Pagina 1 van 175
, Ontwikkelingspsychologie
Geschiedenis, theorie en onderzoeksstrategieën
Kernvragen
Hoe kunnen we ontwikkelingspsychologische theorieën met elkaar vergelijken
Welke zijn de belangrijkste klassieke en meer hedendaagse
ontwikkelingstheorieën
Welke methodes worden er gehanteerd om ontwikkelingspsychologische
processen te bestuderen
Definiëring ontwikkelingspsychologie
Illustraties
In de eerste 2 à 3 levensjaren wordt het fundament gelegd voor latere
ontwikkeling (eerste 1000 dagen), maar die motie krijgt kritiek. Dit concept
bezorgt ook enorm veel stress. Betekent dat alles wat de ouders meedelen in die
eerste 1000 dagen enorm belangrijk is voor het leven.
Klopt het dat we in de tweede helft van ons leven gelukkiger worden?
Waarom stinken pubers en hebben baby’s een fijne geur?
Uit wat bestaat ontwikkelingspsychologie
Een wetenschap die stabiliteit en verandering van gedrag wil begrijpen over de
levensloop
- In verschillende domeinen: fysiek, cognitief, emotioneel en sociaal
- Met interesse voor beïnvloedende factoren voor ontwikkeling
Is ook toegepast = heeft belang voor de praktijk, leven van echte mensen
- Illustratie: je succes in je leven, je prestaties zijn voor grotendeels bepaald
door je genetische capaciteiten. Tegenovergestelde visie is dat je met
inspanning en leren goed kunt leren, goede prestatie zal krijgen
Is interdisciplinair = ontwikkelt zich door gecombineerde inspanningen uit vele
wetenschappen
Reflectie
In welke mate geloof jij dat goed presteren aan de universiteit een functie is van
intelligentie dan wel van inspanning, en het gebruik van goede leerstrategieën
Pagina 2 van 175
,Mindset
Twee soorten mindset
- Groeimindset = je kan prgressie vertonen als personen met
werk/inspanning = capaciteiten zijn meetbaar
o Kunnen beter met tegenslag om socio-economische achtergrond
is bepalend
- Vaste mindset = intelligentie is erin gebijteld en kan je prestaties bepalen
voor het grootste deel
o Je komt vrij snel tot de conclusie van shit ik ben hier te dom voor, ik
kan het niet
Deze mindsets zijn te trainen. Men toont beelden van neuroplastischiteit
- Interventie bij 99 adolescenten gedurende 8 sessies
o Informatie oer de veranderbaarheid van het brein
o Groepsdiscussies
Theorie
Theorieën over ontwikkeling
- Beschrijven, verklaren, voorspellen
Theorie = een geordend en samenhangend geheel van uitspraken dat gedrag
beschrijft, verklaart en voorspelt.
- Bv hechting
o Ontwikkeling van hechtingsrelatie in 1ste jaar (beschrijven)
o Waarom ontwikkelt die band zich? (Verklaren)
o Wat is het gevolg hiervan voor latere hechtingsrelaties?
(Voorspellen)
Nut van theorie:
- Begrijpen = geeft richting en betekenis aan wat we zien
- Basis voor praktijk (weten wat te doen)
- Behoefte aan wetenschappelijke bevestiging = belang van replicatie
Pagina 3 van 175
,Structurele kenmerken
Continue versus discontinue ontwikkeling
Continue = kwantitatieve verandering in het functioneren van mensen. Je hebt
een bepaalde capaciteit en die veranderd doorheen de tijd in termen van
hoeveelheid, snelheid, intensiteit…. Vaak aan de hand
van een rustig tempo, gradueel (doorgaans!!!)
- Bv woordenschat, lichaam (fysieke ontwikkeling),
cognitief (werkgeheugen,
informatieverwerkingsprocessen)
Discontinue = kwalitatieve shift verschijnt in je
functioneren. Plots op een bepaalde leeftijd kan je een
overstap zetten naar een nieuwe manier in het leven
staan, functioneren naar een andere stap in het leven.
Dit kan op korte tijd vrij snel veranderen, abrupt, trapsgewijs.
- Bv scheiding, job, verlies van dierbaar persoon, morele ontwikkeling
(sommige theorieën zeggen dat jonge kinderen egocentrisch redenen over
goed en kwaad, later wordt conformiteit, sociale conventies belangrijk en
nog later gaan mensen vanuit diepe morele principes beginnen handelen)
Nuances!
