Written by students who passed Immediately available after payment Read online or as PDF Wrong document? Swap it for free 4.6 TrustPilot
logo-home
Document preview thumbnail
Preview 3 out of 25 pages
Summary

Samenvatting Digitale en professionele communicatie - HS3,4,5,6,7,8

Document preview thumbnail
Preview 3 out of 25 pages

Dit is deel 2/6 van de samenvatting van Digitale en professionele communicatiewetenschappen gegeven door Wannes Heirman in het tweede jaar Toegepaste Taalkunde. Ik had een 17/20 voor het examen. Worden behandeld in deze samenvatting: - hoofdstuk 3 (corporate communicatie) - hoofdstuk 4 (corporate identity, imago, reputatie) - hoofdstuk 5 (PR en issuemanagement) - hoofdstuk 6 (public affair, overheids- en arbeidscommunicatie) - hoofdstuk 7 (crisiscommunicatie) - hoofdstuk 8 (interne communicatie)

Content preview

COMWET 2
corporate communicatie en specialismen

3. CORPORATE COMMUNICATIE

A. INLEIDING

Gebruikte synoniemen: bedrijfs- (B), organisatie- of concerncommunicatie (N), managementcommunicatie
 !! Verschil met marketingcommunicatie
 MC richt zich op promotie van producten/diensten
 MC speelt een rol in het stimuleren van conversie (omzetten in wenselijk gedrag)
 Zijn beide onderdeel van een bredere corporate communicatiestrategie

DEFINITIE VOLGENS CORNELISSEN
 Het ontwikkelen +onderhouden v corporate identity, die consistent w gecommuniceerd
 Het managen v communicatie met interne (personeel) en externe stakeholders (PR)
 Het ondersteunen vd algehele strategische richting vd organisatie
= belangrijk voor het vormen en behouden van bedrijfsimago en reputatie

GEINTEGREERDE CORPORATE COMMUNICATIE

 VROEGER waren alle deeltjes, die wij zien, versplinterd
 CC integreert disciplines zoals interne communicatie, PR en crisiscommunicatie
 CC zorgt voor consistentie in de boodschap en afstemming met bedrijfsstrategie
 CC erkent het belang v coherent merkbeeld en effectief beheren vd verwachtingen en relaties met diverse
belanghebbenden
 Belangrijkste stakeholders:
 Medewerkers (IC), leveranciers (PR), klanten (PR), investeerders (PR), media (PR), overheid

4. CORPORATE IDENTITY, IMAGO, REPUTATIE

A. INLEIDING

Identiteit = wat een organisatie is en wat ze uitstraalt
gewenste identiteit = wat een organisatie wil zijn
visuele identiteit = de naam, de huisstijl, de producten, de inrichting van kantoor

B. IDENTITEIT VD ORGANISATIE

 Staat in lijn met de roots, het DNA van de organisatie
 = authentiek, onderscheidend en relevant
 Sluit aan bij de kernactiviteiten van de organisatie
 Organisaties moeten aan veel eisen voldoen
 Hogere eisen van consumenten, toenemende concurrentie
 Kansen op nieuwe markten creëren
 Dwingt organisaties soms ook om te veranderen DUS ze moeten flexibel en transparant zijn
 !! Een identiteit moet meegaan met de tijd, terwijl de kern stabiel blijft
 Vb: Zo staat BMW altijd voor rijplezier en Kruidvat steeds voor voordeel




 HOE ONTSTAAT HET?

,  Een sterke persoonlijkheid in een organisatie
 Vb: Ben&Jerry focuste op productie van ijs op een ecologisch verantwoorde manier
 Door de externe communicatie die intern trots maakt bv. Red Bull, IKEA
 De trots op eigen prestaties bv. Mercedes
 Een onderscheidende visie bv. Dove

DE CORPORATE IDENTITY MIX
= persoonlijkheid die zich uit in communicatie, gedrag en symboliek is de kern vd organisatie
 organisaties presenteren hun identiteit aan de omgeving via de CI mix

 Communicatie: alle vormen van verbale en non-verbale communicatie gebruikt door het bedrijf
 Symboliek: visuele aspecten (logo’s, kleurenschema’s, uniformen die de identiteit overbrengen)
 Gedrag: manier waarop bedrijf en medewerkers zich gedragen, allerbelangrijkste
 = zowel intern als extern  ethiek, normen, bedrijfscultuur
 = hoe medewerkers met klanten omgaan en hoe organisatie zich opstelt in maatschappelijke issues
 Persoonlijkheid: centraal hierin staan kernwaarden
 Die kernwaarden ontdek je door bv. aan marktonderzoek te doen en met personeel te praten
 Eens je waarden gekozen zijn, moet je ernaar blijven handelen en die expliciet benoemen
 VB: Efteling “betovering”  kernwaarden vind je in het personeel, vuilbakken, …
 VB: Belfius “equal play equal pay” – mannen en vrouwen moeten evenveel verdienen (hockeyteam sponsor)

