veranderen van mensen.
Het woord komt uit het Grieks: “agein” = voeren of leiden.
Agogiek is dus de leer over hoe je mensen helpt, begeleidt of beïnvloedt
bij hun veranderingsproces.
Beïnvloeding & Verandering
Het gaat om mensen die in verandering zijn.
Veranderen en beïnvloeden staan centraal.
Het is geen toevallige beïnvloeding, maar professionele
beïnvloeding — dus bewust, met kennis en vanuit een beroep.
Het doel is dat mensen het op een of andere manier beter krijgen
(beter functioneren, zich beter voelen, groeien, ontwikkelen).
Agogische beroepen zijn dus beroepen waarin je mensen
professioneel helpt bij verandering, zoals maatschappelijk werkers,
hulpverleners, coaches of begeleiders.
Benamingen?
Agoog = de persoon die helpt bij verandering (de hulpverlener,
begeleider, maatschappelijk werker, enz.).
Degene die de verandering of beïnvloeding ondergaat kan
verschillende namen hebben, afhankelijk van de situatie:
o Cliënt
o Cliëntsysteem (bijv. cliënt + gezin of omgeving)
o Deelnemer
o Bewoners
o Doelgroep
o Gasten
o enzovoort
Hun belang staat altijd centraal in de agogie.
De verandering is gewenst — dus bedoeld om iemand te helpen, niet om
te dwingen.
1
, Beroepen en werkvelden
1. Beroepen waarin agogisch werk centraal staat
Deze beroepen draaien volledig om het helpen van mensen bij
verandering.
Voorbeelden: maatschappelijk werker, opbouwwerker, sociaal-cultureel
werker, voorlichter, organisatieadviseur, psychotherapeut
2. Beroepen met een agogisch aspect
Deze beroepen hebben deels te maken met begeleiden of beïnvloeden
van mensen, maar dat is niet hun hoofdtaak.
Voorbeelden: verpleegkundige, arts, leraar, gezinsverzorgende,
praktijkbegeleider, personeelsfunctionaris
Werkveld en waar agogisch werk voorkomt
gezondheidszorg, culturele centra, opbouwwerk, maatschappelijk werk,
jeugdwerk, gezinsbegeleiding, sociaal-artistieke projecten,
ontwikkelingssamenwerking
AGOGIEK
Agogiek =
De leer van het op een professionele manier beïnvloeden van mensen,
zodat hun psychosociale situatie verbetert (dus hoe ze omgaan met
zichzelf en anderen).
Belangrijke woorden uitgelegd:
Eenzijdig: de agoog (hulpverlener) beïnvloedt de ander — niet
omgekeerd.
Systematisch: het gebeurt planmatig en doordacht, niet toevallig.
Doelgericht: er is een duidelijk doel: de situatie verbeteren.
Beroepsmatig: het gebeurt door iemand met een agogisch beroep
(professioneel).
Meer wenselijke psychosociale situatie: het doel is dat mensen
zich beter voelen of beter functioneren in hun leven en relaties.
Volwassenen (individueel of in groep): het gaat vooral om
volwassen personen of groepen.
Bewust en vrijwillig: de persoon weet dat hij begeleid wordt en wil
ook veranderen.
µ
2
, Kenmerken van agogisch handelen (9)
1. Het gaat om psychosociale Verandering
Psychosociaal = combinatie van psychisch (innerlijk) en sociaal (tussen
mensen).
Beide beïnvloeden elkaar voortdurend:
Je gemoedstoestand beïnvloedt je gedrag.
Je psychische gesteldheid beïnvloedt je relaties (met vrienden,
collega’s, medestudenten…).
Betekenis van de delen:
Psyche = geest, ziel, denken, voelen, willen.
Sociaal = relaties tussen mensen, hoe we met elkaar omgaan.
Je kunt ze dus niet los van elkaar zien — wat iemand vanbinnen voelt, zie
je vaak terug in gedrag of omgang met anderen.
Toepassing op verschillende niveaus:
Individu: gevoelens, houdingen, gedrag, gedachten, fantasieën…
Groep: communicatie, samenwerking, omgang, besluitvorming…
Samenleving: waarden, normen, prestatiedruk, tempo van de
maatschappij…
2. De verandering wordt door de betrokkenen gewenst
In agogisch werk gaat het altijd om een verandering die de persoon
zelf wil.
De agoog helpt iemand bij die gewenste verandering, maar beslist
niet in zijn plaats.
Het belang van de persoon (cliënt, deelnemer, doelgroep...) staat
centraal.
De verandering is dus niet opgelegd of manipulatief, zoals
bijvoorbeeld bij reclame, waar men mensen probeert te beïnvloeden
zonder dat ze dat zelf willen.