Continue veranderen verlopen meestal rustig, maar niet altijd. Bv dia 19: onze
lengte loopt gradueel, maar tijdens de puberteit gaat je lengte plots heel snel,
heel abrupt. Je zit toch met een continue ontwikkeling, want zelfs in de puberteit
groei je mm op mm, ook al gaat het snel.
Som sis heet niet altijd makkelijk om uit te maken of het discontinue of continue
is. Bv kinderen zetten plots eerste stapjes dat dus lijkt op discontinue, maar
achter de schermen leert dat kindje spieren ontwikkelen en gebeurt dat dus
gradueel en is het dus continue.
- Metafoor = vorming van wolkenformule bv sommige dagen kan je
vaststellen dat er plots een wolk is die ervoor niet was. dit lijkt discontinue
maar dat is continue door nevelontwikkeling
Een verloop versus meerdere verlopen
Een verloop = de volledige menselijke ontwikkeling kan je op 1 lijn weergeven in
een aantal fasen en dat wij allemaal datzelfde traject volgen. Rond ongeveer
dezelfde leeftijd zullen we allemaal vooruitgang boeken naar de volgende stap
dus vooruitgang is 1 ding, gaat universeel en toont 1 ding.
Meerdere verlopen = menselijke ontwikkeling is veelvormig, enorm scala aan
soorten trajecten die mensen kunnen doormaken
Erfelijkheid versus milieu (nature vs nurture)
Nature = wordt ons gedrag vooral door biologie gestuurd, informatie in ons DNA
- Nadruk op endogene ontwikkeling = ontwikkeling van binnenuit,
biologisch aangeboren capaciteiten, kenmerken die bepalen wie je als
persoon wordt
Pagina 4 van 175
, - Maturatie = rijping
- Omgeving is belangrijk bij vroege ervaring
Nurture = milieu
- Nadruk op exogene ontwikkeling = van buiten gestuurd
- Beklemtonen op plasticiteit of veranderbaarheid = blad nooit helemaal
bepaald, veel verandering mogelijk
- Omgeving is belangrijk door je ganse leven, niet enkel in het begin
Watson verkondigde op een extreme manier dat de omgeving alles bepaald
- “Geef me een dozijn gezonde, goed gevormde baby’s en geef me mijn
eigen specifieke omgeving waarin ik ze kan opvoeden, en ik verzeker U
dat ik er op het toeval één kan uitkiezen en er om het even welke soort
specialist van kan maken: een arts, een advocaat, een kunstenaar, een
vooraanstaand koopman en ja, zelfs een bedelaar of een dief, ongeacht
zijn talenten, voorkeuren, neigingen, vaardigheden, aanleg of het ras van
zijn voorouders.”
Judith Harris stelde dat opvoeding op het einde van de rit er niet toe doet, het is
je biologie, je genetica die bepaald wie je wordt
- “I'm prone to making statements like this one: How the parents rear the
child has no long-term effects on the child's personality, intelligence, or
mental health. In general, studies […] show that the home environment
has little or no effect on intelligence or personality. They show that the
similarities between parents and their biological children […] are almost
entirely a function of their shared genes.”
Tegenwoordig weten we veel beter. Er is een veel complexere interactie tussen
biologie en omgeving dan het oorspronkelijke model. Er is een studie die ging
over de kans dat je ooit in je leven een klinische depressie ontwikkeld. Met
bestudeerde het 5HTT gen. Hoe kan je omgeving bepaalde genetische factoren
triggeren.
Adoptiekinderen ander onderzoek: twee groepen adoptiekinderen = een met
gekend genetisch risico op antisociaal gedrag en één zonder risico
Reflectie
- Hoe zijn deze structurele kenmerken onderling verwerven?
- Zal een onderzoeker die bv sterk in discontinue ontwikkeling gelooft
eerder in nature of in nurture geloven?
Iemand die in 1 verloop kent in stadia zal een sterke toegenegenheid voelen
naar nature.
