Written by students who passed Immediately available after payment Read online or as PDF Wrong document? Swap it for free 4.6 TrustPilot
logo-home
Summary

Samenvatting ingangsexamen (dier)geneeskunde & tandheelkunde - biologie

Rating
-
Sold
1
Pages
46
Uploaded on
13-10-2025
Written in
2024/2025

Hier vind je een samenvatting over het deel 'Biologie' dat op het ingangsexamen ondervraagd wordt. Hierin bevindt zich alle theorie van het 1ste tot 5de middelbaar.

Institution
Course

Content preview

Biologie – ingangsexamen diergeneeskunde
1 De eukaryote cel: bouw en functie van celorganellen
➔ Zie samenvatting op papier



Uitwisseling van stoffen tussen cel en milieu
Passief transport:
Diffusie = verplaatsing deeltjes van gebied met hoge concentratie naar gebied met lage concentratie
(met concentratiegradiënt mee) tot concentratie overal gelijk is

Factoren die diffusie beïnvloeden:

• Temperatuur: hogere temperatuur = hogere diffusiesnelheid
• Grootte opgeloste deeltjes: diffusiesnelheid kleine deeltjes > diffusiesnelheid grote deeltjes
• Concentratie: grotere concentratiegradiënt = grote diffusiesnelheid
• Ladingsverdeling opgeloste deeltjes: grotere ladingsverschillen = hogere diffusiesnelheid
• Grootte diffussieoppervlak: doorheen groter oppervlak kunnen meer deeltjes
• Tegenstroomprincipe: tegengestelde stromen bevorderen diffusie

Passieve diffusie = diffunderen doorheen celmembraan, rechtstreeks via kanaaleiwitten

Voorbeelden: gasuitwisseling ter hoogte van longblaasjes



Osmose = water verplaatst zich doorheen semipermeabele wand van lage concentratie naar hoge
concentratie tot osmotisch evenwicht ontstaat, verplaatsing water doorheen membraan in beide
richtingen gelijk

Semipermeabele wand = wand waar enkel watermoleculen doorheen kunnen

• Osmotische zuigkracht: hoge concentratie deeltjes trekt water aan
o Osmotische druk = tegenwerken osmotische zuigkracht
o Osmolariteit = concentratie van osmotisch werkzame stoffen per liter oplosmiddel
o Osmotische stoffen in bloed = ureum, Na, K, HCO3, Cl, glucose, albumine
o Osmotische waarde = neiging stof water aan te zuigen door semipermeabele wand
→ hogere osmolariteit = hogere osmotische waarde
• Situaties in osmotische waarden
o OW oplossing 1 > OW oplossing 2: OW oplossing 1 is hypertoon t.o.v. OW oplossing 2
o OW oplossing 1 < OW oplossing 2: OW oplossing 1 is hopetoon t.o.v. OW oplossing 2
o OW oplossing 1 = OW oplossing 2: OW oplossing 1 is isotoon t.o.v. oplossing 2

Osmoregulatie = aanpassen osmotische waarde van cellen om te overleven

Plasmolyse = als we in cel hypertonisch oplossing brengen (hoge concentratie), geeft ze water af. De cel
zal krimpen en uiteindelijk lyseren

,Deplasmolyse of cytolyse = als we in cel hypotonische oplossing brengen (lage concentratie), neemt ze
water op. De cel zal opzwellen door osmose en uiteindelijk lyseren

Bij dierlijke cellen:

• Eencelligen (vb. pantoffeldiertjes) bevinden zich in hypotonische omgeving, hierdoor zouden ze
water opnemen en openbarsten
→ om dit tegen te gaan: vacuolen pompen water terug naar buiten (energie nodig)
• Rode bloedcel in verdund bloed (hypotonische omgeving) zal openbarsten = hemolyse




Bij plantencellen:

• Celinhoud planten hypertonisch tov celomgeving
→ plantencel neemt water op in vacuole, cel zwelt, er ontstaat druk tegen celwand = turgordruk
• Celwand opgeboud uit cellulosevezels die weerstand bieden aan turgordruk = wanddruk
→ als turgordruk = wanddruk ➔ cel bereikt grootste volume (stevige celwand verhindert
openbarsten cel)