3. De beïnvloeding vindt beroepsmatig plaats
Agogisch handelen gebeurt in het kader van een beroep — de agoog
doet dit professioneel, niet toevallig.
Het helpen bij verandering is een deel van zijn/haar takenpakket.
3
, De veranderaar (agoog) is herkenbaar en aanspreekbaar — mensen
weten dus wie hen begeleidt en waarom.
Soms kunnen ook vrijwilligers agogisch handelen (bijvoorbeeld in het
jeugdwerk of in buurtwerkingen), zolang ze bewust en doelgericht
helpen bij verandering.
4. De beïnvloeding is doelgericht
Agogisch handelen gebeurt niet zomaar of toevallig, maar met een
duidelijk doel voor ogen.
De verandering die men wil bereiken, is van tevoren bedacht en
gepland — soms heel precies, soms wat ruimer.
De agoog weet waar hij of zij met de cliënt naartoe wil werken (een
meer wenselijke situatie).
5. De veranderaar werkt systematisch
De agoog werkt planmatig, niet toevallig of zomaar wat proberen.
Hij/Zij denkt vooraf na over hoe de verandering het best kan worden
bereikt.
De agoog creëert omstandigheden die de gewenste verandering
mogelijk of makkelijker maken.
Er is dus een duidelijk plan of methode — niet “in het wilde weg”
handelen.
6. De beïnvloeding vindt bewust plaats
Zowel de agoog als de persoon die begeleid wordt weten dat er
beïnvloeding plaatsvindt.
De begeleiding is open en eerlijk, niet stiekem of manipulatief.
De bedoeling en doelen van de verandering zijn duidelijk voor beide
partijen.
Het is dus bewuste beïnvloeding, geen verborgen sturing of
misleiding.
7. De beïnvloeding wordt vrijwillig ondergaan
De persoon die begeleid wordt (de cliënt, deelnemer...) gaat vrijwillig
akkoord met de begeleiding of verandering.
De beïnvloeding is dus niet opgelegd of afgedwongen.
De persoon kiest er zelf voor om geholpen of begeleid te worden.
In sommige situaties (zoals sensibilisering of voorlichting) is dit
bediscussieerbaar — mensen worden dan wel beïnvloed, maar niet
altijd bewust of volledig vrijwillig.
8. De beïnvloeding is niet wederzijds
De beïnvloeding gaat één kant op → van de agoog (hulpverlener)
naar de cliënt (de ander).
4
Agogie = doen veranderen van mensen
Agogie betekent het doen veranderen van mensen.
Het woord komt uit het Grieks: “agein” = voeren of leiden.
Agogiek is dus de leer over hoe je mensen helpt, begeleidt of beïnvloedt
bij hun veranderingsproces.
Beïnvloeding & Verandering
Het gaat om mensen die in verandering zijn.
Veranderen en beïnvloeden staan centraal.
Het is geen toevallige beïnvloeding, maar professionele
beïnvloeding — dus bewust, met kennis en vanuit een beroep.
Het doel is dat mensen het op een of andere manier beter krijgen
(beter functioneren, zich beter voelen, groeien, ontwikkelen).
Agogische beroepen zijn dus beroepen waarin je mensen
professioneel helpt bij verandering, zoals maatschappelijk werkers,
hulpverleners, coaches of begeleiders.
Benamingen?
Agoog = de persoon die helpt bij verandering (de hulpverlener,
begeleider, maatschappelijk werker, enz.).
Degene die de verandering of beïnvloeding ondergaat kan
verschillende namen hebben, afhankelijk van de situatie:
o Cliënt
o Cliëntsysteem (bijv. cliënt + gezin of omgeving)
o Deelnemer
o Bewoners
o Doelgroep
o Gasten
o enzovoort
Hun belang staat altijd centraal in de agogie.
De verandering is gewenst — dus bedoeld om iemand te helpen, niet om
te dwingen.
1
, Beroepen en werkvelden
1. Beroepen waarin agogisch werk centraal staat
Deze beroepen draaien volledig om het helpen van mensen bij
verandering.
Voorbeelden: maatschappelijk werker, opbouwwerker, sociaal-cultureel
werker, voorlichter, organisatieadviseur, psychotherapeut
2. Beroepen met een agogisch aspect
Deze beroepen hebben deels te maken met begeleiden of beïnvloeden
van mensen, maar dat is niet hun hoofdtaak.
Voorbeelden: verpleegkundige, arts, leraar, gezinsverzorgende,
praktijkbegeleider, personeelsfunctionaris
Werkveld en waar agogisch werk voorkomt
gezondheidszorg, culturele centra, opbouwwerk, maatschappelijk werk,
jeugdwerk, gezinsbegeleiding, sociaal-artistieke projecten,
ontwikkelingssamenwerking
AGOGIEK
Agogiek =
De leer van het op een professionele manier beïnvloeden van mensen,
zodat hun psychosociale situatie verbetert (dus hoe ze omgaan met
zichzelf en anderen).
