• Wrong document? Swap it for free
  • Written by students who passed
  • Immediately available after payment
  • Read online or as PDF
Sell
Where do you study
Your language
Document preview thumbnail
Preview 2 out of 56 pages
Summary

Samenvatting ARW 2 | RUG | week 1 t/m 7

Document preview thumbnail
Preview 2 out of 56 pages

In dit document heb ik het boek Inleiding in het Nederlandse recht & Hoofdstukken Nederlands recht samengevat van week 1 tot en met week 7 op een geordende manier. (week 1 beide boeken, week 2 beide boeken enzovoorts..). Dit document kun je goed gebruiken want er staat vrijwel alles in. Er wordt ook in verwezen naar arresten, maar deze zijn niet uitgebreid in dit document uitgewerkt. Studiejaar

Content preview

Week 1 materieel bestuursrecht
Hoofdstuk 5 Afdeling 1 Inleiding in het Nederlandse recht
We onderscheiden tussen algemeen bestuursrecht en bijzonder bestuursrecht. Dat
laatste begrip betreft de regels over de verschillende, specifieke deelterreinen van
het bestuursrecht, zoals het milieurecht, het belastingrecht en het sociaal
zekerheidsrecht. Het algemeen deel van het bestuursrecht is neergelegd in de
Algemene wet bestuursrecht (Awb). De Awb bevat regels die voor het hele
bestuursrecht van toepassing zijn.

De uitoefening van het bestuursrecht geschiedt door bestuursorganen. Art. 1:1 lid 1
Awb.

A-orgaan
‘’een orgaan van een rechtspersoon die krachtens publiekrecht is ingesteld’’ art. 1:1
lid 1 sub a Awb. Zij vormen de kern van het bestuursapparaat en staan opgesomd in
art. 2:1 lid 1 BW: de Staat, de provincies, de gemeenten, de waterschappen en alle
lichamen bij of waaraan krachtens de Grondwet (art. 134 Gw) rechtspersoonlijkheid
is toegekend. Wordt mee bedoeld openbare lichamen voor beroep en bedrijf, zoals
de Sociaal-Economische Raad en de Nederlandse Orde van Advocaten (art. 17 lid 1
Advocatenwet).


B-orgaan
‘’een ander persoon of college, met enig openbaar gezag bekleed’’ art. 1:1 lid 1 sub b
Awb. Zij oefenen hun bevoegdheid uit op een specifiek terrein van het
maatschappelijk leven. Vaak, maar niet altijd zijn dit colleges en personen van
privaatrechtelijke rechtspersonen die met enig openbaar gezag zijn bekleed, zoals
De Nederlandsche Bank NV, het Nederlands Meetinstituut NV dat snelheidsmeters
van de politie keurt en daarover een verklaring afgeeft. Een ‘ander persoon’ die met
openbaar gezag is bekleed is de garagehouder o.g.v. art. 85a Wegenverkeerswet
1994 voor auto’s een Apk-keuring mag afgeven.

Art. 1:1 lid 2 Awb zijn GEEN bestuursorgaan en vallen niet onder de werking van de
Awb.

1 Handelingen van bestuursorganen
Bestuursorganen kunnen twee soorten handelingen verrichten die voor het recht van
belang zijn: feitelijke handelingen en publiekrechtelijke rechtshandelingen.
Feitelijke handelingen van een bestuursorgaan zijn handelingen met een
rechtsgevolg, ongeacht de wil van het bestuursorgaan. Te denken valt het
onderhoud aan wegen, bruggen, dijken en waterwegen. Soms gaat het mis, bij het
openbreken van een weg wordt er onzorgvuldig gehandeld waardoor er bij iemand
schade ontstaat. Dan is het bestuursorgaan aansprakelijk voor de schade. Het
toebrengen van schade is een feitelijke handeling met als rechtsgevolg
aansprakelijkheid wegens schade (onrechtmatige overheidsdaad). Er zijn ook
rechtmatige overheidsdaden: straat openbreken waardoor winkels minder omzet
draaien. Ook hier is de burgerlijke rechter bevoegd.

