Samenvatting GODSDIENST SEM 2
Door Arthur Seys 6BW
BEGRIPPENLIJST Ongeveer 1/3 van de punten zal op dit onderdeel staan.
Als je alle leerstof hebt doorgenomen dan zou je (ook) een goede omschrijving moeten
kunnen geven van de volgende begrippen of ze herkennen in een tekst.
1. Je gelukkig voelen, wat is dat precies?
1. De geluksdriehoek
• 3 bouwblokken
o Je goed omringt voelen => gevoel van warme en vertrouwelijke
relaties. Je voelt je oprecht betrokken met de mensen om je heen
o Je goed voelen => je emotioneel goed in je vel voelen. Je kan
positieve gevoelens ervaren, maar je bent ook tevreden over je
leven
o Jezelf kunnen zijn => JE kunt jezelf aanvaarden en een positieve
houding aannemen over jezelf – ook in relaties met anderen. Je
kent jezelf (Wie ben ik?, …)
• puzzelstukken(waarom?)
o Ze zijn alle 3 belangrijk en onlosmakelijk met elkaar verbonden
• oranje bol
o De bol kan je uit balans brengen. Dit is echter niet erg: je moet en
kan niet altijd gelukkig zijn
2. Op zoek naar verbondenheid
2. Wat is verbondenheid (volgens De Wachter)
a Verbondenheid is het meest fundamentele van het mens-zijn. Je krijgt
betekenis omdat je gezien wordt door de ander.
3. Heteronomie
a Letterlijk: De ander (hetero) stelt de wet (nomos)
b Vrije vertaling: Mijn doen en laten, mijn keuzes worden (voor een stuk)
bepaald door de ander
c Bv. Wie bepaalt welke film we kijken, studiekeuze
4. Autonomie
a Letterlijk: ik bepaal zelf (auto) de wet (nomos)
b Vrije vertaling: ik bepaal zelf mijn doen en laten, mijn keuzes, etc.
5. Belangrijke opmerking
a Elke relatie staat in het spanningsveld van autonomie – Heteronomie
, 3. Eenzaamheid
5. Ver-antwoord-elijkheid (volgens de Bijbel): leg uit
a Onevenwicht binnen relaties = feit
b Kain en Abel => er ontstaat spanning, ze gaan zichzelf gaan vergelijken met
elkaar
c “Moet ik dan op mijn broer letten?”
i Ben ik de hoeder van mijn broeder? => Christenen geloven dat wij
als mens fundamenteel (dus voor we kunnen kiezen en voor de
vraag officieel gesteld wordt) ver-antwoord-elijk zijn voor de
medemens
6. De ‘derde’ in een relatie
a = Die andere, de buitenstander, diegene die zorgt voor de nodige afstand
in nabijheid
7. Verschil tussen alleen-zijn een eenzaamheid.
a Alleen-zijn
i Objectieve toestand
1 Positief: tijd voor jezelf, tijd om dingen op een rijtje te
zetten
2 Negatief: Verlammend, ongemakkelijk, saai
b Eenzaamheid
i Subjectief gevoel
8. Soorten van eenzaamheid: sociale, emotionele en existentiële eenzaamheid
a Sociale eenzaamheid:
i Je hebt minder contacten dan je zou willen, er is een gemis aan
relaties => sociaal isolement
b Emotionele eenzaamheid:
i Je mist een partner of een goede vriend(in) waarmee je je op een
dieper niveau kan verbinden => een gemis aan kwaliteit van
relaties
c Existentiële eenzaamheid:
i Je weet (nog) niet wie je bent, wat je plek is in de wereld =>
zoektocht naar zingeving en je eigen identiteit
4. Liefde is genade
9. Varianten van liefde in de Bijbel
• (zonder specifieke term)
▪ = Genegenheid tussen ouders en kinderen
• eros
▪ = Het passionele verlangen tussen twee geliefden
• philia
▪ = De vriendschap tussen twee mensen
• agapé of caritas
Door Arthur Seys 6BW
BEGRIPPENLIJST Ongeveer 1/3 van de punten zal op dit onderdeel staan.
