Written by students who passed Immediately available after payment Read online or as PDF Wrong document? Swap it for free 4.6 TrustPilot
logo-home
Document preview thumbnail
Preview 2 out of 7 pages
Summary

Samenvatting Inleiding in de psychologie H1, H2 en H3

Document preview thumbnail
Preview 2 out of 7 pages

Samenvatting van de eerste 3 hoofdstukken van Psychology van Gray & Bjorklund. 100% uit het boek gewerkt.

Content preview

Inleiding psychologie
donderdag 4 september 2025 10:59




PART 1 - Chapter 1
Psychologie is de wetenschap van het gedrag en de geest. Gedrag verwijst naar de waarneembare handelingen van een
persoon of dier. De geest verwijst naar de sensaties, waarnemingen, herinneringen, gedachten, dromen, motieven,
emoties en andere subjectieve ervaringen van een individu. Wetenschap verwijst naar alle pogingen om vragen te
beantwoorden door het systematisch verzamelen en logisch analyseren van objectief waarneembare gegevens.
THREE FUNDAMENTAL IDEAS OF PSYCHOLOGY
1. Gedrag en mentale ervaringen hebben fysieke oorzaken die wetenschappelijk bestudeerd kunnen worden.
○ Dualisme: de kerk stelde dat ieder mens bestaat uit twee verschillende maar nauw verbonden entiteiten,
een materieel lichaam en een immateriële ziel. Het lichaam kan wetenschappelijk bestudeerd worden, maar
de ziel opereert volgens zijn eigen vrije wil.
○ René Descartes geloofde dat zelfs zeer complex gedrag puur mechanisch kan plaatsvinden, zonder
betrokkenheid van de ziel.
○ Materialisme: Thomas Hobbes stelde dat geest, of ziel, een betekenisloos concept is en dat er niets anders
bestaat dan materie en energie.
2. De manier waarop mensen zich gedragen, denken en voelen wordt in de loop der tijd veranderd door hun
ervaringen in hun omgeving.
○ Empirisme verwijst naar het idee dat menselijke kennis en gedachten uiteindelijk voortkomen uit zintuiglijke
ervaringen (zien, horen, aanraken, enzovoort).
○ De wet van associatie door contiguïteit: Als een persoon twee omgevingsgebeurtenissen (stimuli, of
sensaties) tegelijkertijd of vlak na elkaar (contiguïteit) ervaart, zullen deze twee gebeurtenissen geassocieerd
(samengebonden) worden in de geest van de persoon, zodat de gedachte aan de ene gebeurtenis in de
toekomst de neiging zal hebben om de gedachte aan de andere gebeurtenis te produceren.
○ Nativisme (tegenovergestelde van empirisme): de opvatting dat de meest fundamentele vormen van
menselijke kennis en de basiskenmerken van de geest, die de basis vormen voor de menselijke natuur, eigen
zijn aan de menselijke geest - dat wil zeggen dat ze aangeboren zijn en niet uit ervaring hoeven te worden
verworven. A priori kennis is ingebouwd in de hersenen en hoeft niet geleerd te worden, a posteriori kennis
wordt opgedaan door ervaring in de omgeving.
3. De machinerie van het lichaam, die gedrag en mentale ervaringen produceert, is een product van evolutie door
natuurlijke selectie.
○ Darwin bestudeerde de functies van gedrag - de manieren waarop het gedrag van een organisme het helpt
om te overleven en zich voort te planten.
VARIETIES OF EXPLANATIONS IN PSYCHOLOGY
Variëteiten van verklaringen in de psychologie en hun toepassing op seksuele jaloezie
• De termanalyseniveau verwijst naar het niveau, of type, van het causale proces dat wordt bestudeerd.
• Het gedrag of de mentale ervaring van een persoon kan op deze niveaus worden onderzocht:
○ neuraal (hersenen als oorzaak)
○ fysiologisch (interne chemische functies, zoals hormonen, als oorzaak)
○ genetisch (genen als oorzaak)
○ evolutionair (natuurlijke selectie als oorzaak)
○ leren (eerdere ervaringen van het individu met de omgeving als oorzaak)
○ cognitief (kennis of overtuigingen van het individu als oorzaak)
○ sociaal (de invloed van andere mensen als oorzaak)
○ cultureel (de cultuur waarin de persoon zich ontwikkelt als oorzaak)
○ ontwikkeling (leeftijdgerelateerde veranderingen als oorzaak)



PART 1 - Hoofdstuk 2
OBSERVATIES, THEORIEËN EN HYPOTHESEN
Observatie - een objectieve uitspraak die door redelijke waarnemers als waar wordt beschouwd.
Theorie - een idee of conceptueel model, dat is ontworpen om bestaande observaties uit te leggen en voorspellingen te
doen over nieuwe observaties.
Hypothese - een verwachting op basis van observaties uit een theorie.
De cyclus van de wetenschap - waarnemingen leiden tot theorieën, die leiden tot hypothesen, die worden getest met
experimenten of andere onderzoeken, die op hun beurt weer leiden tot nieuwe waarnemingen, die soms weer leiden
tot nieuwe theorieën, enzovoort.

