= Ethische en rechtsfilosofische stromingen
Inleiding
Wat is ethiek?
= met ethiek neem je op een rationele wijze een houding aan tegenover een moreel probleem
Wat is een moreel probleem?
Elk moreel probleem is een normatief probleem
Moreel probleem: gaan over de vraag of een bepaalde handeling, (maat)regel, toestand
toegelaten (mogen), verplicht (moeten) of verboden (niet moeten) moeten worden. MAW wat
mag?
Een moreel probleem zorgt meestal voor enige spanning
Een moreel probleem doet je nadenken, meningen worden gegeven, er is altijd controverse,
iedereen denkt van zichzelf dat zij houden/oplossing de enige juiste is. Meningen worden
verwacht, je kan je er niet niet van aantrekken
Bv. Wat te doen met dove ouders die kunnen kiezen of ze een kind hebben die kan
horen, of niet kan horen? Mogen de ouders de keuze gaan maken? Welke
argumenten, theorieën gebruik je om te zeggen of ze dat wel of niet mogen
Houding?
Houding als oplossing voor het morele probleem
Mening beperken tot zinvolle aspecten, zinvolle reflectie
Je kan nieuwe problemen gaan zien
Je geeft goede argumenten om aan te tonen dat er geen probleem is. Het is dan ook
belangrijk om de mening te kunnen onderbouwen
Rationaliteit
q Niet-rationele houdingen
- Ethiek heeft niks te maken met geloof
o Hoofdrol met Socrates
o Dilemma van euthypro
Hij is het beu dat zijn vader die een schurk is weeral een slaaf heeft mishandeld, hij
wil afhandelen met zijn wrede vader, hij stapt naar de rechter om het probleem aan te
kaarten. De rechter vraagt waarom hij zo tegen de acties van zijn vader is, euthypro
zegt dat dit in strijd is met de wil van de goden en dat de rechter hier een oplossing
voor moet bieden
Socrates vraagt zich af hoe euthyphro weet dat dit in strijd is met de wil van de
goden
Antwoord ‘het kan niet anders, want het is onrechtvaardig en dat willen de goden niet
Socrates vraagt zich af waarom hij zo ver zoekt, waarom hij de goden daarbij moet
betrekken het volstaat om te verwijzen naar het principe van rechtvaardigheid op
zich en dat de goden niet betrokken moeten worden
Voornaamste reden om in de ethiek geen religieuze argumenten te gebruiken
- Emoties-instincten-intuïties
o Emoties zijn zeer belangrijk maar Emoties zijn niet altijd moreel goed
o ‘Je suis un voleur’
Man steelt pintjes uit krantenwinkel, maar politie komt niet af, veel andere
criminaliteit, de eigenaar neemt hem mee en bind hen afgestript vast aan een paal.
Je kan niet zeggen dat dit moreel goed is
- Feitelijke toestand
o Belangrijk onderscheid tussen feiten en normen
o Wanneer de 2 velden wonden verward dan bega je de naturalistische drogredenen, we doen
dit echter vaak
Bv. Bio mensen geloven dat alle bio producten goed zijn, maar niet alles wat in de
natuur voorkomt is zo goed bijvoorbeeld asbest
q Rationele houdingen
, Liefst zo rationeel mogelijk
Bv zaak van Patrick en Susan. Zij zijn verwant (broer en zus) en hebben samen kinderen. Dit is
toegelaten bij ons echter kennen we wel huwelijksbeletselen. Echter verbiedt de Duitse wet
incestseks
Rationele argumenten: wederzijdse toestemming, …
Waarom ethiek?