Pagina 5 van 175
,Een gebalanceerd perspectief: levensloopperspectief
Extreem kiezen balans = levensloopperspectief (zorgt voor verandering in het
nature-nurture debat, wil compromis verkrijgen in dat gepolariseerd debat
Illustratie
Lange tijd hebben we niet veel aandacht gehad voor volwassenen of senioren,
men dacht dat er toen niet veel meer evolueerde, maar dat is een foute
inschatting. Van daaruit is het levensperspectief gegroeid. Bredere beweging,
dynamische systeembenadering: ons leven strenkt zich uit van de leven tot de
dood en alles ontwikkelt zich.
Ontwikkeling als
- Levenslang
o In tegenstelling tot bv Freud, Piaget en Kohlberg
o Volwassenheid = ontwikkeling van vele mogelijkheden
o Levenslange ontwikkeling (zie ook hoofdstuk volwassenheid)
o Drie brede domeinen van ontwikkeling die interageren:
Fysiek, cognitief, emotioneel en sociaal
Prenataal Bevruchting – geboorte
Baby en peuter Geboorte – 2 jaar
Vroege kindertijd 2 – 6 jaar
Lagere schoolleeftijd 6 – 11 jaar
Adolescentie 11- 18 jaar
Vroege volwassenheid 18 – 40 jaar
Middelbare volwassenheid 40 – 65 jaar
Late volwassenheid 65 jaar – overlijden
Pagina 6 van 175
,- Multidimensioneel en veelvormig
o Multidimensioneel = bepaald door complex samenspel van
biologische, psychologische en sociale factoren (bv
taalontwikkeling, is niet 1 robuust gegeven maar valt uiteen in
grammatica, woordenschat… en kennen allemaal hun eigen timing
en worden door andere factoren beïnvloed)
Alles vertakt zich en kent zijn eigen tempo
o Multidirectioneel of veelvormig
Vooruitgang en achteruitgang over alle domeinen heen
Vooruitgang en achteruitgang binnen zelfde domein
- Plasticiteit (doorheen de menselijke levensloop)
o Kneedbaarheid, veranderbaarheid (aan soms moeilijke en
uitdagende omstandigheden)
o Grote verschillen tussen individuen
o Capaciteit tot veranderbaarheid neemt af over tijd: toenemende
rigiditeit (minder makkelijk om ons heel flexibel en wendbaar aan te
passen aan nieuwe omstandigheden op latere leeftijd: een oude
boom verplant men niet gemakkelijk)
- Ingebed in verschillende contexten
o Invloed op ontwikkeling (deel gemeenschappelijk, deel verschillend)
Leeftijdsgebonden
= gebeurtenissen sterk gebonden aan leeftijd en
daardoor voorspelbaar (normatief)
Bv puberteit (biologische veranderingen),
midlife crisis, vooral fysieke ontwikkeling
want dat zit verankerd in onze biologie,
maar soms ook sociale factoren zoals bv
overgang naar een andere school, rijbewijs
behalen
Gebonden aan geschiedenis
= ervaren door mensen geboren rond
zelfde tijdstip (cohort of generatie)
(normatief)
Bv wereldoorlog, covid-pandemie, klimaatopwarming,
Niet-normatief
= onregelmatige gebeurtenissen, beperkt aantal
mensen, niet voorspelbaar
Bv verlies van een partner, ziekte, lotto winnen
Soort invloed
Leeftijd Historisch Niet-normatief
Pagina 7 van 175
, Voorspelbaar Ja Ja/neen Neen
Wie Iedereen Cohort/ Enkele personen
generatie
Zoemsessie
Wat zouden enkele belangrijke verschillen zijn tussen deze
generaties, in termen van
Levensvisie, ingesteldheid
Populaire cultuur (muziek, film, literatuur)
Ontwikkelingspsychologische theorieën
Verschillende mensbeelden in de ontwikkelingspsychologie
Mensbeeld 1 (van nature slecht)
- Kinderen komen ter wereld als een vat vol driften en impulsen die
potentieel gevaarlijk zijn
- De primaire rol van volwassen (ouders, leerkrachten…) is om die
impulsen in goede banen te leiden
Mensbeeld 2 (leeg blad = tabula rasa)
- Kinderen komen ter wereld als een onbeschreven blad, wiens ontwikkeling
alle kanten uit kan verhaal wordt geschreven door de omgeving waarin
je terecht komt, positief of negatief
- De primaire rol van volwassenen (ouders, leerkrachten) is om hen vanaf
nu alles te leren
Mensbeeld 3 (van nature goed)
- Kinderen zijn van nature morele wezens gericht op het goede
- De primaire rol van volwassenen (ouders, leerkrachten) is om die
goedheid te voeden en te cultiveren
- Zorgt ervoor dat er geen politie meer nodig is kan werken als tuinier
Wetenschappelijke voorvaders
Darwin: evolutietheorie
Natuurlijke selectie: organismen met bepaalde eigenschappen (adaptaties)
slagen er beter in om te overleven van de ene generatie op de andere
generatie worden overgeërfd om te helpen te overleven.