Actief transport
= pompen van moleculen/ionen doorheen membraan van gebied met lage concentratie naar gebied met
hoge concentratie (tegen concentratiegradiënt in) door transportproteïnen

Bv. Na+/K+ - pomp in zenuwcellen

• Na+ concentratie lager gehouden dan erbuiten
• Ka+ concentratie hoger gehouden dan erbuiten
• ATP-molecule levert energie om Na+ ionen buiten te cel en K+ ionen in de cel te pompen



Endo- en Exocytose
Sommige deeltjes te groot om mbv transportproteïnen doorheen membraan te geraken, gaat wel met
blaasjestransport = actief transport waarbij deeltjes door celmembraan worden vervoerd dmv blaasjes

Endocytose

• Opnemen deeltjes via blaasjes
• Via instulping membraan → ingestulpt deeltje afgesnoerd → endosoom ontstaat → verder in cel
getransporteerd → evt versmelten tot lysosoom

, • 2 soorten
o Fagocytose = opnemen vaste voedingstoffen (fagosoom ipv endosoom)
o Pinocytose = opnemen vloeistoffen
• Belangrijk voor imuunsysteem: witte bloedcellen verwijderen zo bacteriën uit ons lichaam



Exocytose

• Verwijderen deeltjes via blaasjes



2 Stofwisseling en energetische omzettingen in eukaryote cellen

Chemische stoffen
Belang van water
• Oplosmiddel
• Transportmiddel
o Dierlijke organismen: bloedvatenstelsel + lymfevatenstelsel
o Plantaardige organismen: transportweefsel + celwanden
• In chemische reacties
o Hydrolyse: splitsing van verbinding waarbij water wordt opgenomen
o Condensatie: reactie waarbij water wordt vrijgegeven
• Warmte-regulerende functie



Belang mineralen en ionen
• Na+ : geleiding impulsen in spieren en zenuwen, rol bij waterhuishouding, extracellulair
• K+ : geleiding impulsen in spieren en zenuwen, rol bij waterhuishouding, intracellulair
• Ca2+ : opgeslagen in beenweefsel en tanden, rol bij spiercontracties, bloedstolling en
neurotransmissie
• Mg2+ : functioneren zenuwen en spieren, intracellulair
• PO43- : opgeslagen in beenweefsel en tanden, voorkomen fosfaatgroep van aantal moleculen
(ATP, DNA en RNA)
• Fe2+ : in hemoglobine, rol bij zuurstofbinding en zuurstoftransport
• Cl - : in maag, afkomstig van HCl

, Koolstofverbindingen
= organische stoffen, op koolstof gebaseerde verbindingen, bestaan uit lange ketens (evt vertakt)

verschillende groepen:



Suikers of sachariden = koolhydraten
• Als brandstof gebruikt
o Dieren: glucose
o Planten: zetmeel
• Komen ook voor in DNA en RNA
• Bevatten elementen C, H, O

Monosachariden

• Enkelvoudige suiker
• CnH2nOn

Glucose Energiebron Bouwsteen sommige polysachariden




Fructose Energiebron Komt vnl voor in vruchten en andere
organen van planten



Galactose Energiebron Ontstaat bij vertering van melk en
melkproducten




Ribose C5H10O5 Komt voor in nucleïnezuren /
Deoxyribose C5H10O4 Komt voor in nucleïnezuren /

Glucose, fructose, galactose = isomeren → hebben zelfde brutoformule (C6H12O6) maar ander
ketenstructuur

Written for

Course

Document information

Uploaded on
October 13, 2025
Number of pages
46
Written in
2024/2025
Type
SUMMARY

Subjects

$12.52
Get access to the full document:

Wrong document? Swap it for free Within 14 days of purchase and before downloading, you can choose a different document. You can simply spend the amount again.
Written by students who passed
Immediately available after payment
Read online or as PDF

Get to know the seller
Seller avatar
floorvandeplassche

Get to know the seller

Seller avatar
floorvandeplassche Universiteit Gent
Follow You need to be logged in order to follow users or courses
Sold
1
Member since
9 months
Number of followers
0
Documents
3
Last sold
8 months ago

0.0

0 reviews

5
0
4
0
3
0
2
0
1
0

Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Working on your references?

Create accurate citations in APA, MLA and Harvard with our free citation generator.

Working on your references?

Frequently asked questions