We beschikken over heel wat morele vermogens om moreel te handelen
We bespreken enkele: empathie, rechtvaardigheid/fairness, andere vermogens
Empathie Ontwikkelingsmodel van Hoffmann
Pijnempathi 1) Global distress (0-0,5 j)
e Emotionele besmetting
Je ervaart dezelfde emoties as anderen
Reactive crying: baby’s nemen de emoties over (baby’s voelen dat andere
baby’s ongelukkig zijn)
Eigen aan zoogdieren
2) Egocentrische empathie (0,5-1j)
Kinderen willen gevoel van negativiteit kwijtraken, men gaat zich gaan
verwijderen van de bron van pijn ze vluchten weg
3) Quasi egocentrische empathie (1-2j)
Men vlucht niet meer weg maar gaat gaan helpen hulpreflex
Bv een ander kind heeft pijn, en gaat bv eigen knuffel weggeven om
tegemoet te komen aan de pijn die iemand heeft
4) Warachtige empathie (2-4j)
Helpen op een andere manier
Theory of mind: je maakt een onderscheid tussen wat je zelf denkt en tussen
wat de andere persoon denkt je weet dat wat jij ervaren hebt niet
noodzakelijk overeenkomt met wat anderen hebben ervaren = pas bij 4 jaar
Sally & Anne test (Anne heeft de bal verplaatst 3-jarigen zouden zeggen
dat ze in de doos gaat kijken 4 jarigen gaan zeggen dat ze in de doos (de
werkelijke plek) gaat kijken
Kinderen hebben alle vaardigheden om pijn empathie te ervaren en deze
ontstaat dus vanaf 4 jaar
5) Verdere ontwikkeling (4-7 j)
Fairness Frans de waal en de kapucijnaapjes
Prosociaal versus altruïstisch
Het pro sociale spel: onderscheid tussen bakjes met 2 voordelen en bakje
zonder voordeel voor 1 aap kies je om iets te geven aan anderen zonder
zelf iets te verliezen ga je je prosociaal gedragen anders ga je je pesterig
gedragen
Altruïstisch: bakje met voor elk een voordeel of een bakje met 2 voordelen:
egoïstisch indien je kiest voor eigen voordeel maar altruïstisch als je zelf iets
opoffert voor een ander
Negatieve versus positieve
Het negatieve spel: de verdeler bepaald hoeveel voordelen je bekomt => je
hebt niet graag dat de ander veel krijgt en jij minder
Negatieve gelijkheidsaversie waar je je zal tegen verzetten
Positieve gelijkheidsaversie: andere zal niet protesteren omdat men meer
krijgt
Tweedepersoons-versus derdepersoonsbestraffing
Ultimatumspel: spel met een verdeler die mag kiezen hoeveel hij zelf neemt
en hoeveel gij aan anderen verdeeld maar de ontvanger kan hier veto
gebruiken en aantonen dat de ontvanger niet tevreden is om de
onrechtvaardige verdeling af te staffen (= tweedepartijbestraffing)
2 onafhankelijke partijen en een derde derde kan beslissen
Andere vermogens Onderscheid tussen morele en conventionele normovertredingen
- Morele = Onderscheid van conventionele en morele normen kunnen kinderen al maken
vermogens vanaf 4 jaar
- Conventies = afspraken/ regels die we hebben afgesproken overtreden =
, geen grote gevolgen, geen schade
- Morele normen = overtreden gaat wel schade berokkenen
Vb.: je vinger in iemand zijn oog prikken en vinger niet opsteken = zien het
verschil
Kind beseft dat er verschillende regels bestaan
Schuldbesef en schuldgevoelens
Happy victimizer: Ann als goed meisje, ze weet dat ze de appel niet mag
opeten en blijft van de appel af. Sofie als stout meisje die weet dat ze de
appel niet mag eten maar doet dit toch
hoe voelen zeer jonge kinderen zich tegenover de kinderensofie voelt
zich goed, want ze heeft wat ze wilt namelijk de appel
en kind van 8: sofie voelt zich niet goed, want ze weet dat ze iets
verkeerd heeft gedaan = schuldgevoel
Jonge kinderen kennen geen schuldbesef (wel kritisch)
- Cognitieve capaciteiten?