Pagina 8 van 175
,Seksuele selectie: eigenschappen die bijdragen tot reproductieve succes van
organisme (voorplantingskansen) bv pauwenstaart
Beide soorten eigenschappen hebben een grotere kans om overgeërfd te
worden, zodat alleen goed aangepaste soorten overleven (survival of the fittest)
Illustratie
Pubers stinken meer dan zweet van Baby’s? Ja dat klopt, in het zweet van pubers
zitten er meer zuren en bij baby’s meer melkgeur. Wat zou hier een verklaring
voor zijn vanuit het Darwinaans perspectief baby’s ruiken opzettelijk lekker om
ervoor te zorgen dat mensen zin hebben om die baby op te voeden en te
beschermen. Pubers ruiken anders om op die leeftijd wat afstand te leren nemen
van je gezin, je ouders en zo een romantische relatie proberen aan te gaan. Je
leert afstand nemen en je eigen weg te slaan.
Betekenis van evolutietheorie voor ontwikkelingspsychologie
- Deze vaststellingen worden door ontwikkelingspsychologen toegepast op
de mens: bepaalde eigenschappen en gedragingen zijn nuttig voor onze
overleving
- Recapitulatietheorie*: ontogenese als herhaling van fylogenese: zijnde van
eenvoudig naar complex (theorie= achterhaald) hoe we als persoon
individueel ontwikkelen zou een herhaling zijn van hoe we ooit als soort
zijn ontwikkeld
o Ontogenese = de ontwikkeling van een mens gedurende een
mensenleven (van geboorte tot dood)
o Fylogenese = de ontwikkeling of evolutie van de mens als soort
(over verschillende generaties heen)
*Recapitulatietheorie toegepast op ontwikkeling van spel
- Vroege kindertijd (0 – 4 jaar) = stadium van de dieren bv duwen en
trekken
- Kindertijd (4 tot 8) = stadium van de nomadische mensachtigen
(anthropoids): jagen en vissen (bv tikkertje, verstoppertje)
- Pre-adolescentie (8 tot 12 jaar) = stadium van overgang naar sedentair
bestaan (bv kampen bouwen, huisje spelen, boomhut)
- Adolescentie (12 jaar 24) = stadium van beschaving, georganiseerd (bv
sportclub, jeugdbeweging met een doel)
Stanley Hall: normatieve benadering (Gesell, begin 20ste eeuw)
Normen, gemiddelde leeftijd waarop al die dingen gebeurden.
Beschrijving leidt tot vaststelling van geordend patroon van veranderingen:
bevestigt maturatie-idee
Pagina 9 van 175
, The original impulse to growth is endogenous rather than exogenous. The so-
called environment does not generate the progression of development
- Ontwikkeling komt van binnenuit, maturatie, blauwdruk van ontwikkeling
ligt klaar
Binet: testbenadering
Test bewegingen
Binet (begin 20 ste eeuw): Stanford-Binet intelligentietest: identificeren kinderen
met leerproblemen (bijzonder onderwijs)
- Interesse in individuele verschillen in ontwikkeling groeit
- Men wil ook een norm opstellen
Darwin = verklaring, Hall = beschrijving, Binet = voorspelling
Klassieke theorieën
Psychoanalyse Leertheorie Piaget
Freud + Erikson Traditioneel
Behaviorisme
Sociaal leren theorie
Psychoanalyse theorieën
Visie = kinderen gaan door reeks stadia waarin conflicten ontstaan tussen
biologische driften (agressief, seksueel) en sociale verwachtingen. Oplossing
bepaalt psychisch functioneren
Psychoseksuele theorie = hoe ouders omgaan met impulsen (driften) van
kinderen in eerste levensjaren bepaalt ontwikkeling persoonlijkheid
Freud
De menselijke psyche bevat een interne bron van vaste psychische
energie die gedrag motiveert (driften)
Twee basisdriften
Pagina 10 van 175
, Ontwikkelingspsychologie
Geschiedenis, theorie en onderzoeksstrategieën
Kernvragen
Hoe kunnen we ontwikkelingspsychologische theorieën met elkaar vergelijken
Welke zijn de belangrijkste klassieke en meer hedendaagse
ontwikkelingstheorieën
Welke methodes worden er gehanteerd om ontwikkelingspsychologische
processen te bestuderen
Definiëring ontwikkelingspsychologie
Illustraties
In de eerste 2 à 3 levensjaren wordt het fundament gelegd voor latere
ontwikkeling (eerste 1000 dagen), maar die motie krijgt kritiek. Dit concept
bezorgt ook enorm veel stress. Betekent dat alles wat de ouders meedelen in die
eerste 1000 dagen enorm belangrijk is voor het leven.