Als je alle leerstof hebt doorgenomen dan zou je (ook) een goede omschrijving moeten
kunnen geven van de volgende begrippen of ze herkennen in een tekst.
1. Je gelukkig voelen, wat is dat precies?
1. De geluksdriehoek
• 3 bouwblokken
o Je goed omringt voelen => gevoel van warme en vertrouwelijke
relaties. Je voelt je oprecht betrokken met de mensen om je heen
o Je goed voelen => je emotioneel goed in je vel voelen. Je kan
positieve gevoelens ervaren, maar je bent ook tevreden over je
leven
o Jezelf kunnen zijn => JE kunt jezelf aanvaarden en een positieve
houding aannemen over jezelf – ook in relaties met anderen. Je
kent jezelf (Wie ben ik?, …)
• puzzelstukken(waarom?)
o Ze zijn alle 3 belangrijk en onlosmakelijk met elkaar verbonden
• oranje bol
o De bol kan je uit balans brengen. Dit is echter niet erg: je moet en
kan niet altijd gelukkig zijn
2. Op zoek naar verbondenheid
2. Wat is verbondenheid (volgens De Wachter)
a Verbondenheid is het meest fundamentele van het mens-zijn. Je krijgt
betekenis omdat je gezien wordt door de ander.
3. Heteronomie
a Letterlijk: De ander (hetero) stelt de wet (nomos)
b Vrije vertaling: Mijn doen en laten, mijn keuzes worden (voor een stuk)
bepaald door de ander
c Bv. Wie bepaalt welke film we kijken, studiekeuze
4. Autonomie
a Letterlijk: ik bepaal zelf (auto) de wet (nomos)
b Vrije vertaling: ik bepaal zelf mijn doen en laten, mijn keuzes, etc.
5. Belangrijke opmerking
a Elke relatie staat in het spanningsveld van autonomie – Heteronomie
, 3. Eenzaamheid
5. Ver-antwoord-elijkheid (volgens de Bijbel): leg uit
a Onevenwicht binnen relaties = feit
b Kain en Abel => er ontstaat spanning, ze gaan zichzelf gaan vergelijken met
elkaar
c “Moet ik dan op mijn broer letten?”
i Ben ik de hoeder van mijn broeder? => Christenen geloven dat wij
als mens fundamenteel (dus voor we kunnen kiezen en voor de
vraag officieel gesteld wordt) ver-antwoord-elijk zijn voor de
medemens
6. De ‘derde’ in een relatie
a = Die andere, de buitenstander, diegene die zorgt voor de nodige afstand
in nabijheid
7. Verschil tussen alleen-zijn een eenzaamheid.
a Alleen-zijn
i Objectieve toestand
1 Positief: tijd voor jezelf, tijd om dingen op een rijtje te
zetten
2 Negatief: Verlammend, ongemakkelijk, saai
b Eenzaamheid
i Subjectief gevoel
8. Soorten van eenzaamheid: sociale, emotionele en existentiële eenzaamheid
a Sociale eenzaamheid:
i Je hebt minder contacten dan je zou willen, er is een gemis aan
relaties => sociaal isolement
b Emotionele eenzaamheid:
i Je mist een partner of een goede vriend(in) waarmee je je op een
dieper niveau kan verbinden => een gemis aan kwaliteit van
relaties
c Existentiële eenzaamheid:
i Je weet (nog) niet wie je bent, wat je plek is in de wereld =>
zoektocht naar zingeving en je eigen identiteit
4. Liefde is genade
9. Varianten van liefde in de Bijbel
• (zonder specifieke term)
▪ = Genegenheid tussen ouders en kinderen
• eros
▪ = Het passionele verlangen tussen twee geliefden
• philia
▪ = De vriendschap tussen twee mensen
• agapé of caritas