Morele weerzin
Morele walging
- Niet enkel omdat het vuil is, ziekteverwekkend maar ook tegen zaken die
men ‘raar’ vindt zoals incest
Walging is een evolutionair ontwikkelde basisemotie bedoeld om contact met
pathogene stoffen te vermijden
Ontwikkeling
1) Ontstaat pas op de leeftijd van 3 = zuivere walging
Ouderlijke instructie bepaalt voor wat we walging ervaren (bv wolfskinderen
= andere zaken waar men voor walgt)
2) Vanaf 7: besmettingsweerzin
dingen die met vieze dingen in contact zijn geweest weerzin (zelf niet
noodzakelijk vies)
3) Vanaf 10 jaar: morele weerzin
Twijfel: walging of verontwaardiging
Moeilijk om geval van morele weerzin te vinden waar er geen aanwezigheid
is van seks (zuiver), voedsel, geweld
- Verontwaardiging in kader brengen door termen die overeenstemmen met
walging
Mensaap gaat amper reageren op de dingen die wij
echt vies vinden
Hebben wel walging voor uitwerpselen van andere
mensapen
Weinig/geen zuivere walging
John ditullio = neonazi
4) Meerdere moorden gepleegd. Erge tatoeages
5) Gaan deze wegwerken, in de hoop hij toch een
kans zou hebben om onschuldig te pleiten
Geen Lady Macbeth-effect dat voorspelde dat wie zich immoreel gedroeg behoefte
had aan reiniging
Gaat niet over het uitwissen van de bloedvlekken maar gaat hier wel over
haar geweten
Je gaat als beloning bij immorele daad eerder kiezen voor tandpasta of
handdoeken dan pennen
De replicatiecrisis in de psychologie
Bevindingen die je niet kan repliceren in andere bevintenissen
Bij herhaalde studies kunnen deze zaken niet gerepliceerd worden
Lady Macbeth-effect bestaat niet
effect tussen moraal en walging niet teruggevonden => bestaat niet
, Waarom volstaan de morele vermogens niet? (die we nu al bezitten)
Ethiek valt te onderscheiden van moraal
De vermogens: fairness, emathie, schuldgevoelens
Niks met taal te maken enkel met gedrag, ook geen reflectie voor nodig (zijn bij ons
geprogrameerd = je doet ze gewoon spontaan)
Moraal dikwijls niet moreel
Morele gevoelens zijn gevoelig voor het “wij-zij” denken
Moraal is minder universeel dan gedacht
Joseph Henrich
Schema (fairness) is niet universeel
Gebonden aan bepaalde groepen van mensen
Muller-lyer illusie
Eerste keer dat je zag dacht men niet dat de lijnen even lang waren
Inheemse mensen vinden dat ze wel even lang zijn
= schema gaat over de westerse geleerde mensen
Cultureel onderscheid nodig bij morele psychologie
Weird people = wij
Ultimatumspel: tas met miljoen euro
Wij zouden vete gebruiken en de situatie blokkeren
Inheemse stammen zouden zicg er niet tegen verzetten, ze zouden de oneerlijkheid
aanvaarden
Hoe meer je in een westerse vrijemartk economie geïntigreerd wordt hoe meer gelijk
je gaat willen verdelen
Hoe meer je leeft in een autarkische samenleving hoe minder geneigd men is om
zelfzuchtig op te treden
Fairness is zeer afhankelijk van de maatschappij waartoe je behoort
Ethiek is anders van het spontaan gedrag
Argumenteren, talige vormen
Kritisch en niet spontaan
Hedendaagse samenleving heeft nood aan ethiek niet aan moraal
Ethiek staat zwijgend tgo morele vermogens
Er zijn heel wat problemen die je zo niet kan behandelen
Bv duurzaamheid , honger, zal rationeler aangepakt moeten worden
Gewoon zeggen wat je lichaam dot of wil doen is vaak onvoldoende
Andere technieken om morele oordeel te verpakken in een taal die niet langer de taal
is van je emoties maar iets wat beargumenteerd is
Voorbeeld: jobintervieuw “bad vibes” = niet beargumenteerd
Met ethiek neem je op een rationele wijze een houding aan tegenover een moreel probleem.
Wat zijn morele beginselen
• Niet-materiële goederen die we (intrinsiek) waarderen (waarden)
• Abstract niet onmiddellijk waar te nemen in de realiteit
• Eindigen vaak op ‘heid’ of ‘teit (vrijheid, gelijkheid, waardigheid, legitimiteit) maar niet altijd
(transparantie, autonomie)
• Onderscheiden van deugden (karakter) (bijv. rechtvaardigheid versus rechtschapenheid)
• Zuiver eigenbelang is geen moreel principe (maar schaarste of gelukmaximalisatie kunnen wel)
• Iets wat je zelf belangrijk vindt = te weinig om als beginsel in aanmerking te komen
• Zaken die lijken op eigen belang soms wel verpakt in een belang
• Vallen uiteen is vrijheden (vrijheid van opvoeden), rechten (recht op vrije meningsuiting), plichten
(onderhoudsplicht) die iets behouden van het oorspronkelijke morele beginsel (privacy gaat terug
op vrijheid)
• Deelbeginselen die iets van een beginsel in zich hebben bv vrijheid van opvoeding
Inleiding
Wat is ethiek?