Klopt het dat we in de tweede helft van ons leven gelukkiger worden?
Waarom stinken pubers en hebben baby’s een fijne geur?
Uit wat bestaat ontwikkelingspsychologie
Een wetenschap die stabiliteit en verandering van gedrag wil begrijpen over de
levensloop
- In verschillende domeinen: fysiek, cognitief, emotioneel en sociaal
- Met interesse voor beïnvloedende factoren voor ontwikkeling
Is ook toegepast = heeft belang voor de praktijk, leven van echte mensen
- Illustratie: je succes in je leven, je prestaties zijn voor grotendeels bepaald
door je genetische capaciteiten. Tegenovergestelde visie is dat je met
inspanning en leren goed kunt leren, goede prestatie zal krijgen
Is interdisciplinair = ontwikkelt zich door gecombineerde inspanningen uit vele
wetenschappen
Reflectie
In welke mate geloof jij dat goed presteren aan de universiteit een functie is van
intelligentie dan wel van inspanning, en het gebruik van goede leerstrategieën
Pagina 2 van 175
,Mindset
Twee soorten mindset
- Groeimindset = je kan prgressie vertonen als personen met
werk/inspanning = capaciteiten zijn meetbaar
o Kunnen beter met tegenslag om socio-economische achtergrond
is bepalend
- Vaste mindset = intelligentie is erin gebijteld en kan je prestaties bepalen
voor het grootste deel
o Je komt vrij snel tot de conclusie van shit ik ben hier te dom voor, ik
kan het niet
Deze mindsets zijn te trainen. Men toont beelden van neuroplastischiteit
- Interventie bij 99 adolescenten gedurende 8 sessies
o Informatie oer de veranderbaarheid van het brein
o Groepsdiscussies
Theorie
Theorieën over ontwikkeling
- Beschrijven, verklaren, voorspellen
Theorie = een geordend en samenhangend geheel van uitspraken dat gedrag
beschrijft, verklaart en voorspelt.
- Bv hechting
o Ontwikkeling van hechtingsrelatie in 1ste jaar (beschrijven)
o Waarom ontwikkelt die band zich? (Verklaren)
o Wat is het gevolg hiervan voor latere hechtingsrelaties?
(Voorspellen)
Nut van theorie:
- Begrijpen = geeft richting en betekenis aan wat we zien
- Basis voor praktijk (weten wat te doen)
- Behoefte aan wetenschappelijke bevestiging = belang van replicatie
Pagina 3 van 175
,Structurele kenmerken
Continue versus discontinue ontwikkeling
Continue = kwantitatieve verandering in het functioneren van mensen. Je hebt
een bepaalde capaciteit en die veranderd doorheen de tijd in termen van
hoeveelheid, snelheid, intensiteit…. Vaak aan de hand
van een rustig tempo, gradueel (doorgaans!!!)
- Bv woordenschat, lichaam (fysieke ontwikkeling),
cognitief (werkgeheugen,
informatieverwerkingsprocessen)
Discontinue = kwalitatieve shift verschijnt in je
functioneren. Plots op een bepaalde leeftijd kan je een
overstap zetten naar een nieuwe manier in het leven
staan, functioneren naar een andere stap in het leven.
Dit kan op korte tijd vrij snel veranderen, abrupt, trapsgewijs.
- Bv scheiding, job, verlies van dierbaar persoon, morele ontwikkeling
(sommige theorieën zeggen dat jonge kinderen egocentrisch redenen over
goed en kwaad, later wordt conformiteit, sociale conventies belangrijk en
nog later gaan mensen vanuit diepe morele principes beginnen handelen)
Nuances!
