Written by students who passed Immediately available after payment Read online or as PDF Wrong document? Swap it for free 4.6 TrustPilot
logo-home
Document preview thumbnail
Preview 3 out of 19 pages
Summary

BEKNOPTE samenvatting Brein & Cognitie 1

Document preview thumbnail
Preview 3 out of 19 pages

Een zeer beknopte samenvatting van het vak Brein & Cognitie 1. In minder dan 20 pagina's kan je hiermee de rode draad leren, wanneer je geen tijd hebt om het gehele boek te leren. Nogmaals het is een BEKNOPTE samenvatting waar niet ingegaan wordt op teveel details. Alleen deze samenvatting leren voor de toets is waarschijnlijk niet voldoende, maar het geeft je wel overzicht. Inclusief afbeeldingen!

Content preview

BREIN EN COGNITIE BEKNOPTE SAMENVATTING

HC1+HC2

Functionele eenheden van de bouwstenen
- 2 soorten cellen: neuronen en gliacellen
- Golgi: heeft als eerste persoon een neuron gezien doormiddel van chemische behandeling
toe te passen aan het hersenweefsel.
- Cajal: besefte dat neuronen los van elkaar staan en dus gescheiden eenheden zijn. Golgi wist
dit nog niet.
 Cajal’s neuron theorie: gedrag ontstaat door interactie tussen afzonderlijke cellen, hoe
meer neuronen hoe complexer het gedrag.

Basisstructuur: cellichaam, dendriet, axon.
- Dendriet: antenne die informatie ontvangt.
- Axon: geeft informatie door.
- Axon-Hillock: overgang cellichaam naar axon. Beslist of er
gevuurd wordt of niet, wanneer dit gebeurd ontstaat een
actiepotentiaal.
- Axon Collaterals: vertakking van de axon.
- Telodendria: vertakking aan de andere kant. Aan het eind bevinden zich de terminal
buttons.
- Synaps: plaats waar informatie-uitwisseling plaatsvindt tussen twee neuronen.
- Pre-synapsen: synapsen aan de dendriet.
- Post-synapsen: synapsen aan de axon.

3 functies van neuronen
- Informatie verwerken om door te sturen naar andere neuronen om gedrag te produceren.
- Spelen een rol bij de productie van gedachten, emoties en herinneringen.
- Zorgen voor automatische activiteiten in ons lichaam, zoals de hartslag.

Neurale netwerken: netwerken die bestaan uit verschillende neuronen die door wederzijdse
beïnvloeding samen tot een functie komen.

Sensorische neuronen
- Brengen informatie van buiten naar centrale zenuwstelsel.
- Bipolaire neuronen: 1 korte axon aan de ene kant, 1 korte dendriet aan de andere kant.
Merken het verschil in licht en bevinden zich in de ogen.
- Somatosensorische neuronen: komen van de huid of spieren en gaan naar de hersenen.

Motorneuronen
- Brein stuurt spieren aan om effect op ons lichaam te hebben.
- Ontvangen informatie van de interneuronen, hebben uitgebreide dendritische netwerken,
grote cellichamen en lange axonen.

,Interneuronen
- Bevinden zich in hersenen, associëren activiteit van sensorische- en motorneuronen in CZS.
- Pyramide cel: lange axon, piramidevormig cellichaam en 2 paar dendrieten. Vervoeren
informatie van cortex naar rest van het brein en ruggenmerg.
- Sterrencel (stellate cell): klein met vele dendrieten om cellichaam, axon is lastig te zien.
- Purkinje cel: extreem vertakte dendrieten in de vorm van een waaier, vervoert informatie
van het cerebellum naar CZS.




Afferent: binnenkomend
Efferent: uitgaand

Excitatoire neuronen: verhogen de kans dat post-synaptische neuron gaat vuren.
Inhibitoire neuronen: verlaagt membraan spanning  verlaagt kans dat post-synaptische neuron
gaat vuren.

Prodcutie van gedrag:
Stimuli sensorische neuronen (afferent)  Interneuronen  verbindingen (wat moet worden
gedaan en welk neuron gaat dit doen)  aanzetting tot beweging spieren (gedrag).