= met ethiek neem je op een rationele wijze een houding aan tegenover een moreel probleem
Wat is een moreel probleem?
Elk moreel probleem is een normatief probleem
Moreel probleem: gaan over de vraag of een bepaalde handeling, (maat)regel, toestand
toegelaten (mogen), verplicht (moeten) of verboden (niet moeten) moeten worden. MAW wat
mag?
Een moreel probleem zorgt meestal voor enige spanning
Een moreel probleem doet je nadenken, meningen worden gegeven, er is altijd controverse,
iedereen denkt van zichzelf dat zij houden/oplossing de enige juiste is. Meningen worden
verwacht, je kan je er niet niet van aantrekken
Bv. Wat te doen met dove ouders die kunnen kiezen of ze een kind hebben die kan
horen, of niet kan horen? Mogen de ouders de keuze gaan maken? Welke
argumenten, theorieën gebruik je om te zeggen of ze dat wel of niet mogen
Houding?
Houding als oplossing voor het morele probleem
Mening beperken tot zinvolle aspecten, zinvolle reflectie
Je kan nieuwe problemen gaan zien
Je geeft goede argumenten om aan te tonen dat er geen probleem is. Het is dan ook
belangrijk om de mening te kunnen onderbouwen
Rationaliteit
q Niet-rationele houdingen
- Ethiek heeft niks te maken met geloof
o Hoofdrol met Socrates
o Dilemma van euthypro
Hij is het beu dat zijn vader die een schurk is weeral een slaaf heeft mishandeld, hij
wil afhandelen met zijn wrede vader, hij stapt naar de rechter om het probleem aan te
kaarten. De rechter vraagt waarom hij zo tegen de acties van zijn vader is, euthypro
zegt dat dit in strijd is met de wil van de goden en dat de rechter hier een oplossing
voor moet bieden
Socrates vraagt zich af hoe euthyphro weet dat dit in strijd is met de wil van de
goden
Antwoord ‘het kan niet anders, want het is onrechtvaardig en dat willen de goden niet
Socrates vraagt zich af waarom hij zo ver zoekt, waarom hij de goden daarbij moet
betrekken het volstaat om te verwijzen naar het principe van rechtvaardigheid op
zich en dat de goden niet betrokken moeten worden
Voornaamste reden om in de ethiek geen religieuze argumenten te gebruiken
- Emoties-instincten-intuïties
o Emoties zijn zeer belangrijk maar Emoties zijn niet altijd moreel goed
o ‘Je suis un voleur’
Man steelt pintjes uit krantenwinkel, maar politie komt niet af, veel andere
criminaliteit, de eigenaar neemt hem mee en bind hen afgestript vast aan een paal.
Je kan niet zeggen dat dit moreel goed is
- Feitelijke toestand
o Belangrijk onderscheid tussen feiten en normen
o Wanneer de 2 velden wonden verward dan bega je de naturalistische drogredenen, we doen
dit echter vaak
Bv. Bio mensen geloven dat alle bio producten goed zijn, maar niet alles wat in de
natuur voorkomt is zo goed bijvoorbeeld asbest
q Rationele houdingen
, Liefst zo rationeel mogelijk
Bv zaak van Patrick en Susan. Zij zijn verwant (broer en zus) en hebben samen kinderen. Dit is
toegelaten bij ons echter kennen we wel huwelijksbeletselen. Echter verbiedt de Duitse wet
incestseks
Rationele argumenten: wederzijdse toestemming, …
Waarom ethiek?