, ○ leren (eerdere ervaringen van het individu met de omgeving als oorzaak)
○ cognitief (kennis of overtuigingen van het individu als oorzaak)
○ sociaal (de invloed van andere mensen als oorzaak)
○ cultureel (de cultuur waarin de persoon zich ontwikkelt als oorzaak)
○ ontwikkeling (leeftijdgerelateerde veranderingen als oorzaak)



PART 1 - Hoofdstuk 2
OBSERVATIES, THEORIEËN EN HYPOTHESEN
Observatie - een objectieve uitspraak die door redelijke waarnemers als waar wordt
beschouwd.
Theorie - een idee of conceptueel model, dat is ontworpen om bestaande observaties uit te
leggen en voorspellingen te doen over nieuwe observaties.
Hypothese - een verwachting op basis van observaties uit een theorie.
De cyclus van de wetenschap - waarnemingen leiden tot theorieën, die leiden tot hypothesen,
die worden getest met experimenten of andere onderzoeken, die op hun beurt weer leiden tot
nieuwe waarnemingen, die soms weer leiden tot nieuwe theorieën, enzovoort.
Drie lessen over wetenschappelijk onderzoek:
1. De waarde van scepticisme. Nadenken of iets echt wel kan kloppen (side-eyen).
Parsimony - als er twee of meer uitleggen mogelijk zijn voor het fenomeen, wordt de
makkelijkste vaak gekozen.
2. De waarde van voorzichtige observaties onder gecontroleerde omstandigheden.
3. Het probleem van observer-expectancy effects. Het publiek kan bij onderzoeken van
mensen of andere dieren onbewust communiceren met het proefpersoon over wat deze
moet doen/gedragen.
De eerste dimensie van een onderzoek strategie is het onderzoeksopzet. Deze kan bestaan uit 3
typen: experimenten, correlationele studies en beschrijvende onderzoeken.
- EXPERIMENTEN
○ Procedure waarbij een onderzoeker systematisch een of meer onafhankelijke
variabelen manipuleert en zoekt naar veranderingen in een of meer afhankelijke
variabelen (vaak metingen van gedrag), terwijl de gecontroleerde variabelen
constant worden gehouden.
○ Variabelen: alles dat verschillende waarden kan aannemen (VB: temperatuur, score
op een toets)
○ Het meest directe en overtuigende ontwerp voor oorzaak-gevolgrelaties
○ Within-subject experiment: een onderzoeksopzet waarbij één proefpersoon alle
verschillende condities doorloopt.
○ Between-groups experiment: een onderzoeksopzet waarbij elke groep een andere
variatie van de onafhankelijke variabele krijgt.
- CORRELATIONELE STUDIES
○ De onderzoeker manipuleert geen variabelen, maar observeert 2 of meer bestaande
afhankelijke variabelen om een relatie tussen deze variabelen te vinden. De
onderzoeker beheerst geen van beide variabelen en dus kan je niet zeker weten wat
oorzaak was en wat gevolg.
○ Correlationele onderzoeken leveren geen oorzaak-gevolgrelaties.
- BESCHRIJVENDE ONDERZOEKEN
○ Deze beschrijft het gedrag van een individu of een set individuen zonder de relaties
tussen variabelen mee te nemen.
Er zijn twee soorten omgevingen waarin een onderzoek kan worden uitgevoerd.
- Laboratoriumsetting: een onderzoek waarbij deelnemers naar een specifieke ruimte
worden gebracht, zodat de andere variabelen zoveel mogelijk gelijk blijven. Een nadeel is
dat deelnemers zich minder natuurlijk kunnen gedragen.
- Veldomgeving: een onderzoek waarbij de onderzoeker geen controle heeft over de
omstandigheden (VB: deelnemers huis, winkelcentrum). Een deel van de deelnemer zijn
natuurlijke omgeving.
Er zijn ook verschillende methoden om gegevens te verzamelen.
- Zelfreportage: een procedure waarbij de persoon gevraagd wordt om zijn eigen gedrag en
mentale status uit te leggen of te beoordelen. Dit kan via een vragenlijst of een interview.
Dit omvat ook introspectie.
- Observatie methoden: omvat procedures waarbij onderzoekers het gedrag van de
proefpersoon onderzoeken. Dit kan door te ondervragen of ze in hun natuurlijke omgeving
te onderzoeken (naturalistische observatie). Nadeel: proefpersonen weten dat er op ze
gelet wordt en kunnen dus ander gedrag vertonen.

Statistische methoden in de psychologie
- Beschrijvende statistiek: reeksen en data samenvatten.

Document information

Study
Uploaded on
September 4, 2025
Number of pages
7
Written in
2025/2026
Type
Summary
$9.02

Wrong document? Swap it for free Within 14 days of purchase and before downloading, you can choose a different document. You can simply spend the amount again.
Written by students who passed
Immediately available after payment
Read online or as PDF

Sold
0
Followers
0
Items
1
Last sold
-



Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Working on your references?

Create accurate citations in APA, MLA and Harvard with our free citation generator.

Working on your references?

Frequently asked questions