Belangrijke woorden uitgelegd:
Eenzijdig: de agoog (hulpverlener) beïnvloedt de ander — niet
omgekeerd.
Systematisch: het gebeurt planmatig en doordacht, niet toevallig.
Doelgericht: er is een duidelijk doel: de situatie verbeteren.
Beroepsmatig: het gebeurt door iemand met een agogisch beroep
(professioneel).
Meer wenselijke psychosociale situatie: het doel is dat mensen
zich beter voelen of beter functioneren in hun leven en relaties.
Volwassenen (individueel of in groep): het gaat vooral om
volwassen personen of groepen.
Bewust en vrijwillig: de persoon weet dat hij begeleid wordt en wil
ook veranderen.
µ
2
, Kenmerken van agogisch handelen (9)
1. Het gaat om psychosociale Verandering
Psychosociaal = combinatie van psychisch (innerlijk) en sociaal (tussen
mensen).
Beide beïnvloeden elkaar voortdurend:
Je gemoedstoestand beïnvloedt je gedrag.
Je psychische gesteldheid beïnvloedt je relaties (met vrienden,
collega’s, medestudenten…).
Betekenis van de delen:
Psyche = geest, ziel, denken, voelen, willen.
Sociaal = relaties tussen mensen, hoe we met elkaar omgaan.
Je kunt ze dus niet los van elkaar zien — wat iemand vanbinnen voelt, zie
je vaak terug in gedrag of omgang met anderen.
Toepassing op verschillende niveaus:
Individu: gevoelens, houdingen, gedrag, gedachten, fantasieën…
Groep: communicatie, samenwerking, omgang, besluitvorming…
Samenleving: waarden, normen, prestatiedruk, tempo van de
maatschappij…
2. De verandering wordt door de betrokkenen gewenst
In agogisch werk gaat het altijd om een verandering die de persoon
zelf wil.
De agoog helpt iemand bij die gewenste verandering, maar beslist
niet in zijn plaats.
Het belang van de persoon (cliënt, deelnemer, doelgroep...) staat
centraal.
De verandering is dus niet opgelegd of manipulatief, zoals
bijvoorbeeld bij reclame, waar men mensen probeert te beïnvloeden
zonder dat ze dat zelf willen.
3. De beïnvloeding vindt beroepsmatig plaats
Agogisch handelen gebeurt in het kader van een beroep — de agoog
doet dit professioneel, niet toevallig.
Het helpen bij verandering is een deel van zijn/haar takenpakket.
3
, De veranderaar (agoog) is herkenbaar en aanspreekbaar — mensen
weten dus wie hen begeleidt en waarom.
Soms kunnen ook vrijwilligers agogisch handelen (bijvoorbeeld in het
jeugdwerk of in buurtwerkingen), zolang ze bewust en doelgericht
helpen bij verandering.
4. De beïnvloeding is doelgericht
Agogisch handelen gebeurt niet zomaar of toevallig, maar met een
duidelijk doel voor ogen.
De verandering die men wil bereiken, is van tevoren bedacht en
gepland — soms heel precies, soms wat ruimer.
De agoog weet waar hij of zij met de cliënt naartoe wil werken (een
meer wenselijke situatie).
5. De veranderaar werkt systematisch
De agoog werkt planmatig, niet toevallig of zomaar wat proberen.
Hij/Zij denkt vooraf na over hoe de verandering het best kan worden
bereikt.
De agoog creëert omstandigheden die de gewenste verandering
mogelijk of makkelijker maken.
Er is dus een duidelijk plan of methode — niet “in het wilde weg”
handelen.
6. De beïnvloeding vindt bewust plaats
Zowel de agoog als de persoon die begeleid wordt weten dat er
beïnvloeding plaatsvindt.
De begeleiding is open en eerlijk, niet stiekem of manipulatief.
De bedoeling en doelen van de verandering zijn duidelijk voor beide
partijen.
Het is dus bewuste beïnvloeding, geen verborgen sturing of
misleiding.
7. De beïnvloeding wordt vrijwillig ondergaan
De persoon die begeleid wordt (de cliënt, deelnemer...) gaat vrijwillig
akkoord met de begeleiding of verandering.
De beïnvloeding is dus niet opgelegd of afgedwongen.
De persoon kiest er zelf voor om geholpen of begeleid te worden.
In sommige situaties (zoals sensibilisering of voorlichting) is dit
bediscussieerbaar — mensen worden dan wel beïnvloed, maar niet
altijd bewust of volledig vrijwillig.
8. De beïnvloeding is niet wederzijds
De beïnvloeding gaat één kant op → van de agoog (hulpverlener)
naar de cliënt (de ander).
4