We beschikken over heel wat morele vermogens om moreel te handelen
We bespreken enkele: empathie, rechtvaardigheid/fairness, andere vermogens
Empathie Ontwikkelingsmodel van Hoffmann
Pijnempathi 1) Global distress (0-0,5 j)
e Emotionele besmetting
Je ervaart dezelfde emoties as anderen
Reactive crying: baby’s nemen de emoties over (baby’s voelen dat andere
baby’s ongelukkig zijn)
Eigen aan zoogdieren
2) Egocentrische empathie (0,5-1j)
Kinderen willen gevoel van negativiteit kwijtraken, men gaat zich gaan
verwijderen van de bron van pijn ze vluchten weg
3) Quasi egocentrische empathie (1-2j)
Men vlucht niet meer weg maar gaat gaan helpen hulpreflex
Bv een ander kind heeft pijn, en gaat bv eigen knuffel weggeven om
tegemoet te komen aan de pijn die iemand heeft
4) Warachtige empathie (2-4j)
Helpen op een andere manier
Theory of mind: je maakt een onderscheid tussen wat je zelf denkt en tussen
wat de andere persoon denkt je weet dat wat jij ervaren hebt niet
noodzakelijk overeenkomt met wat anderen hebben ervaren = pas bij 4 jaar
Sally & Anne test (Anne heeft de bal verplaatst 3-jarigen zouden zeggen
dat ze in de doos gaat kijken 4 jarigen gaan zeggen dat ze in de doos (de
werkelijke plek) gaat kijken
Kinderen hebben alle vaardigheden om pijn empathie te ervaren en deze
ontstaat dus vanaf 4 jaar
5) Verdere ontwikkeling (4-7 j)
Fairness Frans de waal en de kapucijnaapjes
Prosociaal versus altruïstisch
Het pro sociale spel: onderscheid tussen bakjes met 2 voordelen en bakje
zonder voordeel voor 1 aap kies je om iets te geven aan anderen zonder
zelf iets te verliezen ga je je prosociaal gedragen anders ga je je pesterig
gedragen
Altruïstisch: bakje met voor elk een voordeel of een bakje met 2 voordelen:
egoïstisch indien je kiest voor eigen voordeel maar altruïstisch als je zelf iets
opoffert voor een ander
Negatieve versus positieve
Het negatieve spel: de verdeler bepaald hoeveel voordelen je bekomt => je
hebt niet graag dat de ander veel krijgt en jij minder
Negatieve gelijkheidsaversie waar je je zal tegen verzetten
Positieve gelijkheidsaversie: andere zal niet protesteren omdat men meer
krijgt
Tweedepersoons-versus derdepersoonsbestraffing
Ultimatumspel: spel met een verdeler die mag kiezen hoeveel hij zelf neemt
en hoeveel gij aan anderen verdeeld maar de ontvanger kan hier veto
gebruiken en aantonen dat de ontvanger niet tevreden is om de
onrechtvaardige verdeling af te staffen (= tweedepartijbestraffing)
2 onafhankelijke partijen en een derde derde kan beslissen
Andere vermogens Onderscheid tussen morele en conventionele normovertredingen
- Morele = Onderscheid van conventionele en morele normen kunnen kinderen al maken
vermogens vanaf 4 jaar
- Conventies = afspraken/ regels die we hebben afgesproken overtreden =
, geen grote gevolgen, geen schade
- Morele normen = overtreden gaat wel schade berokkenen
Vb.: je vinger in iemand zijn oog prikken en vinger niet opsteken = zien het
verschil
Kind beseft dat er verschillende regels bestaan
Schuldbesef en schuldgevoelens
Happy victimizer: Ann als goed meisje, ze weet dat ze de appel niet mag
opeten en blijft van de appel af. Sofie als stout meisje die weet dat ze de
appel niet mag eten maar doet dit toch
hoe voelen zeer jonge kinderen zich tegenover de kinderensofie voelt
zich goed, want ze heeft wat ze wilt namelijk de appel
en kind van 8: sofie voelt zich niet goed, want ze weet dat ze iets
verkeerd heeft gedaan = schuldgevoel
Jonge kinderen kennen geen schuldbesef (wel kritisch)
- Cognitieve capaciteiten?
