Geschiedenis tijdvak 5 en 6
Tijdvak 5 Tijd van ontdekkers en hervormers (1500-
1600)
Kenmerkend aspecten
Het veranderde mens- en wereldbeeld van de renaissance en het begin van een
nieuwe wetenschappelijke belangstelling
De hernieuwde oriëntatie op het erfgoed van de klassieke oudheid
Het begin van de Europese expansie overzee
De protestantse reformatie had splitsing van de christelijke kerk in West-Europa tot
gevolg
Het conflict in de Nederlanden dat resulteerde in de stichting van een Nederlandse
staat
Samenvatting
Vanwege de ontdekkingsreizen in de 15e eeuw zou het wereldbeeld van de mens sterk
verbeterd worden. Portugezen waren de eerste die ontdekkingsreizen langs de
noordwestkust van Afrika organiseerden. Portugal voer in 1488 als eerste om de zuidpunt
van Afrika, met behulp van factorijen. Deze routes werden goed bewaakt en
geheimgehouden. Na de Reconquista in 1492 ging ook Spanje zich richten op de overzeese
ontdekkingstochten. Columbus vond, zonder hij dit zelf wist, de ‘nieuwe wereld’: Amerika. In
Midden- en Zuid-Amerika woonden de Azteken en Inca’s. Spaanse avonturiers wilden
gebieden van deze bevolking veroveren, deze mensen waren conquistadores. Vanwege de
betere gevechtsuitrusting en meegenomen ziektes uit Europa werden deze gebieden vrij
eenvoudig veroverd. De conquistadores kregen stukken land van de koning. De bedoeling
was dat de lokale bevolking hierop zou gaan werken en ook christenen zou worden. Dit
verliep niet vlekkeloos en in 1513 werd besloten dat geweld gebruikt mocht worden op de
bevolking. In 1542 kwamen de ‘nieuwe wetten’ waarin besloten werd dat de Afrikanen als
slaven moesten gaan dienen, omdat deze het werk beter aankonden.
In de middeleeuwen is veel kennis van de Grieken en Romeinen verloren gegaan, omdat de
kerk hier geen interesse in had. Door kruistochten en handel kwamen mensen in contact
met Arabische wetenschappers die deze kennis nog wel gebruikte. Dit sloeg uiteindelijk als
eerst over naar Italië, waar al een meer rationele bevolking was. Door de val van
Constantinopel in 1453 vluchtten ook nog eens veel burgers naar Italië en namen deze
klassieke cultuur mee. Architecten en kunstenaren grepen vaker terug op erfgoed uit de
klassieke oudheid. De klassieke kunst beleefden een renaissance. De nieuwe manier van
denken waarbij niet meer alles gebaseerd is op het geloof, maar ook op eigen
waarnemingen noemen we het humanisme. De mens staat hierbij centraal, niet het geloof.
Erasmus zette met het vertalen van de bijbel per abuis een onbedoelde stap naar de
kerkhervorming.
De kerk had in de middeleeuwen veel invloed. Ze hadden zelfs een eigen rechtbank voor de
ketters, de inquisitie. De paus had rond 1500 veel geestelijke, maar ook veel christelijke
macht. De paus had zelfs een eigen leger en eigen rijk. Er ontstond veel kritiek op hoge
christelijken, omdat zij zich veel bezighielden met rijkdom, wereldlijke macht. Daarnaast
hielden de hoge christelijken zich ook niet aan het celibaat. Erasmus wilden zorgen voor
verbetering en zuivering binnen de kerk. Maarten Luther publiceerden in 1517 95
Tijdvak 5 Tijd van ontdekkers en hervormers (1500-
1600)
Kenmerkend aspecten
Het veranderde mens- en wereldbeeld van de renaissance en het begin van een
nieuwe wetenschappelijke belangstelling
De hernieuwde oriëntatie op het erfgoed van de klassieke oudheid
Het begin van de Europese expansie overzee
De protestantse reformatie had splitsing van de christelijke kerk in West-Europa tot
gevolg
Het conflict in de Nederlanden dat resulteerde in de stichting van een Nederlandse
staat
Samenvatting
Vanwege de ontdekkingsreizen in de 15e eeuw zou het wereldbeeld van de mens sterk
verbeterd worden. Portugezen waren de eerste die ontdekkingsreizen langs de
noordwestkust van Afrika organiseerden. Portugal voer in 1488 als eerste om de zuidpunt
van Afrika, met behulp van factorijen. Deze routes werden goed bewaakt en
geheimgehouden. Na de Reconquista in 1492 ging ook Spanje zich richten op de overzeese
ontdekkingstochten. Columbus vond, zonder hij dit zelf wist, de ‘nieuwe wereld’: Amerika. In
Midden- en Zuid-Amerika woonden de Azteken en Inca’s. Spaanse avonturiers wilden
gebieden van deze bevolking veroveren, deze mensen waren conquistadores. Vanwege de
betere gevechtsuitrusting en meegenomen ziektes uit Europa werden deze gebieden vrij
eenvoudig veroverd. De conquistadores kregen stukken land van de koning. De bedoeling
was dat de lokale bevolking hierop zou gaan werken en ook christenen zou worden. Dit
verliep niet vlekkeloos en in 1513 werd besloten dat geweld gebruikt mocht worden op de
bevolking. In 1542 kwamen de ‘nieuwe wetten’ waarin besloten werd dat de Afrikanen als
slaven moesten gaan dienen, omdat deze het werk beter aankonden.
In de middeleeuwen is veel kennis van de Grieken en Romeinen verloren gegaan, omdat de
kerk hier geen interesse in had. Door kruistochten en handel kwamen mensen in contact
met Arabische wetenschappers die deze kennis nog wel gebruikte. Dit sloeg uiteindelijk als
eerst over naar Italië, waar al een meer rationele bevolking was. Door de val van
Constantinopel in 1453 vluchtten ook nog eens veel burgers naar Italië en namen deze
klassieke cultuur mee. Architecten en kunstenaren grepen vaker terug op erfgoed uit de
klassieke oudheid. De klassieke kunst beleefden een renaissance. De nieuwe manier van
denken waarbij niet meer alles gebaseerd is op het geloof, maar ook op eigen
waarnemingen noemen we het humanisme. De mens staat hierbij centraal, niet het geloof.
Erasmus zette met het vertalen van de bijbel per abuis een onbedoelde stap naar de
kerkhervorming.
De kerk had in de middeleeuwen veel invloed. Ze hadden zelfs een eigen rechtbank voor de
ketters, de inquisitie. De paus had rond 1500 veel geestelijke, maar ook veel christelijke
macht. De paus had zelfs een eigen leger en eigen rijk. Er ontstond veel kritiek op hoge
christelijken, omdat zij zich veel bezighielden met rijkdom, wereldlijke macht. Daarnaast
hielden de hoge christelijken zich ook niet aan het celibaat. Erasmus wilden zorgen voor
verbetering en zuivering binnen de kerk. Maarten Luther publiceerden in 1517 95