Privaatrechtelijke rechtshandelingen

, Dit zijn handelingen met een beoogd rechtsgevolg. Zij sluiten koopovereenkomsten
voor kantoormeubilair en huurovereenkomsten. Dan gelden de gewone
privaatrechtelijke regels over koop en huur.

Publiekrechtelijke rechtshandelingen hebben twee aspecten: publiekrechtelijk en
rechtshandeling. Publiekrechtelijk is dat het bestuursorgaan binnen de hem exclusief
toegekende overheidsbevoegdheid optreedt. Een rechtshandeling is een handeling
gericht op enig rechtsgevolg. We spreken dan van een beoogd rechtsgevolg: het
bestuursorgaan wenst dat een bepaald rechtsgevolg ontstaat. Voorbeeld: opleggen
aanslag onroerende zaakbelasting (OZB) en een vergunning verlenen.

Publiekrechtelijke rechtshandelingen van bestuursorganen worden onderscheiden in
Awb-besluiten en besluiten die niet onder de werking van de Awb vallen: Awb
besluiten: art. 1:3 lid 1 Awb. Het gaat om besluiten van zowel a-organen als b-
organen.

Besluiten door publiekrechtelijk orgaan, maar die geen Awb-besluiten zijn omdat
het betreffende orgaan geen b.o. in de zin van de Awb is. Zij behoren tot de organen
van art. 1:1 lid 2 Awb. Voorbeeld: strafoplegging door de strafrechter. En besluiten
zonder rechtsgevolg: brief over 2 keer oppakken met drank achter het stuur is
e



rijbewijs kwijt. Dit was alleen informatie over de gevolgen van een tweede
alcoholmisdrijf.

Awb-besluiten
In art. 1:3 Awb staan 4 definities. Alleen de beschikking is een rechtsvaststelling in
een individueel geval.

De belangrijkste besluiten die vallen onder de werking van art. 1:3 lid 1 Awb zijn de
algemeen verbindende voorschriften (AVV) die een bestuursorgaan maakt.
Hiertoe behoren ook lagere wetgevers, zoals AMvB’s van de regering, ministeriële
regelingen van de ministers en verordeningen van provincies en gemeenten. Als
voorbeeld een APV van de gemeente. Deze bevat algemeen verbindende
voorschriften voor de inwoners en bezoekers van een gemeente en valt dus onder
de werking van de Awb. Hoogste wetgeving afkomstig van de regering en de Staten-
Generaal tezamen zijn geen besluiten in de zin van de Awb door art. 1:1 lid 2 Awb
geen bestuursorgaan.

AVV’s hebben met elkaar gemeen dat ze van toepassing zijn in een onbepaald
aantal gevallen. Dat laatste ontbreekt in de tweede categorie van Awb-besluiten: de
andere besluiten van algemene strekking die geen avv’s zijn. Het gaat hier om
besluiten die betrekking hebben op de werkingssfeer of het toepassingsbereik van
reeds bestaande algemeen verbindende voorschriften. Dit zijn
aanwijzingsbesluiten. Voorbeeld: er is in een gemeentelijke verordening verboden
om honden aangelijnd te laten lopen. Het college van B&W wijst hierop zones toe
waar wél honden aangelijnd mogen rondlopen. Ze wijzen hierbij de plekken aan op
een bestaand besluit. Ook bij parkeerverbod (gebaseerd op een AMvB). Het bestaat
al, maar invulling aan gegeven.

Connected book
 image
Publisher: juni 2020 ISBN: 9789082849554 Edition: 20

Document information

Study
Summarized whole book?
No
Which chapters are summarized?
H5 (afdeling 1) | h5 (afdeling 2) |h13 |h14 |h15 § 1 t/m 5 | h15 § 6 | § 14.1 hoofdstukken
Uploaded on
January 1, 2021
File latest updated on
January 3, 2021
Number of pages
56
Written in
2020/2021
Type
Summary
$8.64

Wrong document? Swap it for free Within 14 days of purchase and before downloading, you can choose a different document. You can simply spend the amount again.
Written by students who passed
Immediately available after payment
Read online or as PDF

Sold
5
Followers
4
Items
9
Last sold
3 year ago



Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Working on your references?

Create accurate citations in APA, MLA and Harvard with our free citation generator.

Working on your references?

Frequently asked questions