Morele weerzin
Morele walging
- Niet enkel omdat het vuil is, ziekteverwekkend maar ook tegen zaken die
men ‘raar’ vindt zoals incest
Walging is een evolutionair ontwikkelde basisemotie bedoeld om contact met
pathogene stoffen te vermijden
Ontwikkeling
1) Ontstaat pas op de leeftijd van 3 = zuivere walging
Ouderlijke instructie bepaalt voor wat we walging ervaren (bv wolfskinderen
= andere zaken waar men voor walgt)
2) Vanaf 7: besmettingsweerzin
dingen die met vieze dingen in contact zijn geweest weerzin (zelf niet
noodzakelijk vies)
3) Vanaf 10 jaar: morele weerzin
Twijfel: walging of verontwaardiging
Moeilijk om geval van morele weerzin te vinden waar er geen aanwezigheid
is van seks (zuiver), voedsel, geweld
- Verontwaardiging in kader brengen door termen die overeenstemmen met
walging
Mensaap gaat amper reageren op de dingen die wij
echt vies vinden
Hebben wel walging voor uitwerpselen van andere
mensapen
Weinig/geen zuivere walging
John ditullio = neonazi
4) Meerdere moorden gepleegd. Erge tatoeages
5) Gaan deze wegwerken, in de hoop hij toch een
kans zou hebben om onschuldig te pleiten
Geen Lady Macbeth-effect dat voorspelde dat wie zich immoreel gedroeg behoefte
had aan reiniging
Gaat niet over het uitwissen van de bloedvlekken maar gaat hier wel over
haar geweten
Je gaat als beloning bij immorele daad eerder kiezen voor tandpasta of
handdoeken dan pennen
De replicatiecrisis in de psychologie
Bevindingen die je niet kan repliceren in andere bevintenissen
Bij herhaalde studies kunnen deze zaken niet gerepliceerd worden
Lady Macbeth-effect bestaat niet
effect tussen moraal en walging niet teruggevonden => bestaat niet
, Waarom volstaan de morele vermogens niet? (die we nu al bezitten)
Ethiek valt te onderscheiden van moraal
De vermogens: fairness, emathie, schuldgevoelens
Niks met taal te maken enkel met gedrag, ook geen reflectie voor nodig (zijn bij ons
geprogrameerd = je doet ze gewoon spontaan)
Moraal dikwijls niet moreel
Morele gevoelens zijn gevoelig voor het “wij-zij” denken
Moraal is minder universeel dan gedacht
Joseph Henrich
Schema (fairness) is niet universeel
Gebonden aan bepaalde groepen van mensen
Muller-lyer illusie
Eerste keer dat je zag dacht men niet dat de lijnen even lang waren
Inheemse mensen vinden dat ze wel even lang zijn
= schema gaat over de westerse geleerde mensen
Cultureel onderscheid nodig bij morele psychologie
Weird people = wij
Ultimatumspel: tas met miljoen euro
Wij zouden vete gebruiken en de situatie blokkeren
Inheemse stammen zouden zicg er niet tegen verzetten, ze zouden de oneerlijkheid
aanvaarden
Hoe meer je in een westerse vrijemartk economie geïntigreerd wordt hoe meer gelijk
je gaat willen verdelen
Hoe meer je leeft in een autarkische samenleving hoe minder geneigd men is om
zelfzuchtig op te treden
Fairness is zeer afhankelijk van de maatschappij waartoe je behoort
Ethiek is anders van het spontaan gedrag
Argumenteren, talige vormen
Kritisch en niet spontaan
Hedendaagse samenleving heeft nood aan ethiek niet aan moraal
Ethiek staat zwijgend tgo morele vermogens
Er zijn heel wat problemen die je zo niet kan behandelen
Bv duurzaamheid , honger, zal rationeler aangepakt moeten worden
Gewoon zeggen wat je lichaam dot of wil doen is vaak onvoldoende
Andere technieken om morele oordeel te verpakken in een taal die niet langer de taal
is van je emoties maar iets wat beargumenteerd is
Voorbeeld: jobintervieuw “bad vibes” = niet beargumenteerd
Met ethiek neem je op een rationele wijze een houding aan tegenover een moreel probleem.
Wat zijn morele beginselen
• Niet-materiële goederen die we (intrinsiek) waarderen (waarden)
• Abstract niet onmiddellijk waar te nemen in de realiteit
• Eindigen vaak op ‘heid’ of ‘teit (vrijheid, gelijkheid, waardigheid, legitimiteit) maar niet altijd
(transparantie, autonomie)
• Onderscheiden van deugden (karakter) (bijv. rechtvaardigheid versus rechtschapenheid)
• Zuiver eigenbelang is geen moreel principe (maar schaarste of gelukmaximalisatie kunnen wel)
• Iets wat je zelf belangrijk vindt = te weinig om als beginsel in aanmerking te komen
• Zaken die lijken op eigen belang soms wel verpakt in een belang
• Vallen uiteen is vrijheden (vrijheid van opvoeden), rechten (recht op vrije meningsuiting), plichten
(onderhoudsplicht) die iets behouden van het oorspronkelijke morele beginsel (privacy gaat terug
op vrijheid)
• Deelbeginselen die iets van een beginsel in zich hebben bv vrijheid van opvoeding