Gliacellen
- Ondersteunen axonen.
- Ependymal cellen: bevindt zich in wanden van ventrikels, maakt CSF aan
(schokabsorberende vloeistof, voert afval af, constante temp. Brein, bron voor
voedingstoffen).
- Astrocyte: bieden stevige basis aan dendrieten (die hiertussen door gaan) en dunne
axonen, bieden voedingsstoffen aan neuron. Onderdeel van bloed-hersen barrière:
zorgt ervoor dat schadelijke stoffen niet naar het brein komen.
- Microglial cellen: afweersysteem van het brein, zorgt voor fagocytose: opruimen
van afgestorven weefsel en aanpakken van indringers.
- Oligodendroglial cellen + Schwann cellen: vormen beide myeline, in een ander
gebied. O in het CZS en S in perifere zenuwstelsel. S cellen hebben
herstellende functie, O cellen hebben dat niet.

Hydrocephalus: vocht in het brein zorgt voor druk, bij baby’s zwelt dan het hoofd op. Wanneer
stroming van CSF geblokkeerd wordt, leidt dat soms tot verstandelijke beperking.




Celmembraan
- Bestaat uit 2 lagen

, - Bestaat uit fosfolipide structuur: fosfaatgroep (trekt water aan = hydrofiel) en vetstaart
(stoot water af = hydrofoob).
- Intercellulaire fluid: vloeistof binnenin de cel.
- Tubulus: transport van eiwitten uit celkern naar andere delen van de cel.
 Microfilamenten: versterken structuur van de cel.
 Microtubulus: vormen transportnetwerk.

DNA
- Zit in de celkern.
- Bevat informatie om eiwitten te produceren, en bepaalt daarmee het uiterlijk van de eiwit.
- Chromosoom bestaat uit helixen, helixen bestaan uit verschillende nucleotide: Adenine,
Thymine, Guanine en Cytosine.
 Reeks van meerdere nucleotide vormt reeks van eiwitten.

Transcriptie/translatie
- Transcriptie: mRNA leest DNA  een gen wordt gekopieerd naar een
streng mRNA  Ribosomen lezen mRNA af en maken vervolgens een reeks
aminozuren.
- Translatie: codon bestaat uit 3 letters  wordt afgelezen  wordt 1 uniek
aminozuur.
- Totaal zijn er 200 aminozuren bestaande uit groepen
 Aminogroep, Carboxyl groep, R-groep.
- Polypeptideketen: reeks aminozuren  wordt opgevouwen  wordt uiteindelijk een eiwit.

Eiwitten
- Vorm van een eiwit is bepalend voor de functie van de eiwit.
 Primaire structuur: volgorde van aminozuren.
 Secundaire structuur: er wordt een alpha helix gevormd of een beta-pleated sheet.
 Tertiaire structuur: opgevouwen secundaire structuur.
 Quaternaire structuur: verschillende eiwitten samen.
- Endoplasmatische reticulum: vormt de eiwitten.
- Golgi lichaam: brengt eiwit op z’n plaats.
- Exocytose: proces waarbij eiwit uit de cel wordt gebracht.

Ionen
- Kalium ionen: klein, hebben eigen kanaal in het membraan  kunnen in en uit de cel
bewegen.
- Natrium ionen: heeft sluizen in het membraan die op bepaalde momenten openen, wanneer
andere moleculen zich binden aan de sluizen.
- Na/K-pomp: enzym in het celmembraan die natrium ionen uit de cel pompt, en Kalium ionen
naar binnen haalt  natriumconcentratie in de cel lager dan erbuiten en kaliumconcentratie
hoger in de cel dan erbuiten.




Neuronale aandoeningen
- Autosomen: 23 chromosomenparen, de helft van je moeder en de helft van je vader.

Connected book
 image
Bryan Kolb, Ian Q. Whishaw An Introduction to Brain and Behavior
Publisher: Unknown ISBN: 9781319243562 Edition: 6

Document information

Study
Summarized whole book?
No
Which chapters are summarized?
Rode draad van het hele boek, bevat niet elk thema vandaar een beknopte samenvatting. handig als je
Uploaded on
January 19, 2021
Number of pages
19
Written in
2020/2021
Type
Summary
$7.12

Wrong document? Swap it for free Within 14 days of purchase and before downloading, you can choose a different document. You can simply spend the amount again.
Written by students who passed
Immediately available after payment
Read online or as PDF

Seller avatar
Reputation scores are based on the amount of documents a seller has sold for a fee and the reviews they have received for those documents. There are three levels: Bronze, Silver and Gold. The better the reputation, the more your can rely on the quality of the sellers work.
Sold
15
Followers
5
Items
8
Last sold
9 months ago


Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Working on your references?

Create accurate citations in APA, MLA and Harvard with our free citation generator.

Working on your references?

Frequently asked questions