Kern- en merkwaarden
 KERN (intern): hebben betekenis in het gedrag vd organisatie en medewerkers
 MERK (extern): hebben betekenis in de hoofden van externe stakeholders

 in een ideale wereld kan je het gewenste imago op die identiteit leggen MAAR heel vaak zie je toch een verschil
tss wie de UA bv. is en welk beeld er in het hoofd bestaat van de UA

VB: WHYTE AGENCY
 WAT? een reputatiebureau: publiceerden een foto “today we call our agency black”
 MAAR op de foto staan alleen witte autochtone mensen
 Hebben zich geprofileerd op het BLM thema waar dat in hun gedrag niks op te profileren viel

VB: DELHAIZE
 WAT? één van de meer duurzame supermarkten
 Vb: vissoorten die niet duurzaam te vangen zijn, worden er niet meer verkocht
 Die duurzaamheid moet in je DNA zitten en ook in alle afdelingen vh bedrijf
 MAAR hun shopbouwblokjes waren dubbel verpakt met veel plastic




D. DRIE IDENTITEITSSTRUCTUREN

, Examen: verschillen uitleggen, motieven voor elke ID geven
1. Branded identiteit = product-dominant
 WAT? de dochterondernemingen zijn zelfstandig in hun marketing en communicatie
 Ze voeren een eigen (huis)stijl en het lijkt alsof ze niks met moederbedrijf te maken hebben
 Vb: PepsiCo – Pepsi, Lays, doritos & Inditex – Stradivarius, Zara, Bershka
 WRM? Het moederbedrijf blijft buiten schot als het product/dienst een crisis heeft
 Geeft het gevoel aan de consument dat hij een keuze heeft
 Interne competitie zou tot betere bedrijfsresultaten leiden
 (-) losse merken profiteren niet vd naam vd moederbedrijf
 (-) duur want veel afzonderlijke campagnes/aparte divisies, …

2. Endorsed identiteit
 Dochterondernemingen hebben wel eigen stijl MAAR identiteit v moederbedrijf blijft zichtbaar
 Vb: Nestle – KitKat, Smarties, Milkyway
 Low parent visibility (Unilever) VS high parent visibility (FedEx)
 (-) brand intoxication KAN maar is minder sterk dan bij monolithische

3. Monolithische identiteit
 Moederbedrijf en dochterbedrijven hanteren één naam en stijl (FedEx corporation, Apple corporation, VTM)
 (+) Voordeel bij promotie
 (+) Nieuw product/dienst is snel bekend bij relatief lage kosten (besparingsoperaties)
 (-) brand intoxication in geval van een crisis
 Negatieve gebeurtenissen of percepties bij één product kunnen het hele merk snel aantasten

E. INLEIDING PR

= het beheren vd relatie en communicatie met publiek OM relatie te bouwen en onderhouden
 DOEL? positief imago vormen en behouden, publiek betrekken, ondersteunen van doelstellingen organisatie
 ACTIVITEIT? Media-relaties, evenementorganisatie, content creatie, crisiscommunicatie, social media
 IMAGO? het beeld dat de stakeholders vd organisatie hebben

Stakeholders? Een groep/individu dat een impact kan hebben of geïmpacteerd kan worden door prestaties
 Een stake? er staat iets op het spel, hij heeft er belang bij dat de organisatie zijn doelen bereikt
 Classificatie volgens Freeman
 Equity stakes: aandeelhouders bezitten het bedrijf
 Economic/market stakes: meebepalen vd werking
 Ze bezitten je niet MAAR je hebt ze nodig om te overleven en winst te maken
 Influencer stakes: kunnen werking van je bedrijf beïnvloeden <-> niet noodzakelijk voor winst
 Classificatie volgens Clarkson
 Primaire: economisch belangrijk (klanten, leveranciers, werknemers) nodig voor de werking
 Secundaire: influencer stakes  kunnen het moeilijk maken voor je bedrijf of net steunen
 Bv: media of overheid
 Classificatie volgens Charkham
 Contractual: met wie je een formeel contact hebt (leveranciers, kapitaalverstrekkers)
 Community: met wie je een informeel contact hebt, zijn niet rechtstreeks financieel betrokken
 Vb: media bepalen mede hoe de organisatie in beeld komt (of buurtbewoners)




THE POWER-INTEREST MATRIX

Document information

Study
Uploaded on
August 13, 2025
Number of pages
25
Written in
2025/2026
Type
Summary
$8.38

Wrong document? Swap it for free Within 14 days of purchase and before downloading, you can choose a different document. You can simply spend the amount again.
Written by students who passed
Immediately available after payment
Read online or as PDF

Seller avatar
Reputation scores are based on the amount of documents a seller has sold for a fee and the reviews they have received for those documents. There are three levels: Bronze, Silver and Gold. The better the reputation, the more your can rely on the quality of the sellers work.
Sold
37
Followers
0
Items
38
Last sold
6 days ago



Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Working on your references?

Create accurate citations in APA, MLA and Harvard with our free citation generator.

Working on your references?

Frequently asked questions