Continue veranderen verlopen meestal rustig, maar niet altijd. Bv dia 19: onze
lengte loopt gradueel, maar tijdens de puberteit gaat je lengte plots heel snel,
heel abrupt. Je zit toch met een continue ontwikkeling, want zelfs in de puberteit
groei je mm op mm, ook al gaat het snel.
Som sis heet niet altijd makkelijk om uit te maken of het discontinue of continue
is. Bv kinderen zetten plots eerste stapjes dat dus lijkt op discontinue, maar
achter de schermen leert dat kindje spieren ontwikkelen en gebeurt dat dus
gradueel en is het dus continue.
- Metafoor = vorming van wolkenformule bv sommige dagen kan je
vaststellen dat er plots een wolk is die ervoor niet was. dit lijkt discontinue
maar dat is continue door nevelontwikkeling
Een verloop versus meerdere verlopen
Een verloop = de volledige menselijke ontwikkeling kan je op 1 lijn weergeven in
een aantal fasen en dat wij allemaal datzelfde traject volgen. Rond ongeveer
dezelfde leeftijd zullen we allemaal vooruitgang boeken naar de volgende stap
dus vooruitgang is 1 ding, gaat universeel en toont 1 ding.
Meerdere verlopen = menselijke ontwikkeling is veelvormig, enorm scala aan
soorten trajecten die mensen kunnen doormaken
Erfelijkheid versus milieu (nature vs nurture)
Nature = wordt ons gedrag vooral door biologie gestuurd, informatie in ons DNA
- Nadruk op endogene ontwikkeling = ontwikkeling van binnenuit,
biologisch aangeboren capaciteiten, kenmerken die bepalen wie je als
persoon wordt
Pagina 4 van 175
, - Maturatie = rijping
- Omgeving is belangrijk bij vroege ervaring
Nurture = milieu
- Nadruk op exogene ontwikkeling = van buiten gestuurd
- Beklemtonen op plasticiteit of veranderbaarheid = blad nooit helemaal
bepaald, veel verandering mogelijk
- Omgeving is belangrijk door je ganse leven, niet enkel in het begin
Watson verkondigde op een extreme manier dat de omgeving alles bepaald
- “Geef me een dozijn gezonde, goed gevormde baby’s en geef me mijn
eigen specifieke omgeving waarin ik ze kan opvoeden, en ik verzeker U
dat ik er op het toeval één kan uitkiezen en er om het even welke soort
specialist van kan maken: een arts, een advocaat, een kunstenaar, een
vooraanstaand koopman en ja, zelfs een bedelaar of een dief, ongeacht
zijn talenten, voorkeuren, neigingen, vaardigheden, aanleg of het ras van
zijn voorouders.”
Judith Harris stelde dat opvoeding op het einde van de rit er niet toe doet, het is
je biologie, je genetica die bepaald wie je wordt
- “I'm prone to making statements like this one: How the parents rear the
child has no long-term effects on the child's personality, intelligence, or
mental health. In general, studies […] show that the home environment
has little or no effect on intelligence or personality. They show that the
similarities between parents and their biological children […] are almost
entirely a function of their shared genes.”
Tegenwoordig weten we veel beter. Er is een veel complexere interactie tussen
biologie en omgeving dan het oorspronkelijke model. Er is een studie die ging
over de kans dat je ooit in je leven een klinische depressie ontwikkeld. Met
bestudeerde het 5HTT gen. Hoe kan je omgeving bepaalde genetische factoren
triggeren.
Adoptiekinderen ander onderzoek: twee groepen adoptiekinderen = een met
gekend genetisch risico op antisociaal gedrag en één zonder risico
Reflectie
- Hoe zijn deze structurele kenmerken onderling verwerven?
- Zal een onderzoeker die bv sterk in discontinue ontwikkeling gelooft
eerder in nature of in nurture geloven?
Iemand die in 1 verloop kent in stadia zal een sterke toegenegenheid voelen
naar nature.
Pagina 5 van 175
,Een gebalanceerd perspectief: levensloopperspectief
Extreem kiezen balans = levensloopperspectief (zorgt voor verandering in het
nature-nurture debat, wil compromis verkrijgen in dat gepolariseerd debat
Illustratie
Lange tijd hebben we niet veel aandacht gehad voor volwassenen of senioren,
men dacht dat er toen niet veel meer evolueerde, maar dat is een foute
inschatting. Van daaruit is het levensperspectief gegroeid. Bredere beweging,
dynamische systeembenadering: ons leven strenkt zich uit van de leven tot de
dood en alles ontwikkelt zich.
Ontwikkeling als
- Levenslang
o In tegenstelling tot bv Freud, Piaget en Kohlberg
o Volwassenheid = ontwikkeling van vele mogelijkheden
o Levenslange ontwikkeling (zie ook hoofdstuk volwassenheid)
o Drie brede domeinen van ontwikkeling die interageren:
Fysiek, cognitief, emotioneel en sociaal
Prenataal Bevruchting – geboorte
Baby en peuter Geboorte – 2 jaar
Vroege kindertijd 2 – 6 jaar
Lagere schoolleeftijd 6 – 11 jaar
Adolescentie 11- 18 jaar
Vroege volwassenheid 18 – 40 jaar
Middelbare volwassenheid 40 – 65 jaar
Late volwassenheid 65 jaar – overlijden
Pagina 6 van 175
,- Multidimensioneel en veelvormig
o Multidimensioneel = bepaald door complex samenspel van
biologische, psychologische en sociale factoren (bv
taalontwikkeling, is niet 1 robuust gegeven maar valt uiteen in
grammatica, woordenschat… en kennen allemaal hun eigen timing
en worden door andere factoren beïnvloed)
Alles vertakt zich en kent zijn eigen tempo
o Multidirectioneel of veelvormig
Vooruitgang en achteruitgang over alle domeinen heen
Vooruitgang en achteruitgang binnen zelfde domein
- Plasticiteit (doorheen de menselijke levensloop)
o Kneedbaarheid, veranderbaarheid (aan soms moeilijke en
uitdagende omstandigheden)
o Grote verschillen tussen individuen
o Capaciteit tot veranderbaarheid neemt af over tijd: toenemende
rigiditeit (minder makkelijk om ons heel flexibel en wendbaar aan te
passen aan nieuwe omstandigheden op latere leeftijd: een oude
boom verplant men niet gemakkelijk)
- Ingebed in verschillende contexten
o Invloed op ontwikkeling (deel gemeenschappelijk, deel verschillend)
Leeftijdsgebonden
= gebeurtenissen sterk gebonden aan leeftijd en
daardoor voorspelbaar (normatief)
Bv puberteit (biologische veranderingen),
midlife crisis, vooral fysieke ontwikkeling
want dat zit verankerd in onze biologie,
maar soms ook sociale factoren zoals bv
overgang naar een andere school, rijbewijs
behalen
Gebonden aan geschiedenis
= ervaren door mensen geboren rond
zelfde tijdstip (cohort of generatie)
(normatief)
Bv wereldoorlog, covid-pandemie, klimaatopwarming,
Niet-normatief
= onregelmatige gebeurtenissen, beperkt aantal
mensen, niet voorspelbaar
Bv verlies van een partner, ziekte, lotto winnen
Soort invloed
Leeftijd Historisch Niet-normatief
Pagina 7 van 175
, Voorspelbaar Ja Ja/neen Neen
Wie Iedereen Cohort/ Enkele personen
generatie
Zoemsessie
Wat zouden enkele belangrijke verschillen zijn tussen deze
generaties, in termen van
Levensvisie, ingesteldheid
Populaire cultuur (muziek, film, literatuur)
Ontwikkelingspsychologische theorieën
Verschillende mensbeelden in de ontwikkelingspsychologie
Mensbeeld 1 (van nature slecht)
- Kinderen komen ter wereld als een vat vol driften en impulsen die
potentieel gevaarlijk zijn
- De primaire rol van volwassen (ouders, leerkrachten…) is om die
impulsen in goede banen te leiden
Mensbeeld 2 (leeg blad = tabula rasa)
- Kinderen komen ter wereld als een onbeschreven blad, wiens ontwikkeling
alle kanten uit kan verhaal wordt geschreven door de omgeving waarin
je terecht komt, positief of negatief
- De primaire rol van volwassenen (ouders, leerkrachten) is om hen vanaf
nu alles te leren
Mensbeeld 3 (van nature goed)
- Kinderen zijn van nature morele wezens gericht op het goede
- De primaire rol van volwassenen (ouders, leerkrachten) is om die
goedheid te voeden en te cultiveren
- Zorgt ervoor dat er geen politie meer nodig is kan werken als tuinier
Wetenschappelijke voorvaders
Darwin: evolutietheorie
Natuurlijke selectie: organismen met bepaalde eigenschappen (adaptaties)
slagen er beter in om te overleven van de ene generatie op de andere
generatie worden overgeërfd om te helpen te overleven.
Pagina 8 van 175
,Seksuele selectie: eigenschappen die bijdragen tot reproductieve succes van
organisme (voorplantingskansen) bv pauwenstaart
Beide soorten eigenschappen hebben een grotere kans om overgeërfd te
worden, zodat alleen goed aangepaste soorten overleven (survival of the fittest)
Illustratie
Pubers stinken meer dan zweet van Baby’s? Ja dat klopt, in het zweet van pubers
zitten er meer zuren en bij baby’s meer melkgeur. Wat zou hier een verklaring
voor zijn vanuit het Darwinaans perspectief baby’s ruiken opzettelijk lekker om
ervoor te zorgen dat mensen zin hebben om die baby op te voeden en te
beschermen. Pubers ruiken anders om op die leeftijd wat afstand te leren nemen
van je gezin, je ouders en zo een romantische relatie proberen aan te gaan. Je
leert afstand nemen en je eigen weg te slaan.
Betekenis van evolutietheorie voor ontwikkelingspsychologie
- Deze vaststellingen worden door ontwikkelingspsychologen toegepast op
de mens: bepaalde eigenschappen en gedragingen zijn nuttig voor onze
overleving
- Recapitulatietheorie*: ontogenese als herhaling van fylogenese: zijnde van
eenvoudig naar complex (theorie= achterhaald) hoe we als persoon
individueel ontwikkelen zou een herhaling zijn van hoe we ooit als soort
zijn ontwikkeld
o Ontogenese = de ontwikkeling van een mens gedurende een
mensenleven (van geboorte tot dood)
o Fylogenese = de ontwikkeling of evolutie van de mens als soort
(over verschillende generaties heen)
*Recapitulatietheorie toegepast op ontwikkeling van spel
- Vroege kindertijd (0 – 4 jaar) = stadium van de dieren bv duwen en
trekken
- Kindertijd (4 tot 8) = stadium van de nomadische mensachtigen
(anthropoids): jagen en vissen (bv tikkertje, verstoppertje)
- Pre-adolescentie (8 tot 12 jaar) = stadium van overgang naar sedentair
bestaan (bv kampen bouwen, huisje spelen, boomhut)
- Adolescentie (12 jaar 24) = stadium van beschaving, georganiseerd (bv
sportclub, jeugdbeweging met een doel)
Stanley Hall: normatieve benadering (Gesell, begin 20ste eeuw)
Normen, gemiddelde leeftijd waarop al die dingen gebeurden.
Beschrijving leidt tot vaststelling van geordend patroon van veranderingen:
bevestigt maturatie-idee
Pagina 9 van 175
, The original impulse to growth is endogenous rather than exogenous. The so-
called environment does not generate the progression of development
- Ontwikkeling komt van binnenuit, maturatie, blauwdruk van ontwikkeling
ligt klaar
Binet: testbenadering
Test bewegingen
Binet (begin 20 ste eeuw): Stanford-Binet intelligentietest: identificeren kinderen
met leerproblemen (bijzonder onderwijs)
- Interesse in individuele verschillen in ontwikkeling groeit
- Men wil ook een norm opstellen
Darwin = verklaring, Hall = beschrijving, Binet = voorspelling
Klassieke theorieën
Psychoanalyse Leertheorie Piaget
Freud + Erikson Traditioneel
Behaviorisme
Sociaal leren theorie
Psychoanalyse theorieën
Visie = kinderen gaan door reeks stadia waarin conflicten ontstaan tussen
biologische driften (agressief, seksueel) en sociale verwachtingen. Oplossing
bepaalt psychisch functioneren
Psychoseksuele theorie = hoe ouders omgaan met impulsen (driften) van
kinderen in eerste levensjaren bepaalt ontwikkeling persoonlijkheid
Freud
De menselijke psyche bevat een interne bron van vaste psychische
energie die gedrag motiveert (driften)
Twee basisdriften
Pagina 10 van 175